Zitting van maandag 23 februari 2026

Van 20:00 uur

Locatie raadzaal, Verhoevenlei 11, 2930 Brasschaat

 

Aanwezig : Robert Geysen - voorzitter

Adinda Van Gerven - waarnemend burgemeester

Bruno Heirman, Bart Brughmans, Inez Ven, Joris Van Cauwelaert, Kelly D'Haen - schepenen

Dimitri Hoegaerts, Luc Van der Schoepen, Jan Jambon, Rudi Pauwels, Karin Beyers, Erwin Callens, Hedwig van Baarle, Ingeborg Hermans, Jef Konings, Linsey De Vooght, Sven Simons, Lynn De Vocht, An-Sofie Dewinter, Sylvia Lathouwers, Lore Fonteyn, Bryan Verhoeven, Elke De Maeyer, Wouter Covens, Tim Willekens, Lisa Buysse - raadsleden

Ward Schevernels - algemeen directeur

 

Verontschuldigd : Carla Pantens, Karina Hans - schepenen

Philip Cools, Goele Fonteyn, Matthias Gulickx, Herman Van Mieghem - raadsleden

 

1 van 1

 

Overzicht punten

 

 

1 Ontslag raadslid Kato Broos. Kennisneming. - KENNISGENOMEN

 

 

Beslissing

 

 

Op 27 januari 2026 heeft Kato Broos haar ontslag als lid van de gemeenteraad van Brasschaat aangekondigd. Aan de gemeenteraad wordt verzocht kennis te nemen van dit ontslag.

 

Neemt kennis van het ontslag van Kato Broos als gemeenteraadslid. Dit ontslag gaat in conform artikel 13 van het Decreet over het lokaal bestuur.

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten

 

 

2 Gemeenteraad. Afstand van mandaat. Kennisneming. - KENNISGENOMEN

 

 

Beslissing

 

 

Op 27 januari 2026 diende Kato Broos haar ontslag in als gemeenteraadslid van Brasschaat. Conform artikel 13 van het decreet lokaal bestuur wordt het gemeenteraadslid dat ontslag neemt, vervangen door haar opvolger, die wordt aangewezen overeenkomstig het Lokaal en Provinciaal Kiesdecreet van 8 juli 2011.

De eerste opvolger van Kato Broos is Eva Caluwé. Op 30 januari 2026 liet Eva Caluwé weten dat zij afstand wil doen van haar mandaat.

 

Neemt kennis van de afstand van mandaat door Eva Caluwé.

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten

 

 

3 Onderzoek geloofsbrieven en eedaflegging. Goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Zittingsverslag

 

Raadslid Buysse legt de eed af. 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Kato Broos heeft ontslag genomen als raadslid.

Op 30 januari 2026 deed eerste opvolger Eva Caluwé afstand van mandaat.

Lisa Buysse is hierdoor opvolger van voornoemd raadslid.

Op 5 februari 2026 werd deze uitgenodigd om in de openbare zitting van de gemeenteraad van 23 februari 2026 de eed af te leggen in de handen van de voorzitter van de gemeenteraad.

 

Door het onderzoek van de geloofsbrieven en de erop volgende eedaflegging van het gemeenteraadslid, vermeld in artikel 14, worden deze van rechtswege als lid voor de raad voor maatschappelijk welzijn beschouwd.

 

Aan de gemeenteraad wordt gevraagd de geloofsbrieven te onderzoeken en goed te keuren. Daarna wordt Lisa Buysse uitgenodigd om de eed af te leggen.

 

Juridisch kader

Artikels 12, 14, 15 en 68 van het decreet lokaal bestuur

 

Financiële gevolgen

Er zijn geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.- Keurt, na onderzoek door de voorzitter van de gemeenteraad, de geloofsbrieven van Lisa Buysse goed.

 

Art.2.- Lisa Buysse legt in de openbare vergadering de volgende eed af in handen van Robert Geysen, voorzitter van de gemeenteraad: "Ik zweer de verplichtingen van mijn mandaat trouw na te komen".

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten

 

 

4 Notulen en zittingsverslag van de zitting van de gemeenteraad van 26 januari 2026. Goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Zittingsverslag

 

Raadslid Hermans heeft het zittingsverslag goed doorgelezen alsook het decreet lokaal bestuur.  Daarin is duidelijk opgenomen hoe een verslag er moet uitzien.  Ze verwijst naar de uitspraken die gedaan werden door de waarnemend burgemeester.  Ze deed een tussenkomst over het kader van de organisatiebeheersing.  Ze kreeg toen in de repliek te horen dat het platvloers was wat ze gezegd had.  In het zittingsverslag werd opgenomen dat de waarnemend burgemeester het niet vindt kunnen.  Ze vindt dit iets totaal anders.  Een verslag moet een exacte weergave zijn van iets dat gezegd wordt.  Ze vraagt om de aanpassing te doen in het zittingsverslag. 

 

Voorzitter Geysen bevestigt dat dit zal aangepast worden. 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Op 26 januari 2026 vond er een zitting van de gemeenteraad plaats. De gemeenteraad dient de notulen en het zittingsverslag van die zitting goed te keuren.

 

Juridisch kader

Artikel 32 van het decreet lokaal bestuur.

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.- De notulen en het zittingsverslag van de zitting van de gemeenteraad van 26 januari 2026 worden goedgekeurd.

 

Art.2.- De gemeenteraad keurt de gevraagde correctie in het zittingsverslag, gevraagd door raadslid Hermans in navolging van de bepalingen uit het decreet lokaal bestuur aangaande het woordgebruik van de burgemeester "platvloers" in haar antwoord als reactie op een tussenkomst van raadslid Hermans, eenparig goed.  Er wordt opdracht gegeven aan de algemeen directeur om het zittingsverslag in die zin aan te passen.

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten

 

 

5 Kwartaalverslag van het vierde kwartaal en jaarrapport van 2025. - GOEDGEKEURD

 

 

Zittingsverslag

 

Raadslid Pauwels komt terug op zijn tussenkomst op de commissie.  Hij stelde een vraag aan de korpschef over het fietsgedrag van de Vagevuurvelden naar de Door Verstraetenlei toe.  Het ging over het feit dat de mensen daar niet veilig de deur kunnen uitstappen.  De korpschef nam hier nota van maar hij wil vragen of er beleidsmatig niets aan gedaan kan worden door bijvoorbeeld het plaatsen van een verkeersbord C9-C11.  Dit gaat volgens hem niet alles uitsluiten maar dan staat er toch tenminste een verbodsteken voor de fietsers die daar niet mogen fietsen.  Hij vraagt of men dit kan overwegen?

 

Waarnemend burgemeester Van Gerven licht toe dat ze de oversteken in de namiddag nog met de korpschef besproken heeft.  De oversteek aan de Vagevuurvelden is in aanvraag bij AWV.  Men onderzoekt dit nog verder. 

 

De vraag met betrekking tot het verkeersbord zal ze intern bevragen.  Ze herhaalt wel nog eens dat het nog niet zeker is dat daar een fietsoversteek zal komen.  Er zijn heel wat voor- en nadelen die bekeken moeten worden en AWV is de beslisser. 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Aan de gemeenteraad wordt gevraagd kennis te nemen van het kwartaalrapport van het vierde kwartaal en jaarrapport van 2025 van de lokale politie van Brasschaat.

 

Financiële gevolgen

Er zijn geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.- De gemeenteraad neemt kennis van het kwartaalrapport van het vierde kwartaal en jaarrapport van 2025 van de lokale politie van Brasschaat.

 

Art.2.- De gemeenteraad geeft opdracht om ter hoogte van de oversteek op de Miksebaan aan de Vagevuurvelden, waar het fietspad stopt, te onderzoeken of er een bord C9/C11 kan worden geplaatst om meer in de aandacht te zetten dat er niet mag worden gefietst.

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten

 

 

6 Vacantverklaring betrekkingen lokale politie Brasschaat 2026. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

In zitting van de gemeenteraad van 25 augustus 2025 werd de personeelsformatie van de lokale politie Brasschaat als volgt vastgesteld:

Operationeel kader

 

Aantal

officierenkader

 

Hoofdcommissaris/Korpschef  (HCP)

1

Commissaris (CP)

3 + 1 hybride

middenkader

 

Hoofdinspecteur (HINP)

13

basiskader

 

Inspecteur  (INP)

57 + 1 hybride

TOTAAL OPERATIONEEL

 

74 + 2
(afhankelijk van invulling hybride functie)

 

 

Administratief en logistiek kader (CALOG)

 

Aantal

niveau A  

 

Adviseur

1 + 1 hybride

niveau B  

 

Consulent

4

ICT-consulent

2

Maatschappelijk assistent

1

niveau C  

 

Assistent

9 + 1 hybride

niveau D  

 

Arbeider

2

TOTAAL CALOG

 

19+2
(afhankelijk van invulling hybride functie)

 

De gemeenteraad is bevoegd voor het vacant verklaren van de betrekkingen van het operationeel kader van de lokale politie Brasschaat via mobiliteit.

De gemeenteraad is tevens bevoegd voor het vacant verklaren van de betrekkingen van het administratief en logistiek kader van de lokale politie Brasschaat via mobiliteit.

 

Het voorstel werd voorgelegd aan het college van burgemeester en schepenen tijdens de zitting van 19 januari 2026.

 

Juridisch kader

Wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst gestructureerd op twee niveaus, (WGP);

Wet van 3 juli 2005 tot wijziging van bepaalde aspecten van het statuut van de personeelsleden van de politiediensten en houdende diverse bepalingen met betrekking tot de politiediensten (Vesaliuswet);

Koninklijk besluit van 30 maart 2001 tot regeling van de rechtspositie van het personeel van de politiediensten (RPpol), artikel VI.II.8 tot VI.II.71;

Koninklijk besluit van 20 november 2001 tot vaststelling van de nadere regels inzake de mobiliteit van het personeel van de politiediensten;

Koninklijk besluit van 3 februari 2004 tot wijziging van verschillende teksten betreffende de rechtspositie van het personeel van de politiediensten;

Koninklijk besluit van 20 december 2005 tot wijziging van verschillende teksten betreffende de rechtspositie van het personeel van de politiediensten, artikel 25-32;

Omzendbrief GPI 15 van 24 januari 2002 betreffende de toepassing van de mobiliteitsregeling in de geïntegreerde politie, gestructureerd op twee niveaus, ten behoeve van de lokale verantwoordelijke overheden in de politiezones;

Omzendbrief GPI 15bis van 25 juni 2002 betreffende de mobiliteitscyclus, inzonderheid de etappe volgend op de vacantstelling van de ambten en de kandidatuurstellingen, houdende verduidelijkingen inzake de toepassing van de rechtspositieregeling betreffende de externe werving van CALog-personeel in de geïntegreerde politie, gestructureerd op twee niveaus, en betreffende bepaalde interne verschuivingen;

Omzendbrief GPI 15quater houdende verduidelijkingen inzake de toepassing van de rechtspositieregeling betreffende de externe werving van CALog-personeel in de geïntegreerde politie, gestructureerd op twee niveaus;

Ministerieel besluit tot bepaling van de datum van inwerkingtreding van het koninklijk besluit van 11 juli 2021 tot wijziging van diverse bepalingen inzake de selectie en de rekrutering van de personeelsleden van de politiediensten en van het ministerieel besluit van 11 juli 2021 tot wijziging van het ministerieel besluit van 28 december 2001 tot uitvoering van sommige bepalingen van het koninklijk besluit van 30 maart 2001 tot regeling van de rechtspositie van het personeel van de politiediensten inzake de selectie en de rekrutering van de personeelsleden van de politiediensten, BS 14 september 2021, bl.96148;

Gemeenteraad van 25 augustus 2025: Wijziging personeelsformatie.

 

Adviezen

In het raam van een efficiënt personeelsbeleid is het aangewezen om voor het lopende begrotingsjaar 2026 de betrekkingen binnen zowel het operationeel als het administratief en logistiek personeelskader, zoals vastgelegd, in het begrotingsjaar 2026 vacant te verklaren wanneer zij vacant worden omwille van pensionering, mobiliteit, ontslag of enige andere reden van de huidige titularissen.

 

Financiële gevolgen

Betreffende de betrekkingen voorzien in de personeelsformatie zijn de nodige budgetten voorzien.

 

BESLUIT eenparig:

 

Art. 1.- Alle betrekkingen die vacant worden binnen zowel het operationeel als het administratief en logistiek personeelskader, zoals vastgesteld in het begrotingsjaar 2026, vacant te verklaren via mobiliteit, wanneer zij vacant worden omwille van pensionering, mobiliteit, ontslag of enige andere reden van de huidige titularissen.

 

Art. 2.- Er wordt automatisch een mobiliteitsreserve aangelegd die voor eenzelfde functionaliteit geldig is tot de publicatie van de twee navolgende cycli.

 

Art. 3.- Betrekkingen van het operationeel basiskader die niet ingevuld werden via mobiliteit mogen opengesteld worden via externe werving voor de laureaten uit de wervingsreserve.

 

Art. 4.- Betrekkingen van het administratief en logistiek personeelskader die niet ingevuld werden mogen opengesteld worden via externe werving.

 

Art. 5.- Deze beslissing heeft uitwerking op het begrotingsjaar 2026 lopende van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2026.

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten

 

 

7 Intergemeentelijke samenwerking: IGS PONTES OV (verzoek verlenging statutaire levensduur) - goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

De gemeente is deelnemer in het Intergemeentelijk Samenwerkingsverband (IGS) PONTES, een intergemeentelijke vereniging onder de vorm van een opdrachthoudende vereniging zoals bedoeld in artikel 398, §2, 3° van het Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.

 

De intergemeentelijke vereniging PONTES heeft een uitnodiging gestuurd voor een bijzondere algemene vergadering op 23 april 2026, waarop de verlenging van de statutaire levensduur van Pontes staat geagendeerd.

 

De gemeente Brasschaat is deelnemer in de intergemeentelijke vereniging PONTES.

 

PONTES heeft een uitnodiging gestuurd voor een bijzondere algemene vergadering met opgave van de agenda. Tevens werden alle documenten toegevoegd die een toelichting bevatten bij de geagendeerde onderwerpen.

 

De gemeente Brasschaat dient een beslissing te nemen aangaande de verlenging van de bestaansduur van PONTES. De beslissing tot verlenging dient gebaseerd te zijn op een onderzoek naar de voorgenomen verlenging met inachtneming van de daaraan verbonden voor- en nadelen.

 

PONTES heeft in een ruime motiveringsnota een uitvoerig onderzoek gevoerd naar de noodzaak van de verlenging van de vereniging. Deze motiveringsnota wordt integraal als bijlage bij dit besluit opgenomen.

 

Op basis van dit verlengingsdossier wenst gemeente Brasschaat de bijzondere algemene vergadering van PONTES verzoeken om tot de verlenging over te gaan.

 

Om de continuïteit van de dienstverlening te garanderen, is het aangewezen om de beheersoverdracht waarover PONTES tot op heden beschikt te herbevestigen.

 

Juridisch kader

Artikel 2 van het Decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging

Enkel een gemeente of een intergemeentelijk samenwerkingsverband kan een crematorium oprichten en beheren.

 

Artikelen 41, al.2, 4°, 423 en 425 van het Decreet van 22 december 2017 over het Lokaal Bestuur

De gemeenteraad is bevoegd om te beslissen over de deelname aan en vertegenwoordiging in verenigingen.

Een opdrachthoudende vereniging kent decretaal en statutair gezien een levensduur van 18 jaar die opeenvolgende keren kan worden verlengd voor een termijn die telkens niet langer mag zijn dan 18 jaar. Op verzoek van de gewone meerderheid van het totale aantal deelnemers en op voorwaarde dat het verzoek gedragen wordt door een drievierdemeerderheid van het aantal deelnemende gemeenten, kan de algemene vergadering vóór het verstrijken van de duur tot de verlenging beslissen met een drievierdemeerderheid van het aantal stemmen.

De algemene vergadering kan slechts tot de verlenging beslissen met een drievierdemeerderheid van het aantal stemmen. De gemeenteraadsbeslissingen die daarvoor worden genomen, worden bij het verslag van de algemene vergadering gevoegd en zijn gebaseerd op een onderzoek, in voorkomend geval op basis van een vergelijkend onderzoek als er zich verschillende beheersvormen reëel aanbieden.

 

Artikel 6 van de statuten

De intergemeentelijke vereniging werd opgericht voor een termijn van dertig jaar, die verstreek op 16 mei 2008.

De statutair bepaalde duur kan telkens verlengd worden met 18 jaar overeenkomstig artikel 423 van het decreet.

De statutair bepaalde duurtijd werd verlengd op de algemene vergadering van 28 februari 2008 voor een termijn van 18 jaar, die vervalt op 16 mei 2026.

 

Financiële gevolgen

Er zijn geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.- De gemeenteraad neemt kennis van de motiveringsnota van IGS PONTES OV m.b.t. de verlenging van haar werking.

 

Art.2.- De gemeenteraad beslist om aan de algemene vergadering van IGS PONTES OV te verzoeken om tot een statutaire verlenging van de bestaansduur over te gaan.

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten

 

 

8 Intergemeentelijke samenwerking: PONTES. Bevestiging vertegenwoordiger bijzondere algemene vergadering van 23 april 2026 en vaststelling mandaat - goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

De gemeente is deelnemer in het Intergemeentelijk Samenwerkingsverband (IGS) PONTES, een intergemeentelijke vereniging onder de vorm van een opdrachthoudende vereniging zoals bedoeld in artikel 398, §2, 3° van het Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.

 

De intergemeentelijke vereniging PONTES heeft een uitnodiging gestuurd voor een bijzondere algemene vergadering op 23 april 2026, waarop de verlenging van de statutaire levensduur van Pontes staat geagendeerd. Deze bijzondere algemene vergadering wordt op digitale wijze georganiseerd.

 

Op de agenda staan volgende onderwerpen geagendeerd:

  1. (…)

 

De gemeente Brasschaat is deelnemer in de intergemeentelijke vereniging PONTES.

 

PONTES heeft een uitnodiging gestuurd voor de bijzondere algemene vergadering met opgave van de agenda. Tevens werden alle documenten toegevoegd die een toelichting bevatten bij de geagendeerde onderwerpen.

 

De gemeente Brasschaat dient een beslissing te nemen aangaande de verlenging van de bestaansduur van PONTES. De beslissing tot verlenging dient gebaseerd te zijn op een onderzoek naar de voorgenomen verlenging met inachtneming van de daaraan verbonden voor- en nadelen.

 

PONTES heeft in een ruime motiveringsnota een uitvoerig onderzoek gevoerd naar de noodzaak van de verlenging van de vereniging. Deze motiveringsnota wordt integraal als bijlage bij dit besluit opgenomen.

 

Op basis van deze motiveringsnota heeft de gemeenteraad verzocht aan de algemene vergadering van PONTES om tot de verlenging over te gaan.

 

Om de continuïteit van de dienstverlening te garanderen, is het aangewezen om de verlenging van de statutaire duur en de beheersoverdracht waarover PONTES tot op heden beschikt te herbevestigen.

 

Aangezien er bijgevolg geen bezwaren bestaan ten aanzien van de voorgestelde agenda en ontwerpbesluiten en de daarin opgenomen verlenging van de werking van PONTES, kan de voorgestelde agenda worden goedgekeurd en het mandaat van de gemeentelijke vertegenwoordiger(s) dienovereenkomstig worden vastgesteld.

 

De vertegenwoordiger van de gemeente werd in zitting van 28 april 2025 aangesteld.

 

Juridisch kader

Artikel 2 van het Decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging

Enkel een gemeente of een intergemeentelijk samenwerkingsverband kan een crematorium oprichten en beheren.

Artikelen 423, 425 en 432 van het Decreet van 22 december 2017 over het Lokaal Bestuur

De gemeenteraden bepalen de afvaardiging en het mandaat van hun vertegenwoordigers in de algemene vergadering van de intergemeentelijke samenwerkingsverbanden.

Een opdrachthoudende vereniging kent decretaal en statutair gezien een levensduur van 18 jaar die opeenvolgende keren kan worden verlengd voor een termijn die telkens niet langer mag zijn dan 18 jaar. De algemene vergadering kan vóór het verstrijken van de duur tot de verlenging beslissen met een drievierdemeerderheid van het aantal stemmen.

De gemeenteraadsbeslissingen die daarvoor worden genomen, worden bij het verslag van de algemene vergadering gevoegd en zijn gebaseerd op een onderzoek, in voorkomend geval op basis van een vergelijkend onderzoek als er zich verschillende beheersvormen reëel aanbieden.

Artikel 6 en 16 van de statuten

De intergemeentelijke vereniging werd opgericht voor een termijn van dertig jaar, die verstreek op 16 mei 2008.

De statutair bepaalde duur kan telkens verlengd worden met 18 jaar overeenkomstig artikel 423 van het decreet.

De statutair bepaalde duurtijd werd verlengd op de algemene vergadering van 28 februari 2008 voor een termijn van 18 jaar, die vervalt op 16 mei 2026.

De raad van bestuur roept de algemene vergadering bijeen telkens het belang van de vereniging zulks vereist.

 

Financiële gevolgen

Er zijn geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.- De gemeenteraad neemt kennis van de uitnodiging en de agenda voor de bijzondere algemene vergadering van PONTES van 23 april 2026.

 

Art.2.- De gemeenteraad keurt de agenda en de daarin opgenomen onderwerpen van de bijzondere algemene vergadering van de intergemeentelijke vereniging PONTES van 23 april 2026 goed.

 

Art.3.- De gemeenteraad keurt de verlenging van de statutaire duur van PONTES goed en herbevestigt de beheersoverdracht van het crematoriumbeheer in de zin van artikel 2 van het Decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging aan IGS PONTES OV.

 

Art.4.- De vertegenwoordiger van de gemeente, Erwin Callens, die zal deelnemen aan de bijzondere algemene vergadering van PONTES op 23 april 2026 wordt opgedragen zijn stemgedrag af te stemmen op de besluiten van de gemeenteraad van heden inzake onderhavige aangelegenheid.

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten

 

 

9 Gemeentelijk basisonderwijs. Oprichting nieuwe scholengemeenschap met ingang van 1 september 2026. Goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Zittingsverslag

 

 

Raadslid Hermans doet volgende tussenkomst :

 

“Wij zullen ons niet verzetten tegen de oprichting van een nieuwe scholengemeenschap binnen het gemeentelijk basisonderwijs., we onderschrijven het principe.

Scholengemeenschappen zijn op zich waardevol: zo versterken ze samenwerkingsverbanden, expertise en schaalvoordelen, en bovendien kunnen ze de onderwijskwaliteit ten goede komen.
Tegelijk kunnen wij dit dossier niet actief goedkeuren, omwille van de manier waarop dit tot stand is gekomen.
Wij hebben reeds tijdens de gemeenteraad van januari uitgebreid toegelicht wat ons standpunt is mbt het éénzijdig stopzetten van de scholengemeenschap STAKABRA
Onze gemeente heeft daarbij bewust gekozen om alléén verder te gaan zodra de drempel van 900 leerlingen werd bereikt.
Deze keuze heeft reële gevolgen voor de voormalige partners en deze worden hierdoor in een moeilijke positie gebracht.
Intergemeentelijke samenwerking in het onderwijs mag niet enkel beoordeeld worden op wat administratief of financieel kan, maar voor ons, Brasschaat 2012, zéker ook op een solidariteitsprincipe, op overleg en een gedeelde verantwoordelijkheid.
Een onthouding op dit punt is voor onze fractie dan ook de meest correcte en consequente houding.”

 

Schepen Ven gaat er niet heel veel aan toevoegen aangezien ze de vorige keer volledig heeft uitgelegd waarom ze deze keuze gemaakt hebben.  Ze informeerde recent bij de collega schepenen over hoe nu alles verloopt, maar zij gaven aan ze nog even geduld moesten hebben.  Ze hoopt mee op een goede oplossing voor hen. 

 

Raadslid Willekens doet nog een tussenkomst die onrechtstreeks betrekking heeft op dit punt.  Als het goed is, mag het volgens hem ook gezegd worden en hij stelt dat het goed is dat dit doorgezet wordt.  Hij wenst namens zijn fractie de betrokken schepenen te feliciteren met de doorlichting die gebeurd is in het onderwijs in Brasschaat.  Deze doorlichting was uitmuntend. 

 

Schepen Ven zal dit zeker overbrengen.  Ze bevestigt dat het GIB een hele mooie doorlichting heeft gehad.  Ze geeft graag ook nog mee dat de basisscholen de afgelopen legislatuur ook een mooie doorlichting hadden.  Een applaus voor alle directies en de leerkrachten. 

 

 

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Een schoolbestuur kan in het kader van de organisatie van zijn basisonderwijs beslissen om een scholengemeenschap te vormen met zijn scholen. Deze beslissing regelt de organisatie en de werking van de scholengemeenschap,

 

Het schoolbestuur wenst een nieuwe scholengemeenschap te vormen voor de in de regelgeving voorziene periode van zes jaar, van 1 september 2026 tot 31 augustus 2032, met de volgende scholen:

        Gibo Driehoek, Het Heiken 47;

        Gibo Heide, Bredabaan 1093;

        Gibo Kaart (lager), Leeuwenstraat 50;

        Gibo Kaart (kleuter), Schoolstraat 4;

        Gibo Mariaburg, Annadreef 7.

 

De betrokken scholen maken momenteel deel uit van de bestaande scholengemeenschap Stakabra. Met het besluit van 26 januari 2026  werd ingestemd met het voorstel om uit de interlokale vereniging met de gemeenten Stabroek en Kapellen in verband met de scholengemeenschap basisonderwijs te stappen met ingang van 1 september 2026.

 

Juridisch kader

Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, artikelen 40 en 41;

Het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997, artikelen 125bis tot en met 125quaterdecies;

De omzendbrief BaO/2005/11 van 30 juni 2005 over de scholengemeenschappen basisonderwijs.

 

Adviezen

Dit punt word besproken met de representatieve vakorganisaties op 26 februari 2026.

 

Financiële gevolgen

Er zijn geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT:

Met 23 ja-stemmen (Robert Geysen, Adinda Van Gerven, Bruno Heirman, Bart Brughmans, Inez Ven, Joris Van Cauwelaert, Kelly D'Haen, Dimitri Hoegaerts, Luc Van der Schoepen, Jan Jambon, Karin Beyers, Erwin Callens, Hedwig van Baarle, Jef Konings, Linsey De Vooght, Sven Simons, Lynn De Vocht, An-Sofie Dewinter, Sylvia Lathouwers, Lore Fonteyn, Bryan Verhoeven, Elke De Maeyer en Tim Willekens), 4 onthoudingen (Rudi Pauwels, Ingeborg Hermans, Wouter Covens en Lisa Buysse).

 

Art.1.- Een nieuwe scholengemeenschap, namelijk scholengemeenschap gemeentelijk basisonderwijs Brasschaat, wordt gevormd voor de in de regelgeving voorziene periode van zes jaar, van 1 september 2026 tot 31 augustus 2032, met de volgende eigen scholen:

        Gibo Driehoek, Het Heiken 47;

        Gibo Heide, Bredabaan 1093;

        Gibo Kaart (lager), Leeuwenstraat 50;

        Gibo Kaart (kleuter), Schoolstraat 4;

        Gibo Mariaburg, Annadreef 7.

 

Art.2.- De voorgenomen beslissing voldoet aan de decretale vereisten:

        de scholengemeenschap bevat zowel kleuter- als lager onderwijs;

        de scholengemeenschap telt op de eerste schooldag van februari 2026 minstens 900 gewogen leerlingen;

        de scholengemeenschap ligt in onderwijszone 6 Brasschaat.

 

De scholengemeenschap valt onder de verantwoordelijkheid en het hiërarchisch toezicht van het schoolbestuur, namelijk het gemeentebestuur van Brasschaat.

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten

 

 

10 Gemeentelijk secundair onderwijs. Scholengemeenschap GIB/GITOK. Verlenging  intergemeentelijke samenwerkingsovereenkomst van 1 september 2026 tot en met 31 augustus 2032. Goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Met de besluiten van 27 mei 1999, 1 september 2005, 26 mei 2011, 24 februari 2014 en 17 februari 2020 werd een intergemeentelijke samenwerkingsovereenkomst afgesloten met het gemeentebestuur van Kalmthout tot het vormen van een scholengemeenschap secundair onderwijs, voor de duur van 6 schooljaren en verlengd met respectievelijk 6, 3, 6 en 6 schooljaren.

 

De huidige scholengemeenschap in de vorm van een interlokale vereniging (scholengemeenschap GIB/Gitok) loopt op 31 augustus 2026 af na een periode van zes schooljaren en is als volgt samengesteld:

        Gitok eerste graad, Kapellensteenweg 501 te Kalmthout;

        Gitok bovenbouw, Kapllensteenweg 112 te Kalmthout;

        GIB (middenschool), Miksebaan 47 te Brasschaat;

        GIB (bovenschool), Door Verstraetelei 50 te Brasschaat.

 

Het is aangewezen de huidige scholengemeenschap niet te wijzigen en de huidige samenwerking te verlengen voor de in de regelgeving voorziene periode van zes jaar, van 1 september 2026 tot 31 augustus 2032.

 

 

Juridisch kader

Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.

Het decreet van 2 april 2004 over participatie op school en de Vlaamse onderwijsraad.

Het besluit van de Vlaamse Regering van 17 december 2010 over de codificatie secundair onderwijs.

De ministeriële omzendbrief van 30 april 1999 over de scholengemeenschappen secundair onderwijs.

 

Adviezen

De verlenging van de intergemeentelijke samenwerking voor de periode van zes schooljaren wordt voorgelegd aan de representatieve vakorganisaties op 26 februari 2026.

De verlenging van de intergemeentelijke samenwerking voor de periode van zes schooljaren werd voorgelegd aan de schoolraad van 3 februari 2026.

 

Financiële gevolgen

Er zijn geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.- De intergemeentelijke samenwerking wordt afgesloten met de gemeente Kalmthout tot het

verlengen van de intergemeentelijke samenwerking scholengemeenschap GIB/GITOK voor de

periode van 1 september 2026 tot en met 31 augustus 2032.

 

Art.2.- De gewijzigde overeenkomst zal ter goedkeuring worden voorgelegd aan de gemeenteraad van 30 maart 2026.

 

Art.3.- Aan de dienst onderwijs wordt opdracht gegeven de verlenging van de intergemeentelijke samenwerking GIB/Gitok door te geven aan het Ministerie van Onderwijs en Vorming tussen 1 en 31 maart 2026.

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten

 

 

11 Vernieuwing contract Kringloopwinkel. Goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Het Vlaams materialendecreet en het Vlaams Reglement betreffende het duurzaam beheer van Materiaalkringlopen en Afvalstoffen (VLAREMA) stellen expliciet dat een lokaal bestuur hergebruik stimuleert door minstens een overeenkomst af te sluiten met een door de OVAM erkend kringloopcentrum. De overeenkomst omvat minstens bepalingen over de sensibilisering, de onderlinge doorverwijsfunctie, de inzamelwijzen, het restafval en de vergoeding voor herbruikbare goederen. De OVAM erkende per regio 1 kringloopcentrum waar lokale besturen verplicht zijn een overeenkomst mee af te sluiten.

 

Op het college van burgemeester en schepenen van 13 februari 2017 en de gemeenteraad van 20 februari 2017 werd de overeenkomst goedgekeurd met SW De Kringwinkel Antwerpen. Van 1 november 1999 tot augustus 2007 had het gemeentebestuur van Brasschaat reeds een overeenkomst met SW Kringloopcentrum Noorderkempen dat op 11 februari 2008 werd overgenomen door SW De Kringwinkel Antwerpen. Een samenwerking die in 2017 werd geformaliseerd in een overeenkomst.

 

In deze overeenkomst werd in artikel 7 de vergoeding gespecificeerd die De Kringwinkel maandelijks factureert aan de gemeente. Dit gebeurde op basis van tonnagevergoeding in functie van het aantal kg binnengebrachte goederen. We stellen vast dat de hoeveelheid binnengebrachte goederen jaar na jaar stijgen en dus ook onze totaalfactuur een stijgende en onvoorspelbare kost is. In 2020 bedroeg de kost 72.000/jaar en is sindsdien jaarlijks als volgt gestegen '21 91.000, ’22 140.000, '23 162.000, '24 216.000. Dit wordt ook geïllustreerd in onderstaande grafiek. Het aantal binnengebrachte goederen bedraagt in Brasschaat 15,8kg/inwoner, terwijl het streefdoel van OVAM slechts 8 kg bedraagt.

 

Om dit budgettair voorspelbaarder te maken stelde De Kringwinkel voor om naar analogie met Antwerpen over te stappen naar een vergoeding per inwoner en enkel de mogelijke indexaties te laten meespelen (grijze lijn). Ze stellen voor om de vergoeding te bepalen op het jaar 2024 en iets te beperken tot een totaalkost per inwoner van 5,24 euro. Ze stellen ook voor om deze vanaf 2026 voor een aantal jaren vast te klikken. Indien de ingezamelde kilo’s in hetzelfde tempo verder groeien en we blijven werken met een kostprijs per ingezamelde kg, zouden we vermoedelijk in 2028 al aan 11euro per inwoner zitten (oranje lijn).

 

Uiteraard zullen we op basis van de jaarcijfers over de hoeveelheid binnengebrachte goederen monitoren of dit de komende jaren blijft stijgen en indien de omgekeerde trend zich inzet ons contract opnieuw vragen te herzien.

Er werd aan De Kringwinkel gevraagd nauwgezetter de woonplaats te registreren van de brengers hoewel dit, door te werken met een forfait per inwoner, geen impact meer zal hebben op de eindfactuur.  Toch is het belangrijk om de hoeveelheid binnengebrachte goederen te monitoren zodat we tijdig de gesprekken rond ons contract kunnen opstarten. In die zin blijft een nauwgezette registratie van de woonplaats wel cruciaal.

Er is ook gevraagd aan de kringwinkel om strenger toe te zien op de kwaliteit van de binnengebrachte goederen gezien slechts 50% van de goederen verkoopbaar is. 

 

 

 

Juridisch kader

Het materialendecreet van 23 december 2011 betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen.

Artikel 5.1.7. van VLAREMA, het besluit van 17 februari 2012 van de Vlaamse Regering tot vaststelling van het Vlaams reglement betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen.

Het uitvoeringsplan voor het huishoudelijk afval en gelijkaardig bedrijfsafval werd door de Vlaamse Regering goedgekeurd op 16 september 2016.

 

Adviezen

Positief advies van algemeen directeur en financieel directeur.

 

Financiële gevolgen

De financiële gevolgen worden geraamd op:

Kost

 202.000 euro, btw inbegrepen (jaarlijks en te indexeren)

Budgetsleutel

0300/61319999 vergoeding kringwinkel

Budget/jaar

Exploitatie in 2026 - 2031

Krediet beschikbaar

Ja

Visum financieel directeur

2026_08

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.- Hecht goedkeuring om het contract met De Kringwinkel Antwerpen te vernieuwen en voortaan een vergoeding per inwoner te betalen in plaats van een vergoeding per kilogram.

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten

 

 

12 Wijziging statuten GROS. - GOEDGEKEURD

 

 

Zittingsverslag

 

 

Raadslid Hermans doet volgende tussenkomst :

 

“De voorliggende statutenaanpassing nodigt onze fractie uit om niet alleen stil te staan bij de formele positie van de GROS, maar tegelijk ook bij de werking van alle adviesraden en de randvoorwaarden waarbinnen zij vandaag geacht worden te functioneren.

Wij hebben fundamentele vragen over haalbaarheid.

Wat verwacht het college vandaag realistisch van adviesraden die grotendeels of volledig op vrijwilligers draaien?
Wij vragen ons ook af of er vooraf voldoende werd gereflecteerd over wat nodig is om deze raden kwaliteitsvol, duurzaam en met impact te laten functioneren?

 

In dat bredere kader lijkt het ons bovendien niet onbelangrijk om te erkennen dat niet-verplichte adviesraden, zoals de GROS, mogelijk extra kwetsbaar zijn voor deze evoluties, nét omdat zij minder structurele verankering en ondersteuning kennen.

Concreet stelt onze fractie, wat de GROS betreft, vast dat de diensten mondiaal beleid en duurzaamheid wegvallen, net als de personeelsondersteuning die instond voor coördinatie, praktische opvolging, verslaggeving en de doorstroming van adviezen naar het schepencollege.

Taken die éssentieel zijn voor een goede werking, komen vandaag volledig bij de vrijwilligers zelf te liggen.

Tegelijk wordt ook het financiële kader aanzienlijk herleid.

 

De werkingsmiddelen dalen van €15.000 naar €5.000 per jaar, en het totale budget wordt vanaf 2027 meer dan gehalveerd, van €77.775  naar €35.475. Het is ook voor ons niet helemaal duidelijk waarvoor die werkingsmiddelen gebruikt worden?

Deze beslissingen van dalende budgetten, staan in schril contrast met de blijvende verwachtingen ten aanzien van de adviesrol van deze raad.

 

Dat brengt ons bij nog een eenvoudige maar essentiële vraag: werd er ooit ergens expliciet bepaald wat een adviesraad nodig heeft om haar opdracht degelijk te kunnen opnemen?

En bijkomend, hoe verhoudt dat denkkader zich dan tot het wegvallen van professionele ondersteuning, sterk verminderde middelen en een toenemende administratieve last voor vrijwilligers?

We stellen ons daarbij en logischer wijze dan ook de vraag wie in dit nieuwe kader zal instaan voor taken die vandaag een zekere expertise en tijdsinvestering vergen?
Is het jullie verwachting dat ook dit volledig door vrijwilligers wordt gedragen?

Alles samen genomen beste leden van het college, door het wegvallen van diensten, het schrappen van personeelsondersteuning en financiële middelen, maakt het ons nieuwsgierig, hoe het college de duurzame werking, continuïteit en relevantie van de GROS ziet in deze legislatuur, en hoe men wil vermijden dat deze adviesraad verwordt tot een structuur die enkel nog op goodwill en bijkomend vrijwilligerswerk draait?

 

Met het schrappen van de themacommissies, werd aangegeven dat dossiers voortaan kunnen worden geagendeerd binnen de werking van de algemene commissie. Vanuit onze fractie willen wij nu betreffende dit agendapunt, op dit aanbod ingaan en vragen jullie hieraan gevolg te geven.

In het licht van de statutenaanpassing die vandaag geagendeerd staat én de sterk gewijzigde context waarin de GROS moet functioneren, stellen wij voor om deze adviesraad uit te nodigen op een eerstvolgende algemene commissie, zodat zij zelf kunnen toelichten hoe zij hun rol zien en welke randvoorwaarden zij nodig achten en hoe zij deze opdracht nog kwaliteitsvol kunnen opnemen.

 

Tot slot wil ik hier toch in het bijzonder stilstaan bij de mensen die vandaag in onze adviesraden zetelen, zij doen dat niet omdat het moet, maar omdat zij zich betrokken voelen bij deze gemeente en bereid zijn verantwoordelijkheid op te nemen op vrijwillige basis.

Dat engagement gebeurt naast werk, gezin en andere verplichtingen.

Dit op zich is al niet vanzelfsprekend.

Dat is iets om dankbaar voor te zijn en om vooral zorgvuldig mee om te gaan.

Vrijwilligers zijn géén rekbare structuren waarop je telkens opnieuw bijkomende taken kan leggen wanneer ondersteuning wegvalt of middelen worden verminderd.

Als we participatie en adviesraden ernstig nemen, dan vraagt dat niet alleen engagement van burgers, maar ook zorg én verantwoordelijkheid vanuit het bestuur.

Ondersteuning, aanmoediging en respect zijn daarbij géén bijkomstigheid, maar een noodzakelijke voorwaarde.

Daarom willen wij afsluiten met deze eenvoudige maar fundamentele vraag:

"bouwen we met deze keuzes aan sterke adviesraden, of vragen we steeds meer van mensen die het al vrijwillig opnemen?"

Wij vragen het college om zich hierover uit te spreken, en om onze vragen, het antwoord en het verdere engagement hierover expliciet te laten opnemen in het verslag.”

 

Raadslid Hoegaerts doet volgende tussenkomst :

 

“De GROS wordt omgevormd tot een zogenaamde ‘Mondiale Raad’ en daar horen ook nieuwe statuten bij.

 

Ik zal het niet hebben over het rommeltje van de statuten zelf, met een algemene vergadering, een dagelijks bestuur en een open raadsvergadering; met lid-organisaties, waarnemende lid-organisaties, leden van de Open Raad, met bevoegdheden als het organiseren van jaarlijkse acties voor ngo’s, werkgroepen en aanduidingen van afgevaardigden in diverse andere werkgroepen, raden, commissies enzovoort ‘voor zover dat als nodig en wenselijk wordt beschouwd door de algemene vergadering OF het gemeentebestuur’ en waarbij finaal (artikel 17) deze Mondiale Raad een vrijgeleide krijgt om ‘op te treden als stimulator van hetNoord/Zuidgebeuren en als stimulator van de samenwerking tussen verschillende actoren’, waarbij de Mondiale Raad initiatieven kan nemen die hij nodig acht. Het lijkt een beetje op het Belgisch of Europees immigratiebeleid: iedereen is welkom en iedereen doet maar wat!

 

Beste collega’s, ik wil vandaag ons principieel bezwaar nog eens duidelijk stellen.

 

De omvorming van een Gemeentelijke Raad voor Ontwikkelingssamenwerking, waarbij in het verre verleden vanuit de gemeente Brasschaat Brasschaatse ontwikkelingshelpers en ontwikkelingsprojecten met een band met Brasschaat werden gesteund en waar wij alle sympathie voor hadden, denk maar aan de vissersboten voor Sri Lanka van Fons Schryvers of noodhulp aan Palau, de omvorming naar een ‘Mondiale Raad’ is geen neutrale naamswijziging: het is een bewuste ideologische uitbreiding waarbij het lokale bestuur zich nog maar eens in dienst stelt van de VN-SDG-agenda en een globalistische ‘internationale solidariteit’-agenda. Ik had begrepen dat het gemeentebestuur de koppeling met de SDG’s op velerlei vlakken als leidraad in het bestuursakkoord had gezet, maar dat ondertussen toch genuanceerd heeft. Maar blijkbaar volhardt men hier in de boosheid.

 

Wat ons betreft moet een lokaal bestuur in de eerste plaats lokale belangen dienen. Hier onttrekt het gemeentebestuur middelen en diensten en bestuurskracht aan haar kerntaken om ze in te zetten voor een mondiale agenda die ver af staat van de dagelijkse zorgen van de eigen inwoners. Het is niet de taak van het lokale bestuur om met belastinggeld vaak ideologisch gekleurde organisaties te financieren. Ook de GROS was in dat bedje ziek in het verleden, tot het gemeentebestuur op mijn suggestie ingreep en bijvoorbeeld wel noodhulp voor vluchtelingen uit Nagorno-Karabach in Armenië liet voorzien.

 

Ten slotte moet ontwikkelingshulp meetbaar en doelmatig zijn. Wij zijn niet tégen elke vorm van internationale samenwerking, maar eisen dat ze meetbaar, doelmatig en gekoppeld is aan concrete resultaten. Wij verzetten ons uitdrukkelijk tegen blanco cheques aan ngo’s waarbij niet te controleren valt waar het geld naartoe gaat. Zelfs binnen de huidige GROS is er geen systematische evaluatie en is die controle afwezig.

 

Terwijl op Vlaams niveau een geoormerkte financiering van 3,79 miljoen euro voor gemeentelijke ontwikkelingssamenwerking, waarbij ook de VVSG een subsidie ontving voor ondersteuning van Mondiale Raden, wordt stopgezet vanaf 2026, gaat Brasschaat op dat Mondiale Raden-pad voort.

 

Wij vragen u: schaf die Mondiale Raad af, bespaar uzelf de administratie en de kosten, maar behoud een budgetpost voor noodhulp waar wij als gemeenteraad in de toekomst autonoom over beslissen. Uit solidariteit met bijvoorbeeld Koerden in Noord-Syrië, met christenen in Nigeria of vrouwen in Afghanistan.”

 

Waarnemend burgemeester Van Gerven bevestigt dat het een adviesraad blijft.  Een adviesraad geeft advies en is een vrijwilligersraad.  Het is een beleidskeuze dat men zich moet focussen en de middelen efficiënt moet gebruiken.  Ze licht nog eens toe aan raadslid Hermans dat onderwerpen voor de algemene commissie via de normale weg gesteld moeten worden.  Het college zal dan beoordelen wanneer, hoe en op welke wijze de toelichting zal gegeven worden.  Het kan zijn dat dat mondeling op een commissie zal toegelicht worden maar het kan ook zijn dat het college dat niet opportuun acht.  In het kader van het beleid dat men voert, zullen er onderwerpen op tafel gelegd worden.  Niet alles zal zomaar behandeld worden. 

 

Schepen Ven verwachtte een reactie bij dit punt.  Het is een beslissing die met heel het college genomen werd na het kerntakendebat.  De administratieve hulp valt weg maar bepaalde zaken blijven zeker wel behouden.  De wereldmeerdaagse heeft ze bijvoorbeeld doorgedrukt.  Gezien haar andere bevoegdheid, loopt dit een beetje parallel.  Ook de ondersteuning van eigen mensen die nood hebben, blijft behouden.  De noodhulp wordt ook geïndexeerd en opgetrokken. 

Schepen Ven licht toe dat alle vragen / adviezen nog steeds eerst op het college komen.  Ze zit zelf ook nog in de vergadering en kan akkoord of geen akkoord geven.  11.11.11 krijgt bijvoorbeeld geen toelage meer.  Ze licht toe dat ook de stedenbandwerking zal afgebouwd worden.  Lopende projecten zullen wel nog afgewerkt worden.  Dit is ook een groot budget dat eruit is.  Dit alles zijn bewuste keuzes die gemaakt werden na het kerntakendebat maar er zijn wel bepaalde keuzes waar ze zeker blijven achter staan.  Ze bevestigt ook nog dat heel veel raden op vrijwilligers steunen. 

 

Waarnemend burgemeester Van Gerven licht nog toe dat bij heel veel raden de verslagen worden opgemaakt door vrijwilligers.  Ze zit zelf in het Bad Neuenahr comité en daar gebeurd dat ook.  Deze verslagen komen op het college dus het college krijgt zeker wel input.  Het is niet dat er geen contact meer is, maar het is gewoon op een iets andere manier. 

 

Raadslid Hermans wil graag nog 1 ding weten.  Ze verwijst naar het feit dat het woord kerntakendebat 3 maal werd uitgesproken.  Ze wil graag een toelichting over wat er allemaal besproken werd op het kerntakendebat.  Nergens kan ze hier informatie over terug vinden in de meeting mobile. 

 

Waarnemend burgemeester Cools licht toe dat er in het kader van de meerjarenplanning een heel traject werd afgelegd.  Tijdens de gemeenteraad van december kwamen de meerjarenplanning, de acties en de actieplannen uitgebreid aan bod volgens haar.  Het mag niet de bedoeling zijn om die gemeenteraad helemaal te hernemen. 

 

Raadslid Hermans vraagt niet om die gemeenteraad te hernemen, ze wil graag weten wat het kerntakendebat omvat. 

 

Waarnemend burgemeester Van Gerven licht toe dat er taken zijn die ze decretaal moeten doen en die dus verplicht zijn en er zijn ook taken die beleidskeuzes zijn in het kader van het bestuursakkoord.  Dit zijn de kerntaken.  Het zijn zaken die ze, al dan niet wettelijk, moeten doen.  Overbodige taken niet. 

 

Raadslid Pauwels gaat graag in op de tussenkomst van raadslid Hoegaerts.  Hij geeft mee dat alle NGO’s met een open boekhouding werken, alsook met een uitgebreide verslaggeving.  Hij vindt het ongepast om de NGO’s te verdenken.  Als er iets accuut is, kan enkel een NGO ter plaatse optreden. 

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Tijdens de Algemene vergadering van de gemeentelijke adviesraad voor ontwikkelingssamenwerking (GROS) werden de nieuwe statuten voor de legislatuur 2026-2031 goedgekeurd.

 

De wijzigingen ten opzichte van de vorige statuten omvatten:

        Een naamswijziging waarbij de naam GROS vervangen wordt door Mondiale raad.

        Het schrappen van alle verwijzingen naar personeelsondersteuning door een gemeentelijk ambtenaar mondiaal beleid. Deze taken worden zoveel als mogelijk overgenomen door de voorzitter (artikel 11).

        De invoering van een Open Raad die zowel qua invulling als type deelnemers (uitbreiding naar categorie aangesloten leden) afwijkt van de reguliere Algemene Vergaderingen.

        Verlenging mandaat voorzitter en Dagelijks bestuur van 3 jaar naar 6 jaar.

        Verslagen van de Algemene Vergadering worden ter kennisneming aan het college overgemaakt.

 

Juridisch kader

Het Decreet Lokaal Bestuur bepaalt twee voorwaarden:

        Ten hoogste twee derde van de leden van de adviesraad mag van hetzelfde geslacht zijn, anders kan de raad niet op rechtsgeldige wijze advies uitbrengen;

        Gemeenteraadsleden en leden van het college van burgemeester en schepenen mogen geen stemgerechtigd lid zijn van de adviesraden.

 

Financiële gevolgen

Er zijn geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT:

Met 22 ja-stemmen (Robert Geysen, Adinda Van Gerven, Bruno Heirman, Bart Brughmans, Inez Ven, Joris Van Cauwelaert, Kelly D'Haen, Jan Jambon, Rudi Pauwels, Karin Beyers, Erwin Callens, Hedwig van Baarle, Ingeborg Hermans, Jef Konings, Sven Simons, Lynn De Vocht, Sylvia Lathouwers, Lore Fonteyn, Bryan Verhoeven, Elke De Maeyer, Wouter Covens en Lisa Buysse), 5 neen-stemmen (Dimitri Hoegaerts, Luc Van der Schoepen, Linsey De Vooght, An-Sofie Dewinter en Tim Willekens).

 

Art.1.- Er wordt goedkeuring verleend aan de statuten als volgt:

 

Statuten Mondiale Raad Brasschaat

 

Art. 1) Definities

        De Mondiale Raad is een gemeentelijke adviesraad voor internationale samenwerking en solidariteit met de 17 SDG’s als leidraad met focus op de minst ontwikkelde landen in de wereld. 

        De adviesraad heeft 2 niveau’s: een “Algemene Vergadering” en een “Open Raadsvergadering”. De AV is het formele orgaan dat de werking coördineert en dat adviezen verstrekt aan het gemeentebestuur. Bij de Open Raad gaat het om inhoud, ontmoeting en connectie. 

 

Art. 2) Functies en doelstellingen

De adviesraad heeft een adviserende, een coördinerende en een verbindende functie. Daaruit volgen 4

doelstellingen:

Advies geven aan het gemeentebestuur i.v.m. de uitvoering van alle aspecten van het lokaal mondiaal beleid.

Meewerken aan de uitvoering van dit beleid op het vlak van educatie en bewustmaking t.a.v. verschillende doelgroepen, met speciale aandacht voor jongeren.

Initiatieven nemen om overleg en samenwerking te stimuleren tussen partners die werken rond internationale samenwerking en solidariteit.

Activiteiten organiseren die bijdragen tot het bereiken van bovenstaande doelstellingen.

 

Art. 3) Bevoegdheden Algemene Vergadering

  1. Moties en adviezen opstellen t.a.v. het College van Burgemeester en Schepenen en aan de gemeenteraad. 
  2. Het organiseren van de jaarlijkse 11.11.11-actie door de 11.11.11-werkgroep.
  3. Beslissen over de toetreding of verwijdering van leden.
  4. Het oprichten en afschaffen van werkgroepen.
  5. Het aanduiden van de voorzitter en de leden van het Dagelijks Bestuur.
  6. Een persoon aanduiden die als afgevaardigde de Mondiale Raad vertegenwoordigt in diverse
  7. werkgroepen, raden, commissies, enz. voor zover dat als nodig en wenselijk wordt beschouwd door de AV of het Gemeentebestuur.
  8. Het opstellen en aanpassen van een intern reglement.
  9. Elk lid heeft het recht om een agendapunt toe te voegen aan de agenda van de volgende AV, mits tijdig en schriftelijk gemeld (uiterlijk 14 kalenderdagen voor de betreffende AV).

 

Art. 4) Samenstelling

De AV is samengesteld uit:

        Lid-organisaties: elke lid-organisatie wijst zijn vertegenwoordiger en diens eventuele vervangers aan.

        Waarnemende lid-organisaties: iedere lid-organisatie die gedurende het werkjaar niet aanwezig is geweest op een AV, of die zelf dit statuut heeft gevraagd.

        Leden van de Open Raad, beperkt in aantal (zie verder).

        Werkgroep-verantwoordelijken.

        De Schepen voor Lokaal Mondiaal Beleid of diens vervanger, aan te duiden door het College van Burgemeester en Schepenen.

        Eén vertegenwoordiger van elke politieke fractie van de Gemeenteraad.

 

Maximum 2/3 van de stemgerechtigde vertegenwoordigers mogen van hetzelfde geslacht zijn.

Bij het begin van elke nieuwe legislatuur moeten de bestaande leden hun lidmaatschap opnieuw bevestigen en wordt een brede oproep gelanceerd voor nieuwe kandidaat-leden. Er wordt eveneens een nieuw Dagelijks Bestuur en een voorzitter verkozen.

 

Art. 5) Voorwaarden tot toetreding tot de Algemene Vergadering

Lid-organisaties: 

        Als plaatselijke vereniging en/of plaatselijke afgevaardigde van een organisatie in de gemeente al minstens 1 jaar een werking hebben rond hogervermelde problematiek.

        De statuten en desgevallend het intern reglement onderschrijven.

        De aanvraag moet schriftelijk gedaan worden. Er wordt in onderling overleg een datum afgesproken waarop de aanvraag tot toetreding wordt toegelicht aan de AV, waarna die een beslissing neemt.

        Na 1 jaar niet aanwezig te zijn geweest op de AV krijgt de vereniging automatisch het statuut van waarnemende lid-organisatie, waarbij het stemrecht vervalt. Is de organisatie in het daaropvolgende jaar opnieuw vertegenwoordigd in de AV, dan beslist de AV of ze opnieuw stemgerechtigd lid wordt. Na een 2e opeenvolgend jaar niet aan de AV te hebben deelgenomen, vervalt automatisch het lidmaatschap.

        De vaste vertegenwoordiger in de Mondiale Raad moet zijn/haar domicilie in Brasschaat hebben.

 

Een lid van de Open Raad kan eveneens stemgerechtigd lid worden van de AV (en bijgevolg van het DB),

mits goedkeuring door de AV. Het aantal leden afkomstig uit de Open Raad mag maximaal 1/3 van de

AV uitmaken.

 

Art. 6) Doel Open Raad

        Informatie verstrekken en uitwisselen; participatie en netwerkvorming stimuleren.

        Indien men een project/actie/thema/item wil voorstellen of toelichten wordt dit vooraf aangevraagd aan het DB. 

 

Art. 7) Samenstelling en voorwaarden tot toetreding tot de Open Raad

        Elke burger of vereniging kan de bijeenkomsten van de Open Raad volgen, het is een open vergadering.

        Inbreng in en deelname aan de discussies wordt aangemoedigd.

        Elke burger of vereniging kan als “aangesloten lid” toetreden tot de Open Raad.

        Om “aangesloten lid” te worden van de Open Raad kan de burger of vereniging op elk moment een verklaring indienen (formulier), waarna men voor elke Open Raad en elke MR-activiteit wordt uitgenodigd.

 

Art. 8) Stemrecht

De Mondiale Raad probeert in zijn beraadslagingen en beslissingen consensus na te streven. Als die niet

wordt bereikt geldt het volgende: 

        Stemrecht is voorbehouden aan de leden van de Algemene Vergadering.

        Elke lid-organisatie, uitgezonderd de waarnemende, beschikt over 1 stem in de AV. Stemmen met volmacht is niet toegestaan.

        De verantwoordelijke van elke werkgroep beschikt eveneens over 1 stem in de AV, tenzij die al stemrecht heeft als vertegenwoordiger van een lid-organisatie. 1 Persoon kan dus slechts 1 stem hebben.

        Afgevaardigden van politieke partijen en de bevoegde schepen hebben geen stemrecht, ook niet indien ze verantwoordelijk zijn van een werkgroep van de Mondiale Raad.  

        De waarnemende leden hebben geen stemrecht in de AV. Er wordt evenwel gestreefd naar een harmonische besluitvorming.

        Alle andere aanwezigen hebben eveneens geen stemrecht in de AV.

        Voor het stemrecht in het Dagelijks Bestuur geldt hetzelfde als voor de AV.

        Bij staking van stemmen wordt de discussie opnieuw geopend. Komt het bij een nieuwe stemming opnieuw tot een staking van stemmen, dan telt de stem van de voorzitter dubbel.

 

 Art. 9) Beslissingen

        De helft van de stemgerechtigde leden moeten aanwezig zijn om geldig te kunnen beslissen.

        De beslissingen van de AV worden genomen bij meerderheid van stemmen van de aanwezige stemgerechtigde leden.

        Voor een wijziging van de statuten van de Mondiale Raad moeten 2/3 van de stemgerechtigde leden aanwezig zijn. Een tweederdemeerderheid van de aanwezige stemgerechtigde leden is vereist. De voorgestelde wijzigingen moeten vooraf op de agenda van de vergadering aangekondigd worden. Wijzigingen aan de statuten worden van kracht vanaf de goedkeuring door de Gemeenteraad.

        Waar nuttig kan de Mondiale Raad zich laten bijstaan door externe experten.

 

 Art. 10) Dagelijks Bestuur

        De AV kiest de voorzitter en de leden van het Dagelijks Bestuur uit de stemgerechtigde leden. Ze worden verkozen voor een periode van de nieuwe legislatuur (6 jaar).

        Worden er door de AV in de loop van de legislatuur extra leden aangeduid, dan eindigt hun mandaat toch samen met dat van de andere verkozen leden.

        Het DB kan tijdelijk versterkt worden door leden van de AV die rond een bepaald thema of probleem een inbreng willen hebben in de voorbereiding van de AV of van een Mondiale Raad-activiteit. Deze hebben geen stemrecht in het DB.

        Omwille van de hoogdringendheid worden de adviezen voor humanitaire hulp gedelegeerd aan het DB. 

        Bij afwezigheid van de voorzitter, worden diens taken opgenomen door de andere leden van het Dagelijks Bestuur.

        We streven voor het Dagelijks Bestuur naar minstens 3 stemgerechtigde AV-leden + de voorzitter.

 

Art. 11) Bevoegdheden van de voorzitter

        De agenda van de Open Raad, de AV en het DB opstellen.

        Deze vergaderingen bijeenroepen en leiden.

        De Mondiale Raad vertegenwoordigen, tenzij daar voor specifieke gevallen anders over werd beslist door het DB.

        Ervoor zorgen dat een getrouwe verslaggeving wordt opgesteld en doorgestuurd naar de leden.

 

Art. 12)  Werkgroepen

        De werkgroepen brengen op de AV/Open Raad verslag uit over hun werking.

 

Art. 13)  Vergaderingen 

        De Algemene Vergaderingen (min 2/jr) en van de Open Raad (min 2/jr) van de Mondiale Raad worden in de oneven maanden gehouden behalve in juli, tenzij anders beslist. 

        Tijdstip, plaats en agenda van de AV en van de Open Raad moeten minstens 1 week vooraf aan de leden bekend gemaakt zijn.

        Alle verslagen van de AV moeten worden bezorgd aan de leden van de AV, en aan het College van Burgemeester en Schepenen. 

        Het DB komt normaliter maandelijks bijeen. Tijdstip en plaats worden bepaald in onderling overleg.

 

Art. 14)  Financiering en ondersteuning

        De werkingskosten worden gedragen door het Gemeentebestuur.

        De gemeente stelt een vergaderlokaal ter beschikking van de Mondiale Raad en zijn werkgroepen.

        De Mondiale Raad brengt advies uit over de beschikbare middelen die worden toegekend aan de hand van subsidiereglementen. Deze reglementen worden opgesteld in samenwerking met het Gemeentebestuur en worden van kracht na goedkeuring in de Gemeenteraad.

 

Art. 15)  Werkjaar

Het werkjaar loopt van 1 januari tot en met 31 december.

 

Art. 16)  Contactadres

Het contactadres/correspondentieadres is voor fysieke briefwisseling dat van het gemeentebestuur,

Verhoevenlei 11, 2930 Brasschaat ter attentie van de voorzitter Mondiale Raad  en voor elektronische

communicatie mondialeraad@brasschaat.be .

 

Art. 17)  Slotbepaling

In alle gevallen die niet in hoger vermelde artikels worden behandeld, treedt de Mondiale Raad op als

stimulator van het Noord/Zuidgebeuren in de gemeente en als stimulator van de samenwerking tussen

de verschillende actoren. De Mondiale Raad kan daartoe de initiatieven nemen die hij nodig acht. 

 

Art. 2- De verschillende fracties kunnen, indien ze dit wensen, een vertegenwoordiger aanduiden die als niet-stemgerechtigd lid aan de algemene vergadering kan deelnemen.

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten

 

 

13 Deels opheffen bouwverordening inzake aanbrengen van afschermingen en publiciteit, vellen of rooien van bomen, aanbrengen van schotelantennes en aanleg opritten: publiciteit. Goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Het college van burgemeester en schepenen keurde op 14 april 2025 de opstart van de procedure voor de gedeeltelijke opheffing van de passage publiciteit van de gemeentelijke bouwverordening inzake aanbrengen van afschermingen en publiciteit, vellen of rooien van bomen, aanbrengen van schotelantennes en aanleg opritten goed.
 

Aanleiding
De aanleiding van deze procedure was de nieuwe gewestelijke publiciteitsverordening die de Vlaamse Regering goedkeurde op 12 mei 2023. Vanaf 1 januari 2024 is deze nieuwe gewestelijke hemelwaterverordening in werking getreden en reeds van kracht.

De gemeente Brasschaat heeft een gemeentelijk bouwverordening betreffende het aanbrengen van afschermingen en publiciteit, vellen en rooien van bomen, aanbrengen van schotelantenne en aanleg opritten van dd. 26 augustus 1996.

Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen kunnen de ontworpen stedenbouwkundige verordening aanvullen. Gemeenteraden dienen eventuele bestaande gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen binnen 24 maanden na de inwerkingtreding van de ontworpen verordening in overeenstemming te brengen met de voorschriften ervan.


Verzameldecreet Omgeving

Op 17 mei 2024 bekrachtigde de Vlaamse Regering het Verzameldecreet Omgeving (voluit: het decreet van 17 mei 2024 houdende diverse bepalingen over omgeving, leefmilieu en natuur en ruimtelijke ordening). Dit Verzameldecreet Omgeving wijzigde 22 wetten en decreten en trad voor een groot aantal bepalingen in werking op 20 juli 2024.
 

De situatie waarbij lokale besturen via stedenbouwkundige verordeningen bijkomende meldings- of vergunningsplichten konden invoeren, leidde tot een grote complexiteit en een wildgroei van naar schatting circa 300 verschillende lokale regelingen. Het Verzameldecreet Omgeving heeft dit systeem fundamenteel hervormd door het uitgangspunt vast te leggen dat enkel de Vlaamse Regering bepaalt welke stedenbouwkundige handelingen vergunningsplichtig, meldingsplichtig of vrijgesteld zijn.

De praktische uitwerking van dit nieuwe systeem is evenwel afhankelijk van een uitvoeringsbesluit waarin de Vlaamse Regering een limitatieve lijst vaststelt van handelingen waarvoor gemeenten nog een vergunningsplicht kunnen invoeren. De Vlaamse Regering heeft dit besluit principieel goedgekeurd op 4 juli 2025, maar het is op heden nog niet definitief vastgesteld en bijgevolg nog niet in werking getreden.

Zodra dit uitvoeringsbesluit in werking treedt, zullen gemeenten enkel voor de handelingen opgenomen in deze limitatieve lijst een vergunningsplicht kunnen invoeren, en dit uitsluitend via een stedenbouwkundige verordening. Gemeentelijke of provinciale verordeningen die strijdig zijn met de door de Vlaamse Regering vastgestelde regeling, worden van rechtswege opgeheven.
 

Voorstel tot opheffing

Gezien de aanpassing van de verordening door de Vlaamse Regering, de beperkte meerwaarde van de huidige gemeentelijke verordening en het verzameldecreet wordt voorgesteld om de gemeentelijke bouwverordening van 1996 deels op te heffen. Dit enkel en alleen voor de passage van publiciteit. Op deze manier is voor de gemeente Brasschaat de gewestelijke publiciteitsverordening van toepassing. Hierdoor dient de gemeente niet na iedere wijziging zijn verordening in overeenstemming te brengen en zorgt dit voor duidelijk naar o.a. aanvragers, architecten die de verordening dienen te hanteren.

Procedure

Voor een gedeeltelijke of integrale opheffing van een stedenbouwkundige verordening dient een identieke procedure gevolgd te worden zoals bij een initiële vaststelling van een verordening. Dit conform artikel 2.3.2. §2, van de VCRO.

In de periode van 18 april 2025 tot en met 17 mei 2025 werd een adviezenronde georganiseerd voor het departement, de deputatie en de GECORO. Enkel de GECORO bracht advies uit, dat gunstig was ten aanzien van de voorgestelde gedeeltelijke opheffing. Het advies wordt opgenomen in bijlage.

Op 9 juli 2025 ontving de gemeente verduidelijking van het Departement Omgeving over de interpretatie van artikel 2.3.2, §2/4 van de VCRO. Het departement stelt dat een “loutere opheffing” moet worden begrepen als een volledige opheffing, en raadt gedeeltelijke opheffingen zonder openbaar onderzoek ten zeerste af.
 

Het college van burgemeester en schepenen organiseerde een openbaar onderzoek van 11 september 2025 tot en met 10 oktober 2025. Er werden geen bezwaren ingediend.

Op 26 november 2025 ontving de gemeente Brasschaat digitaal de beslissing van het Team Omgevingseffecten over de plan-m.e.r.-plicht van de deels opheffen van de gemeentelijke bouwverordening inzake publiciteit.
 

Het Team Omgevingseffecten bevestigt dat  het deels opheffen van de stedenbouwkundige verordening geen aanleiding geeft tot aanzienlijke negatieve milieugevolgen en dat de opmaak van een plan-MER niet nodig is.
 

De beslissing van de dienst MER werd gepubliceerd op de gemeentelijke website, gemeentelijk infoblad en uitgehangen aan de aanplakplaats aan het gemeentehuis. De MERscreening wordt opgenomen in bijlage.

Aan de gemeenteraad wordt vandaag goedkeuring gevraagd voor de gedeeltelijke opheffing van de passage publiciteit van de gemeentelijke bouwverordening inzake aanbrengen van afschermingen en publiciteit, vellen of rooien van bomen, aanbrengen van schotelantennes en aanleg opritten.
 

De gedeeltelijke opheffing van de gemeentelijke bouwverordening: passage publiciteit wordt samen met het besluit van de gemeenteraad en het volledige advies van de gemeentelijke commissie voor ruimtelijke ordening binnen tien dagen na de definitieve vaststelling met een beveiligde zending bezorgd aan de deputatie en het departement.
 

De deputatie en de Vlaamse Regering beschikken over een termijn van vijfenveertig dagen, die ingaat de dag na de betekening, om de uitvoering van het besluit van de gemeenteraad tot definitieve vaststelling van de opheffing van de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening te schorsen.
 

Als het besluit van de gemeenteraad tot definitieve vaststelling niet tijdig is geschorst of vernietigd, wordt de gemeenteraadsbeslissing houdende definitieve vaststelling bij uittreksel bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad.

 

Juridisch kader

Voor een gedeeltelijke of integrale opheffing van een stedenbouwkundige verordening dient een identieke procedure gevolgd te worden zoals bij een initiële vaststelling van een verordening. Dit conform artikel 2.3.2. §2, van de VCRO.

 

Adviezen

Gunstig advies van de ruimtelijk planner.

Het advies van de gecoro van 24 april 2025 is gunstig.

 

Financiële gevolgen

Er zijn geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.- De gemeenteraad geeft goedkeuring voor de gedeeltelijke opheffing, van de passage publiciteit van de gemeentelijke bouwverordening inzake aanbrengen van afschermingen en publiciteit, vellen of rooien van bomen, aanbrengen van schotelantennes en aanleg opritten.

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten

 

 

14 Verordening lasten. Definitieve vaststelling. Goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Het Instrumentendecreet van 26 mei 2023, dat op 1 januari 2024 in werking is getreden, bepaalt de

regelgeving in verband met stedenbouwkundige lasten.

 

Er zijn een aantal lasten die verplicht moeten opgenomen worden bij een omgevingsvergunning. Het

gaat om de volgende gevallen:

        de lasten opgelegd door de gemeenteraad in het kader van gemeentewegen;

        de lasten voor het verwezenlijken van een bescheiden woonaanbod;

        de eventuele lasten opgelegd door de gemeenteraad bij een vrijgave van een woonreservegebied;

        de lasten gekoppeld aan de toepassing van afwijkingsregels (afwerkingsregel, zonevreemde basisrechten en zonevreemde functiewijzigingen);

 

De vergunningverlenende overheid moet de last opleggen ongeacht de aard van de last. Wil men dat

financieel doen, dan heeft men een verordening nodig. Kiest men niet voor een verordening, dan moet

men bij élke afwijkingsaanvraag een last in natura opleggen, ongeacht de ‘omvang’ van de aanvraag.

 

Sinds 1 januari 2024 legt de gemeente Brasschaat dus steeds bij de toepassing van afwijkingsregels

(afwerkingsregel, zonevreemde basisrechten en zonevreemde functiewijzigingen) een last in natura

op. Dit gebeurt steeds ad hoc. Een kader is daarom wenselijk.

 

In de voorliggende verordening worden enkel grote projecten meegenomen. Er wordt een onderscheid

gemaakt tussen:

        woonprojecten vanaf 4 woongelegenheden/kavels;

        projecten voor andere functies vanaf 400 m² bovengrondse nuttige vloeroppervlakte.

 

 

Deze afbakening is gemotiveerd omdat grotere projecten doorgaans een grotere impact genereren op

de publieke ruimte en daardoor hogere kosten voor de overheid veroorzaken. Voor kleinere projecten

is het opleggen van een stedenbouwkundige last moeilijker te verantwoorden.

 

De inkomsten van de verordening lasten moeten ingezet worden voor het ruimtelijk beleid.

 

Het college van burgemeester en schepenen keurde op 27 oktober 2025 de opstart van de procedure

en het ontwerp van de verordening goed. De ontwerpverordening werd toegelicht op de

gemeenteraadscommissie van 17 november 2025. Vervolgens werd een adviezenronde en een

openbaar onderzoek georganiseerd van 2 december 2025 tot en met 31 december 2025.

 

Op de gemeenteraad van 15 december 2025 werd de belasting op het bouwen en herbouwen van

woningen en gebouwen gewijzigd. Daarbij werd beslist dat deze belasting vanaf aanslagjaar 2026

enkel wordt toegepast op omgevingsvergunningen die tot en met 31 december 2025 door het college

werden goedgekeurd. De bouwtaks wordt daarbij uitgefaseerd.

 

Tijdens het openbaar onderzoek werden geen bezwaren ingediend. De Provincie Antwerpen bracht

op 11 december 2025 een voorwaardelijk gunstig advies uit, met enkele juridische bemerkingen. De GECORO bracht op 18 december 2025 eveneens een voorwaardelijk gunstig advies uit, met zowel inhoudelijke, tekstuele als beleidsmatige opmerkingen. Op 24 december 2025 liet het

Departement Omgeving weten geen advies uit te brengen. Op het college van burgemeester en

schepenen van 2 februari 2026 werden de adviezen behandeld als beleidspunt. De verwerking ervan werd opgenomen in de nota in bijlage, die integraal deel uitmaakt van dit besluit.

 

Deze verordening legt geen voorwaarden op die bepalen of een vergunning verleend kan worden. Ze

vormt dus geen toetsingskader zoals dat bij stedenbouwkundige voorwaarden het geval is. De

bepalingen in deze verordening hebben enkel betrekking op lasten, en niet op de inhoudelijke

beoordeling van een vergunningsaanvraag. Daardoor valt deze verordening niet onder de

verplichtingen van een plan-m.e.r.-screening. Ook een passende beoordeling is niet aan de orde,

aangezien de verordening geen impact heeft op beschermde soorten of natuurgebieden.

 

Aan de gemeenteraad wordt vandaag  gevraagd de verordening lasten definitief vast te stellen.

 

De definitief vastgestelde verordening lasten wordt samen met het besluit van de gemeenteraad en het volledige advies van de gemeentelijke commissie voor ruimtelijke ordening binnen tien dagen na de definitieve vaststelling met een beveiligde zending bezorgd aan de deputatie en het departement.

De deputatie en de Vlaamse Regering beschikken over een termijn van vijfenveertig dagen, die ingaat

de dag na de betekening, om de uitvoering van het besluit van de gemeenteraad tot definitieve

vaststelling van de opheffing van de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening te schorsen.

 

Als het besluit van de gemeenteraad tot definitieve vaststelling niet tijdig is geschorst of vernietigd,

wordt de gemeenteraadsbeslissing houdende definitieve vaststelling bij uittreksel bekendgemaakt in

het Belgisch Staatsblad.

 

Gezien de verdere procedure werd daarom in de verordening opgenomen dat: "Deze verordening is

van toepassing op vergunningsaanvragen die worden ingediend vanaf 1 september 2026".

 

Juridisch kader

        Titel II: Planning, Hoofdstuk III: Stedenbouwkundige verordeningen, Artikel 2.3.1. en 2.3.2. uit de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.

        Artikel 75 en 77 van het omgevingsvergunningendecreet van 25 april 2014.

        Het Instrumentendecreet van 26 mei 2023.

 

 

Adviezen

        Provincie Antwerpen: voorwaardelijk gunstig advies op 11 december 2025, met juridische bemerkingen per artikel.

        GECORO: voorwaardelijk gunstig advies op 18 december 2025, met inhoudelijke, tekstuele en beleidsmatige opmerkingen.

        Departement Omgeving: geen advies (bericht van 24 december 2025).

 

De verwerking van deze adviezen is opgenomen in de nota in bijlage, die integraal deel uitmaakt van

de beslissing.

 

Financiële gevolgen

De toekomstige ontvangsten zijn vandaag moeilijk in te schatten. Het aantal dossiers dat aanleiding zal geven tot de toepassing van de verordening lasten hangt immers af van concrete vergunningsaanvragen en van beleidsmatige keuzes die nog moeten worden gemaakt.

 

Om toch een indicatie te geven, werd een analyse uitgevoerd van de in 2025 ingediende omgevingsvergunningen voor woonprojecten. Wanneer dezelfde projecten zouden worden beoordeeld volgens de voorliggende verordening, zou dit een potentiële inkomstenraming opleveren van ongeveer 157.000 euro.

 

In 2025 werden 8 projecten ingediend met minder dan 10 woongelegenheden/kavels (36 woongelegenheden/kavels) en 1 project met 10 tot 20 woongelegenheden/kavels (17 woongelegenheden/kavels).

 

De inkomsten van de verordening lasten moeten ingezet worden voor het ruimtelijk beleid.

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.- De gemeenteraad neemt kennis van de adviezen en de verwerking van de adviezen zoals opgenomen in bijlage.

 

Art.2.- De gemeenteraad geeft goedkeuring aan de definitieve vaststelling van de verordening lasten.

 

Art.3.- Gezien de verdere administratieve procedure treedt de verordening lasten pas later in werking. De verordening lasten is van toepassing op vergunningsaanvragen die worden ingediend vanaf 1 september 2026.

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten

 

 

15 Het Heiken 47 - GIBO Driehoek : renovatie en uitbreiding school - Aanstellen ontwerpteam - Goedkeuring lastvoorwaarden en gunningswijze. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

In het kader van de opdracht “Het Heiken 47 - GIBO Driehoek : renovatie en uitbreiding school - Aanstellen ontwerpteam” op 6 januari 2026 een bestek met nr. 2025-292 werd opgesteld door de heer Luc De Boeck, afdelingshoofd, projectmanager projecten patrimonium.

 

Deze opdracht betreft de renovatie van een gedeelte van de lagere school Driehoek.

In deze zone van de school wordt gestreefd naar een multifunctionele ruimte-indeling met ruimtes die flexibel kunnen ingericht en gebruikt worden. De lokalen worden niet gebruikt voor het traditioneel lesgeven doch voor expressie - STEM - zedenleer - zorg - lunch - klasoverschrijdende en naschoolse activiteiten - bib op school - ...

De relaties van de lokalen onderling doch ook de relatie met de buitenomgeving en in het bijzonder de speelplaats en het voetbalveld zijn belangrijk. Er wordt gestreefd naar een transparante beleving onderling en met de buitenomgeving.

Ruimteakoestiek in deze meestal grotere ruimtes en overdrachtsakoestiek tussen de lokalen onderling is een groot aandachtspunt. Hier vertoeven grotere groepen kinderen (150 leerlingen) en gaan energieke activiteiten met muziek en expressie door.

Bergingen blijven een belangrijke vraag. Niet enkel de bergingen naast de refter - STEM - en multilokaal doch ook de berging voor afgesloten opslag.

Duurzaamheid primeert in het ontwerp, het (her-)gebruik van de volumes en ruimtes en de materiaalkeuze. In de technieken is de toepassing van duurzame technieken te onderzoeken en heeft de voorkeur.

In het budget dient een juiste balans tussen de gevraagde functies en de gekozen technieken aangetoond te worden. De regelgeving pv-panelen (doelstelling 2035) dient gerealiseerd te worden voor de gehele cluster van gebouwen op de site.

 

De opdracht omvat de volledig studie in al zijn facetten (architectuur, stabiliteit, technieken, akoestiek) van de volledige verbouwing en/of nieuwbouw van de bestaande vleugel in de school. Het architecturaal ontwerp, alle uit te voeren studies (technische installaties, stabiliteit, EPB, akoestiek,…), het ontwerp van de vaste inrichting van het gebouw, het ontwerp van de omgevingsaanleg, het verkrijgen van de nodige vergunningen en de controle bij uitvoering van de bouw- en renovatiewerken.

 

De uitgave voor deze opdracht wordt geraamd op 135.000,00 euro excl. btw of 162.300,00 euro incl. btw; De raming excl. btw bereikt de limiet van 216.000,00 euro voor het gebruik van de vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking niet;

Voorgesteld wordt de opdracht te gunnen bij wijze van de vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking;

Het betreft de opdracht voor een geïntegreerde studie architectuur/stabiliteit/technieken/akoestiek.

 

Voor de werken zelf, zijn de subsidiemogelijkheden onderzocht, deze worden opgenomen bij de financiële gevolgen.

 

In zitting van het college van burgemeester en schepenen van 12 januari 2026 werd principiële goedkeuring gehecht aan de raming, de lastvoorwaarden en gunningswijze voor dit dossier, met name de vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking.

 

Aan de gemeenteraad wordt gevraagd goedkeuring te hechten aan de raming, de lastvoorwaarden en gunningswijze voor dit dossier, met name de vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking.

 

 

Juridisch kader

Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikelen 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

Wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.

Bestuursdecreet van 7 december 2018.

Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikelen 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht.

Wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies, en latere wijzigingen.

Wet van 17 juni 2016 en latere wijzigingen inzake overheidsopdrachten, meer bepaald artikel 36.

Koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen.

Koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen.

Gemeenteraadsbesluit van 29 juni 2020, definitie dagelijks bestuur.

 

Adviezen

Het college van burgemeester en schepenen heeft in zitting van 12 januari 2026 principiële goedkeuring gehecht aan de raming, lastvoorwaarden en gunningswijze in dit dossier.

 

Ondernemerstoets

Het betreft een vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking waarbij, na de open publicatie van de opdracht, ook enkele architectenbureau's zullen worden aangeschreven om hen op de hoogte te brengen van de publicatie. Deze bureau's werden geselecteerd op nabijheid maar ook op deskundigheid.

 

- De Beenhouwer Leonard architecten bvba, Bredabaan 127 te 2930 Brasschaat;

- Architectenbureau Delta, Driehoek 90 te 2940 Stabroek;

- Scoop Multiprofessionele Architectenvennootschap bvba, Oude Kuringerbaan 103/3 te 3500 Hasselt;

- Morgen architectuur B.V., Kroonstraat 168 te 2140 Antwerpen;

- Studio Noord, Korte Heuvelstraat 14 te 2920 Kalmthout.

 

Financiële gevolgen

 

Aanstellen ontwerpteam

Kost  162.300,00 euro, btw inbegrepen (eenmalig)

Budgetsleutel 0800/06/22100007: Gibo Driehoek renovatie buitenschrijnwerk en dakvlakken.

  Fase 3: ontwerpen en uitvoeren

Budget/jaar Investering in 2026 en volgende dienstjaren

Krediet beschikbaar ja

 

Voor de uitgaven met betrekking tot de werken zelf, werd onderzocht of subsidies of premies kunnen

bekomen worden:

 

Mijn Verbouwpremie

In de Septemberverklaring van de Vlaamse Regering (22/09/2025) zijn er belangrijke wijzigingen

aangekondigd voor premieaanvragen begin 2026. De geplande wijzigingen hebben betrekking op de 2

hoogste inkomenscategorieën van Mijn VerbouwPremie (en niet-woongebouwen)

Op 24 oktober 2025 besliste de Vlaamse Regering principieel dat er overgangsmaatregelen zullen

komen voor aanvragen Mijn Verbouwpremie tot en met 28/02/2026 voor de 2 hoogste

inkomensgroepen (en niet-woongebouwen). Tot die datum blijft deze premie van kracht.

Vanaf 1 maart 2026 verdwijnen alle Mijn VerbouwPremies voor niet-woongebouwen.

Gelet op de uitvoering van de werken, die voorzien is 2027, is deze premie niet meer van toepassing.

 

Agion

Het dossier 'Het Heiken 47 - Gibo Driehoek' werd bij Agion voorzien in 2027.

Voor het basisonderwijs (gewoon en buitengewoon), bedraagt de subsidie 70% van de subsidiabele

kostprijs. De kostprijs van de werken voor de renovatie van een gedeelte van de lagere school Gibo

Driehoek bedraagt 1.400.000 euro, exclusief BTW en erelonen.

Met ander woorden, de opdrachtgever heeft voor deze opdracht een maximaal bouwbudget voorzien

van circa 1.000.000 euro voor de bouw en circa 400.000 euro voor de technieken.

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.- Goedkeuring wordt verleend aan het bestek met nr. 2025-292 van 6 januari 2026 en de raming voor de opdracht “Het Heiken 47 - GIBO Driehoek : renovatie en uitbreiding school - Aanstellen ontwerpteam”, opgesteld door Luc De Boeck, afdelingshoofd, projectmanager projecten patrimonium.

De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten. De raming bedraagt 135.000,00 euro excl. btw of 162.300,00 euro incl. btw.

 

Art.2.- Bovengenoemde opdracht wordt gegund bij wijze van de vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking, waarbij volgende architectenbureau's zullen worden aangeschreven om hen op de hoogte te brengen van de publicatie. Deze bureau's werden geselecteerd op nabijheid maar ook op deskundigheid.

 

- De Beenhouwer Leonard architecten bvba, Bredabaan 127 te 2930 Brasschaat;

- Architectenbureau Delta, Driehoek 90 te 2940 Stabroek;

- Scoop Multiprofessionele Architectenvennootschap bvba, Oude Kuringerbaan 103/3 te 3500 Hasselt;

- Morgen architectuur B.V., Kroonstraat 168 te 2140 Antwerpen;

- Studio Noord, Korte Heuvelstraat 14 te 2920 Kalmthout.

 

Art.3.- De aankondiging van de opdracht wordt ingevuld, goedgekeurd en bekendgemaakt op nationaal niveau.

 

Art.4.- Er is 150.000,00 euro voorzien in 2026 op de budgetsleutel 0800/06/22100007 voor GIBO Driehoek renovatie buitenschrijnwerk en dakvlakken. Fase 3: ontwerpen en uitvoeren. In de volgende dienstjaren zijn er eveneens voldoende kredieten voorzien.

Het dossier 'Het Heiken 47 - Gibo Driehoek' werd bij de subsidiërende overheid Agion krediet voorzien in 2027. Voor het basisonderwijs (gewoon en buitengewoon), bedraagt de subsidie 70% van de subsidiabele kostprijs. De kostprijs van de werken voor de renovatie van een gedeelte van de lagere school Gibo Driehoek bedraagt 1.400.000 euro, exclusief BTW en erelonen.

 

Art.5.- Aan de gemeenteraad wordt gevraagd goedkeuring te hechten aan de raming, de lastvoorwaarden en gunningswijze voor dit dossier, met name de vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking.

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten

 

 

16 Raamovereenkomst voor onderhoudswerken asfalt en beton_2026 - goedkeuring lastvoorwaarden en gunningswijze. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

In het kader van de opdracht “Raamovereenkomst voor onderhoudswerken asfalt en beton_2026” werd een bestek met nr. 2025-315 opgesteld door Leslie Block, deskundige van de dienst Infrastructuur.

 

Deze opdracht is als volgt opgedeeld:
* Basisopdracht (Raamovereenkomst voor onderhoudswerken asfalt en beton_2026), raming: 349.411,00 euro excl. btw, hetzij 422.787,31 euro incl. btw;
* Verlenging 1 (Asfalt en beton), raming: 349.411,00 euro excl. btw, hetzij 422.787,31 euro incl. btw;
* Verlenging 2 (Asfalt en beton), raming: 349.411,00 euro excl. btw, hetzij 422.787,31 euro incl. btw;
* Verlenging 3 (Asfalt en beton), raming: 349.411,00 euro excl. btw, hetzij 422.787,31 euro incl. btw.

De totale uitgave voor deze opdracht wordt geraamd op 1.397.644,00 euro excl. btw, hetzij 1.691.149,24 euro incl. btw (293.505,24 euro btw medecontractant).

 

Er wordt voorgesteld de opdracht te gunnen bij wijze van de openbare procedure.

Het bestuur beschikte bij het opstellen van de lastvoorwaarden voor deze opdracht niet over de exact benodigde hoeveelheden.

 

Aan de gemeenteraad wordt gevraagd goedkeuring te hechten aan de lastvoorwaarden, raming en gunning bij wijze van de openbare procedure.

 

Juridisch kader

Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikelen 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

Wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.

Bestuursdecreet van 7 december 2018.

Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikelen 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht.

Wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies, en latere wijzigingen.

Wet van 17 juni 2016 en latere wijzigingen inzake overheidsopdrachten, meer bepaald artikel 36 en artikel 57 en artikel 43.

Koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen.

Koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen.

Gemeenteraadsbesluit van 29 juni 2020, definitie dagelijks bestuur.

 

Adviezen

Het college van burgemeester en schepenen heeft in zitting van 26 januari 2026 principiële goedkeuring gegeven aan de lastvoorwaarden, raming en gunning bij wijze van de openbare procedure.

 

Financiële gevolgen

De financiële gevolgen worden geraamd op:

Kost    422.787,31 euro, btw inbegrepen (jaarlijks)

Budgetsleutel  0200/22400007 : Buitengewone onderhoudswerken KWS- en betonwegen

Budget/jaar   Investering in 2026 en volgende jaren

Krediet beschikbaar  Ja

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.- Het bestek met nr. 2025-315 en de raming voor de opdracht “Raamovereenkomst voor onderhoudswerken asfalt en beton_2026”, opgesteld door Leslie Block, deskundige van de dienst Infrastructuur worden goedgekeurd. De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten voor aannemingen van werken, leveringen en diensten. De raming bedraagt 1.397.644,00 euro excl. btw, hetzij 1.691.149,24 euro incl. btw (293.505,24 euro btw medecontractant).

 

Art.2.- Bovengenoemde opdracht wordt gegund bij wijze van de openbare procedure.

 

Art.3.- De aankondiging van de opdracht wordt ingevuld, goedgekeurd en bekendgemaakt op nationaal niveau.

 

Art.4.- De uitgave voor deze opdracht is voorzien in investeringsbudget 2026 en volgende jaren op budgetsleutel 0200/22400007 (buitengewone onderhoudswerken KWS- en betonwegen).

 

Art.5.- Het college van burgemeester en schepenen kan de opdracht toewijzen met overschrijding van het voorziene budget, indien de overschrijding niet meer dan 20 % bedraagt van het voorziene budget en mits het college beslist de noodzakelijke verhoging van het betrokken krediet voor goedkeuring aan de gemeenteraad voor te leggen bij de eerstvolgende budgetwijziging.

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

 

17 Claesstraat: rooilijnplan. Definitieve vaststelling. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Op 9 en 15 februari 2021 werden twee verzoekschriften ingediend tot erkenning van de Claesstraat (vanaf Bevrijdingslei tot aan het domein ‘de Inslag’ – met inbegrip van het brugje over de Heislagbeek) als gemeenteweg op grond van 30-jarig openbaar gebruik.

 

In zitting van 27 september 2021 heeft de gemeenteraad het bestaan van een publieke erfdienstbaarheid van doorgang bevestigd, overeenkomstig art. 13 van het decreet houdende de gemeentewegen van 3 mei 2019. Het college van burgemeester en schepenen werd in deze gemeenteraadsbeslissing eveneens belast met de opmaak van een gemeentelijk rooilijnplan.

 

Op 3 december 2021 werd een verzoekschrift ingediend tot nietigverklaring van het gemeenteraadsbesluit bij de Raad van State.

Op 1 december 2023 heeft de Raad van State het beroep tot nietigverklaring verworpen met motivering dat de beoordeling van het al dan niet bestaan van een erfdienstbaarheid toekomt aan de burgerlijke rechtbank en niet aan de Raad van State.

 

Op 12 april 2023 werd dagvaarding uitgebracht om te verschijnen voor de Vrederechter teneinde te horen zeggen voor recht dat er geen sprake zou zijn van een onafgebroken en voortdurend 30-jarig publiek gebruik.

Bij vonnis van 28 september 2023 heeft de Vrederechter geoordeeld dat de getuigenverklaringen de aanwezigheid van de weg en het voortdurend gebruik gedurende meer dan 30 jaar bevestigen.

Op 4 januari 2024 werd beroep aangetekend tegen dit vonnis.

Bij vonnis van 21 november 2024 heeft de rechtbank van eerste aanleg dit hoger beroep ongegrond verklaard.

 

Overeenkomstig art. 13§2 van het decreet houdende de gemeentewegen van 3 mei 2019 wordt het college van burgemeester en schepenen belast met de opmaak van een rooilijnplan en met de vrijwaring en beheer van de weg.

 

In de gemeenteraadszitting van 24 november 2025 werd het rooilijnplan voorlopig vastgesteld. Er werd een openbaar onderzoek gehouden van 15 december 2025 tot en met 13 januari 2026. Er werd 1 bezwaarschrift ingediend. Het bezwaar werd tijdig ingediend en is ontvankelijk. De gemeenteraad neemt kennis van het bezwaarschrift in bijlage.

 

Behandeling bezwaarschrift:

De bezwaren over de ligging, de breedte en de uitrusting van de weg handelen over:

 

Het vastgestelde rooilijnplan heeft een rechtstreekse, persoonlijke en aanzienlijke impact op het eigendom. Er wordt een substantiële grondafname van 112,30m² opgetekend, wat een zware aantasting is van het eigendomsrecht.

 

1) Schattingsverslag met opname van kosteloze grondafstand gesteund op een passage uit de aankoopakte.

         - Passage is overgenomen uit een oudere  verdelingsakte. Er kan niet afgeleid worden dat de                        verplichting voor hun eigendom geldt. Eis tot aantonen adhv de verdelingsakte.

         - Gemeente heeft in 2018 afgezien van de eigendomsverwerving. Hierbij heeft de gemeente in 2018                verzaakt aan de mogelijkheid tot kosteloze grondafstand. Hierdoor is de eigenaar niet langer                       verplicht om de grond kosteloos over  te dragen. Eis tot correcte vergoeding.

Weerlegging:

In het lastenkohier openbare verkoping na uitvoerend beslag van 30 augustus 2000 staat lot III beschreven als:

          - een perceel grond aan de Wipstraat, volgens titel ten kadaster gekend onder deel H van 311/M                    (762m²) , thans gekend onder nummer H 311N met eenzelfde oppervlakte.

          - een perceel grond volgens titel grenzend aan Claesstraat ten kadaster gekend onder deel van                      H 311/M (970,16 m²), thans gekend onder nummer H 311/P.

Op het inplantingsplan van het verkavelingsplan AP4, goedgekeurd op 20 juni 1990, kunnen we het perceel H 311/M terugvinden als een perceel grond tussen Wipstraat en Claesstraat, vlak naast de waterloop. Op dezelfde locatie vinden we op het kadastraal plan van 1999 de percelen 311N en 311P terug.

 

Onderstaande passage is letterlijk overgenomen uit het Lastenkohier openbare verkoping na uitvoerend beslag van 30 augustus 2000 zoals gekend bij de gemeente. Hierbij wordt duidelijk vermeld dat dit een erfdienstbaarheid betreft van lot III.

Bezwaarindiener brengt zelf geen andere akte voor waaruit anderszins zou kunnen worden afgeleid.

 

 

De opname in de akte verwijst naar Claesstraat in zijn geheel met als doel om de naastliggende gronden te ontsluiten en toegang te geven tot rechthebbenden en derden.

Naast de opname van de erfdienstbaarheid onder lot III, is er een duidelijke vermelding dat dit over Claesstraat, deels opgenomen in dit rooilijnplan, gaat.

 

In het college van 28 mei 2018 werd de overdracht van de wegbedding voorgelegd.

Er werden verschillende toelichtingen in 2017 georganiseerd met de eigenaars van de wegbedding Claesstraat. Het eerste verzoek tot overdracht van de wegbedding, zoals vermeld in de aankoopaktes van de eigenaars, werd meermaals gesteld tijdens deze toelichtingen. De overdracht van de wegbedding stuitte echter op verzet van enkele eigenaars.

Het college heeft dan ook beslist om niet over te gaan tot de gedwongen opstart van de procedure voor de overdracht van de wegbedding. Dit betekent dat het college niet wenste over te gaan tot een gerechtelijke onteigening. Hierbij werd niet beslist om aan de grondafstand te verzaken.

De passage van de erfdienstbaarheid, vermeld in de verschillende eigendomsaktes, blijft van toepassing. Het bezwaar wordt daarom ongegrond geacht.

 

2) Aanzienlijke grondafname van 112.30 m² staat niet in redelijke verhouding tot het nagestreefde publiek belang.

         - Op het vooropgestelde plan wordt slechts 3.5m breedte van de wegbedding gebruikt.

         - Overlast van auto’s, die op de oprit gaan terugdraaien.

Weerlegging:

Procentueel gezien bedraagt de grondafstand slechts 6,5 % van de totale oppervlakte van het perceel van bezwaarindiener. Dit weerlegt cijfermatig alleszins het argument dat de afname uitzonderlijk groot en onevenredig is. Daarenboven worden ook de overige betrokken percelen in quasi dezelfde mate getroffen door de voorgenomen grondafstand.

 

In het lastenkohier openbare verkoping na uitvoerend beslag van 30 augustus 2000 werden de stedenbouwkundige voorschriften voor lot III vermeld. Lot III is onder andere gelegen in het bijzonder plan van aanleg nr 45/4 “M-T-H” MB 02-02-1989.

Het BPA nr 45/4 is ter hoogte van de wegbedding ingekleurd als openbaar domein, met bijhorende rooilijnen met een breedte van 10m. De rooilijn aan de zijde van Claesstraat 100-106 wordt op het rooilijnplan aangeduid als een af te schaffen rooilijn volgens het BPA. De breedte tussen de nieuwe, voorgestelde rooilijnen bedraagt slechts 6,40m. De motivering voor deze breedte is terug te vinden in onderstaande uiteenzetting (zie vastlegging rooilijn zijde Bevrijdingslei en vastlegging rooilijn zijde Claesstraat 100-106). Door het verleggen van de rooilijn, moet een breedte van 3,60m niet overgedragen worden naar het openbaar domein. Hierbij blijft een oppervlakte van 63 m² in eigendom van de eigenaar. Er wordt dus minder grond toegevoegd aan het openbaar domein dan voorzien het BPA.

 

Het bezwaar van overlast van auto’s berust op een louter hypothetische vrees voor overlast, zonder objectieve onderbouwing. Nergens wordt aangetoond dat de overlast door de voorziene grondafname zou vergroten ten opzichte van de huidige situatie. Gelet op de beperkte lengte van de straat, en het doodlopend karakter is het verwachte verkeer bestemmingsverkeer. Hierdoor is er een zeer beperkte verkeersgeneratie. Dit beperkt het aantal voertuigen die nood hebben aan een keerbeweging. De voorziene breedte van 6,40 m laat toe dat voertuigen binnen het openbaar domein kunnen manoeuvreren, wat het risico op hinder voor aanpalende eigendommen beperkt. De wijziging in verhardingsmateriaal, waarbij de betonnen wegenis van Bevrijdingslei overgaat in een dolomietverharding aan het kruispunt met Claesstraat ontmoedigt het inrijden van de straat.

De hoofdtoegangen tot het achterliggende groendomein De Inslag situeren zich aan Kerkedreef en Fortsebaan. In Bevrijdingslei zijn er eveneens parkeermogelijkheden.

Eventueel foutief gebruik betreft bovendien een handhavingskwestie en vormt geen ruimtelijk relevant argument binnen de autonome procedure van het Gemeentewegendecreet. Het bezwaar wordt dan ook ongegrond geacht.

 

3) De haag moet verwijderd worden om toegang te geven tot de garage Bevrijdingslei. De eigenaars voelen zich geviseerd. Bij de andere buren wordt er niets veranderd.

Weerlegging:

Op 28 augustus 2017 werd een stedenbouwkundige vergunning afgeleverd voor de afbraak van een tuinberging en het bouwen van een garage op het perceel Bevrijdingslei 77 met doorgang over de wegbedding van Claesstraat. In de collegebeslissing van 28 mei 2018 staat beschreven dat op basis van juridisch en stedenbouwkundig onderzoek werd overgegaan tot goedkeuring van de bouwaanvraag op basis van artikel 11 met betrekking tot erfdienstbaarheden uit de aankoopakte van de eigenaars van Bevrijdingslei 77. Dit werd toegelicht aan de eigenaars van Claesstraat tijdens een nieuw overleg op 5 september 2017 in het gemeentehuis.

 

Het (deels) verwijderen van de haag is functioneel noodzakelijk om een veilige en vlotter toegang tot de garage te garanderen. Deze maatregel vloeit voort uit de specifieke ligging van de perceeltoegang en is niet persoons- of eigenaarsgebonden. De feitelijke situatie van de bezwaarindiener is niet vergelijkbaar met die van andere percelen in de straat, waar geen conflict tussen een groenstructuur en een perceeltoegang optreedt. Dat bij andere aanpalenden geen aanpassing vereist is, vloeit voort uit deze verschillen en wijst niet op willekeur of visering.

Het bezwaar wordt daarom ongegrond geacht.

 

4) Tijdens de presentatie werd besproken dat er geen volwaardige weg aangelegd wordt om het boskarakter te behouden en er momenteel geen budget is. Dit in tegenstelling tot het plan van enkele jaren geleden, waarbij na onteigening en akkoord van de buren een mooie kasseiweg zou aangelegd worden. Op regelmatige basis zal de gemeente de weg opnieuw moeten aanleggen. Beter is om te wachten tot er een deftig budget is om de weg deftig aan te leggen.

Weerlegging:

In 2017 werd een eenduidig standpunt van de eigenaars gevraagd over de wegbedding van Claesstraat. Bij een akkoord tot overdracht van de wegbedding kon een weg gerealiseerd worden in kassei. Echter werd er geen eensgezind standpunt van de eigenaar bereikt, waardoor de wegbedding niet werd overgedragen. Voor de gemeente was dit ook geen prioritair dossier. (zie collegebesluit van 28 mei 2018).

Echter door de indiening van de verzoekschriften tot erkenning van de Claesstraat (vanaf Bevrijdingslei tot aan het domein ‘de Inslag’ – met inbegrip van het brugje over de Heislagbeek) als gemeenteweg op grond van 30-jarig openbaar gebruik, is de gemeente overeenkomstig art. 13 van het decreet houdende de gemeentewegen van 3 mei 2019 verplicht om een procedure op te starten tot goedkeuring van een rooilijnplan. In de meerjarenplanning is geen budget opgenomen om de weg te verharden. Gezien het huidige boskarakter van de weg, die het groendomein De Inslag verbindt met de dreef van Claesstraat, wordt voor het behoud van dit karakter gekozen. De gemeente staat in voor het onderhoud van de wegenis. Gelet op de beperkte lengte van de straat, het doodlopend karakter en de wijziging in verhardingsmateriaal aan het kruispunt met Bevrijdingslei, is het verkeer bestemmingsverkeer. Hierdoor is er een zeer beperkte verkeersgeneratie. De gemeente zal de weg niet moeten heraanleggen op regelmatige basis. Er zullen enkel onderhoudswerken moeten worden uitgevoerd. Het bezwaar wordt daarom ongegrond geacht.

 

5) Disproportionele last op het eigendom met belangrijke gevolgen voor:

         - Gebruik van het perceel (oa tuin, voortuin, oprit  en/of afsluiting)

         - Marktwaarde van het onroerend goed

         - Rechtszekerheid en de toekomstige ontwikkelingsmogelijkheden

Weerlegging:

Het BPA nr 45 Maria-ter-Heide 4 is ter hoogte van de wegbedding ingekleurd als openbaar domein, met bijhorende rooilijnen met een breedte van 10m. De rooilijn aan de zijde van Claesstraat 100-106 wordt op het rooilijnplan aangeduid als een af te schaffen rooilijn volgens het BPA. In de zone van 10m breedte bevindt zich ter hoogte van Claesstraat 106 onder andere, een dolomietverharding, haag van de voortuin, een gemetste brievenbus, afwateringsgoot en een oprit met een verharding in stenen.

De breedte tussen de voorgestelde rooilijnen bedraagt slechts 6,40m. De motivering voor deze breedte is terug te vinden in onderstaande uiteenzetting (zie vastlegging rooilijn zijde Bevrijdingslei en vastlegging rooilijn zijde Claesstraat 100-106). Hierbij blijft een deel van de dolomietverharding privaat. De andere objecten (haag, brievenbus, afwateringsgoot en oprit in stenen) blijven privaat. Er wordt dus geen last opgelegd naar het gebruik van het visuele perceel, die zich situeert tussen de dolomietverharding en de verharding in stenen en dolomietverharding en de haag. De voorgestelde grens situeert zich VOOR deze visuele grens.

 

Daarenboven bleek deze grondafstand reeds voorzien bij aankoop van het perceel door de bezwaarindiener en werd deze zogezegde waardevermindering aldus reeds gecompenseerd in de destijds betaalde aankooprijs.

 

Het rooilijnplan wijzigt geen bestemmingen en neemt geen bouwrechten af. De actuele stedenbouwkundige bouwmogelijkheden (inclusief de voorwaarde bij vergunning 2002/B/059 dat de woning aan Claesstraat gebouwd kon worden, mits er afstand werd gedaan van de bouwzone aan Wipstraat) blijven behouden.

Het bezwaar wordt daarom ongegrond geacht.

 

6) In strijd met de zorgvuldige besluitvorming en evenredigheid

         - Onvoldoende rekening gehouden met de bestaande toestand en de concrete impact op                               de individuele eigenaars.

Weerlegging:

Het rooilijnplan bestendigt net de actuele feitelijke situatie van de weginrichting (behoudens deel van de haag) en zet deze om naar een correcte juridische eigendomsstructuur.

De voorziene aanpassingen betreffende de beveiliging van de brug en waterloop worden uitgevoerd in algemeen belang. Het bezwaar wordt daarom ongegrond geacht.

 

7) Verregaande beperking van het eigendomsrecht, beschermd door de hogere regelgeving, zonder een afdoende en proportionele verantwoording.

Weerlegging:

De afstand van de wegbedding Claesstraat werd in verschillende officiële documenten opgenomen:

          - Aankoopakte perceel: opname van kosteloze grondafstand op eerste verzoek van de gemeente

          - BPA nr 45 Maria-ter-Heide 4: de wegbedding van Claesstraat is ingekleurd als openbaar domein                  met bestemming woonerf. De openbare bestemming wordt afgebakend met rooilijnen op het                        grafisch plan.

Op het voorliggend rooilijnplan wordt de rooilijn van het BPA nr 45 Maria-ter-Heide 4 aan de zijde van de woningen Claesstraat 100-106 afgeschaft. De nieuwe rooilijn wordt voorgesteld met een beperktere breedte, zoals vermeld in de weerlegging van nr 5. Er is bijgevolg een beperking van de over te dragen grondoppervlakte. Het bezwaar wordt daarom ongegrond geacht.

 

8) Verzoek om het rooilijnplan niet goed te keuren of minstens te herzien ifv aanzienlijke beperking of opheffing van de grondafname.

Weerlegging:

Door de indiening van de verzoekschriften tot erkenning van de Claesstraat (vanaf Bevrijdingslei tot aan het domein ‘de Inslag’ – met inbegrip van het brugje over de Heislagbeek) als gemeenteweg op grond van 30-jarig openbaar gebruik, is de gemeente overeenkomstig art. 13 van het decreet houdende de gemeentewegen van 3 mei 2019 verplicht om een procedure op te starten tot goedkeuring van een rooilijnplan.

Op het voorliggend rooilijnplan wordt de rooilijn van het BPA nr 45 Maria-ter-Heide 4 aan de zijde van de woningen Claesstraat 100-106 afgeschaft. De nieuwe rooilijn wordt voorgesteld met een beperktere breedte, zoals vermeld in de weerlegging van nr 5 en nr 7. Er is bijgevolg reeds een beperking van de over te dragen grondoppervlakte. Er wordt niet ingegaan op het verzoek.

 

Rooilijnen Claesstraat:

Op het BPA nr 45 Maria-ter-Heide 4, goedgekeurd op 2 februari 1989, wordt de zone ter hoogte van de doorgang ingekleurd als openbaar domein met regime woonerf in Claesstraat. Ter hoogte van Bevrijdingslei zijn er twee knikken opgetekend, waarbij het openbaar domein Claesstraat vanaf Bevrijdingslei richting Heislagbeek smaller wordt. Op het bijgevoegde rooilijnplan werd de rooilijn van het BPA nr 45 Maria-ter-Heide 4 opgetekend met een breedte van 13,50m (de voorlopige vaststelling vermeldde verkeerdelijk 13 m) in het vak Claesstraat 100- Bevrijdingslei en met een breedte van 10m in het vak Bevrijdingslei – Heislagbeek. Het openbaar domein van Claesstraat vak nr 100-Heislagbeek werd echter niet overgedragen naar de gemeente. Naar aanleiding van de ingediende verzoekschriften heeft de gemeenteraad op 27 september 2021 het publieke erfdienstbaarheid van doorgang bevestigd en het college van burgemeester en schepen belast met de opmaak van een rooilijnplan. De rooilijnen van het BPA nr 45 Maria-ter-Heide 4 worden nu afgetoetst aan dit recht van doorgang.  

 

Vastlegging rooilijn zijde Bevrijdingslei:

De bestaande rooilijn, zoals vermeld op het BPA nr 45 Maria-ter-Heide 4, wordt aan de zijde van Bevrijdingslei behouden.

De bestaande rooilijn van Claesstraat valt hier samen met de bestaande eigendomsstructuur van Bevrijdingslei 66 en 77 en Claesstraat 100-106. Door het behoud van de rooilijn wordt vermeden dat er een repel grond van de eigenaars van Claesstraat 100-106 aan de zijde van Bevrijdingslei behouden blijft.

 

Naast Bevrijdingslei 66 ligt er nog een strook grond met een breedte van 3,50m in eigendom van de gemeente. Tegen het kruispunt met Bevrijdingslei verbreedt deze strook grond in functie van een hoekafschuining tot een breedte van 6,94m. Deze strook wordt vermeld als lot 5 op het rooilijnplan van 3 oktober 2025. Dit gemeentelijk perceel wordt eveneens overgedragen naar het openbaar domein.

 

Door de rooilijn op de perceelsgrenzen van Bevrijdingslei 66 en 77 te voorzien, zien we een knik in de rooilijn ter hoogte van het kruispunt met Bevrijdingslei. Dit komt overeen met de voorziene verspringing van de zone openbaar domein met regime woonerf, vermeld op het BPA nr 45 Maria-ter-Heide 4.

 

Vastlegging rooilijn zijde Claesstraat 100-106:

De rooilijn van het BPA nr 45 Maria-ter-Heide 4 werd goedgekeurd door het ministerieel besluit van 2 februari 1989.

Echter is de opmaak van het rooilijnplan een gevolg van het gemeenteraadsbesluit van 27 september 2021, waarbij op basis van het beschreven bewijsmateriaal een publieke erfdienstbaarheid van doorgang wordt gevestigd, overeenkomstig art. 13§2 van het decreet houdende de gemeentewegen van 3 mei 2019.

 

In het straatbeeld van Claesstraat zien we rond de perceelsgrens van Wipstraat 133 en Claesstraat 104 een ondoordringbare beukenhaag, die dwars op het wegprofiel staat. De haag maakt vervolgens een knik en volgt nadien de afsluiting van de achtertuin van Wipstraat 133.  Tussen de wegverharding en de haag bevinden zich een aantal buxusbollen.

Ter hoogte van de dwarse haag en de buxusbollen zit een boordsteen, die de afboording weergeeft van de wegbaan. Vanaf deze boordsteen is de weg toegankelijk voor het publiek.

Ter hoogte van Claesstraat 100 zien we eveneens een aantal groenstructuren, die achter de lijn van de vermelde boordsteen ligt.

Ter hoogte van Claesstraat 104 en 106 wordt de dolomietverharding breder en sluit deze aan op de bestaande verhardingen op privaat terrein, een poort en groenscherm. Echter bevindt zich in deze bijkomende zone van dolomietverharding een brievenbus en aanplant van drie bomen. Er is een merkbaar verschil tussen de zone van doorgang, die meer gecomprimeerd is door een veelvuldig gebruik en de bijkomende zone, waarbij de dolomietverharding losser ligt.

Er wordt eveneens gestreefd naar een rechte lijn, waarbij de doorgang van de gebruikers van de weg primeert.

 

Er wordt dan ook voorgesteld om de bestaande rooilijn te behouden op de perceelgrenzen van Bevrijdingslei 66 en 77 met Claesstraat.  De rooilijn aan de zijde van Claesstraat nr 100-106 wordt afgeschaft en een nieuwe rooilijn wordt gevestigd juist naast de zichtbare boordsteen ter hoogte van de achtertuin van Wipstraat 133, waarbij de volledige breedte van de boordsteen eveneens behoort tot de publieke erfdienstbaarheid van doorgang. Deze lijn wordt doorgetrokken tot Claesstraat 100 en tot Claesstraat 106. Hierbij wordt een breedte van de publieke erfdienstbaarheid van doorgang van 6,40m gevestigd in het vak Bevrijdingslei - Heislagbeek.

In het vak Bevrijdingslei – Claesstraat 100 wordt de breedte van de publieke erfdienstbaarheid van doorgang 9,90m. Hier wordt het gemeentelijke perceel, afgebeeld als lot 5 eveneens toegevoegd tot de publieke erfdienstbaarheid van doorgang, zoals voorzien op het BPA nr 45 Maria-ter-Heide 4.

 

Ter hoogte van de waterloop, categorie 2 Heislagbeek bevindt zich een bruggetje, dat enkel toegankelijk is voor de actieve weggebruiker. Het bruggetje vormt de verbinding tussen Claesstraat en het achterliggende, openbaar toegankelijk groendomein De Inslag. Deze verbinding was jarenlang discussie tot en met de vaststelling van de publieke erfdienstbaarheid van doorgang door de gemeenteraad op 27 september 2021, gevolgd door arrest van de Raad van State, een uitspraak van de vrederechter en  een vonnis van de rechtbank van eerste aanleg. Het bruggetje wordt mee opgenomen in het openbaar domein. De nieuwe rooilijn wordt doorgetrokken over deze verbinding en wordt voorzien aan weerszijden van de brug met een breedte van 1.98m.

 

Rooilijnplan:

Op 3 oktober 2025 werd volgens bovenstaande principes het rooilijnplan 22003-004 opgesteld door landmeter De Cleer, waarbij de rooilijnen een breedte van 6.40m openbaar domein voorzien in het vak Bevrijdingslei – Heislagbeek en een breedte van 9,90m openbaar domein in het vak Bevrijdingslei – Claesstraat 100.

 

De wegbreedte van 6,40m en 9,90m staat ten dienste van het algemeen belang en komt tegemoet aan de twee verzoekschriften, aangevuld met 32 getuigenverklaringen.

 

Claesstraat vak nr 100 – Heislagbeek is een trage weg met enkel gemotoriseerd bestemmingsverkeer.

De toevoeging van de wegenis tot het openbaar domein verzekert zowel de aangelanden als de gebruikers van de weg dat deze weg gevrijwaard wordt en onderhouden wordt door de gemeente. Het bruggetje voorziet de blijvende toegang tot het achterliggende publiek toegankelijk groendomein De Inslag. Deze toegang draagt bij tot de levenskwaliteit van de bewoners van de groene gemeente Brasschaat.

 

Om de veiligheid van zowel het gemotoriseerd bestemmingsverkeer als de actieve weggebruiker te verhogen, wordt voorgesteld om een afsluiting te voorzien op openbaar domein, indien mogelijk in levende materialen op het toekomstig openbaar domein van Claesstraat naast en evenwijdig met Heislagbeek. Zo is er een visuele en tastbare afscherming van deze waterloop.

Eveneens wordt er voorgesteld om leuningen aan weerszijden van de brug te bevestigen.

 

Kosteloze grondafstand:

Op 7 oktober 2025 werd het schattingsverslag 25046 opgemaakt door landmeter De Cleer.

In het schattingsverslag wordt verwezen naar de aankoopaktes van de verschillende eigenaars van de wegbedding.

In elke aankoopakte van loten 1 en 2 wordt vermeld:

De grond vallende in de wegenis zal op eerste aanvraag kosteloos aan de gemeente afgestaan worden.

In elke aankoopakte van loten 3 en 4 wordt vermeld:

[…] de lijninrichting en waterpas moeten volgen, die hun door de bevoegde overheden willen worden aangeduid, zonder voor verlies van grond of oudernis enige schadevergoeding van de mede- deelgenoten te kunnen eischen. […]

 

Er werden voor het indienen van de verzoekschriften reeds meerdere gesprekken met de eigenaars gevoerd met hierin de vraag van de gemeente om de grond in de wegbedding af te staan.

 

Er wordt hierdoor voor de overdracht van de grond in de wegbedding Claesstraat, zoals vermeld op het rooilijnplan van 3 oktober 2025 opgesteld door landmeter De Cleer, geen vergoeding voorzien.

 

Juridisch kader

Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikels 40 en 41, betreffende de

bevoegdheden van de gemeenteraad.

De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en

latere wijzigingen.

Het Bestuursdecreet van 7 december 2018.

Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikels 326 tot en met

341betreffende het bestuurlijk toezicht.

Artikel 3 van het Decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen, betreffende de doelstelling

van het decreet.

Artikel 4 van het Decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen, betreffende de 5 principes

van het referentiekader.

Artikel 8 van het Decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen, betreffende bevoegdheid

van de gemeenteraad over de gemeentewegen.

 

Adviezen

Er werd advies gevraagd aan de deputatie van de provincie Antwerpen, departement Mobiliteit en Openbare Werken en aan De Lijn.

Op 13 januari 2026 ontving de gemeente een mail met het advies van de deputatie van de provincie

Antwerpen (zie bijlage). De deputatie heeft volgende opmerkingen bij het rooilijnplan Claesstraat.

Er dient rekening gehouden te worden met de wettelijke 5m-zone, aangezien de waterloop

Heislagsebeek (S.07.31), een geklasseerde waterloop van 2°categorie is, in beheer bij

provincie Antwerpen. Een haag of afsluiting kan mits voldaan aan de beschreven afstandsregels en afmetingen.

Leuningen aan weerszijden van de brug kunnen worden toegestaan, onder de beschreven voorwaarden

De gemeente ontving geen advies van het departement Mobiliteit en Openbare Werken en De Lijn.

 

Het college van burgemeester en schepenen heeft in zitting van 2 februari 2026 kennis genomen

van het dossier.

 

Financiële gevolgen

Er zijn geen onmiddellijke financiële gevolgen.

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.- De gemeenteraad neemt kennis van de adviezen, standpunten, opmerkingen en bezwaren die zijn ingediend tijdens het openbaar onderzoek alsook van de weerlegging van deze bezwaren.

 

Art.2.-  De gemeenteraad keurt voorliggende beslissing over de aanleg, wijziging, verplaatsing of

opheffing van een gemeenteweg en de bijhorende rooilijnen, vermeld op het rooilijnplan 22003-004 van Claesstraat vak Claesstraat 100 tem het brugje over de waterloop Heislagsebeek, opgesteld door landmeter De Cleer op 3 oktober 2025, goed.

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten

 

 

18 De Beelenlei 5. Goedkeuring ontwerpakte grondruil distributiecabine. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

In zitting van 26 januari 2026 heeft de gemeenteraad principiële goedkeuring gehecht aan de kosteloze grondruil van twee percelen ter hoogte van de De Beelenlei 5 te Brasschaat tussen de gemeente en Fluvius in functie van oprichting van een nieuwe distributiecabine. Het betreft een bestaand perceel met kadastraal nummer 11008_B_0186_F_000_00 met een oppervlakte van ca 35m² in eigendom van Fluvius en een nieuw te creëren perceel als een deel van huidig perceel met nummer 11008_B_0186_R_000_00 met een oppervlakte van ca 26m² in eigendom van de gemeente Brasschaat.

 

De ontwerpakte werd opgemaakt door notariaat De Decker, Donksesteenweg 33 te Brasschaat. Aan de gemeenteraad wordt gevraagd goedkeuring te hechten aan de ontwerpakte.

 

Juridisch kader

De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.

Het bestuursdecreet van 7 december 2018.

Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen, meer bepaald artikel 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad en artikels 330 tot en met 334 betreffende het bestuurlijk toezicht.

Artikel 279 betreffende de ondertekening van de reglementen, verordeningen, beslissingen en akten van de gemeenteraad, en alle andere stukken of briefwisseling die specifiek betrekking hebben op de gemeenteraad.

Artikel 281 betreffende de overdracht van bevoegdheid tot ondertekening van de voorzitter aan een of meer leden van de gemeenteraad.

 

Adviezen

In zitting van 2 februari 2026 heeft het college principiële goedkeuring gehecht aan de ontwerpakte.

 

Financiële gevolgen

Er zijn geen financiële gevolgen voor de gemeente. De grondruil gebeurt kosteloos. Alle kosten met betrekking tot de grondruil, zijn ten laste van Fluvius.

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.- De gemeenteraad hecht goedkeuring aan de ontwerpakte betreffende de kosteloze grondruil van twee percelen ter hoogte van de De Beelenlei 5 te Brasschaat tussen de gemeente en Fluvius in functie van oprichting van een nieuwe distributiecabine. Het betreft een bestaand perceel met kadastraal nummer 11008_B_0186_F_000_00 met een oppervlakte van ca 35m² in eigendom van Fluvius en een nieuw te creëren perceel als een deel van huidig perceel met nummer 11008_B_0186_R_000_00 met een oppervlakte van ca 26m² in eigendom van de gemeente Brasschaat, opgemaakt door notariaat De Decker, met tekst als volgt:

 

"Dossier: 129/26ADG RUILING

ADG/AL2260129/129/26ADG Rep.: 2026/

VRIJ VAN REGISTRATIERECHTEN EN RECHTEN OP GESCHRIFTEN

Artikel 2.9.6.0.3, 1° Vlaamse Codex Fiscaliteit (Artikel 161, 2 Wetboek Registratierechten)

Artikel 21 Wetboek Diverse Rechten en Taksen

xx/xx/2026

Repertorium:

2026/

Te Brasschaat,

Op # tweeduizend zesentwintig,

zijn voor Pieter-Jan DE DECKER/Leen VAN OEVELEN, notaris te Brasschaat (handelend voor rekening van de BV “Notariaat DE DECKER en VAN OEVELEN” te Brasschaat, Donksesteenweg 33, BTW BE 1009.472.169, RPR Antwerpen, afdeling Antwerpen),

VERSCHENEN:

ENERZIJDS

1) De "GEMEENTE BRASSCHAAT", publiekrechtelijke instelling, met zetel te 2930 Brasschaat, Verhoevenlei 11, en met ondernemingsnummer 0206677801, alhier vertegenwoordigd door en voor hetwelk hier optreden en aanvaarden:

a) De burgemeester: Mevrouw VAN GERVEN Adinda [I.K. 592-8096625-19][R.R. 64.01.11-302.40], geboren te Leuven op 11 januari 1964 wonende te 2930 Brasschaat, Leeuweriklaan 2;

b) De algemeen directeur: de heer SCHEVERNELS Ward [I.K. 595-1272048-08] [R.R. 79.02.01-123.65], geboren te Merksem op 1 februari 1979, wonende te 2940 Stabroek, Mispelaarlaan 12,

Handelend in uitvoering van een besluit van de gemeenteraad van 23 februari 2026, zoals blijkt uit de notulen van de gemeenteraad, waarvan het afschrift bij deze akte wordt gevoegd, zonder aanhechting.

De provinciale overheid werd, blijkens verklaring van de gemeente, op de hoogte gebracht van gemelde beslissing van de gemeenteraad.

De gemeente, vertegenwoordigd als gezegd, verklaart dat de overheid haar geen schorsing noch vernietiging heeft laten kennen binnen de door de wet bepaalde termijnen en dat dus tot de overdracht kan worden overgegaan.

Partij enerzijds, hierna genoemd "partij A",

Welke verschijner, tegenwoordig of vertegenwoordigd als gezegd, bij deze verklaart TE RUILEN - te weten de comparant sub A staat haar eigendomsrechten af op het hierna be-schreven eigendom sub 1 onder de waarborg als naar recht en voor vrij en onbezwaard van alle schulden, bezwarende in- of overschrijvingen, voorrechten en rechten van hypotheek hoegenaamd,

Aan en in voordeel van:

2) De Opdrachthoudende vereniging “Fluvius Antwerpen”, onderworpen aan het Vlaams decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en met zetel te 2100 Antwerpen, Merksemsesteenweg 233.

Ingeschreven in het rechtspersonenregister (RPR) met nummer 0212.704.370, BTW BE 0212.704.370 en gevestigd in het rechtsgebied van de ondernemingsrechtbank te Antwerpen, afdeling Antwerpen.

Opgericht als samenwerkende vennootschap onder de naam “Intercommunale voor Energie”, in het kort “Iveg”, bij akte verleden voor de heer Victor DE BRUYNE, burgemeester van Antwerpen-Hoboken, op 24 november 1972, na machtiging bij Koninklijk

 

 

Besluit van 19 oktober 1972. De statuten werden goedgekeurd bij Koninklijk Besluit van 19 oktober 1972 en – samen met de oprichtingsakte – bekendgemaakt in de Bijlagen bij het Belgisch Staatsblad van 7 december daarna, onder nummer 3245-06.

Omgevormd in een opdrachthoudende vereniging bij beslissing van de algemene vergadering in buitengewone zitting van 21 mei 2003, krachtens proces-verbaal opgesteld door notaris Ines VAN OPSTAL, bij uittreksel bekendgemaakt in de Bijlagen bij het Belgisch Staatsblad van 8 december daarna, onder nummer 03129589.

Fusie door overneming van de opdrachthoudende verenigingen IMEA en INTEGAN door Iveg en waarvan de naam gewijzigd wordt in Fluvius Antwerpen door de algemene vergadering in buitengewone zitting van 28 juni 2018 met inwerkingtreding per 1 april 2019 krachtens proces-verbaal opgesteld door notaris Xavier DESMET, gevolgd door een proces-verbaal opgesteld door dezelfde notaris houdende vaststelling van de gedeeltelijke vervulling van de opschortende voorwaarden de dato 29 juni 2018, samen bij uittreksel bekengemaakt in de Bijlagen bij het Belgisch Staatsblad van 6 september 2018, onder nummer 18135349 en door een proces-verbaal houdende vaststelling van de vervulling van alle opschortende voorwaarden opgesteld door notaris Xavier DESMET op 6 juni 2019, bij uittreksel bekendgemaakt in de Bijlagen bij het Belgisch Staatsblad van 21 juni 2019, onder nummer 19082834 en door een proces-verbaal houdende vaststelling van de definitieve ruilverhouding opgesteld door notaris Xavier DESMET op 30 december 2019, bij uittreksel bekendgemaakt in de Bijlagen bij het Belgisch Staatsblad van 27 januari 2020 onder nummer 20015665.

Partiële splitsing door overneming van:

- de activiteiten van de gemeente Grobbendonk van de opdrachthoudende vereniging Iveka naar de Opdrachthoudende vereniging Fluvius Antwerpen,

- de activiteiten van de gemeente Zelzate van de Opdrachthoudende vereniging Fluvius Antwerpen naar de opdrachthoudende vereniging Imewo (waarvan de naam per 1 januari 2025 gewijzigd werd in Fluvius Imewo), - de activiteiten van de gemeente Laakdal van de Opdrachthoudende vereniging Fluvius Antwerpen naar de opdrachthoudende vereniging Fluvius Limburg,

- de activiteiten van de gemeenten Kampenhout en Steenokkerzeel van de Opdrachthoudende vereniging Fluvius Antwerpen naar de opdrachthoudende vereniging Iverlek (waarvan de naam per 1 januari 2025 gewijzigd werd in Fluvius Zenne-Dijle),

- de activiteiten van de gemeente Merksplas en een deel van de activiteiten van de gemeente Essen van de Opdrachthoudende vereniging Fluvius Antwerpen naar de opdrachthoudende vereniging Iveka (waarvan de naam per 1 januari 2025 gewijzigd werd in Fluvius Kempen),

met inwerkingtreding per 1 januari 2025, door de buitengewone algemene vergadering van 14 december 2022, krachtens proces-verbaal opgesteld door notaris Xavier DESMET op 21 december 2022, bij uittreksel bekendgemaakt in de Bijlage tot het Belgisch Staatsblad de dato 8 februari 2023, onder nummer 23019506 en waarvan de definitieve ruilverhoudingen werden vastgesteld krachtens akte verleden voor ondergetekende notaris Xavier DESMET op 18 juli 2025, bij uittreksel bekendgemaakt in de Bijlage tot het Belgisch Staatsblad de dato 7 augustus 2025, onder nummer 25101001.

De statuten werden meermaals gewijzigd en voor het laatst bij beslissing van de buitengewone algemene vergadering op 14 december 2022, waarvan op datum van 21 december 2022 proces-verbaal werd opgemaakt door notaris Xavier DESMET, bij uittreksel bekendgemaakt in de Bijlagen bij het Belgisch Staatsblad van 8 februari 2023, onder nummer 23019506. Goedkeuring bij Ministerieel Besluit van 22 maart 2023.

Vertegenwoordigd door: de coöperatieve vennootschap “Fluvius System Operator”, met zetel te 9090 Melle, Brusselsesteenweg 199. Ingeschreven in het rechtspersonenregister onder nummer 0477.445.084, BTW BE 0477.445.084 en gevestigd in het rechtsgebied van de ondernemingsrechtbank te Gent, afdeling Gent.

Ingevolge authentieke volmachtverlening onroerende verrichtingen Fluvius Antwerpen, verleden voor notaris Xavier DESMET, op 21 mei 2021, bekendgemaakt in de Bijlagen van het Belgisch Staatsblad van 18 juni daarna, onder nummer 21073068. Deze volmacht dient krachtens artikel 12, derde lid, Notariswet niet aan de akte te worden gehecht, maar zal wel samen met deze akte worden aangeboden ter overschrijving.

Op haar beurt vertegenwoordigd door:

de heer/mevrouw XX, Ingevolge authentieke volmachtverlening (subdelegatie onroerende verrichtingen opdrachthoudende verenigingen) hem/haar toegekend bij akte verleden voor notaris Xavier DESMET, te Antwerpen, op 17 december 2025, bij uittreksel bekendgemaakt in de Bijlagen bij het Belgisch Staatsblad van 2 januari 2026, onder nummer 26300263. Deze volmacht dient krachtens artikel 12, derde lid, Notariswet niet aan de akte te worden gehecht, maar zal wel samen met deze akte worden aangeboden ter overschrijving.

Partij anderzijds, hierna genoemd "partij B".

Die verklaart die eigendomsrechten te aanvaarden en in tegenruil te geven, het hierna beschreven eigendom sub 2.

BEKWAAMHEID VAN PARTIJEN

Alle verschijnende partijen, ook 'comparanten' genoemd, verklaren bevoegd en bekwaam te zijn tot het stellen van de bij deze akte vastgestelde rechtshandelingen en niet het voorwerp te zijn van een maatregel die een onbekwaamheid of een beschikkingsonbevoegdheid in het leven zou kunnen roepen zoals faillissement, collectieve schuldenregeling, aanstelling (voorlopige) bewindvoerder, enzovoort.

TOELICHTING VAN DE AKTE - GEHELE OF GEDEELTELIJKE VOORLEZING

De volledige akte zal door de instrumenterende notaris worden toegelicht en het staat comparanten steeds vrij aan de notaris bijkomende uitleg te vragen over om het even welke bepaling van deze akte, alvorens de akte te ondertekenen.

Comparanten erkennen een volledige voorlezing te hebben gekregen van al hetgeen voorafgaat, en verklaren dat inzonderheid hun hierboven vermelde identiteitsgegevens volledig en correct zijn.

De instrumenterende notaris deelt comparanten vervolgens mede dat de akte integraal zal worden voorgelezen indien minstens één van hen hieraan de voorkeur geeft, alsook indien minstens één van hen van oordeel is dat het ontwerp van deze akte hem of haar niet tijdig is meegedeeld voorafgaandelijk het verlijden ervan.

(Ofwel) Hierop verklaren alle comparanten dat zij van oordeel zijn dat zij het ontwerp tijdig vóór het verlijden van de akte hebben ontvangen, dat zij hiervan kennis hebben genomen en op een volledige voorlezing van de akte dan ook geen prijs te stellen. Eventuele wijzigingen die werden of nog zullen worden aangebracht aan het ontwerp van de akte zullen steeds integraal worden voorgelezen.

(Ofwel) Hierop verklaart minstens één van comparanten de voorkeur te geven aan de integrale voorlezing van de akte, aan welke verzoek dan ook gevolg wordt gegeven.

I. VOORAFGAANDELIJKE UITEENZETTING

1. De verschijner enerzijds, partij A, is eigenaar van volgend onroerend goed:

GEMEENTE BRASSCHAAT (eerste kadastrale afdeling)

Een perceel grond, gelegen aan de De Beelenlei en de Brechtsebaan, met een oppervlakte volgens meting van zesentwintig vierkante meter (26m²), volgens laatst overgeschreven titel onder grotere oppervlakte ten kadaster gekend, sectie B nummer 184 en delen van nummers 183, 185/G4/ 186, 187 en 200/A en thans ten kadaster gekend sectie B, deel van nummer 203/T/P0000, met een totale oppervlakte van duizend vierhonderd dertig vierkante meter (1.430m²),

met gereserveerde perceelsidentificatie sectie B nummer 203/Y/P0000 voor een oppervlakte van zesentwintig vierkante meter (26m²).

Zoals het goed staat afgebeeld op een – blijkens verklaring van partijen, ongewijzigd – metingsplan (in geel gemarkeerd), opgemaakt door landmeter Daniel de Kort (ORISON) te Kontich op 27 oktober 2025, plan dat is opgenomen in de databank van afbakeningsplans van de Administratie Opmetingen & Waarderingen van het kadaster met referentienummer 11008-10495, en dat, na waarmerking aan deze akte wordt gehecht en niet meer dient te worden geregistreerd.

Partijen vragen de overschrijving van dit plan zonder aanbieding ervan aan het kantoor rechtszekerheid met toepassing van artikel 3.30, § 3 Burgerlijk Wetboek.

(niet geïndexeerd kadastraal inkomen: € 8,00)

Oorsprong van eigendom

Voormeld onroerend goed hoort toe aan partij A, de gemeente Brasschaat, om het (onder grotere oppervlakte) te hebben verkregen van de Nationale Maatschappij, blijkens akte verleden voor notaris Joseph Roevens te Brasschaat op 23 oktober 1954, overgeschreven op het tweede hypotheekkantoor op 22 november daarna, deel 2701 nummer 3.

2. De verschijner anderzijds, partij B, is eigenaar van volgend onroerend goed:

GEMEENTE BRASSCHAAT (eerste kadastrale afdeling)

Een perceel grond, gelegen De Beelenlei 7+, volgens laatst overgeschreven titel (De Beelendreef) ten kadaster gekend sectie B, deel van nummer 186E met een oppervlakte volgens meting destijds van vierendertig vierkante meter en zenenvijftig vierkante decimeter, thans ten kadaster gekend sectie B, nummer 186/F/P0000 voor een oppervlakte van vierendertig vierkante meter (34m²).

(niet geïndexeerd kadastraal inkomen: € 99,00)

Oorsprong van eigendom

Partij B is er eigenaar van als volgt:

De naamloze vennootschap “VERENIGDE ENERGIEBEDRIJVEN VAN HET SCHELDELAND” in het kort EBES, kocht voormeld onroerend goed aan van de gemeente Brasschaat, blijkens akte verleden voor notaris Gerard Van Heurck te Antwerpen op 10 augustus 1978, overgeschreven op het tweede hypotheekkantoor te Antwerpen op 5 september daarna, deel 7635, nummer 8.

Ingevolge verschillende overnames/fusies en inbrengen (zie hoger), hoort voormeld onroerend goed sub 2. Thans toe aan FLUVIUS Antwerpen.

3. Comparanten wensen over te gaan tot onderlinge ruiling van het #eigendomsrecht op voormeld eigendom sub 1 tegen het hierna beschreven #eigendomsrecht op voormeld eigendom sub 2, zonder opleg.

II. RUILINGSOVEREENKOMST

De verschijner enerzijds, partij A, staat af ten titel van ruiling, onder de gewone waarborg als naar recht en voor vrij en onbezwaard van alle schulden, inschrijvingen, voorrechten en rechten van hypotheek hoegenaamd aan de verschijner anderzijds, partij B, alhier vertegenwoordigd als gezegd en aannemend: het eigendomsrecht op voormeld eigendom sub 1.

In tegenruil verleent de verschijner anderzijds, partij B, onder de gewone waarborg als naar recht en voor vrij en onbezwaard van alle schulden, inschrijvingen, voorrechten en rechten van hypotheek hoegenaamd aan de verschijner enerzijds, partij A, alhier vertegenwoordigd en verklarende te aanvaarden: het eigendomsrecht op voormeld eigendom sub 2.

RUILVOORWAARDEN

1. Algemene bepalingen met betrekking tot het voorwerp van hetgeen wordt afgestaan door comparant, partij A:

1. Voormeld eigendom sub 1 wordt afgestaan in de staat waarin het zich bevindt op dit ogenblik, zonder dat de verkrijger enig verhaal zal kunnen uitoefenen tegen de overdrager wegens toestand van eventuele gebouwen of beplantingen die zich op het verkregen goed zouden bevinden, noch wegens de toestand of de aard van de grond of ondergrond, onjuistheid van oppervlakte, hoe groot het verschil ook is, zelfs overtrof dit verschil één/twintigste, hetzij om welke reden ook.

Voormeld eigendom sub 1 wordt overgedragen rekening houdende met alle zichtbare en niet-zichtbare gebreken, alsmede met alle erfdienstbaarheden en gemeenschappen, waarmede het voormeld eigendom sub 1 zou kunnen bevoordeeld of benadeeld zijn, vrij aan de verkrijger de ene uit te oefenen en zich tegen de andere te verzetten, doch alles op eigen kosten, last en risico en zonder tussenkomst, noch aansprakelijkheid van de overdrager, die dus niet tot enige vrijwaring zal gehouden zijn jegens de verkrijger tenzij voor zijn verklaringen, in deze akte opgenomen.

De overdrager verklaart zelf geen erfdienstbaarheden te hebben gevestigd of toegestaan ten laste van het hoger beschreven eigendom, en zelf geen kennis te dragen van voordien reeds bestaande erfdienstbaarheden andere dan deze desgevallend vermeld in voormelde eigendomstitel en die in dat geval hierna letterlijk worden overgenomen.

In voormelde eigendomstitel worden geen erfdienstbaarheden vermeld.

De verkrijger wordt dienaangaande geplaatst in alle rechten en verplichtingen van de overdrager zonder dat de loutere aanhaling in onderhavige akte van bovenstaande bepalingen aan wie ook meer rechten kan verschaffen dan deze reeds voor heden bezat.

2. Indien voormeld eigendom sub 1 in de toekomst mocht getroffen worden door besluiten inzake onteigening, rooilijn, ruimtelijke ordening of stedenbouw of door enig ander overheidsbesluit, zal de verkrijger deze moeten naleven zonder verhaal tegen de overdrager.

De overdrager verklaart dat er hem geen voorontwerp of ontwerp van lijst van de voor bescherming vatbare monumenten, landschappen en stads- of dorpsgezichten werd betekend, noch een Besluit houdende definitieve bescherming of klassering, en dat hij evenmin kennis heeft van enig voornemen daartoe vanwege de overheid.

De overdrager verklaart dat er hem tot op heden voor het voorschreven eigendom sub 1 geen enkel onteigeningsbesluit werd betekend, noch in het vooruitzicht gesteld.

De overdrager verklaart voor alle door hem zelf op de grond opgerichte constructies de nodige bouw- of stedenbouwkundige vergunningen te hebben verkregen en verklaart dat zelfde eigendom, voor zover hem bekend, op heden het voorwerp niet uitmaakt van een bouwmisdrijf.

De overdrager verklaart dat het eigendom niet werd opgenomen op een inventaris van leegstaande, verkrotte of verwaarloosde (bedrijfs-)gebouwen of woningen en dat hem geen voornemen daartoe vanwege de overheid bekend is.

3. De verwerver treedt in de volle eigendom van voormeld eigendom te rekenen vanaf heden.

Betreffende de ingenottreding zijn partijen het volgende overeengekomen:

“ #.”

4. De onroerende voorheffing en alle taksen met betrekking tot de overdragen goederen zullen door de verkrijger moeten gedragen en betaald worden vanaf heden. Dit geldt ook voor alle eventueel nog verschuldigde verhaalbelastingen.

Specifieke stedenbouwkundige informatie:

Uit de schriftelijke informatie de dato 10 januari 2026, uitgaande van de gemeente Brasschaat, blijkt met betrekking tot voorschreven eigendom sub 1. onder meer het volgende:

“Overheidsplannen

Het lokaal bestuur voegt hier inlichtingen toe voor zover gekend in hun gemeentelijk plannenregister. Wanneer een inlichting geen impact heeft op het vastgoed tonen we bij de inlichting 'Niet van toepassing'. Andere inlichtingen kunnen in sommige gevallen verouderd zijn. Zo kan bv. een gewestplan 'van toepassing' zijn maar vervangen de voorschriften van een ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) deze van het gewestplan.

Informatie over gewestelijke rooilijnplannen is nog niet digitaal te verkrijgen. Voor een perceel gelegen langs een gewest- of autosnelweg kan advies gevraagd worden via https://wegenenverkeer.be/adviezen-vergunningen.

Gewestplan

Referentie: GWP_02000_222_00014_00001

Beschrijving: origineel gewestplan Antwerpen

Bestemmingen: • gebieden voor dagrecreatie

• woongebieden

Planfase:

Status: Besluit tot goedkeuring

Datum: 03/10/1979

Bijzonder Plan van Aanleg

Referentie: BPA_11008_224_00372_00003

Beschrijving: BPA nr 37 Maria Ter Heide 2

Bestemmingen: plaats bestemd voor sport en spel

Planfase:

Status: Besluit tot goedkeuring

Datum: 18/06/1982

Gemeentelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan

Referentie: RUP_11008_214_00022_00001

Beschrijving: RUP Kernversterking wonen en detailhandel

Bestemmingen: Te versterken woonkern

Planfase:

Status: Plenaire vergadering

Datum: 03/07/2025

Soort weg waarlangs het perceel gelegen is

Wegklasse: Weg bestaande uit een rijbaan

Wegcategorie: Lokale erftoegangsweg

Straatnaam:

Toegankelijkheid: Openbare weg

Beherende instantie: Lokaal bestuur

Vergunningen

Het lokaal bestuur voegt hier inlichtingen toe voor zover gekend in hun gemeentelijk vergunningenregister, inclusief lopende vergunningen.

Stedenbouwkundige Vergunning

Beschrijving: sociale woningen

Referentie: 11008_1976_549

Gemeentelijk dossiernummer: 1976/B/387(26)

Beslissing eerste aanleg: Vergund

Datum beslissing: 31/01/1977

Vergunningverlenende overheid: Vlaams Gewest

Milieuvergunning

Mogelijks worden niet alle activiteiten vermeld die opgenomen zijn in de milieuvergunning. De aanvrager neemt best contact op met de stad of gemeente om deze informatie te verkrijgen.

Beschrijving: het bouwen van een distributiecabine

OMV-nummer: OMV_2025136536

Project type: Aanvraag omgevingsproject

Voorwaarden: - De algemene en sectorale milieuvoorwaarden van titel II van het

VLAREM dienen te worden nageleefd.

- De voorwaarden in het advies van de dienst Infrastructuur dienen

strikt te worden nageleefd.

Lopende procedure: Geen lopende procedure

Beslissingen:

Datum beslissing: 08/12/2025

Type: Voorwaardelijk vergund

Instantie: College van burgemeester en schepenen

Stedenbouwkundige handelingen:

Vergunningsplichtig: Ja

Omgevingsvergunning

Beschrijving: Tussentijdse opslagplaats voor bodem voor werken aan Klina en Ericalaan

OMV-nummer: OMV_2018067775

Project type: Melding omgevingsproject

Lopende procedure: Geen lopende procedure

Beslissingen:

Datum beslissing: 25/06/2018

Type: Aktename

Instantie: College van burgemeester en schepenen

Exploitaties van ingedeelde inrichtingen of activiteiten:

Onderwerp: 11008B0203/00T000

Inrichtingsnummer: 20180604-0042

Activiteiten:

Rubriek: 61.2.1°

Omschrijving: met een capaciteit van 1000 m3 tot en met 10.000 m3

Risicoklasse: Klasse 3

…“

Overstromingsgebied

Uit nazicht op onder meer www.waterinfo.be/informatieplicht blijkt met betrekking tot voorschreven eigendom sub 1. dat:

- de Perceelscore of P-score van het kadastraal perceel is: A;

- de Gebouwenscore of G-score van het gebouw is: ONBEKEND;

- dit NIET gelegen is in een afgebakend overstromingsgebied of een afgebakende oeverzone;

- dit NIET gelegen is in een signaalgebied.

- dit NIET gelegen is een risicozone voor overstroming; W:\3_Publiek\10_Locatiegebonden\de_Beelenlei\ZN_DC\20260128_Ontwerpakte.doc Laatst uitgeprint op: 28/01/2026 11:29:00

8

 

De overdrager verklaart dat er geen recent (minder dan één jaar oud) overstromingsattest werd opgemaakt. Dit is een attest opgemaakt door een bevoegde deskundige om de P-score en G-score te actualiseren op basis van de gebouwkenmerken, de bouwwijze of de genomen maatregelen voor de bescherming tegen overstromingen.

Informatief wordt aan partijen in verband hiermee gemeld:

- de P-score geeft de mate van overstromingsgevoeligheid van een perceel grond weer;

- de G-score geeft, indien van toepassing, de mate van overstromingsgevoeligheid van een gebouw (groter dan 25 m2) weer.

De P-score en de G-score bestaan uit vier klassen (A, B, C en D), die het volgende betekenen:

1° klasse A: geen overstroming gemodelleerd;

2° klasse B: kleine kans op overstromingen onder de klimaatverandering 2050;

3° klasse C: kleine kans op overstromingen onder het huidige klimaat;

4° klasse D: middelgrote kans op overstromingen onder het huidige klimaat.

De P-score kan nooit lager zijn dan de G-score.

Verklaringen overeenkomstig het Vlaams Bodemdecreet:

De overdrager doet opmerken dat de ruiling, zoals vastgesteld bij onderhavige akte, moet worden aanzien als "een overeenkomst betreffende de overdracht van gronden" als bedoeld in het Vlaams Bodemdecreet.

Ondergetekende minuuthoudende notaris maakt alhier dan ook uitdrukkelijk melding van de verklaring van de overdrager dat hij, door bemiddeling van ondergetekende notaris, het bodemattest heeft aangevraagd betreffende voorschreven eigendom sub 1, welk attest werd afgeleverd door OVAM op 8 januari 2026 en waarvan de inhoud luidt als volgt:

"2. INHOUD VAN HET BODEMATTEST:

Deze grond is niet opgenomen in het grondeninformatieregister.

2.0 EXTRA INFORMATIE:

Meer informatie over de aanpak van PFAS-verontreiniging en de stand van het onderzoek, en de bijhorende no regret-maatregelen vindt u op https://www.vlaanderen.be/pfas-vervuiling.

2.1 INFORMATIE UIT DE GEMEENTELIJKE INVENTARIS

De OVAM heeft geen aanwijzingen dat deze grond een risicogrond is.

2.2 UITSPRAAK OVER DE BODEMKWALITEIT

Er zijn geen aanwijzingen bij de OVAM dat op deze grond een bodemverontreiniging voorkomt.

2.3 BIJKOMENDE ADVIEZEN EN/OF BEPALINGEN

Er zijn geen gebruiksadviezen of gebruiksbeperkingen van toepassing op deze grond. Voor grondverzet dient er pas vanaf een volume van 250m³ een technisch verslag opgemaakt te worden.

Dit bodemattest vervangt alle vorige bodemattesten.

Opmerkingen:

1. Voor meer informatie: ovam.vlaanderen.be/het-bodemattest.

2 Meer informatie over de gegevensstromen die door de OVAM worden gebruikt, vindt u op ovam.vlaanderen.be/disclaimer .

3 Maatregelen opgelegd of van toepassing buiten het kader van het Bodemdecreet worden

niet vermeld op het bodemattest. Hiervoor kunt u best contact opnemen met uw lokaal bestuur.

4 De OVAM staat niet in voor de juistheid van de aan haar verstrekte gegevens.

Te Mechelen, 08.01.2026” W:\3_Publiek\10_Locatiegebonden\de_Beelenlei\ZN_DC\20260128_Ontwerpakte.doc Laatst uitgeprint op: 28/01/2026 11:29:00

9

 

Comparanten bevestigen verder uitdrukkelijk dat, voor zover hen bekend, op voorschreven eigendom geen inrichting gevestigd is of was die bodemverontreiniging kan veroorzaken en daartoe werd opgenomen op de lijst waarvan sprake in zelfde Bodemdecreet.

Comparanten erkennen door ondergetekende minuuthoudende notaris gewezen te zijn op de bepalingen van voormeld Bodemdecreet, zo onder meer op de bepalingen van dit decreet betreffende de saneringsplicht van de eigenaar van de grond waar bodemverontreiniging tot stand kwam en de erin vervatte aansprakelijkheidsregeling terzake, alsook op de procedure die moet worden gevolgd alvorens kan worden overgegaan tot 'overdracht van een grond' waarop een 'lijst-inrichting' is of was gevestigd en op de gevolgen van de niet-naleving van deze procedure.

De overdrager verklaart bovendien uitdrukkelijk niet op de hoogte te zijn van om het even welke bodemverontreiniging met betrekking tot voorschreven eigendom.

Uit een brief van de gemeente Brasschaat de dato 10 januari 2026 blijkt dat voor voorschreven eigendom geen ARAB- en/of VLAREM vergunningen werden aangetroffen voor activiteiten die opgenomen zijn in de lijst van het VLAREBO(BO), en dat voor dit eigendom evenmin een VLAREM-milieuvergunning van toepassing is, met uitzondering van hetgeen hierboven vermeld:

- het bouwen van een distributiecabine,

- tussentijdse opslagplaats voor bodem voor werken aan Klina en Ericalaan.

Voor zover, voorafgaand aan deze akte, niet of niet volledig zou zijn voldaan aan de voorschriften vervat in artikel 101 van het Bodemdecreet (tijdige en schriftelijk kennisgeving van de inhoud van het bodemattest aan de overnemer) of, in voorkomend geval, aan de voorschriften van 102 tot 115 van het Bodemdecreet (procedure van toepassing bij overdracht van risico-gronden), hetgeen zou kunnen leiden tot de nietigheid van de overdracht, blijkt uit wat voorafgaat dat aan die voorschriften thans wél werd voldaan en verklaart de overnemer uitdrukkelijk te verzaken aan die nietigheidsvordering.

Ondergetekende minuuthoudende notaris bevestigt, op basis van hoger vermelde verklaringen en gegevens, dat de regeling van het Vlaams bodemdecreet betreffende de overdracht van gronden werd nageleefd.

Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening:

* Overeenkomstig artikel 5.2.1. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening worden partijen gewezen op de bepalingen van artikel 4.2.1 van deze Codex, artikel waarin de handelingen vermeld staan waarvoor een voorafgaande stedenbouwkundige vergunning vereist is. Partijen erkennen overigens een kopie van de tekst van dit artikel 4.2.1 te hebben ontvangen.

* Blijkens de voorhanden zijnde gegevens werd de gemeente Brasschaat waarin voorschreven eigendom gelegen is reeds opgenomen op de lijst waarvan sprake in artikel 7.6.4 van deze Codex. De verkrijger van hoger beschreven eigendom sub 1 bevestigt hiervan een stedenbouwkundig uittreksel te hebben ontvangen, dagtekenend van minder dan één jaar voor heden.

* Uit opzoekingen blijkt met betrekking tot het hoger beschreven eigendom:

1. dat hiervoor volgende omgevingsvergunningen voor het uitvoeren van stedenbouwkundige handelingen werden uitgereikt: zie hoger;

2. dat de meest recente stedenbouwkundige bestemming van dit eigendom de volgende is: zie hoger;

3. dat het onroerend goed niet het voorwerp uitmaakt van een rechterlijke of bestuurlijke maatregel als vermeld in titel VI, hoofdstuk III en/of IV van de zelfde Codex, en er geen procedure voor het opleggen van een dergelijke maatregel hangende is;

 

4. dat voor dit eigendom (nog) geen recht van voorkoop geldt zoals bedoeld in artikel 2.4.1. van zelfde Codex (zone die in het definitief vastgesteld Ruimtelijk Uitvoeringsplan (RUP) wordt aangeduid als een zone waarin het voorkooprecht geldt) of in de zin van artikel 34 van het decreet van 25 april 2014 betreffende complexe projecten;

5. dat voor dit eigendom geen omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden van toepassing is;

6. dat voor dit eigendom op dit ogenblik geen planbatenheffing verschuldigd is.

7. dat dit eigendom op dit ogenblik niet het voorwerp uitmaakt van een voorkeursbesluit of een projectbesluit.

Postinterventiedossier

Op vraag van de instrumenterende notaris of er voor het hoger beschreven eigendom sub 1. reeds een postinterventiedossier werd opgesteld, antwoordt de overdrager ontkennend, en bevestigt hij dat er aan dit eigendom sinds één mei tweeduizend en één (1/5/2001) geen werken werden uitgevoerd door één of meerdere aannemers waarvoor een postinterventiedossier diende te worden opgesteld.

2. Algemene bepalingen met betrekking tot het voorwerp van hetgeen wordt verleend in tegenruil door comparant partij B:

1. Voormeld eigendom sub 2 wordt afgestaan in de staat waarin het zich bevindt op dit ogenblik, zonder dat de verkrijger enig verhaal zal kunnen uitoefenen tegen de overdrager wegens toestand van eventuele gebouwen of beplantingen die zich op het verkregen goed zouden bevinden, noch wegens de toestand of de aard van de grond of ondergrond, onjuistheid van oppervlakte, hoe groot het verschil ook is, zelfs overtrof dit verschil één/twintigste, hetzij om welke reden ook.

Voormeld eigendom sub 2 wordt overgedragen rekening houdende met alle zichtbare en niet-zichtbare gebreken, alsmede met alle erfdienstbaarheden en gemeenschappen, waarmede het voormeld eigendom sub 2 zou kunnen bevoordeeld of benadeeld zijn, vrij aan de verkrijger de ene uit te oefenen en zich tegen de andere te verzetten, doch alles op eigen kosten, last en risico en zonder tussenkomst, noch aansprakelijkheid van de overdrager, die dus niet tot enige vrijwaring zal gehouden zijn jegens de verkrijger tenzij voor zijn verklaringen, in deze akte opgenomen.

De overdrager verklaart zelf geen erfdienstbaarheden te hebben gevestigd of toegestaan ten laste van het hoger beschreven eigendom, en zelf geen kennis te dragen van voordien reeds bestaande erfdienstbaarheden andere dan deze desgevallend vermeld in voormelde eigendomstitel en die in dat geval hierna letterlijk worden overgenomen.

In voormelde eigendomstitel staat letterlijk het volgende opgenomen:

“VESTIGING VAN ERFDIENSTBAARHEID.

Er wordt een erfdienstbaarheid van toegang verleend over het perceel sektie B nummer 186/e vanaf de Beelenlei op een strook grond met een breedte van respektievelijk twee meter op een lengte van drie en dertig meter acht en tachtig centimeter en van drie meter breedte op een lengte van negen meter acht en twintig.

Zoals dit gedeelte in rode kleur afgebeeld staat op het hieraan gehechte grondplan opgemaakt door landmeter Jozef Claes te Antwerpen op vijftien december negentienhonderd zeven en zeventig.”

De verkrijger wordt dienaangaande geplaatst in alle rechten en verplichtingen van de overdrager zonder dat de loutere aanhaling in onderhavige akte van bovenstaande bepalingen aan wie ook meer rechten kan verschaffen dan deze reeds voor heden bezat.

2. Indien voormeld eigendom sub 2 in de toekomst mocht getroffen worden door besluiten inzake onteigening, rooilijn, ruimtelijke ordening of stedenbouw of door enig ander overheidsbesluit, zal de verkrijger deze moeten naleven zonder verhaal tegen de overdrager.

De overdrager verklaart dat er hem geen voorontwerp of ontwerp van lijst van de voor bescherming vatbare monumenten, landschappen en stads- of dorpsgezichten werd betekend, noch een Besluit houdende definitieve bescherming of klassering, en dat hij evenmin kennis heeft van enig voornemen daartoe vanwege de overheid.

De overdrager verklaart dat er hem tot op heden voor het voorschreven eigendom sub 2 geen enkel onteigeningsbesluit werd betekend, noch in het vooruitzicht gesteld.

De overdrager verklaart voor alle door hem zelf op de grond opgerichte constructies de nodige bouw- of stedenbouwkundige vergunningen te hebben verkregen en verklaart dat zelfde eigendom, voor zover hem bekend, op heden het voorwerp niet uitmaakt van een bouwmisdrijf.

De overdrager verklaart dat het eigendom niet werd opgenomen op een inventaris van leegstaande, verkrotte of verwaarloosde (bedrijfs-)gebouwen of woningen en dat hem geen voornemen daartoe vanwege de overheid bekend is.

3. De verwerver treedt in de volle eigendom van voormeld eigendom te rekenen vanaf heden.

Betreffende de ingenottreding zijn partijen het volgende overeengekomen):

“ #.”

4. De onroerende voorheffing en alle taksen met betrekking tot de overdragen goederen zullen door de verkrijger moeten gedragen en betaald worden vanaf heden. Dit geldt ook voor alle eventueel nog verschuldigde verhaalbelastingen.

Specifieke stedenbouwkundige informatie:

Uit de schriftelijke informatie de dato 10 januari 2026, uitgaande van de gemeente Brasschaat, blijkt met betrekking tot voorschreven eigendom sub 2. onder meer het volgende:

“Overheidsplannen

Het lokaal bestuur voegt hier inlichtingen toe voor zover gekend in hun gemeentelijk plannenregister. Wanneer een inlichting geen impact heeft op het vastgoed tonen we bij de inlichting 'Niet van toepassing'. Andere inlichtingen kunnen in sommige gevallen verouderd zijn. Zo kan bv. een gewestplan 'van toepassing' zijn maar vervangen de voorschriften van een ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) deze van het gewestplan.

Informatie over gewestelijke rooilijnplannen is nog niet digitaal te verkrijgen. Voor een perceel gelegen langs een gewest- of autosnelweg kan advies gevraagd worden via https://wegenenverkeer.be/adviezen-vergunningen.

Gewestplan

Referentie: GWP_02000_222_00014_00001

Beschrijving: origineel gewestplan Antwerpen

Bestemmingen: • gebieden voor dagrecreatie

• woongebieden

Planfase:

Status: Besluit tot goedkeuring

Datum: 03/10/1979

Bijzonder Plan van Aanleg

Referentie: BPA_11008_224_00372_00003

Beschrijving: BPA nr 37 Maria Ter Heide 2

Bestemmingen: plaats bestemd voor sport en spel

Planfase:

Status: Besluit tot goedkeuring

Datum: 18/06/1982

… W:\3_Publiek\10_Locatiegebonden\de_Beelenlei\ZN_DC\20260128_Ontwerpakte.doc Laatst uitgeprint op: 28/01/2026 11:29:00

12

 

Gemeentelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan

Referentie: RUP_11008_214_00022_00001

Beschrijving: RUP Kernversterking wonen en detailhandel

Bestemmingen: Te versterken woonkern

Planfase:

Status: Plenaire vergadering

Datum: 03/07/2025

Soort weg waarlangs het perceel gelegen is

Wegklasse: Weg bestaande uit een rijbaan

Wegcategorie: Lokale erftoegangsweg

Straatnaam:

Toegankelijkheid: Openbare weg

Beherende instantie: Lokaal bestuur

Vergunningen

Het lokaal bestuur voegt hier inlichtingen toe voor zover gekend in hun gemeentelijk vergunningenregister, inclusief lopende vergunningen.

Stedenbouwkundige Vergunning

Beschrijving: distributiepost

Referentie: 11008_1978_194

Gemeentelijk dossiernummer: 1978/B/164

Beslissing eerste aanleg: Vergund

Datum beslissing: 18/05/1978

Vergunningverlenende overheid: Vlaams Gewest

Milieuvergunning

Mogelijks worden niet alle activiteiten vermeld die opgenomen zijn in de milieuvergunning. De aanvrager neemt best contact op met de stad of gemeente om deze informatie te verkrijgen.

Beschrijving: transformator 630 kVA

Dossiernummer: 19782

Referentienummer: A 209/001

Beslissing eerste aanleg:

Status: Vergund

Datum: 04/10/1978

Vergunningverlenende instantie: College van burgemeester en schepenen

Vergunning procedure: ARAB

Activiteiten:

Rubriek: 12.2.1°

Omschrijving: 100 kVA tot en met 1.000 kVA

Risicoklasse: Klasse 3

Status: Vergund

…“

Overstromingsgebied

Uit nazicht op onder meer www.waterinfo.be/informatieplicht blijkt met betrekking tot voorschreven eigendom sub 2. dat:

- de Perceelscore of P-score van het kadastraal perceel is: A;

- de Gebouwenscore of G-score van het gebouw is: ONBEKEND;

- dit NIET gelegen is in een afgebakend overstromingsgebied of een afgebakende oeverzone;

- dit NIET gelegen is in een signaalgebied.

- dit NIET gelegen is een risicozone voor overstroming;

De overdrager verklaart dat er geen recent (minder dan één jaar oud) overstromingsattest werd opgemaakt. Dit is een attest opgemaakt door een bevoegde deskundige om de P-score en G-score te actualiseren op basis van de gebouwkenmerken, de bouwwijze of de genomen maatregelen voor de bescherming tegen overstromingen.

Informatief wordt aan partijen in verband hiermee gemeld:

- de P-score geeft de mate van overstromingsgevoeligheid van een perceel grond weer;

- de G-score geeft, indien van toepassing, de mate van overstromingsgevoeligheid van een gebouw (groter dan 25 m2) weer.

De P-score en de G-score bestaan uit vier klassen (A, B, C en D), die het volgende betekenen:

1° klasse A: geen overstroming gemodelleerd;

2° klasse B: kleine kans op overstromingen onder de klimaatverandering 2050;

3° klasse C: kleine kans op overstromingen onder het huidige klimaat;

4° klasse D: middelgrote kans op overstromingen onder het huidige klimaat.

De P-score kan nooit lager zijn dan de G-score.

Verklaringen overeenkomstig het Vlaams Bodemdecreet:

De overdrager doet opmerken dat de ruiling, zoals vastgesteld bij onderhavige akte, moet worden aanzien als "een overeenkomst betreffende de overdracht van gronden" als bedoeld in het Vlaams Bodemdecreet.

Ondergetekende minuuthoudende notaris maakt alhier dan ook uitdrukkelijk melding van de verklaring van de overdrager dat hij, door bemiddeling van ondergetekende notaris, het bodemattest heeft aangevraagd betreffende voorschreven eigendom sub 2, welk attest werd afgeleverd door OVAM op 8 januari 2026 en waarvan de inhoud luidt als volgt:

"2. INHOUD VAN HET BODEMATTEST:

Deze grond is niet opgenomen in het grondeninformatieregister.

2.0 EXTRA INFORMATIE:

Meer informatie over de aanpak van PFAS-verontreiniging en de stand van het onderzoek, en de bijhorende no regret-maatregelen vindt u op https://www.vlaanderen.be/pfas-vervuiling.

2.1 INFORMATIE UIT DE GEMEENTELIJKE INVENTARIS

De OVAM heeft geen aanwijzingen dat deze grond een risicogrond is.

2.2 UITSPRAAK OVER DE BODEMKWALITEIT

Er zijn geen aanwijzingen bij de OVAM dat op deze grond een bodemverontreiniging voorkomt.

2.3 BIJKOMENDE ADVIEZEN EN/OF BEPALINGEN

Er zijn geen gebruiksadviezen of gebruiksbeperkingen van toepassing op deze grond. Voor grondverzet dient er pas vanaf een volume van 250m³ een technisch verslag opgemaakt te worden.

Dit bodemattest vervangt alle vorige bodemattesten.

Opmerkingen:

1. Voor meer informatie: ovam.vlaanderen.be/het-bodemattest.

2 Meer informatie over de gegevensstromen die door de OVAM worden gebruikt, vindt u op ovam.vlaanderen.be/disclaimer .

3 Maatregelen opgelegd of van toepassing buiten het kader van het Bodemdecreet worden

niet vermeld op het bodemattest. Hiervoor kunt u best contact opnemen met uw lokaal bestuur.

4 De OVAM staat niet in voor de juistheid van de aan haar verstrekte gegevens.

Te Mechelen, 08.01.2026”

Comparanten bevestigen verder uitdrukkelijk dat, voor zover hen bekend, op voorschreven eigendom geen inrichting gevestigd is of was die bodemverontreiniging kan veroorzaken en daartoe werd opgenomen op de lijst waarvan sprake in zelfde Bodemdecreet.

Comparanten erkennen door ondergetekende minuuthoudende notaris gewezen te zijn op de bepalingen van voormeld Bodemdecreet, zo onder meer op de bepalingen van dit decreet betreffende de saneringsplicht van de eigenaar van de grond waar bodemverontreiniging tot stand kwam en de erin vervatte aansprakelijkheidsregeling terzake, alsook op de procedure die moet worden gevolgd alvorens kan worden overgegaan tot 'overdracht van een grond' waarop een 'lijst-inrichting' is of was gevestigd en op de gevolgen van de niet-naleving van deze procedure.

De overdrager verklaart bovendien uitdrukkelijk niet op de hoogte te zijn van om het even welke bodemverontreiniging met betrekking tot voorschreven eigendom.

Uit een brief van de gemeente Brasschaat de 10 januari 2026 blijkt dat voor voorschreven eigendom geen ARAB- en/of VLAREM vergunningen werden aangetroffen voor activiteiten die opgenomen zijn in de lijst van het VLAREBO(BO), en dat voor dit eigendom evenmin een VLAREM-milieuvergunning van toepassing is, met uitzondering van het hierboven vermelde: transformator 630 kVA.

Voor zover, voorafgaand aan deze akte, niet of niet volledig zou zijn voldaan aan de voorschriften vervat in artikel 101 van het Bodemdecreet (tijdige en schriftelijk kennisgeving van de inhoud van het bodemattest aan de overnemer) of, in voorkomend geval, aan de voorschriften van 102 tot 115 van het Bodemdecreet (procedure van toepassing bij overdracht van risico-gronden), hetgeen zou kunnen leiden tot de nietigheid van de overdracht, blijkt uit wat voorafgaat dat aan die voorschriften thans wél werd voldaan en verklaart de overnemer uitdrukkelijk te verzaken aan die nietigheidsvordering.

Ondergetekende minuuthoudende notaris bevestigt, op basis van hoger vermelde verklaringen en gegevens, dat de regeling van het Vlaams bodemdecreet betreffende de overdracht van gronden werd nageleefd.

Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening:

* Overeenkomstig artikel 5.2.1. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening worden partijen gewezen op de bepalingen van artikel 4.2.1 van deze Codex, artikel waarin de handelingen vermeld staan waarvoor een voorafgaande stedenbouwkundige vergunning vereist is. Partijen erkennen overigens een kopie van de tekst van dit artikel 4.2.1 te hebben ontvangen.

* Blijkens de voorhanden zijnde gegevens werd de gemeente Brasschaat waarin voorschreven eigendom gelegen is reeds opgenomen op de lijst waarvan sprake in artikel 7.6.4 van deze Codex. De verkrijger van hoger beschreven eigendom sub 1 bevestigt hiervan een stedenbouwkundig uittreksel te hebben ontvangen, dagtekenend van minder dan één jaar voor heden.

* Uit opzoekingen blijkt met betrekking tot het hoger beschreven eigendom:

1. dat hiervoor volgende omgevingsvergunningen voor het uitvoeren van stedenbouwkundige handelingen werden uitgereikt: zie hoger;

2. dat de meest recente stedenbouwkundige bestemming van dit eigendom de volgende is: zie hoger;

3. dat het onroerend goed niet het voorwerp uitmaakt van een rechterlijke of bestuurlijke maatregel als vermeld in titel VI, hoofdstuk III en/of IV van de zelfde Codex, en er geen procedure voor het opleggen van een dergelijke maatregel hangende is;

4. dat voor dit eigendom (nog) geen recht van voorkoop geldt zoals bedoeld in artikel 2.4.1. van zelfde Codex (zone die in het definitief vastgesteld Ruimtelijk Uitvoeringsplan (RUP) wordt aangeduid als een zone waarin het voorkooprecht geldt) of in de zin van artikel 34 van het decreet van 25 april 2014 betreffende complexe projecten;

5. dat voor dit eigendom geen omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden van toepassing is;

6. dat voor dit eigendom op dit ogenblik geen planbatenheffing verschuldigd is.

7. dat dit eigendom op dit ogenblik niet het voorwerp uitmaakt van een voorkeursbesluit of een projectbesluit.

Postinterventiedossier

Op vraag van de instrumenterende notaris of er voor het hoger beschreven eigendom sub 2. reeds een postinterventiedossier werd opgesteld, antwoordt de erfpachtgever ontkennend, en bevestigt hij dat er aan dit eigendom sinds één mei tweeduizend en één (1/5/2001) geen werken werden uitgevoerd door één of meerdere aannemers waarvoor een postinterventiedossier diende te worden opgesteld.

DIVERSE VERKLARINGEN:

Algemeen:

De Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie wordt ervan vrijgesteld een ambtshalve inschrijving te nemen ingbeolge enige bepaling van onderhavige akte.

Bevoegde Rechtbank

Bij geschillen zijn de rechtbanken van de ligging van voormelde eigendommen bevoegd.

Keuze van woonst

Voor al hetgeen deze overeenkomst betreft, haar ontstaan, uitvoering en gevolgen, kiezen partijen uitdrukkelijk woonst in hun hoger in deze akte vermelde zetel of gemeentehuis. Wijziging van woonstkeuze is slechts mogelijk mits aangetekende kennisgeving aan de andere partij en mits de nieuwe woonstkeuze eveneens in België gebeurt, zoniet blijft de vorige woonstkeuze geldig.

Kosten

Alle kosten en rechten, voortvloeiend uit deze akte met inbegrip van de registratierechten, de overschrijvingskosten der hypotheken en andere, vallen ten laste van de partij B.

Identiteitsverklaring – Ontslag ambtshalve inschrijving

De instrumenterende notaris bevestigt de identiteitsgegevens van comparanten te hebben nagezien op zicht der stukken door de Hypotheekwet vereist; deze identiteitsgegevens en de identiteit zelf werden hem, wat de comparanten-natuurlijke personen betreft, ook aangetoond aan de hand van voormelde bewijskrachtige identiteitsstukken van comparanten.

Prijs en betalingswijze

Deze ruiling geschiedt zonder opleg.

Fiscale verklaringen

Kosteloze Registratie:

De Opdrachthoudende vereniging “Fluvius Antwerpen” verklaart dat de verrichting betrekking heeft op haar wettelijk doel en dat zij erkend is door de VMSW conform artikel 106 van het Decreet van 15 juli 1997 houdende de Vlaamse Wooncode. Fluvius Antwerpen verzoekt daarom tot de toepassing van het artikel 161,2° van het Wetboek der Registratierechten tot kosteloze registratie, aangezien het hier een overdracht in der minne van onroerende goederen ten algemene nutte aan een tot onteigening gerechtigd organisme betreft.

De Opdrachthoudende vereniging “Fluvius Antwerpen” zet uiteen dat, ingevolge de wijziging aangebracht door artikel 37 van het Decreet van 24 maart 2006 houdende wijziging van decretale bepalingen inzake wonen als gevolg van het bestuurlijk beleid, bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 14 juni 2006, aan artikel 34 van het Decreet van 15 juli 1997

houdende de Vlaamse Wooncode, zij thans een “tot onteigening gerechtigd organisme” is geworden. Zij verklaart verder dat dit artikel 37 van het voormeld Decreet van 24 maart 2006 in werking is sedert één juli tweeduizend en zes en dit ingevolge het artikel 177 van het Besluit van 30 juni van de Vlaamse Regering tot gedeeltelijke operationalisering van het beleidsdomein ruimtelijke ordening, woonbeleid en onroerend erfgoed en houdende aanpassingen van de regelgeving inzake wonen als gevolg van het bestuurlijk beleid, bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 22 augustus 2006.

Teneinde te kunnen genieten van de vrijstelling van registratierechten/registratiebelastingen en rechten op geschriften en dit in toepassing van artikel 2.9.6.0.3, 1° van de Vlaamse Codex Fiscaliteit (ex art.161, 2° van het Wetboek der Registratie-, hypotheek- en griffierechten), artikel 21, 1° van het Wetboek diverse rechten en taksen, de omzendbrief van de minister van Financiën van 5 maart 1958 en de ministeriële beslissing van 17 maart 1958, verklaart Fluvius Antwerpen:

- dat zij onder toepassing valt van de wet van 22 december 1986 betreffende de intercommunales en het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur;

- dat zij op fiscaal vlak onder toepassing valt van artikel 26 van de wet van 22 december 1986 betreffende de intercommunales;

- dat deze overeenkomst aangegaan wordt en noodzakelijk is voor de verwezenlijking van haar voorwerp en dus voor openbaar nut;

- dat deze noodzakelijkheid erkend werd door haar Raad van Bestuur.

De vrijstelling van registratierechten/registratiebelastingen en rechten op geschriften geldt eveneens voor de bijlagen welke aan de authentieke akte gehecht zijn (Ministeriële Beslissing van 22 november 1957, nr EE/74.413).

NOTARIEEL ERELOON

Overeenkomstig artikel 8 §1 b van het Tariefbesluit Honoraria Notarissen wordt het notarieel ereloon op deze akte verminderd tot de helft. (nog na te kijken van toepassing of niet)

SLOTVERKLARINGEN:

Indien in deze akte werd verwezen naar vroeger verleden akten, werden deze akten, in zoverre zij voor de betrokken partij nog van belang kunnen zijn, blijkens wat voorafgaat eveneens in kopij bezorgd aan die partij en werden deze akten toegelicht door ondergetekende minuuthoudende notaris. Partijen bevestigen dan ook, overeenkomstig artikel 19 van de wet tot regeling van het Notarisambt, dat deze vroegere akten samen met onderhavige akte één geheel vormen om samen als authentieke akte te gelden en uitvoerbaar te zijn.

Comparanten verklaren vóór het verlijden van deze akte van de inhoud ervan kennis te hebben genomen. Zij verklaren dat deze akte de juiste weergave is van hun bedoeling zelfs indien de bedingen en voorwaarden van deze akte zouden afwijken van deze vermeld in vorige overeenkomsten.

Comparanten bevestigen dat de instrumenterende notaris hen naar behoren heeft ingelicht over de rechten, verplichtingen en lasten, die voortvloeien uit onderhavige akte en hen op een onpartijdige wijze raad heeft verstrekt. Zij verklaren dus de overeenkomst, voorwerp van deze akte, en de eraan verbonden rechten en verplichtingen, voor evenwichtig te houden en uitdrukkelijk te aanvaarden, zowel voor zichzelf als voor hun rechtsopvolgers.

De notaris minuuthouder wijst comparanten tenslotte op artikel 9 § 1 tweede lid van de Wet tot regeling van het Notarisambt, dat luidt als volgt: "Wanneer een notaris tegenstrijdige belangen of de aanwezigheid van onevenwichtige bedingen vaststelt, vestigt hij hierop de aandacht van de partijen en deelt hen mee dat elke partij de vrije keuze heeft om een andere notaris aan te wijzen of zich te laten bijstaan door een raadsman. De notaris maakt hiervan melding in de notariële akte.

 

De instrumenterende notaris informeert de partijen dat een digitaal afschrift van deze akte, na vervulling van de nodige formaliteiten, binnen een vijftiental dagen na vandaag raadpleegbaar zal zijn op de Notariële Aktebank NABAN. Deze databank is door de overheid in het leven geroepen als ‘authentieke bron’ voor de afschriften van de akten en is enkel raadpleegbaar door partijen. Partijen kunnen het afschrift downloaden via de websites www.naban.be of www.notaris.be (rubriek “Mijn notariële akten”) alsook via de smartphone app IZIMI (of de gelijknamige website www.izimi.be), aangeboden door de Koninklijke Federatie van het Belgisch Notariaat.

Om die reden zal een elektronisch of papieren afschrift van deze akte slechts op uitdrukkelijk schriftelijk verzoek van een partij na het verlijden van deze akte aan hem of haar worden bezorgd.

RECHTEN OP GESCHRIFTEN (Wetboek diverse rechten en taksen)

Vrijgesteld.

WAARVAN AKTE

Verleden op voormelde plaats en datum.

Na toelichting, en na integrale of gedeeltelijke voorlezing, zoals hoger vastgesteld bij de aanvang van deze akte hetgeen alle comparanten bevestigen, hebben alle comparanten, aanwezig of vertegenwoordigd als gezegd, deze akte, evenals in voorkomend geval de aan deze akte gehechte stukken, getekend, evenals de notaris."

 

 

Art.2.- Er wordt goedkeuring gehecht aan de overdracht van de bevoegdheid tot ondertekening van de authentieke akte van de voorzitter van de gemeenteraad aan de burgemeester.

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten

 

 

19 Mobiliteitsplan Brasschaat. Goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Zittingsverslag

 

 

Schepen Brughmans doet volgende tussenkomst :

 

“Brasschaat stelt nieuw overkoepelend mobiliteitsplan voor

 

De voorbije jaren heeft Brasschaat sterk ingezet op wijkgerichte mobiliteitsplannen waarbij - in nauwe samenwerking met inwoners via workshops en co-creatie - meer dan 179 concrete voorstellen werden verzameld. In 2025 werden deze plannen afgerond en gebundeld tot een helder geheel. Met deze basis presenteert de gemeente nu een nieuw integraal mobiliteitsplan.

 

Het is een ambitieus plan met duidelijke doelstellingen rond verkeersveiligheid en de link met ruimtelijke ordening,  leefbaarheid en duurzaamheid.

 

Het mobiliteitsplan is een engagement, en het is belangrijk dat ook onze partners hun engagement nemen en vandaar dat we onze verwachtingen naar hen ook verduidelijkt hebben in dit plan: AWV, de Lijn, de vervoerregio Antwerpen, de provincie Antwerpen.

 

Het gemeentebestuur van Brasschaat heeft in de meerjarenplanning, zoals u heeft gezien in december 2025, de nodige middelen vrijgemaakt voor het ACTIEPLAN dat gekoppeld is aan het mobiliteitsplan. En we zijn daar onmiddellijk mee aan de slag gegaan:

        Ik verwijs naar de invoering van de variabele zone 30 in de Miksebaan ter hoogte van het GIB

        Ik verwijs naar de drie grote werven die opgestart worden met de fietspaden Zegersdreef, Donksesteenweg en Leopolslei

        Ik verwijs naar de jaarlijkse budgetten van € 600.000 euro die geïnvesteerd worden in het herstel van voet- en fietspaden.

        Ik verwijs naar de budgetten die vrijgemaakt worden om aan de slag te gaan met de concrete voorstellen uit de workshops die weerhouden zijn.

 

Mobiliteit is een uitdagende wereld, zoals jullie zelf ook al aangaven op de commissievergadering. Het gaat over verkeersveiligheid, ook over de uitdagingen van een betere doorstroming en bereikbaarheid én van de realiteit van het fors toegenomen autogebruik in onze gemeente én van de noodzakelijke verantwoordelijkheidszin van elke weggebruiker.

 

Dit aspect is minder zichtbaar dan bijvoorbeeld wachttijden of filevorming aan kruispunten, maar daarom niet minder belangrijk. Het is immers perfect mogelijk dat een kruispunt subjectief als “minder vlot” wordt ervaren, terwijl het objectief veiliger functioneert en bijdraagt tot het vermijden van verkeersslachtoffers.

Verkeersveiligheid is vaak een “onzichtbare winst”. Net zoals op bouwwerven waar wordt gerapporteerd over het aantal dagen zonder arbeidsongeval

Ik wil namens het college alle burgers, organisaties en onze eigen mobiliteitsdienst en verkeerspolitie bedanken.”

Raadslid Hoegaerts doet volgende tussenkomst :

 

“In de aanloop naar deze legislatuur en bij de bespreking van het bestuursakkoord en meerjarenplan bijvoorbeeld heeft Vlaams Belang steeds een mobiliteitsbeleid naar voor geschoven waar naast verkeersveiligheid voor fietsers en voetgangers er ook plaats blijft voor de wagen. Verkeers- en mobiliteitsingrepen moeten goed vooraf onderzocht, gepland en uitgevoerd worden. Het invoeren van fietsstraten, zones 30 of het afsluiten van straten mogen geen fetisj worden. In het belang van de lokale economie moeten er ook voldoende parkeerplaatsen blijven.

 

Een goed aangeduide, veilige schoolomgeving met verkeersremmende maatregelen maakt het mogelijk voor ouders, vaak zelf onderweg naar hun werk, om kinderen met de wagen voor de school af te zetten. Kwalitatieve en aparte fietspaden op de verbindingswegen in de wijken betekenen een stimulans om die wagen te laten staan. Het is in die geest dat wij een mobiliteitsbeleid zien en wij zien in het huidige mobiliteitsplan zeker in die zin de nodige aanzetten en ingrepen. Het is ook in die zin dat wij in het recente verleden nog het afwegingskader mobiliteit aan de hand van 13 criteria hebben goedgekeurd, dat mee deel is van het voorliggende mobiliteitsplan.

 

Dit mobiliteitsplan is zeker een verdienstelijk plan, waar door de diensten veel onderzoek en werk is ingestoken. Met het vervoerplan van de Vlaamse regering met 15 vervoersregio’s en minder basisdienstverlening(!) wordt er sowieso meer in de richting van de lokale besturen gekeken om de lokale mobiliteitsvragen op te lossen. Tegelijk moet het blijkbaar ook een plan zijn dat ook de hinder door de Oosterweelwerken de komende jaren mee moet opvangen en ondervangen. En op dat vlak is het natuurlijk laat en niet perfect.

 

Om mobiliteitsstromen op te vangen, moeten ook radicale keuzes gemaakt worden, ook in Brasschaat. Het gemeentebestuur spreekt van een nieuw Beleidsplan Ruimte dat binnen de komende 5 jaar zal opgemaakt worden. Het Vlaams Belang pleit ook al jaren voor een ‘Ruimteplan Brasschaat’, dat echter niet uitgaat van de premisse dat er tegen 2040 41.000 mensen in Brasschaat moeten wonen. Meer bouwen, in Maria-ter-Heide, op de Kaart, betekent ook meer vervoersnoden én meer auto’s.

 

Hopen dat iedereen de fiets opspringt, is deels ijdele hoop. Ik kom terug bij het begin, de wagen blijft een belangrijke plaats innemen in onze mobiliteit. Men wil zorgen voor een “vlotte doorstroming van elke vervoersmodus in Brasschaat”, maar ondertussen is er 1 vervoersmodus die - volgens elke Brasschaatenaar met ogen en met een mond – stilstaat op de Bredabaan en ettelijke invalswegen en dat is de wagen.

 

Voorts ademt het plan helaas ook de geest van de 50/50 ambitie van de Vlaamse regering uit dat de mensen per sé uit de wagen wil duwen en waarbij men voor verschillende categorieën – en nu word ik even technisch: mensen met hun werkplaats in Brasschaat en inwoners van Brasschaat (maar niet noodzakelijk werkend en meestal zelfs niet werkend in Brasschaat, want pendelend tot in het Waasland en Vlaams-Brabant en Brussel) – dat men voor zulke verschillende categorieën dus bijvoorbeeld het zelfde aandeel fiets opplakt in 2030, namelijk 34% is volgens ons nattevingerwerk van het bestuur. Het zelfde geldt voor de zgn. ‘duurzame verplaatsingen’, ook daar wordt voor deze verschillende categorieën een zelfde verhoging van het aandeel tegen 2030 op 45% vastgesteld.

 

Uiteraard beseffen we dat dit beleidsplan niet álles kan oplossen, maar we vinden dus als slotsom dat het plan een beetje ontspoort op het vlak van opgelegde doelstellingen, zoals gezegd in de geest van het botweg ontmoedigen van autogebruik, en zullen ons daarom onthouden. Ook om de alertheid bij het bestuur te bewaren en zodat we niet opnieuw maanden op de sociale media moeten lezen dat Brasschaat stiltaat. Het belangrijkste blijft een evenwicht vinden en wij hopen dat het bestuur de vinger aan de pols zal houden.”

 

Schepen Brughmans bedankt raadslid Hoegaerts voor zijn tussenkomst.  Hij kon uit de inleiding afleiden dat hij tevreden is met het mobiliteitsplan.  Er werd gesproken over natte vinger werk, maar hij laat metingen en de interpretatie van metingen toch graag over aan specialisten.  De auto wordt volgens hem niet in de hoek geduwd.  Het bestuursakkoord geeft een vertaling voor elke weggebruiker.  Het gaat om de verkeersveiligheid van de actieve weggebruikers als van de automobilisten.  Er zijn zeker ook heel wat voorzieningen voor mensen die komen winkelen in Brasschaat.  Er zijn nl.  heel wat parkeermogelijkheden in de gemeente.  Als men spreekt over verkeersveiligheid spreekt men ook over doorstroming en omgekeerd.  Er zijn momenteel heel wat onderzoeken lopende en hij vernam vorige week van de verkeerspolitie dat de eerste resultaten bekend zijn en er is een daling van het aantal verkeersongevallen.  Hij zag zelf nog geen cijfers, maar hij zal daar ongetwijfeld één van de komende maanden mee naar de commissie kunnen komen als AWV zijn statistieken heeft doorgegeven.  Hij verwijst ook nog graag even naar het zware verkeersongeval van vorige week op het kruispunt Bredabaan / Guyotdreef.  Dit is een kruispunt dat nog niet werd ingericht met slimme verkeerslichten.  Het is moeilijk om te meten hoeveel verkeersongevallen er vermeden worden, maar dit is wel een belangrijk punt. 

 

Raadslid Pauwels verwijst naar het feit dat de verschillende wijkplannen tot stand kwamen door overleg met de burgers.  Hij kan zeker niet tegen zo’n overleg zijn maar zijn fractie heeft het moeilijk dat de plannen niet goedgekeurd worden per wijk.  De reden daarvan zou het dynamisch karakter zijn.  Op deze manier kan het volgens hem alle kanten uitgaan wat betreft beoordeling en interpretatie.  Ze betreurden dat de stuurgroep mobiliteit tot het verleden behoorde.  Deze problematiek zou afgetoetst worden op de algemene commissie.  Hij vreest echter voor deze intentie.  De actualisatie van de tot stand gekomen wijkplannen ligt nu volledig in handen van het college en zal vermoedelijk niet meer afgetoetst worden bij de gemeenteraadsleden.  Het gevaar bestaat dat er carte blanche wordt gegeven aan het college en dat de visie en uitvoering enkel in hun handen komt.  Mobiliteit is een thema dat impact heeft op alle inwoners van Brasschaat en dus blijvend bekeken moet worden volgens hem.  Rekening houdend met hun taak als raadsleden kan hun blijvende betrokkenheid in dit thema een rol spelen in een breed draagvlak.  Hij staat erop om vaak gebriefd en geconsulteerd te worden hierover. 

 

Schepen Brughmans licht toe dat het actieplan vervat zit in het mobiliteitsplan, dit zowel op korte termijn als op lange termijn.  Voor de korte termijn zijn er ook specifieke budgetten voorzien in de meerjarenplanning.  Dat ligt vast.  Het is telkens een heel traject dat afgelegd wordt en men gaat nooit over 1 nacht ijs als er op mobiliteitsvlak iets gebeurd.  Er kunnen op de commissies of de gemeenteraad altijd vragen gesteld worden als er suggesties zijn. 

 

Waarnemend burgemeester Van Gerven licht toe dat men de komende jaren zal uitvoeren.  Ze vraagt om hen te laten werken in plaats van te blijven vergaderen.  Ze wil snelheid nemen.

 

Raadslid Pauwels geeft nog mee dat hij het college feliciteerde op de commissie.  Het is een hele boterham en hij stelt dat dat zeker af en toe eens geëvalueerd mag worden. 

 

Raadslid Van der Schoepen verwijst naar de besparingen van 35 miljoen bij De Lijn.  Het is volgens hem nodig om over te gaan naar ambitie.  Hij wil graag weten of er al geweten is in welke lijnen men zal knippen in Brasschaat?  Het moet volgens hem toch de bedoeling zijn om mensen uit hun wagen te krijgen en te kiezen voor alternatieve vervoersmodi.  Het feit dat De Lijn 35 miljoen euro gaat besparen fnuikt volgens hem de ambities van de lokale overheden.  Hij wil graag weten of het bestuur hier al een zicht op heeft? 

 

Schepen Brughmans verwijst naar het partnerschap met De Lijn.  Vorig jaar, bij het begin van de legislatuur, werd de vervoerregio al eens geconfronteerd met de eerste besparingsronde van De Lijn.  Er werd toen verwezen naar de verouderde bussen, het gebrek aan chauffeurs,…  Deze besparingsronde hangt aan een target dat behaald moet worden vanuit Vlaanderen.  Voor onze vervoersregio hangt er een besparing van 6,4 of 6,9 miljoen euro aan vast.  Een aantal dagen geleden was er een vergadering waar er plannen werden toegelicht door De Lijn.  Vorig jaar was de impact in Brasschaat dat er in een bepaalde periode, van januari tot juli, heel wat ongemak is geweest op lijn 640.  Dat is de belangrijkste lijn in Brasschaat waardoor dat er 150 leerlingen uit Brasschaat de laat op school toe kwamen.  Er waren 2 vergaderingen met De Lijn om dat terug te draaien.  Dit werd gecompenseerd door de verbindingen tussen Kapellen en Brasschaat / Klina te herbekijken en in te grijpen.  Op deze manier werd de verbinding van lijn 640 terug hersteld. 

Deze besparingsronde zou lijn 642, die tot aan de golf op de Miksebaan rijdt, opgezegd worden per 1 juli.  Dit gaat over een ochtend- en een avondrit.  Er is ook een 2e besparingsmaatregel in Maria Ter Heide.  Dit gaat over schoolbussen die vanuit Maria Ter Heide de verbinding maken naar Essen en Kalmthout.  In beide gevallen is er zeker een impact.  Volgens De Lijn kan dit (zeker aan de golf) opgelost worden met flex-vervoer. 

 

Schepen Brughmans heeft aan De Lijn gevraagd om heel het flex-vervoer in de maand mei eens te evalueren.  Per 1 januari 2026 werd ook de buurtbus stop gezet en hiervoor werd ook gekeken naar het flex-vervoer.  In het voorjaar volgt de evaluatie hieromtrent.  Al deze plannen komen morgen op de vervoerraad ter sprake.  De impact op de omliggende gemeenten is volgens hem veel groter. 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

In de voorbije jaren werd binnen het lokaal bestuur Brasschaat intensief gewerkt aan een geïntegreerde mobiliteitsvisie voor de gemeente. Deze oefening bouwt verder op eerdere beleidskeuzes, de opmaak van wijkplannen (in 2025) die uitgewerkt zijn na participatietrajecten met inwoners, scholen, handelaars en andere lokale actoren.

In 2025 werden de wijkplannen wijk per wijk toegelicht en besproken binnen het college van burgemeester en schepenen. De inzichten, aandachtspunten en voorstellen uit deze trajecten werden vervolgens gebundeld en vertaald naar een overkoepelend mobiliteitsplan voor heel Brasschaat.

Het mobiliteitsplan bestaat uit een beleidsplan en een actieplan en vormt het strategischkader voor het mobiliteitsbeleid op middellange en lange termijn. Het plan is afgestemd op bovenlokale beleidskaders en partners, waaronder de Vervoerregio Antwerpen, Agentschap Wegen en Verkeer, De Lijn en de Provincie Antwerpen.

 

1. Mobiliteitsplan (beleidsplan en actieplan)

Het mobiliteitsplan legt de visie, doelstellingen en beleidsprincipes vast voor de verdere uitbouw van een veilig, leefbaar en duurzaam mobiliteitssysteem in Brasschaat. Het beleidsplan bepaalt de strategische krijtlijnen, terwijl het actieplan deze vertaalt naar concrete en gefaseerde acties.

Het plan fungeert als overkoepelend kader voor:

        verkeersveiligheid en leefbaarheid,

        actieve en duurzame verplaatsingsvormen,

        openbaar vervoer en deelmobiliteit,

        samenhang met ruimtelijke ontwikkelingen en wijkgerichte maatregelen.

De goedkeuring van het mobiliteitsplan door de gemeenteraad is noodzakelijk om dit kader formeel te verankeren en richtinggevend te maken voor toekomstige beleidskeuzes en investeringen.

 

2. Afwegingskader mobiliteit

Parallel aan de opmaak van het mobiliteitsplan werd een afwegingskader mobiliteit uitgewerkt. Dit afwegingskader biedt een transparant en objectiverend toetsingsinstrument voor het beoordelen van mobiliteitsvragen en -maatregelen, zoals snelheidsregimes en ingrepen in het openbaar domein.

Het afwegingskader is geen afzonderlijk beleidsplan, maar een ondersteunend instrument dat toelaat om op een consistente en onderbouwde manier beslissingen te nemen binnen de krijtlijnen van het mobiliteitsplan. Door dit kader te onderschrijven, wordt duidelijk gemaakt op welke manier toekomstige mobiliteitsdossiers worden beoordeeld en afgewogen.

 

3. Wijkplannen

De wijkplannen vormen de uitvoeringsgerichte vertaling van het mobiliteitsbeleid op lokaal niveau. Ze bevatten concrete voorstellen en aandachtspunten per wijk en zijn tot stand gekomen via participatie en overleg.

Gezien hun dynamisch karakter en hun rol als uitvoeringsinstrument binnen het goedgekeurde mobiliteitsplan, is een afzonderlijke goedkeuring per wijk niet aangewezen. De wijkplannen worden beschouwd als bijlagen bij en uitvoering van het mobiliteitsplan en kunnen, binnen het vastgelegde beleidskader, verder worden geactualiseerd via het college van burgemeester en schepenen.

 

Aan de gemeenteraad wordt gevraagd goedkeuring te geven aan Het Mobiliteitsplan Brasschaat, bestaande uit het beleidsplan en het actieplan, het afwegingskader mobiliteit te onderschrijven als ondersteunend toetsingsinstrument bij de uitvoering en beoordeling van toekomstige mobiliteitsmaatregelen en kennis te nemen van de wijkplannen, die fungeren als uitvoeringsgerichte documenten binnen het goedgekeurde mobiliteitsplan en die verder kunnen worden geactualiseerd binnen dit kader.

 

 

 

Juridisch kader

Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikelen 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

Wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en

latere wijzigingen.

Bestuursdecreet van 7 december 2018.

Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikelen 326 tot en met 341

betreffende het bestuurlijk toezicht.

 

Financiële gevolgen

Er zijn geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT:

Met 18 ja-stemmen (Robert Geysen, Adinda Van Gerven, Bruno Heirman, Bart Brughmans, Inez Ven, Joris Van Cauwelaert, Kelly D'Haen, Jan Jambon, Karin Beyers, Erwin Callens, Hedwig van Baarle, Jef Konings, Sven Simons, Lynn De Vocht, Sylvia Lathouwers, Lore Fonteyn, Bryan Verhoeven en Elke De Maeyer), 9 onthoudingen (Dimitri Hoegaerts, Luc Van der Schoepen, Rudi Pauwels, Ingeborg Hermans, Linsey De Vooght, An-Sofie Dewinter, Wouter Covens, Tim Willekens en Lisa Buysse).

 

Art.1.- Goedkeuring wordt gegeven aan Het Mobiliteitsplan Brasschaat, bestaande uit het beleidsplan en het actieplan.

 

Art.2.- Het afwegingskader mobiliteit wordt onderschreven als ondersteunend toetsingsinstrument bij de uitvoering en beoordeling van toekomstige mobiliteitsmaatregelen.

 

Art.3.- Neemt kennis van de wijkplannen, die fungeren als uitvoeringsgerichte documenten binnen het goedgekeurde mobiliteitsplan en die verder kunnen worden geactualiseerd binnen dit kader.

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten

 

 

20 Samenwerkingsovereenkomst met toelage verbroederingscomité Bad Neuenahr-Ahrweiler 2026-2031. Goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Zittingsverslag

 

Raadslid Hoegaerts zal deze samenwerkingsoverkomst zeker goedkeuren maar hij wil toch graag even voorbehoud maken bij de doelstellingen en opdrachten waarbij in punt 3 wordt opgeroepen voor het realiseren van een vriendenkring / verbroedering.  Hij volgde de besprekingen maar de vrijwilligers blijven volgens hem een beetje in het ongewisse over de opzet en de bedoeling hiervan.  Men verwacht hier wel echt een concreet antwoord vanuit het bestuur.  Er komt binnenkort weer een jubileum aan en hij hoopt dat dit in de toekomst nog gevierd kan worden. 

 

Waarnemend burgemeester Van Gerven licht toe dat de vriendenkring er zou zijn voor het voort bestaan van de verbroedering.  Ze licht toe dat niet iedereen van de jongste is en ze zijn hiervoor hun mosterd in Ekeren gaan halen.  De burgemeester heeft daar een goed draaiende verbroedering.  Hij zal één van de volgende vergaderingen eens een toelichting komen geven over hoe ze daar werken.  Het is op zijn idee dat dit erin werd gestoken.  Ze hoopt de beperkte kring van vrijwilligers toch iets of wat uit te breiden met nieuw / jong bloed. 

 

Raadslid Hermans verwijst naar de maximum toelage voor de vereniging van 7500 euro.  Ze leest echter dat de financiële kost 4500 euro is.  Ze wil hier graag iets meer uitleg over. 

 

Waarnemend burgemeester Van Gerven licht toe dat het comité de berekening maakte en ze willen efficiënt met de middelen omgaan.  Ze willen niet meer geld vragen dan wat ze nodig hebben en vandaar dat het bedrag lager is.  Er was over en daarom hebben ze beslist om het werkgeld gewoon aan te vullen tot 7500 euro.  Ze gaan niet sowieso 7500 euro uitkeren.  Er moet gewoon 7500 euro in kas zijn om hun jaarlijkse werking te garanderen.  Aangezien er nog wat over was van de afgelopen jaren, moest er iets minder bij gelegd worden.  Het aanleggen van een spaarpot is niet nodig. 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

De gemeente verbroedert met de stad Bad Neuenahr-Ahrweiler sinds 1982. Via het

verbroederingscomité worden er acties gerealiseerd om de verbroedering levend te houden. Hiervoor

ontvangt het comité een opdracht met bijhorende toelage.

 

De huidige samenwerkingsovereenkomst vervalt op 30 juni 2026 en dient vernieuwd te worden.

 

Financiële gevolgen

De financiële gevolgen zijn.

Kost

4500 euro, btw inbegrepen voor het werkjaar 2026

Budgetsleutel

0150/64930000 - Toegestane werkingssubsidies aan verenigingen

Budget/jaar

Exploitatie in 2026

Krediet beschikbaar

Ja

Visum financieel directeur

Niet van toepassing

 

De gemeente voorziet een jaarlijkse toelage met plafond voor ondersteuning van de realisatie van de

overeengekomen doelstellingen en opdrachten. Deze toelage wordt ieder werkjaar uiterlijk 1 april door

de gemeente uitbetaald. Deze toelage bedraagt

        2026 - 7.500 euro

        2027 - 7.650 euro

        2028 - 7.803 euro

        2029  -  7.959 euro

        2030 - 8.118 euro

        2031 - 8.281 euro

Na rapportage wordt het effectief nodige uit te betalen bedrag berekend op basis van restant rekening

en middelen voor het werkjaar.

 

Indien de gemeente bijkomende kosten dient te maken voor verbroederingsacties, dienen deze

voorgelegd te worden aan het college. Deze acties zijn enkel te uit te voeren na goedkeuring door het

college.

 

De inkomsten uit activiteiten worden ontvangen en beheerd door het verbroederingscomité. Enige

wijziging in tarief of beheer van deze gelden gebeurt in overleg met het verbroederingscomité.

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.-  Er wordt goedkeuring gegeven aan de nieuwe samenwerkingsovereenkomst toelage via

onderstaande artikels;

 

TUSSEN:

 

Het verbroederingscomité van Brasschaat vertegenwoordigd door Carina Verster (voorzitster). Het

verbroederingscomité is een feitelijke vereniging, opgericht in 1982 voor onbepaalde duur. Het betreft

een feitelijke vereniging die geen winstoogmerk noch vermogensvoordeel beoogt. De zetel van de

feitelijke vereniging is gevestigd op Verhoevenlei 11 te 2930 Brasschaat. Het verbroederingscomité

verbroedert met de Duitse Stad Bad Neuenahr-Ahrweiler (BN-AW).

 

Hierna genoemd “het verbroederingscomité”;

 

EN

 

De gemeente Brasschaat, Verhoevenlei 11, 2930 Brasschaat, vertegenwoordigd door ondertekenden,

Adinda Van Gerven (Burgemeester) en Ward Schevernels (algemeen directeur) in uitvoering van

bestuurlijk toezicht door de hogere overheid.

 

Hierna genoemd “ de gemeente”;

Samen genoemd “partijen”.

 

Komen partijen overeen als volgt;

 

Artikel 1 doelstellingen en opdrachten

De overeenkomst heeft tot doel de samenwerking te regelen tussen de partijen. Dit betreft de

realisatie van doelstellingen namelijk;

● Bevorderen van sociaal-culturele uitwisselingen

● Versterken van contacten tussen de inwoners van beide gemeenten

Meer specifiek belast de gemeente het verbroederingscomité met volgende opdrachten:

1. De uitwisseling in verschillende vormen voorbereiden, organiseren en ondersteunen in beide

richtingen.

2. De verbroedering bekendmaken en stimuleren bij de burgers in beide zustergemeenten.

3. Realiseren van een vriendenkring “verbroedering” ter versterking van de comitéwerking, via

een brede oproep aan de bevolking.

 

Artikel 2: samenstelling van het verbroederingscomité

Het verbroederingscomité bestaat uit minimum 8 leden waarvan 1 voorzitter, 1 secretaris, 1

penningmeester en 1 ondervoorzitter. De samenstelling omvat;

● 4 leden aangesteld door de gemeenteraad waarvan tenminste de schepen bevoegd voor de

verbroedering en 2 leden van de meerderheid aangevuld met 1 lid van de oppositie. In het

geval dat er meerdere kandidaten uit de oppositie zich aandienen stemt de gemeenteraad

over het aan te stellen lid.

● 4 externe leden die zich vrijwillig inzetten voor het verbroederingscomité.

 

Alle zetelende leden blijven aangesteld tijdens de duur van deze overeenkomst. Bij een hernieuwing

wordt aan de externe leden gevraagd of ze hun kandidatuur opnieuw willen stellen en wordt hun

kandidatuur aan de gemeenteraad voorgelegd.

 

In geval van onvoldoende kandidaturen of in geval van vervanging van een lid wordt een nieuw lid

aangesteld door de gemeenteraad op voordracht van het verbroederingscomité. Het

verbroederingscomité bepaalt de minimale competenties van kandidaten en lanceert in eerste

instantie een oproep binnen de vriendenkring. Indien er geen geschikte kandidaten zijn, volgt een

oproep onder de Brasschaatse burgers voor hun kandidatuurstelling. Het comité voert

selectiegesprekken en maakt een gemotiveerd voorstel over aan de gemeenteraad.

Externe leden kunnen worden ontzet uit hun functie mits een gemotiveerd voorstel gericht aan de

gemeenteraad, ondersteund door 2/3 van de leden van het verbroederingscomité.

Een extern lid kan ten allen tijden besluiten te stoppen en geeft dit te kennen middels een schrijven

gericht aan de voorzitter. Indien het de voorzitter zelf betreft wordt zijn functie tijdelijk overgenomen

door de ondervoorzitter tot een nieuwe voorzitter is gekozen en aangesteld.

 

Artikel 3: financiële afspraken

Het verbroederingscomité legt jaarlijks voor 1 maart 20XX volgende documenten voor:

1. Detail jaarrekening van het afgesloten werkingsjaar 20XX-1

2. Het saldo van de werkingsmiddelen per 31 december 20XX-1

3. Een rapportage van de realisatie van de gerealiseerde doelstellingen zoals gedefinieerd in artikel 1

De gemeente voorziet een jaarlijkse toelage voor ondersteuning van de realisatie van de

overeengekomen doelstellingen en opdrachten. Deze toelage wordt ieder werkjaar uiterlijk 1 april

20XX door de gemeente uitbetaald op basis van de afrekening van het afgesloten werkingsjaar. Deze

toelage is het verschil tussen het saldo van de werkingsmiddelen per 31 december 20XX-1 en het

maximaal plafondbedrag vastgelegd als volgt:

        2026 - 7.500 euro

        2027 - 7.650 euro

        2028 - 7.803 euro

        2029  -  7.959 euro

        2030 - 8.118 euro

        2031 - 8.281 euro

 

Deze werkingsmiddelen zijn verbonden aan de realisatie van de gedefinieerde doelstellingen van

artikel 1. Indien de gemeente zelf specifieke, uitzonderlijke en éénmalige verbroederingsacties wenst

te realiseren welke de normale werkingsmiddelen sterk overstijgen dan zullen deze door de gemeente

bijkomend worden voorzien na overleg met het verbroederingscomité. Deze acties zijn enkel te uit te

voeren na formele goedkeuring door het college van burgemeester en schepenen en het voorzien van

bijkomende middelen in het meerjarenplan. De inkomsten uit activiteiten worden ontvangen en

beheerd door het verbroederingscomité. In het geval van extra inkomsten komende uit de

uitzonderlijke verbroederingsacties, dan zullen deze deel uitmaken van het financieel voorstel dat

verbonden is aan de goedkeuring van de uitzonderlijke verbroederingsacties. Enige wijziging in tarief

of beheer van deze gelden gebeurt in overleg met het verbroederingscomité.

 

Artikel 4: administratieve ondersteuning

Het gemeentebestuur stelt iemand van haar administratie aan die het verbroederingscomité kan

ondersteunen in:

● het bieden van een centraal aanspreekpunt voor het verbroederingscomité;

● vastleggen van vergaderruimten;

● agendering op het college van burgemeester en schepenen en de gemeenteraad van

verslagen, rapporten en de samenwerkingsovereenkomst;

● mits voorafgaandelijke goedkeuring van het college kan worden voorzien in bijkomende

ondersteuning voor specifieke acties.

 

Artikel 5: bijkomende afspraken

Het gemeentebestuur;

● stelt tevens de nodige vergaderinfrastructuur ter beschikking.

● staat in voor de verzekering van de externe leden van de feitelijke vereniging.

● draagt zorg voor bezoek aan de zusterstad met alle GR leden min 1 keer per legislatuur.

● Bij elke vorm van communicatie dient men de huisstijl van de gemeente in acht te nemen,

indien anders beslist door het verbroederingscomité naar aanleiding van promotie van

specifieke activiteiten.

● De gemeente stelt een emailadres ter beschikking voor alle nodige communicatie van het

verbroederingscomité naar interne en externe contacten.

● De gemeente verwacht bij gebruik van vlaggen tijdens verbroederingsactiviteiten dat deze

beperkt worden tot de vlag van Brasschaat en die van BN-AW.

Artikel 6: werking en evaluatie

Het verbroederingscomité komt min. 4 keer per jaar samen en wordt bij elkaar geroepen door de

voorzitter. De agenda wordt tenminste drie werkdagen op voorhand digitaal bezorgd aan de leden.

Van elke vergadering wordt een verslag opgemaakt dat tevens ter kennis wordt gegeven aan het

college van burgemeester en schepenen van gemeente Brasschaat.

Het verbroederingscomité neemt haar beslissingen collegiaal. Indien een stemming noodzakelijk is,

wordt gestemd met een meerderheid van stemmen. Bij staking van stemmen is de stem van de

voorzitter doorslaggevend.

Alle financiële verslagen worden in het verbroederingscomité toegelicht en besproken met de

gemeentelijke vertegenwoordigers in het comité alvorens te bezorgen aan het gemeentebestuur. Het

jaarverslag met de activiteiten wordt jaarlijks voorgelegd aan de vriendenkring.

Met het oog op toezicht en evaluatie van de naleving van onderhavige overeenkomst stelt het

verbroederingscomité jaarlijks verslagen ter beschikking aan het gemeentebestuur uiterlijk 1 maart;

● een begroting met bijhorend actieplan voor het opvolgende jaar

● detail jaarrekening van het afgesloten werkingsjaar 20XX-1

● het saldo van de werkingsmiddelen per 31 december 20XX-1

● een rapportage van de realisatie van de gerealiseerde doelstellingen zoals gedefinieerd in

artikel 1

 

Artikel 7: duur

Deze samenwerkingsovereenkomst wordt afgesloten voor de periode van 1 juli 2026 en eindigt op 30

juni 2031.

 

Artikel 8: bijsturing en sanctionering

Indien blijkt dat het verbroederingscomité haar verbintenissen niet naleeft, worden in overleg

correctieve maatregelen afgesproken. Indien de gemeente vervolgens een blijvende niet-nakoming vaststelt, kan zij het gemotiveerd besluit formuleren om de subsidie éénzijdig te herzien. Het

verbroederingscomité wordt hiervan schriftelijk op de hoogte gesteld.

 

Artikel 9: wijzigingen

De overeenkomst kan niet worden gewijzigd zonder uitdrukkelijke goedkeuring van de gemeenteraad

van Brasschaat. Wijzigingen kunnen worden voorgesteld namens het college van burgemeester en

schepenen of het verbroederingscomité en zullen steeds worden voorgelegd ter goedkeuring aan de

gemeenteraad van Brasschaat.

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten

 

 

21 Selab. Regisseur sociale economie. Addendum overeenkomst. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

De gemeenteraad van oktober 2025 besliste om de samenwerkingsovereenkomst met Selab te verlengen met 6 jaar voor de komende legislatuur.

 

Selab nam vorige legislatuur de rol van "regisseur sociale economie" op voor de 6 gemeentes van deze project vereniging. Ze moesten hiervoor zelf een subsidiedossier indienen bij de Vlaamse overheid. Voor de komende legislatuur is deze werkwijze aangepast. De lokale besturen worden nu vanuit Vlaanderen rechtstreeks en gesubsidieerd voor deze regierol en moeten dan op zoek naar partners die deze taak kunnen opnemen. De Vlaamse subsidie is ook ruimer dan louter de regierol waardoor er ook beleid gevoerd kan worden naar sociale economie.

 

Dit laatste is belangrijk voor de taak die we vanuit de OCMW's krijgen in het kader van de beperking van de werkloosheid in de tijd (BWIT). De burgers die zich aanmelden nar aanleiding van BWIT zijn zeer moeilijk te sturen naar de reguliere arbeidsmarkt. Sociale economie is dan een tussenoplossing, en gelukkig beschikt Brasschaat op haar grondgebied over een groot aanbod hierin.

 

Juridisch kader

Decreet van 6 juli 2001 houdende intergemeentelijke samenwerking

Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur

 

Financiële gevolgen

De financiële gevolgen zijn:

Bijdrage Regierol Sociale economie & werk:

Kost

 25.250 euro, btw inbegrepen (jaarlijks) 2026 - 2031

Budgetsleutel

0550-64930000 Werkingssubsidie regierol Sociale Economie (Selab)

Budget/jaar

Exploitatie

Krediet beschikbaar

Onvoldoende krediet beschikbaar. Bestaand budget zal verhoogd worden door verschuiving van budgetsleutel 0550-61507470 Kosten Sociale Economie wegnemen drempels arbeidsmarkt door dienst financiën.  

Visum financieel directeur

Niet van toepassing

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.- De gemeenteraad keurt het addendum aan de oorspronkelijke samenwerkingsovereenkomst 2026 - 2031 goed waardoor de regierol "sociale economie" bij Selab wordt ondergebracht.

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten

 

 

22 Indiening van een erkenningsaanvraag voor de Intergemeentelijke Samenwerking pv BisCuit. Goedkeuring opmaak van een cultuurnota IGS BisCuit. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Op 26 januari 2026 stelde Idea consult haar eindrapport voor "Verkenning intergemeentelijke

samenwerking BisCuit: inspiratienota" samen met de nota "IGS Biscuit, voorstel vanuit de

werkgroep". In deze nota worden de gemeenten van Biscuit voorgesteld om te opteren voor

een gelijkblijvend financieel beleid met als inhoudelijke focus de vier meest gedragen

impactdomeinen: inclusieve publiekswerking, optimaliseren interne samenwerking,

afstemming cultuuraanbod en leesbevordering.

Bij voldoende draagvlak onder de deelnemende gemeenten, kunnen er structurele subsidies

worden aangevraagd bij de Vlaamse overheid als Intergemeentelijk Samenwerkingsverband

voor Cultuur (IGS) binnen het Bovenlokale Cultuurdecreet. Deze aanvraag verloopt via een

uitgewerkte Cultuurnota waarvan de eerstvolgende deadline 1 april 2026 is.

In deze cultuurnota zal de IGS een tweeledige werking krijgen:

1 de regierol voor bovenlokale samenwerking in het cultuurveld, met focus op een aantal

inhoudelijke prioriteiten: inclusieve publiekswerking, optimaliseren van interne samenwerking,

cultuuraanbod en leesbevordering.

2 de toeleiding van kansengroepen richting cultuur, waarbij de UiTPAS-coördinatie in de IGS

werking wordt geïntegreerd.

Meerwaarden om naar een IGS te evolueren zijn:

○ financiële impuls: 120.000,00 euro structurele werkingssubsidies vanuit Vlaanderen aan IGS

Biscuit met 90.000 euro eigen inbreng (budgetneutraal);

○ personeelskracht: aanstelling van 1,5 FTE beroepskracht (+- 70 % van het totaalbudget) die

zullen instaan voor de coördinatie en organisatie van het IGS (werkingsbudget +-30 %

van het totaalbudget);

○ gecoördineerd structureel netwerk en kennisuitwisseling tussen de 12 lokale besturen;

○ gecoördineerd structureel overleg, afstemming en bovenlokale samenwerking tussen de 12 lokale

besturen.

De aanvraag van een IGS statuut door de 12 aangesloten gemeenten leden van de projectvereniging Biscuit en de inkanteling van de UiTPas werking van Polder tot Voorkempen is een budgetneutrale operatie voor de 12 aangesloten gemeenten.

De inbreng van 7.500 euro (bijdrage voor UiT-PAS coördinator en het lidgeld per gemeente aan Biscuit) blijft ongewijzigd. De IGS ontvangt na erkenning door Vlaanderen vanaf 2027 jaarlijks120.000

euro aan toelagen.

 

 

Juridisch kader

Projectvereniging BisCuit behoudt zijn juridisch statuut wanneer de aanvraag tot erkenning als Intergemeentelijke Samenwerking in het kader van het Decreet Bovenlokaal Cultuurbeleid wordt goedgekeurd.

● Artikel 387 tot en met 400 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 Bepaalt de

regelingen met betrekking tot intergemeentelijke samenwerking.

● Artikel 401 tot en met 412 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 Bepaalt de

regelingen met betrekking tot een projectvereniging.

● Het bovenlokaal cultuurdecreet van 15 juni 2018.

● Bovenlokaal Cultuurdecreet van 8 maart 2024 (BS 22 april 2024)

● Besluit van de Vlaamse regering van 26 april 2024 over het Bovenlokaal cultuurdecreet van 8 maart

2024 (BS 10 juli 2024)

 

Financiële gevolgen

Er zijn geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.- De gemeenteraad neemt kennis van de Inspiratienota: verkenning intergemeentelijke samenwerking BisCuit en de nota "IGS Biscuit, voorstel vanuit de werkgroep"

 

Art.2.- De gemeenteraad hecht goedkeuring aan de opmaak van een cultuurnota IGS BisCuit met het oog op de indiening van een erkenningsaanvraag voor de Intergemeentelijke Samenwerking pv BisCuit op 1 april 2026.

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten

 

 

23 Extern verzelfstandigd agentschap vzw Sport Plus Brasschaat.  Wijziging vertegenwoordigers. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Op 23 juni 1988 werd overgegaan tot de stichting van de vzw Sport Plus Brasschaat met als doel het programmeren en organiseren van sportactiviteiten in het kader van het gemeentelijk sportcentrum.

Op 16 december 2013 werd de vzw Sport Plus omgevormd tot een extern verzelfstandigd agentschap vzw Sport Plus Brasschaat. De gemeente is lid van het extern verzelfstandigd agentschap vzw Sport Plus Brasschaat.

 

Bij het begin van de nieuwe legislatuur moeten de gemeentelijke vertegenwoordigers in de EVA vzw worden aangeduid, met name voor het bestuursorgaan en voor de algemene vergadering.

 

Inzake de algemene vergadering voorziet artikel 6 van de statuten van de vzw dat de algemene vergadering wordt samengesteld uit:

        de gemeente Brasschaat, die van rechtswege lid is van de algemene vergadering

        afgevaardigden van de Brasschaatse gemeentelijke sportraad;

        afgevaardigden van het Brasschaatse sportpromotieteam;

        deskundigen of gebruikers.

 

De vertegenwoordigers van de gemeente in de algemene vergadering worden door de gemeenteraad uit zijn leden rechtstreeks gekozen. De vertegenwoordigers van de gemeente in de algemene vergadering handelen overeenkomstig de instructies van de gemeenteraad. De vertegenwoordiging van de gemeente kan ook volstaan door één gemeenteraadslid aan te duiden. Tot de vertegenwoordiger(s) van de gemeente behoort steeds de schepen van sport van de gemeente Brasschaat.

 

In zitting van 28 april 2025 werden de afgevaardigden aangeduid. Kelly D'Haen, schepen van sport, werd voorgedragen als vertegenwoordiger van de gemeente in de algemene vergadering van het extern verzelfstandigd agentschap vzw Sport Plus Brasschaat.

 

Stefan Van Acker, afgevaardigde namens Vlaams Belang in het bestuursorgaan, heeft zijn ontslag aangeboden. Het is aangewezen hem te vervangen.

 

Juridisch kader

Artikel 246 van het decreet lokaal bestuur.

Artikel 6 en 11 van de statuten van de EVA vzw Sport Plus Brasschaat.

 

Financiële gevolgen

Er zijn geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.- Nagenoemde leden zijn voorgedragen voor het bestuursorgaan van het extern verzelfstandigd agentschap vzw Sport Plus Brasschaat:

Namens de N-VA-fractie:

        Kelly D'Haen

        Bob Bouhjar

        Hendrik De Maeyer

 

Namens de CD&V-fractie:

        Lynn De Vocht

        Marie-Anne Naudts-Coppens

 

Namens de Vlaams Belang-fractie:

        Koen Spitaels

        Paul De Jong

 

Namens de Brasschaat 2012-fractie:

        Wouter Covens

 

Namens de PVDA-fractie:

        Ben Vermeulen

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

 

24 Toelagereglement bijzondere sportmanifestaties 2027-2031. Goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

De gemeente verleent toelagen voor de organisatie van bijzondere sportmanifestaties. Het is

aangewezen deze vorm van ondersteuning te verlengen in de nieuwe legislatuur.

De modaliteiten van dit reglement werden voor het laatst vastgesteld op 26 januari 2026.

Door de sportdienst zijn er een aantal wijzigingen in dit toelagereglement voorgesteld zoals in het document in bijlage aangeduid.

 

Deze zijn besproken met de raad van bestuur sportraad op 8 januari 2026 en ter advies voorgelegd tijdens de raad van bestuur sportraad op 5 februari 2026.

 

Juridisch kader

Gemeenteraadsbesluit van 26 januari 1984 inzake de toepassing van de wet van 14 november 1983

inzake de controle op de toekenning en aanwending van gemeentelijke toelagen.

Decreet lokaal Bestuur van 22 december 2017 art 41 lid 2,23° (het vaststellen van de gemeentelijke

toelagen en de voorwaarden voor de besteding ervan, is een exclusieve niet-delegeerbare

bevoegdheid van de gemeenteraad).

Gemeenteraadsbesluit van 26 januari 2026 inzake de toelagen 2026 voor bijzondere

sportmanifestaties.

 

Adviezen

Gunstig advies van de raad van bestuur van de sportraad op 5 februari 2026.

 

Financiële gevolgen

De financiële gevolgen worden geraamd op:

Kost

2027: 6.120,00 euro, btw inbegrepen

Rekening houdend meet een gemiddelde indexstijging van 2% per jaar.

2028: 6.242,00 euro, btw inbegrepen

2029: 6.367,00 euro, btw inbegrepen

2030: 6.495,00 euro, btw inbegrepen

2031: 6.624,00 euro, btw inbegrepen

Budgetsleutel

0740/64930490/toelage bijzondere sportmanifestaties

Budget/jaar

Exploitatie in 2027 en volgende

Krediet beschikbaar

Ja

Visum financieel directeur

Niet van toepassing

 

BESLUIT eenparig:

 

Enig artikel. - Er wordt goedkeuring gehecht aan het toelagereglement bijzondere sportmanifestaties 2027-2031:

 

Art. 1 - omschrijving

Binnen de perken van de kredieten in het gemeentebudget, verleent de gemeente voor de periode 2027 - 2031 subsidies aan sportclubs voor de organisatie van bijzondere sportmanifestaties, volgens de normen en de voorwaarden die hierna worden gesteld.

Het college van burgemeester en schepenen stelt de toelagen vast in toepassing van dit reglement. De raad van bestuur van de sportraad geeft advies over de betoelaging.

 

Art. 2 – voorwaarden voor subsidiëring

Om subsidies te verkrijgen dient de vereniging en de bijzondere sportmanifestatie die ze organiseert te voldoen aan volgende voorwaarden:

  1. De zetel van de vereniging dient gevestigd te zijn op het grondgebied van Brasschaat;
  2. De vereniging moet minimum 1 jaar actief zijn in de gemeente;
  3. De vereniging zorgt ervoor dat alle gegevens die verband houden met de erkennings- en subsidiëringsvoorwaarden op de zetel voorhanden zijn in het Nederlands en stelt die ter beschikking voor toezicht door de administratie;
  4. De vereniging erkent het belang van het gebruik van het Nederlands bij de uitvoering van de gesubsidieerde activiteiten;
  5. De sportmanifestatie wordt ingericht door 1 of meerdere sportverenigingen die aangesloten zijn bij de sportraad van Brasschaat;
  6. De sportmanifestatie moet, tenzij dit onmogelijk is wegens het ontbreken van de vereiste infrastructuur, op het grondgebied van de gemeente plaatsvinden;
  7. Het evenement biedt een duidelijke meerwaarde aan de promotie van de sport en heeft een uniek karakter, door omvang of deelnemersveld, binnen de eigen sport in het Vlaamse sportlandschap;
  8. De sportmanifestatie geeft minimaal een regionale uitstraling aan de gemeente Brasschaat;
  9. De sportmanifestatie moet toegankelijk zijn voor het publiek (toeschouwers);
  10. De sportmanifestatie moet hoofdzakelijk in eigen inkomsten voorzien;
  11. De organisatoren werken een goede communicatiestrategie uit in functie van de promotie van hun eigen sporttak en het aantrekken van nieuwe sporters met het oog op het aanzetten tot een regelmatige sportbeoefening;
  12. Op het promotiemateriaal moet het logo van de gemeente Brasschaat en de sportraad worden opgenomen.

 

Komen o.a. niet voor subsidiëring in aanmerking:

  a.  De reguliere competitie of de voorbereiding ervan

  b.  De gebruikelijke interclubontmoetingen, tornooien en toonmomenten;

  c.  Trainingen;

  d.  Stages, initiaties en sportkampen;

  e.  Vormingsactiviteiten en symposia.

 

Art. 3 – aanvraag toelage voor sportmanifestaties

Uiterlijk op 30 september moet de aanvraag digitaal of op papier ingediend worden op de sportdienst via het voorgeschreven aanvraagformulier en dit voor sportmanifestaties die plaatsvinden in het daaropvolgende jaar.

  1. Het aanvraagdossier dient te bevatten:

 VÓÓR de sportmanifestatie

 a. Ingevuld aanvraagformulier.

 b. Ontwerpen van het promotiemateriaal met het logo van de gemeente Brasschaat en het logo van                                 de sportraad.

 c. Een gedetailleerde raming van de te verwachten inkomsten en uitgaven.

 d. Een uitnodiging gericht aan zowel het college van burgemeester en schepenen als aan de raad                                               van bestuur van de sportraad, digitaal bezorgen via mail aan de sportdienst.

 

 NA de sportmanifestatie – ten laatste 1 maand na de sportmanifestatie

 a. Bewijs van uitgaven binnenbrengen aan de hand van rekeningen, facturen, …

 b. Voor de mixed of inclusieve evenementen wordt opgegeven hoeveel G-sporters er hebben                                  deelgenomen.

 c. Overhandigen van promotiemateriaal met het logo van de gemeente Brasschaat en het logo van                                 de sportraad, alsook een eventueel persbericht (bewijs dat evenement doorgegaan is).

 

      2. Indien de sportraad dit nodig acht, wordt de organisator uitgenodigd om de sportmanifestatie toe te                                       lichten.

 

     3. Voor elk aanvraagdossier adviseert de Raad van Bestuur van de sportraad aan het Schepencollege              over het al dan niet toekennen van een subsidie.

 

Art. 4 - subsidieregeling

  1. Een club kan maximaal 1 keer betoelaagd worden over een tijdspanne van 1 jaar én slechts voor 1 evenement. Een evenement kan maar 1 maal gesubsidieerd worden onafhankelijk of dit door 1 of meerdere verenigingen georganiseerd wordt.
  2. Deze toelage is maximaal een bedrag van

 a. 750 euro voor G-sportevenementen;

 b. 500 euro voor inclusieve of mixed evenementen:

 c. De rest van het budget wordt evenredig verdeeld over de overige evenementen met een                                  maximumbedrag van 400 euro per evenement.

        Alle bedragen worden jaarlijks geïndexeerd.

  1. Het toegekende bedrag kan niet hoger zijn dan de aangetoonde uitgaven.
  2. De gemeenteraad stelt het totaal te verdelen geïndexeerde bedrag vast in het jaarlijks aangepast meerjarenplan.
  3. De uitbetaling zal in 2 delen verlopen:

 a. Voor sportmanifestaties die plaatsvinden tussen 1 januari en 30 juni volgend op het indienjaar zal                   ten laatste op 31 augustus van het jaar van de sportmanifestatie, het bedrag uitbetaald worden                                               aan de hand van binnengebrachte bewijzen (rekeningen, facturen, …) die de uitgaven kunnen                                               staven.

 b. Voor sportmanifestaties die plaatsvinden tussen 1 juli en 31 december volgend op het indienjaar                                 zal ten laatste op 28 februari van het jaar volgend op de sportmanifestatie, het subsidiebedrag                                               uitbetaald worden aan de hand van binnengebrachte bewijzen (rekeningen, facturen, …) die de                                               uitgaven kunnen staven.

 

Art. 5 – uitzonderlijke aanvragen

Aanvragen die door de clubs rechtstreeks aan het college van burgemeester en schepenen worden toegezonden en die betrekking hebben op deze bijzondere sportmanifestaties, zullen door het college voor advies overgemaakt worden aan de Raad van Bestuur van de Sportraad om alsnog de voorziene procedure te laten doorlopen. Dit op voorwaarde dat het aanvraagdossier tijdig wordt ingediend.

Laattijdige aanvragen worden niet meer behandeld; het college van burgemeester en schepenen kan hierop echter, om objectieve redenen en na advies van de sportraad, afwijkingen toestaan.

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

 

25 Toelagereglement  voor rechtstreekse toelagen aan sportverenigingen 2026-2031. Goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

De gemeente verleent rechtstreekse toelagen aan sportverenigingen. Het is aangewezen deze vorm van ondersteuning te verlengen in de nieuwe legislatuur. De modaliteiten van dit reglement werden voor het laatst vastgesteld tijdens de gemeenteraad van 24 februari 2025. Hierbij werden toen een aantal tekstuele wijzigingen doorgevoerd.
In het meerjarenplan 2026-2031 is het voorstel van een jaarlijkse indexatie van het toelagebedrag mee opgenomen en goedgekeurd.

Aan het reglement worden aanpassingen voorgesteld zoals in het document in bijlage aangeduid.

 

Juridisch kader

Gemeenteraadsbesluit van 26 januari 1984 inzake de toepassing van de wet van 14 november 1983 inzake de controle op de toekenning en aanwending van gemeentelijke toelagen. Decreet lokaal Bestuur van 22 december 2017 art 41 lid 2,23° (het vaststellen van de gemeentelijke toelagen en de voorwaarden voor de besteding ervan, is een exclusieve niet-delegeerbare bevoegdheid van de gemeenteraad).

Gemeenteraadsbesluit van 24 februari 2025 inzake de rechtstreekse toelage aan sportverenigingen 2025.

 

Adviezen

Gunstig advies van de raad van bestuur van de sportraad van 10 juni 2024, mits de indexering van het budget in de meerjarenplanning. Advies in bijlage.

 

Financiële gevolgen

De financiële gevolgen worden geraamd op:

Kost

2026: 32.500,00 euro, btw inbegrepen
rekening houdend met een gemiddelde indexstijging van 2% per jaar:
2027: 33.150,00 euro, btw inbegrepen
2028: 33.813,00 euro, btw inbegrepen
2029: 34.489,00 euro, btw inbegrepen
2030: 35.179,00 euro, btw inbegrepen
2031: 35.883,00 euro, btw inbegrepen

Budgetsleutel

0740/64930400/Toelage sportverenigingen

Budget/jaar

Exploitatie in 2026 en volgende

Krediet beschikbaar

Ja

Visum financieel directeur

Niet van toepassing

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1. Er wordt goedkeuring gehecht aan het reglement voor rechtstreekse toelage aan sportverenigingen 2026-2031:

 

Art.1. Algemene bepalingen

 

Binnen de perken van de kredieten in het gemeentebudget of de jaarlijkse aanpassing van het meerjarenplan worden voor hun activiteiten ten bate van de sport en de lichamelijke ontwikkeling, aan sportverenigingen subsidies verleend volgens de normen en de voorwaarden die hierna worden gesteld.

Het opgenomen subsidiebedrag in het gemeentebudget wordt jaarlijks geïndexeerd.

Het college van burgemeester en schepenen stelt jaarlijks te toelagebedragen per vereniging vast, na advies van de raad van bestuur van de sportraad.

 

Art.2. Voorwaarden voor subsidiering 

 

Om subsidies te verkrijgen moet de vereniging voldoen aan het volgende:

 

  1. De vereniging moet beantwoorden aan de volgende voorwaarden:
    1. De zetel van de vereniging moet gevestigd zijn op het grondgebied van Brasschaat.
    2. De vereniging moet minimum 1 jaar actief zijn in de gemeente en moet zijn ledensportbeoefenaars kunnen identificeren door middel van ledenlijsten, lidkaarten, verzekeringsattesten of andere. Jeugdleden zijn kinderen en jongeren tot en met het jaar dat ze 18 worden.
    3. De vereniging zorgt ervoor dat alle gegevens die verband houden met de erkennings-en subsidiëringsvoorwaarden op de zetel voorhanden zijn in het Nederlands en hij stelt die ter beschikking voor toezicht door de administratie.
    4. De vereniging erkent het belang van het gebruik van het Nederlands bij de uitvoering van de gesubsidieerde activiteiten.
    5. De sportbeoefening moet, tenzij dit onmogelijk is wegens het ontbreken van de vereiste infrastructuur, op het grondgebied van de gemeente geschieden en moet een permanent karakter vertonen.
    6. Als het bestuur deel uitmaakt van een multidisciplinaire vereniging (bv. socioculturele vereniging, wijkraad, e.d.), moet de sportbeoefening geleid worden door een apart bestuur dat volledig technisch, moreel en financieel onafhankelijk werkt ten opzichte van het algemeen bestuur.
    7. De sportieve activiteiten van het voorbije jaar moeten schriftelijk opgegeven worden.

 

  1. Het doel van de sportvereniging is sportbeoefening, niet in schoolverband noch bedrijfsmatig, aan te bieden. De professionele sportbeoefening valt eveneens buiten de toepassing van dit reglement.

 

  1. De sportvereniging moet open staan voor iedere inwoner van Brasschaat, met een minimumaantal van 10 verzekerde sportbeoefenaars, en met minimum 8 maanden sport-actieve regelmatige werking.

 

  1. De sportvereniging moet een vzw of een feitelijke vereniging zijn.

 

  1. De sportvereniging moet een verzekering afsluiten voor de leden, zowel voor persoonlijke ongevallen als voor burgerlijke aansprakelijkheid.

 

  1. Een sportvereniging die twee maal afwezig geweest is tijdens twee opeenvolgende algemene vergaderingen van de sportraad heeft bij de eerstvolgende toekenning van toelagen aan sportverenigingen slechts recht op 50% van het haar toegekende subsidiebedrag. Het restant van dit bedrag wordt verdeeld over de resterende sportverenigingen die een aanvraag voor subsidies ingediend hebben. Een sportvereniging die niet aangesloten is bij de sportraad en bijgevolg ook niet aanwezig zal zijn op de algemene vergaderingen van de sportraad heeft eveneens slechts recht op 50% van het haar toegekende subsidiebedrag.

 

  1. De sportvereniging beschikt over een eigen bankrekening.

 

Art.3. Aanvraag om subsidie voor sportverenigingen

 

  1. Een aanvraag om in aanmerking te komen voor toelage gebeurt door het invullen van een specifiek aanvraagformulier van het jaar waarvoor de subsidie wordt aangevraagd.

 

Toelage 2026-2031

Het door de sportvereniging ingevulde aanvraagformulier voor het verkrijgen van de subsidie voor de werkingsjaren 2026 tot en met 2031, die lopen van 1 juli van het vorige jaar tot en met 30 juni van het jaar waarin de subsidie wordt aangevraagd, moet elektronisch of per post verstuurd worden of tegen ontvangstbewijs afgegeven worden op de gemeentelijke sportdienst en toekomen uiterlijk op 30 september, aansluitend op het werkingsjaar waarvoor de subsidie wordt aangevraagd. De postdatum geldt als bewijs.

 

  1. Volgende bewijsstukken moeten samen met de aanvraag gestuurd worden naar de sportdienst:

      een kopie van de diploma’s van elke nieuwe opgegeven trainer en een kopie van elk nieuw diploma van de reeds bestaande trainers;

      een kopie van bewijs of attest van deelname voor alle opgegeven opleidingen en bijscholingen.

 

  1. De sportverenigingen die om subsidies verzoeken, verklaren zich uitdrukkelijk akkoord met het feit dat het college van burgemeester en schepenen of een daartoe aangesteld ambtenaar, kan en mag overgaan tot het controleren van de door hen verstrekte gegevens en activiteiten.

Zij verklaren zich tevens akkoord om binnen twee weken na de vraag, op gevaar van uitsluiting, alle bijkomende informatie over de ingestuurde gegevens te verstrekken.

De sportvereniging die de nodige inlichtingen weigert te verschaffen of niet tijdig verschaft, of waarvan de verklaringen onjuist worden bevonden, wordt van elke betoelaging uitgesloten gedurende 1 werkingsjaar.

 

  1. De uitbetaling van de subsidie zal gebeuren door overschrijving op de rekening van de sportvereniging.

 

Art.4. Samenstelling van de gewone subsidie

 

De gemeentelijke subsidies worden onderverdeeld in een basissubsidie (10% van het totale subsidiekrediet) en een werkingssubsidie (90% van het totale subsidiekrediet).

 

Art.4.1. Basissubsidie (10% van het totale subsidiekrediet)

 

De basissubsidie wordt evenredig verdeeld tussen de verenigingen, a rato van het totaal bekomen aantal punten op basis van volgende criteria:

        terugsturen binnen de voorziene termijn van de verplichte briefwisseling: 10 punten = Adm

 

Totaal voor BS = Adm met een maximum van 10 punten

 

Art.4.2. Berekening basissubsidies

 

Het bedrag van de basissubsidie die aan iedere in aanmerking komende vereniging wordt toegekend, wordt op volgende wijze berekend:

 

    grootte van de basissubsidie BS van club Y =

 

punten club Y     x      10% van het totale subsidiekrediet

                                   totaal van de punten van alle clubs

 

Art.4.3. Werkingssubsidie (90% van het totale subsidiekrediet)

 

De werkingssubsidie wordt berekend op basis van de gegevens en activiteiten van het vorige werkjaar; dit werkjaar loopt van 1 juli van het vorige jaar tot en met 30 juni van het jaar waarvoor de subsidie wordt aangevraagd.

De werkingssubsidie wordt evenredig verdeeld tussen de verenigingen, a rato van het totaal bekomen aantal punten. Met een maximum van 15% van het totale krediet van de werkingssubsidie die verdeeld wordt over deel 1 (met een maximum van 2500 punten),en 85% van het totale krediet van de werkingssubsidie die verdeeld wordt met een maximum van 375 punten op basis van de punten van deel 2.

 

1. Deel 1 (15% van de werkingssubsidies)

 

1A. Sportaanbod voor specifieke doelgroepen

 

Criterium 1A.1. Aanvraag subsidie voor diverse categorieën elk jaar op  1 januari

 

Sportende verzekerde leden van Brasschaat

        per sportend verzekerd jeugdlid     10 punten

  VJB = aantal sportende verzekerde jeugdleden van Brasschaat x 10 punten.

        per sportend verzekerd volwassen lid     6 punten
VVB = aantal sportende verzekerde volwassen leden van Brasschaat x 6 punten.

 

Sportende verzekerde leden niet van Brasschaat

        per sportend verzekerd jeugdlid      4 punten

  VJnB = aantal sportende verzekerde jeugdleden niet van Brasschaat x 4 punten.

        per sportend verzekerd volwassen lid                1 punt

  VVnB = aantal sportende verzekerde volwassen leden niet van Brasschaat x 1 punt.

 

Criterium 1A.2. Drempelverlagende initiatieven voor specifieke doelgroepen

 

* integratie van personen met een handicap van Brasschaat in de reguliere werking

        per sportend verzekerd lid met een handicap van Brasschaat  10 punten

            PHB = aantal sportende verzekerde leden, met een handicap, van Brasschaat, in de reguliere                                                         werking x 10 punten.

 

* integratie van personen met een handicap niet van Brasschaat in de reguliere werking

        per sportend verzekerd lid met een handicap niet van Brasschaat   4 punten

  PHnB = aantal sportende verzekerde leden, met een handicap, niet van Brasschaat, in de 
            reguliere werking x 4 punten
 

* leden, van Brasschaat, die aangesloten zijn via verhoogde tegemoetkoming met de UitPAS

        per sportend verzekerd lid van Brasschaat aangesloten via UiTPAS 10 punten

          PUB = aantal sportende verzekerde leden van Brasschaat, aangesloten via UitPAS x 10                                                                       punten.

 

* leden, niet van Brasschaat, die aangesloten zijn via verhoogde tegemoetkoming met de UitPAS

        per sportend verzekerd lid niet van Brasschaat aangesloten via UiTPAS 4 punten

           PnUB = aantal sportende verzekerde leden niet van Brasschaat, aangesloten via UitPAS x 4                                                         punten.

 

 

TOTAAL VOOR SA = VJB + VVB + VJnB + VVnB + PHB + PHnB + PUB + PnBU

met maximum van 2500 punten die worden verdeeld over 15% van de totale werkingssubsidie.

 

 

grootte van de werkingssubsidie WS1 van club Y =

 

punten club Y (SA)   x   15% van het totale krediet werkingssubsidie (=90%)

                                                  totaal van de punten van alle clubs

 

 

2. Deel 2 (85% van de werkingssubsidies)

 

2A. Kwaliteitsvolle begeleiding en sporttechnisch kader

 

Criterium 2A.1. trainingen onder begeleiding van gekwalificeerde trainers

 

Voor de begeleiding door gediplomeerden worden meer punten toegekend.

Het is verplicht een kopie van het diploma voor te leggen van alle opgegeven trainers.

 

        Trainingsuur (per week) onder begeleiding van een trainer met erkende VTS diploma:

  A-trainer = TRA à 20 punten/per trainingsuur

 

        Trainingsuur (per week) onder begeleiding van een trainer met erkende VTS diploma:

  B-trainer of instructeur B = TRBà 15 punten/per trainingsuur

 

        Trainingsuur (per week) onder begeleiding van een trainer met erkende VTS diploma:

  Licentiaat/master L.O. of regent/bachelor L.O. en C-trainer = TRlo à 12 punten/per                               trainingsuur

 

        Trainingsuur (per week) onder begeleiding van een trainer met erkende VTS diploma:

  initiator = TRi à 10 punten/per trainingsuur

 

        Trainingsuur (per week) onder begeleiding van een trainer met erkende VTS diploma:

  aspirant initiator, gediplomeerde trainer 50+ of g-sport en Start 2 Coach = TRa à 8 punten/per                trainingsuur

 

        Trainingsuur (per week) onder begeleiding van een trainer zonder of met een niet-erkend VTS diploma = TRz à 2 punten/per trainingsuur

 

TOTAAL VOOR TR = TRA + TRB + TRlo + TRi + TRa + TRz  met een maximum van 240 punten

 

2B. Opleiding en bijscholingen

 

Criterium 2B.1. kwaliteitsvolle begeleiding aanbieden

 

Sporttechnische, sportbestuurlijke en sportmedische opleidingen en bijscholingen komen hiervoor in aanmerking. Het is verplicht een kopie van bewijs of attest van deelname voor alle opgegeven opleidingen en bijscholingen voor te leggen.

 

      Opleidingen of bijscholingen van meer dan 10 uren

  Opl+10 = 5 punten

 

      Opleidingen of bijscholingen van minder dan 10 uren

  Opl-10 = 2 punten

 

TOTAAL VOOR OPL = Opl+10 + Opl-10  met een maximum van 35 punten

 

2C. Sport-promotionele werking

 

Criterium 2C.1. Sport-promotionele initiatieven

 

        Aangepast tarief voor diverse doelgroepen zoals o.a. reductie aansluiting volgend gezinslid, personen met een handicap, OMNIO-statuut = Ev1                       5 punten

 

        Sport gerelateerde organisatie buiten de reguliere competitie of werking, uitgezonderd bijzondere sportmanifestaties. Het is verplicht de naam, datum en locatie op te geven van de organisatie = Ev2                                                                                20 punten

 

        Meewerken/deelnemen aan organisaties van lokale en bovenlokale initiatieven zoals activiteiten van sportraad, sportdienst (sportweken, sportacademie, schoolsport en buurtsportinitiatieven, …), intergemeentelijke organisaties, Moev, Sport Na School, regionale- en landelijke sportorganisaties = Ev3                                                                               10punten

 

TOTAAL VOOR SpP = Ev1 + Ev2 + Ev3 met een maximum van 60 punten

 

2D. Structuur vereniging

 

Criterium 2D.1. beschikken over een duidelijke structuur

 

        De vereniging hanteert een vzw structuur.

  JuV= 20 punten

 

Criterium 2D.2. aangesloten zijn bij de sportraad

 

        Aanwezig zijn op de Algemene Vergadering van de sportraad.

 SpRAv = 5 punten

 

        Deelnemen aan een werkgroep vergaderingen van de sportdienst zoals o.a. sportdorp. 

     SpRW= 10 punten

 

Criterium 2D.3. aangesloten zijn bij een erkende Vlaamse sportfederatie

 

        De vereniging is aangesloten bij een door Sport Vlaanderen erkende sportfederatie. 

  SpF = 5 punten

 

TOTAAL VOOR SV = JuV + SpRAv + SpRW + SpF met een maximum van 40 punten
 

TOTAAL VOOR CW (CLUBWERKING)= TR + Opl + SpP + SV met een maximum van 375 punten.

 

 

Grootte van de werkingssubsidie WS2 van club Y =

 

punten club Y (CW)   x   85% van het totale krediet werkingssubsidie (=90%)

                                         totaal van de punten van alle clubs

 

Art.4.4. Berekening werkingssubsidie

 

Het bedrag van de werkingssubsidie die aan iedere in aanmerking komende vereniging wordt toegekend, wordt op volgende wijze berekend:

 

Totaal aantal punten van de werkingssubsidie WS van club Y =

 

WS Y = WS1 + WS2             

 

 

Bijlage: Verklarende lijst van de afkortingen

Adm:  terugsturen binnen de voorziene termijn van de verplichte briefwisseling

BS: basissubsidie

VJB: verzekerde jeugdleden van Brasschaat

VVB: verzekerde volwassen leden van Brasschaat

VJnB: verzekerde jeugdleden niet van Brasschaat

VVnB:  verzekerde volwassen leden niet van Brasschaat

PHB:  integratie van personen met een handicap van Brasschaat in de reguliere werking

PHnB: integratie van personen met een handicap niet van Brasschaat in de reguliere werking

PUB:  verzekerde leden, van Brasschaat, die aangesloten zijn via verhoogde  tegemoetkoming met de UitPAS

PUnB:  verzekerde leden, niet van Brasschaat, die aangesloten zijn via verhoogde tegemoetkoming

 met de UitPAS

SA: sportaanbod voor specifieke doelgroepen

                (optelling van: VJB + VVB + VJnB + VVnB + PHB + PHnB + PUB + PnBU)

WS1: werkingssubsidie deel 1

TRA: trainingsuur onder begeleiding van een trainer A

TRB:        trainingsuur onder begeleiding van een trainer B of instructeur B

TRlo: trainingsuur onder begeleiding van een trainer met diploma L.O. en trainer C

TRi:         trainingsuur onder begeleiding van een trainer initiator

TRa:        trainingsuur onder begeleiding van een trainer aspirant initiator, gediplomeerd trainer 50+ of  G-sport en trainer Start 2 Coach

TRz: trainingsuur onder begeleiding van trainer zonder diploma

TR:          trainingen onder begeleiding van gekwalificeerde trainers

                (optelling van: TRA + TRB + TRlo + TRi + TRa + TRz)

VTS:   Vlaamse Trainers School

Opl+10: opleiding of bijscholing van meer dan 10 uren

Opl-10:     opleiding of bijscholing van minder dan 10 uren

Opl: opleidingen en bijscholingen

                (optelling van: Opl+10 + Opl-10)

SpP: sport-promotionele werking (optelling van Ev1 + Ev2 + Ev3)

JuV:  vereniging hanteert een vzw structuur

SpRAv: vereniging is aanwezig geweest op de Algemene Vergadering van de sportraad

SpRW: lid van de vereniging neemt deel aan een werkgroep vergaderingen van de sportdienst

SpF: vereniging is aangesloten bij een door Sport Vlaanderen erkende sportfederatie

SV: structuur vereniging (optelling van JuV + SpRAv + SpRW + SpF)

CW: clubwerking (optelling van TR + Opl + SpP + SV)

WS2: werkingssubsidie deel 2

WS: totaal van werkingssubsidie

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

 

26 Toelagereglement ter bevordering van kwaliteitsvolle jeugdwerking bij sportverenigingen 2026-2031. Goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

De gemeente verleent toelagen aan sportverenigingen ter bevordering van kwaliteitsvolle

jeugdwerking. Het is aangewezen deze vorm van ondersteuning te verlengen in de nieuwe legislatuur.

De modaliteiten van dit reglement werden voor het laatst vastgesteld tijdens de gemeenteraad van 24 februari 2025. Hierbij werden toen een aantal tekstuele wijzigingen doorgevoerd.
In het meerjarenplan 2026-2031 is het voorstel van een jaarlijkse indexatie van het toelagebedrag mee opgenomen en goedgekeurd.

Aan het reglement worden aanpassingen voorgesteld zoals in het document in bijlage aangeduid.

 

Juridisch kader

Gemeenteraadsbesluit van 26 januari 1984 inzake de toepassing van de wet van 14 november 1983 inzake de controle op de toekenning en aanwending van gemeentelijke toelagen. Decreet lokaal Bestuur van 22 december 2017 art 41 lid 2,23° (het vaststellen van de gemeentelijke toelagen en de voorwaarden voor de besteding ervan, is een exclusieve niet-delegeerbare bevoegdheid van de gemeenteraad).

Gemeenteraadsbesluit van 24 februari 2025 inzake de toelage ter bevordering van kwaliteitsvolle

jeugdwerking bij sportverenigingen 2025.

 

Adviezen

Gunstig advies van de raad van bestuur van de sportraad van 9 september 2024, mits de indexering van het budget in de meerjarenplanning. Advies in bijlage.

 

Financiële gevolgen

De financiële gevolgen worden geraamd op:

Kost

2026: 32.060,00 euro, btw inbegrepen
rekening houdend met een gemiddelde indexstijging van 2% per jaar:
2027: 32.701,00 euro, btw inbegrepen
2028: 33.355,00 euro, btw inbegrepen
2029: 34.022,00 euro, btw inbegrepen
2030: 34.703,00 euro, btw inbegrepen
2031: 35.397,00 euro, btw inbegrepen

Budgetsleutel

0740/64930480/Subsidie ter bevordering van de kwaliteitsvolle jeugdwerking

Budget/jaar

Exploitatie in 2026 en volgende

Krediet beschikbaar

Ja

Visum financieel directeur

Niet van toepassing

 

BESLUIT eenparig:

 

Enig artikel: Er wordt goedkeuring gehecht aan het toelagereglement ter bevordering van de kwaliteitsvolle jeugdwerking bij sportverenigingen 2026-2031:

 

Art.1. Algemene bepalingen

Binnen de perken van de kredieten in het gemeentebudget, worden voor de dienstjaren  2026-2031 subsidies verleend aan sportverenigingen voor de verhoging van kwantiteit en kwaliteit van sportgekwalificeerde jeugdsportbegeleiders en jeugdsportcoördinatoren, volgens de normen en de voorwaarden die hierna worden gesteld.

Het opgenomen subsidiebedrag in het gemeentebudget wordt jaarlijks geïndexeerd.
De toelagen worden verleend door het college van burgemeester en schepenen na advies van de sportraad.

 

Art.2. Subsidievoorwaarden

 

Art.2.1. Algemene subsidievoorwaarden

Om in aanmerking te komen voor het subsidiereglement ter bevordering van de kwaliteitsvolle jeugdwerking, moet de vereniging voldoen aan het volgende:

1. De vereniging moet beantwoorden aan de volgende voorwaarden

        De zetel van de vereniging moet gevestigd zijn op het grondgebied van Brasschaat.

        De vereniging moet minimum 1 jaar actief zijn in de gemeente en moet zijn jeugdsportbeoefenaars kunnen identificeren door middel van ledenlijsten, lidkaarten, verzekeringsattesten of andere. Jeugdleden zijn kinderen en jongeren tot en met het jaar dat ze 18 worden.

        De vereniging zorgt ervoor dat alle gegevens die verband houden met de erkennings- en subsidiëringsvoorwaarden op de zetel voorhanden zijn in het Nederlands en hij stelt die ter beschikking voor toezicht door de administratie.

        De vereniging erkent het belang van het gebruik van het Nederlands bij de uitvoering van de gesubsidieerde activiteiten.

        De sportbeoefening moet, tenzij dit onmogelijk is wegens het ontbreken van de vereiste infrastructuur, normaal op het grondgebied van de gemeente geschieden en moet een permanent karakter vertonen.

        Als het bestuur deel uitmaakt van een multidisciplinaire vereniging (bv. socioculturele vereniging, wijkraad, e.d.), moet de sportbeoefening geleid worden door een apart bestuur dat volledig technisch, moreel en financieel onafhankelijk werkt ten opzichte van het algemeen bestuur.

        De sportieve jeugdactiviteiten van het voorbije jaar moeten schriftelijk opgegeven worden.

        De vereniging moet aangesloten zijn bij een erkende Vlaamse sportfederatie.

2. De vereniging moet een verzekering afsluiten voor de jeugdleden en de jeugdsportbegeleiders en               -coördinatoren, zowel voor persoonlijke ongevallen als voor burgerlijke aansprakelijkheid.

3. Het doel van de sportvereniging is sportbeoefening, niet in schoolverband noch bedrijfsmatig, aan te bieden. De professionele sportbeoefening valt eveneens buiten de toepassing van dit reglement.

4. De sportvereniging moet een vzw of een feitelijke vereniging zijn.

5. Een sportvereniging die tweemaal afwezig geweest is tijdens twee opeenvolgende algemene vergaderingen van de sportraad heeft bij de eerstvolgende toekenning van toelagen ter bevordering van de kwaliteitsvolle jeugdwerking slechts recht op 50% van het haar toegekende subsidiebedrag. Het restant van dit bedrag wordt verdeeld over de resterende sportverenigingen die een aanvraag voor subsidies ingediend hebben. Een sportvereniging die niet aangesloten is bij de sportraad en bijgevolg ook niet aanwezig zal zijn op de algemene vergaderingen van de sportraad heeft eveneens slechts recht op 50% van het haar toegekende subsidiebedrag.

6. De sportvereniging beschikt over een eigen bankrekening.

 

Art.2.2. Bijzondere subsidievoorwaarden

Om in aanmerking te komen voor dit reglement, moeten de maatregelen en acties in het kader van de bevordering van de kwaliteitsvolle jeugdwerking rechtstreeks gericht zijn op:

  1. de verhoging van de kwaliteit van de jeugdsportbegeleider zelf inzake de begeleiding op het sporttechnische, tactische of sociaalpedagogische vlak;
  2. de verhoging van de kwaliteit van de jeugdsportcoördinator zelf inzake de coördinatie van het jeugdsportbeleid in de sportvereniging op het sporttechnische, beleidsmatige, sociaalpedagogische en organisatorische vlak;
  3. de verhoging van het aantal en van de sportkwalificatie van de jeugdsportbegeleiders en jeugdsportcoördinatoren;
  4. de verhoging van het aantal erkende sportverenigingen die werken met sportgekwalificeerde jeugdsportbegeleiders en die beschikken over een jeugdsportcoördinator.

 

Art.3. Aanvraag om toelage voor sportverenigingen

  1. Een aanvraag om in aanmerking te komen voor toelage gebeurt door het invullen van een specifiek aanvraagformulier van het jaar waarvoor de subsidie wordt aangevraagd.

Toelage 2026-2031
Het door de sportvereniging ingevulde aanvraagformulier voor het verkrijgen van de subsidies voor de werkingsjaren 2026 tot en met 2031, die lopen van 1 juli van het vorige jaar tot en met 30 juni van het jaar waarin de subsidie wordt aangevraagd, moet elektronisch of per post verstuurd worden of tegen ontvangstbewijs afgegeven worden op de gemeentelijke sportdienst en toekomen uiterlijk op 30 september, aansluitend op het werkingsjaar waarvoor de subsidie wordt aangevraagd. De postdatum geldt als bewijs.

 

  1. Volgende bewijsstukken moeten samen met de aanvraag gestuurd worden naar de sportdienst:
    - een kopie van de diploma’s van elke nieuwe opgegeven jeugdsportbegeleider en een 
      kopie van elk nieuw diploma van de reeds bestaande jeugdsportbegeleiders;
    - een bewijs of attest van inschrijving en deelname van een sporttechnische cursus of
      bijscholing in verband met sport;
  2. De uitbetaling van de subsidie zal gebeuren door overschrijving op de rekening van de sportvereniging.

 

Art.4. Samenstelling van de subsidie voor kwaliteitsverhoging van jeugdsportbegeleider en -coördinator

De subsidie wordt berekend op basis van de gegevens en activiteiten van het vorige werkjaar; dit werkjaar loopt van 1 juli van het vorige jaar tot 30 juni van het jaar waarvoor de subsidie wordt aangevraagd.

De subsidie wordt evenredig verdeeld tussen de verenigingen met jeugdwerking, a rato van het totaal aantal bekomen punten.

 

1. Kwaliteitsvolle begeleiding en sporttechnische kader

Criterium 1.1. Werken met gediplomeerde jeugdsportbegeleiders (Jsb)

De jeugdsportbegeleider is een sporttechnische begeleider voor jeugdsport die actief is in een erkende sportvereniging.

Sporttechnisch begeleider = iemand die training geeft.

Jeugdsport = sportparticipatie van kinderen en jongeren tot en met 18 jaar.
Erkende sportvereniging = een vereniging die erkend is door het gemeentebestuur en door een erkende Vlaamse sportfederatie.
Een kopie van het diploma moet verplicht bijgevoegd worden. Per jeugdsportbegeleider wordt slechts één diploma in aanmerking genomen. Cumulatie van diploma’s is niet mogelijk.


- Jeugdsportbegeleider met een VTS diploma Toptrainer, Trainer A

   Jsb1 = 8 punten per trainer

 

- Jeugdsportbegeleider met een VTS diploma Trainer B, instructeur B

   Jsb2 = 6 punten per trainer

 

- Jeugdsportbegeleider met een diploma regent/bachelor of licentiaat/master LO, of VTS
   diploma Trainer C

   Jsb3 = 4 punten per trainer

 

- Jeugdsportbegeleider met een VTS diploma Initiator

   Jsb4 = 2 punten per trainer

 

- Jeugdsportbegeleider met een VTS diploma Aspirant-Initiator of Start 2 Coach

   Jsb5 = 1 punt per trainer
 

Totaal voor Jsb = Jsb1 + Jsb2 + Jsb3 + Jsb4 + Jsb5 met een maximum van 80 punten.

  

Criterium 1.2. Beschikken over een actieve jeugdsportcoördinator (Jsc)

De jeugdsportcoördinator is een jeugdsportbegeleider die het jeugdsportbeleid in de erkende sportvereniging coördineert op het sporttechnische, beleidsmatige en organisatorische vlak.

Jeugdsportbeleid = beleidsmatig, op training aanwezig, overleg met jeugdsportbegeleiders, kwantitatief bijsturen, …

Het aantal jeugdsportcoördinatoren wordt begrensd als volgt:

per 1 tot en met 5 jeugdsportbegeleiders: maximum 1 jeugdsportcoördinator

per 6 tot en met 10 jeugdsportbegeleiders: maximum 2 jeugdsportcoördinatoren

per 11 tot en met 15 jeugdsportbegeleiders: maximum 3 jeugdsportcoördinatoren

per 16 tot en met 20 jeugdsportbegeleiders: maximum 4 jeugdsportcoördinatoren

Voor de bepaling van het aantal jeugdsportcoördinatoren die opgegeven mogen worden, mogen de jeugdsportbegeleiders die niet beschikken over een erkend VTS-diploma bij het               totaal aantal jeugdsportbegeleiders geteld worden.

 

- Jeugdsportcoördinator
   Jsc = 7 punten per persoon die de functie van jeugdsportcoördinator uitoefent.

 

Totaal voor Jsc = Jsc x 7 met een maximum van 28 punten

 

 

Criterium 1.3. Sport-specifieke of sporttechnische opleidingen en bijscholingen

De jeugdsportbegeleider of de jeugdsportcoördinator volgt een sporttechnische bijscholing of behaalt een sport-specifiek diploma, attest of getuigschrift bij een erkend instantie (Sport Vlaanderen/VTS, Sportfederatie, provinciale of gemeentelijke sportdienst, sportregio, Netwerk Lokaal Sportbeleid, BVLO).

De verschillende modules die er gevolgd moeten worden voor het behalen van een erkend VTS-diploma kunnen apart opgegeven worden.

Een diploma of attest komt in aanmerking als het behaald werd in het voorbije werkingsjaar.

Een jeugdsportbegeleider of jeugdsportcoördinator kan meerdere opleidingen of bijscholingen gevolgd hebben.

Het is verplicht een kopie van bewijs of attest van deelname voor alle opgegeven opleidingen en bijscholingen voor te leggen.

 

- Opleidingen of bijscholingen van meer dan 10 uren
  Opl+10 = 3 punten

 

- Opleidingen of bijscholingen van minder dan 10 uren

  Opl-10 = 1 punten

 

Totaal voor Opl = Opl+10 + Opl-10 met een maximum van 100 punten

 

Criterium 1.4. Organiseren van sportinitiatieven voor de jeugd

De sportvereniging heeft een initiatief voor de jeugd georganiseerd zoals sportkamp (ook voor niet leden), sport na school, initiatie in scholen, vriendjes dag, …

De vereniging moet wel naam en datum van de activiteit opgeven.

 

- Vereniging heeft een sportinitiatief voor de jeugd georganiseerd

  Initiatief = 5 punten

 

Totaal voor Sportinitiatieven = maximum 5 punten

 

Art.5. Berekening van de subsidie voor kwaliteitsverhoging van jeugdsportbegeleider en

-coördinator

Het bedrag van de subsidie ter bevordering van kwaliteitsvolle jeugdwerking die aan iedere in aanmerking komende vereniging wordt toegekend, wordt op volgende wijze berekend:

 

Totaal punten club Y = Jsb + Jsc + Opl + Initiatief

 

Totaal subsidie ter bevordering van kwaliteitsvolle jeugdwerking voor club Y =

totaal punten club Y x totale krediet voor subsidie ter bevordering van kwaliteitsvolle jeugdwerking

totaal van de punten van alle clubs

 

 

Verklarende lijst van de afkortingen

VTS:  Vlaamse Trainers School

Jsb:  jeugdsportbegeleider (optelling van: Jsb1 + Jsb2 + Jsb3 + Jsb4 + Jsb5)

Jsb1:  jeugdsportbegeleider met diploma toptrainer of trainer A

Jsb2:  jeugdsportbegeleider met diploma trainer B of instructeur B

Jsb3:  jeugdsportbegeleider met diploma regent/bachelor of licentiaat/master LO of trainer C

Jsb4:  jeugdsportbegeleider met diploma initiator

Jsb5: jeugdsportbegeleider met diploma aspirant – initiator of Start 2 Coach

Jsc:  jeugdsportcoördinator

Opl:  opleidingen en bijscholingen (optelling van: Opl+10 + Opl-10)

Opl+10: opleiding of bijscholing van meer dan 10 uren

Opl-10: opleiding of bijscholing van minder dan 10 uren

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

 

27 Toelagereglement gebruik niet gemeentelijke sportzalen 2026-2031. Goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Om de lat voor het gebruik van sportinfrastructuur zoveel mogelijk gelijk te leggen, subsidieert de

gemeente de meerkost voor het gebruik van niet-gemeentelijke infrastructuur. Het is aangewezen

deze vorm van ondersteuning te verlengen in de nieuwe legislatuur.

De modaliteiten van dit reglement werden voor het laatst vastgesteld tijdens de gemeenteraad van 24 februari 2025. Hierbij werden toen een aantal tekstuele wijzigingen doorgevoerd.
In het meerjarenplan 2026-2031 is het voorstel van een jaarlijkse indexatie van het toelagebedrag mee opgenomen en goedgekeurd.

Aan het reglement worden aanpassingen voorgesteld zoals in het document in bijlage aangeduid.

 

Juridisch kader

Gemeenteraadsbesluit van 26 januari 1984 inzake de toepassing van de wet van 14 november 1983 inzake de controle op de toekenning en aanwending van gemeentelijke toelagen. Decreet lokaal Bestuur van 22 december 2017 art 41 lid 2,23° (het vaststellen van de gemeentelijke toelagen en de voorwaarden voor de besteding ervan, is een exclusieve niet-delegeerbare bevoegdheid van de gemeenteraad).

Gemeenteraadsbesluit van 24 februari 2025 inzake de toelage voor het gebruik van niet-

gemeentelijke sportzalen 2025.

 

Adviezen

Gunstig advies van de raad van bestuur van de sportraad van 13 mei 2024, mits de indexering van het budget in de meerjarenplanning. Advies in bijlage.

 

Financiële gevolgen

De financiële gevolgen worden geraamd op:

Kost

2026: 18.000,00 euro, btw inbegrepen
rekening houdend met een gemiddelde indexstijging van 2% per jaar:
2027: 18.360,00 euro, btw inbegrepen
2028: 18.727,00 euro, btw inbegrepen
2029: 19.102,00 euro, btw inbegrepen
2030: 19.484,00 euro, btw inbegrepen
2031: 19.873,00 euro, btw inbegrepen

Budgetsleutel

740/64930440/Toelage gebruik niet-gemeentelijke sportinfrastructuur

Budget/jaar

Exploitatie in 2026 en volgende

Krediet beschikbaar

Ja

Visum financieel directeur

Niet van toepassing

 

BESLUIT eenparig:

 

Enig artikel: - Er wordt goedkeuring gehecht aan het toelagereglement gebruik niet-gemeentelijke sportzalen 2026-2031

 

Art.1 - omschrijving

Het gemeentebestuur kan aan erkende Brasschaatse sportverenigingen een subsidie toekennen als tussenkomst in de huurkosten van niet-gemeentelijke sportzalen op het grondgebied van Brasschaat.

Op een lijst in bijlage zullen de niet-gemeentelijke sportzalen die in aanmerking komen opgesomd worden. Deze lijst wordt jaarlijks samengesteld door de raad van bestuur van de sportraad.

 

Art. 2 - subsidiëringvoorwaarden

Een financiële tussenkomst voor het huren van niet-gemeentelijke sportzalen is onderworpen aan de hiernavolgende voorwaarden:

        de aanvragende sportvereniging moet erkend zijn door het gemeentebestuur, d.w.z. aangesloten zijn bij de gemeentelijke sportraad;

        de vereniging zorgt ervoor dat alle gegevens die verband houden met de erkennings- en subsidiëringsvoorwaarden op de zetel voorhanden zijn in het Nederlands en stelt die ter beschikking voor toezicht door de administratie;

        de vereniging erkent het belang van het gebruik van het Nederlands bij de uitvoering van de gesubsidieerde activiteiten;

        de aanvragende sportvereniging moet openstaan voor iedere Brasschaatse inwoner;

        de zetel van de betreffende sportvereniging is gevestigd in de gemeente Brasschaat;

        de vereiste infrastructuur is niet meer beschikbaar binnen de gemeentelijke sportinfrastructuur op hetzelfde moment.

 

Een sportvereniging die afwezig geweest is tijdens twee opeenvolgende algemene vergaderingen van de sportraad heeft bij de eerstvolgende toekenning van toelagen voor gebruik niet-gemeentelijke sportzalen slechts recht op 50% van het haar toegekende subsidiebedrag.

 

Art. 3 - subsidiebedrag

De huursubsidie wordt bepaald op basis van de betaalde huurgelden aan niet-gemeentelijke sportzalen van het afgelopen werkingsjaar. Als referteperiode voor het werkingsjaar geldt de periode van 1 juli tot en met 30 juni.

 

Het subsidiebedrag komt overeen met een maximaal bepaald prijsverschil tussen de huurgelden van gemeentelijke sportzalen en niet-gemeentelijke sportzalen:

        voor sporthallen wordt er maximum tot 6,00 euro per uur prijsverschil terugbetaald;

        voor turnzalen wordt er tot maximum 3,00 euro per uur prijsverschil terugbetaald;

        bovenstaande maximum bedragen worden jaarlijks geïndexeerd.

Daarbij worden de door de vereniging betaalde huurgelden van niet-gemeentelijke sportzalen van het afgelopen werkingsjaar vergeleken met de geldende huurprijzen van gemeentelijke sportzalen van het afgelopen werkingsjaar.
 

Wanneer het totaal van de subsidieaanvragen het ingeschreven krediet in de begroting overtreft, zal via een budgetwijziging het budget verhoogd worden.

 

Art. 4 - procedure

De sportvereniging dient de subsidie aan te vragen bij de gemeentelijke sportdienst via het daartoe bestemde aanvraagformulier. Het ingevulde aanvraagformulier en de verantwoordingsstukken moeten ten laatste op 30 september ingediend worden.

 

Bij het aanvraagformulier moeten volgende verantwoordingsstukken gevoegd worden:

        detailfactuurvan de huurkosten van niet gemeentelijke sportzalen van het betreffende werkingsjaar;

        officieel bewijsstuk van betaling van het huurgeld voor desbetreffend seizoen op naam van de aanvragende sportvereniging. Dit bewijs moet ondertekend worden door de verantwoordelijke(n) van de desbetreffende niet-gemeentelijke sportzalen;

        rekeningnummer van de aanvragende sportvereniging waarop de subsidie kan gestort worden.

 

Het ingevulde aanvraagformulier en verantwoordingsstukken moeten elektronisch of per post verstuurd worden of persoonlijk door een afgevaardigde van de sportvereniging­ bij de gemeentelijke sportdienst worden binnengebracht en dit ten laatste op 30 september. Hiervoor krijgt men een bewijs van afgifte. De datum vermeld op het afgeleverde ontvangstbewijs of de poststempel geldt als bewijs.

 

Art. 5 - subsidiëringmodaliteiten

De toegekende subsidie is niet cumuleerbaar met andere financiële tegemoetkomingen met hetzelfde doeleinde.

 

Art. 6 - uitvoering en toekenning van de subsidie

De toekenning van de subsidie gebeurt door het college van burgemeester en schepenen op advies van de sportraad. De subsidie zal jaarlijks worden uitgekeerd per overschrijving voor alle goedgekeurde aanvragen die uiterlijk op 30 september zijn ingediend bij de gemeentelijke sportdienst.

 

Art. 7 - aanvaarding controle

Door ondertekening van het aanvraagformulier aanvaardt de aanvrager elke controle van het gemeente-bestuur in verband met de aangevraagde toelage. Het afleggen van onjuiste verklaringen kan leiden tot uitsluiting van deze tussenkomst. Indien de toelage reeds uitgekeerd is, kan ze teruggevorderd worden.

 

Art. 8 - inwerkingtreding

Dit reglement treedt in werking op datum van goedkeuring door de gemeenteraad.

 

Bijlage toelagereglement gebruik niet gemeentelijke sportzalen

Lijst van sportzalen waarvoor erkende sportverenigingen een tussenkomst in de huurprijzen kunnen aanvragen:

 

Sporthallen/sportzalen

        sporthal KTA

        sporthal Sport Vlaanderen Brasschaat

        sportzaal St. Michielscollege

        sporthal KA

        sporthal Mater Dei Instituut

 

turnzalen

        turnzaal Mater Dei Bethanie

        turnzaal Mater Dei Centrum

        turnzaal Mater Dei Instituut

        turnzaal Mater Dei Maria-ter-Heide

        turnzaal Mater Dei Zegersdreef

        turnzaal Basisschool De Vlinder

        turnzaal KTA (1ste verdieping sporthal)

        turnzaal GO! Wonderwijs

        turnzaal Freinetschool Het Toverbos

        turnzaal KA middelbaar onderwijs

        turnzaal Steinerschool De Wingerd

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

 

28 Reglement Investeringstoelage sportinfrastructuur 2026-2031. Goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

In zitting van 26 mei 2025 heeft de raad goedkeuring gehecht aan het toelagereglement 2025 voor (her)aanleg sportvelden, voor de bouw of verbouwing sportinfrastructuur en voor aankoop van bepaalde sportmaterialen.

 

Het is aangewezen deze investeringstoelage verder te zetten in de nieuwe legislatuur. Aan het reglement worden aanpassingen voorgesteld zoals in het document in bijlage aangeduid.

Dit voorstel van wijziging is besproken en ter advies voorgelegd tijdens de raad van bestuur van de sportraad op respectievelijk 8 januari en 5 februari 2026.

 

Juridisch kader

Gemeenteraadsbesluit van 26 januari 1984 inzake de toepassing van de wet van 14 november 1983 inzake de controle op de toekenning en aanwending van gemeentelijke toelagen.

Decreet lokaal Bestuur van 22 december 2017 art 41 lid 2,23° (het vaststellen van de gemeentelijke toelagen en de voorwaarden voor de besteding ervan, is een exclusieve niet-delegeerbare bevoegdheid van de gemeenteraad).

Gemeenteraadsbesluit van 26 mei 2025 inzake het reglement investeringstoelagen sportinfrastructuur 2025.

 

Adviezen

Gunstig advies van de raad van bestuur van de sportraad van 5 februari 2026 inzake het ontwerp van aanpassing reglement investeringstoelage sportinfrastructuur. Advies in bijlage.

 

Financiële gevolgen

De financiële gevolgen worden geraamd op:

Kost

2026: 300.000 euro, btw inbegrepen

Rekening houdend met een gemiddelde indexstijging van 2% per

jaar.

2027: 306.000 euro, btw inbegrepen

2028: 312.120 euro, btw inbegrepen

2029: 318.362 euro, btw inbegrepen

2030: 324.730 euro, btw inbegrepen

2031: 331.224 euro, btw inbegrepen

Budgetsleutel

0740/66400000 Investeringstoelagen sportinfrastructuur

Budget/jaar

Investeringsbudget 2026 - 2031

Krediet beschikbaar

Ja 

Visum financieel directeur

Niet van toepassing

 

BESLUIT eenparig:

 

Enig artikel.- De gemeenteraad hecht goedkeuring aan het reglement investeringstoelagen sportinfrastructuur 2026-2031:

 

Art.1.- De gemeente verleent voor de dienstjaren 2026-2031, onder voorbehoud van goedkeuring door de gemeenteraad van kredieten in de jaarlijkse aanpassing van het meerjarenplan, investeringstoelagen, welke jaarlijks geïndexeerd worden, voor de (her)aanleg van sportvelden, voor de bouw/verbouwing van sportinfrastructuur of voor de aankoop van bepaald sportmateriaal door Brasschaatse sportverenigingen.

 

Art.2.- Een Brasschaatse sportvereniging is elke vereniging voor sportbeoefening die:

        minstens één jaar onafgebroken werkzaam is in de gemeente Brasschaat (lokalen of sportvelden

        in Brasschaat) en

        ervoor zorgt dat alle gegevens die verband houden met de erkennings- en subsidiëringsvoorwaarden op de zetel voorhanden zijn in het Nederlands en die ter beschikking stelt voor toezicht door de administratie;

      het belang van het gebruik van het Nederlands erkent bij de uitvoering van de gesubsidieerde activiteiten;

        aangesloten is bij een federatie, erkend door Sport Vlaanderen en

        aangesloten is bij de Brasschaatse sportraad

 

Politieke jongerenorganisaties en jeugdverenigingen worden voor de toepassing van dit reglement niet beschouwd als sportvereniging.

 

Art.3.- De toelage kan enkel verleend worden aan verenigingen die voldoen aan volgende voorwaarden:

 hun infrastructuur openstellen voor gratis gebruik door alle Brasschaatse scholen en activiteiten van gemeentelijke vzw’s;

 werken uitvoeren of laten uitvoeren voor:

 - de (her)aanleg van sportvelden die betrekking hebben op hun kernactiviteit of -sport;

 - de oprichting, grondige sanering of renovatie van lokalen die uitsluitend bestemd zijn voor                                 sportbeoefening;

 in uitzonderlijke gevallen, mits goedkeuring door het gemeentebestuur, de aankoop van bepaalde sportmaterialen op voorwaarde dat de sportclub kan aantonen dat dit sportmateriaal voor meer dan 50% van de gebruikte tijd door de club, gebruikt wordt door derden waar de club noch vergoeding noch tegemoetkoming voor ontving;

 de kosten van de werken zelf dragen;

 de premie aanvragen bij het gemeentebestuur en controle op de verstrekte gegevens en werken aanvaarden;

 de vereiste wettelijke toelatingen of vergunningen voor het uitvoeren van de infrastructuurwerken kunnen voorleggen vóór de start van de werken;

 een brandverzekering van de lokalen kunnen voorleggen bij de toelageaanvraag;

 alle gegevens die verband houden met de subsidievoorwaarden in het Nederlands voorhanden hebben.

 

Werken ter bevordering van veiligheid en om te voldoen aan wettelijke voorschriften krijgen prioriteit.

Het gemeentebestuur kan bijkomende voorwaarden stellen en/of de werken laten inspecteren in functie van de brandveiligheid en de hygiëne en hiervan de toekenning van de premie geheel of gedeeltelijk afhankelijk stellen.

 

Gewone onderhouds- of herstellingswerken komen niet voor toelage in aanmerking (bv. jaarlijks inzaaien, putten bijvullen, grasmaaien, sloten vervangen, e.d.). Ook investeringen in functie van energiebesparende maatregelen (zoals zonnepanelen) komen niet in aanmerking.

 

Art.4.- De toelage kan verleend worden aan een vereniging die het gebouw en/of terrein:

 in gebruik heeft volgens een overeenkomst afgesloten met de gemeente inzake ter beschikkingstelling van gemeentelijke terreinen en/of lokalen, en mits de bepalingen van de overeenkomst worden nageleefd;

OF

 in eigendom heeft, of in gebruik heeft volgens een overeenkomst met een derde eigenaar, waarbij de vereniging resp. de eigenaar zich ertoe verbindt de infrastructuur gedurende de geschatte economische levensduur of afschrijvingsduur van maximaal 20 jaar, te gebruiken voor sportwerking.

 Deze verbintenis geldt vanaf de toekenning van de toelageaanvraag.

 Ingeval deze termijn niet wordt gerespecteerd, verbindt de vereniging resp. de eigenaar zich om een bedrag in verhouding met de afschrijvingsduur van deze investering, na het verkrijgen van de toelage, ten titel van schadevergoeding aan de gemeente terug te betalen.

 

Art.5.- De toelage bedraagt 1/3de van de in aanmerking genomen en bewezen kosten, recupereerbare BTW niet inbegrepen.

 

Alle aanvragen voor toelage worden door de gemeenteraad beoordeeld, te weten:

 bouw-, verbouwingsprojecten of (her)aanlegwerken

 gemotiveerde aanvragen voor een hoger toelagepercentage (tot maximaal 50%) dan hierboven vermeld, op voorwaarde dat de vereniging kan aantonen dat deze infrastructuur voor meer dan 50% van de gebruikte tijd door de club, gebruikt wordt door derden waar de club noch vergoeding noch tegemoetkoming voor ontving;

 gemotiveerde aanvragen voor de betoelaging van de aankoop van sportmateriaal zoals vermeld in art.3.

 

De vereniging dient voor haar project eerst alle mogelijke subsidiekanalen aan te wenden die door een hogere overheid zijn uitgeschreven. Als het project in aanmerking komt voor een subsidie van een hogere overheid, wordt de gemeentelijke toelage berekend op het saldo van de bewezen kosten na aftrek van deze subsidie.

 

Art.6.- De aanvraag moet uiterlijk op 31 augustus van het begrotingsjaar ingediend zijn bij het college van burgemeester en schepenen en heeft betrekking op het eerstvolgende werkingsjaar.

De aanvraag gebeurt middels het voorgeschreven aanvraagformulier en moet volgende gegevens bevatten:

 identificatiegegevens van de vereniging;

 bewijs dat de vereniging minstens één jaar onafgebroken werkzaam is in de gemeente Brasschaat;

 een schriftelijke overeenkomst tussen de vereniging en de eigenaar waaruit blijkt dat de vereniging gedurende de geschatte afschrijvingsduur van de investering als hoofdgebruiker kan beschikken over de sportaccommodatie (niet van toepassing voor verenigingen met een concessieovereenkomst met de gemeente);

 een schriftelijk akkoord van de eigenaar met de uitvoering van de werken;

 een schriftelijke verklaring van de vereniging dat de sportinfrastructuur gedurende de geschatte afschrijvingsduur van de investering door haar zal gebruikt worden;

 een omschrijving van de geplande werken;

 een gedetailleerde offerte (indien reeds beschikbaar) of een gedetailleerde raming van de kostprijs;

 naam van de verzekeringsmaatschappij en bewijs dat voor het lokaal een brandverzekering werd afgesloten, als eigenaar of als gebruiker/huurder;

 een gezond financieel meerjarenplan met:

 - afrekening van de vorige 3 boekjaren

 - meerjarenplan van de overige geplande werken voor de volgende 5 jaar

 Voor sportinfrastructuurtoelagen boven een bedrag van 20.000 euro en bij alle waarborgstellingen voor een lening door de gemeente, moet een “meerjaren kasplanning” (vaste template) opgeleverd worden, waaruit moet blijken dat:

        de vereniging financieel gezond is om de infrastructuur te gebruiken (inclusief onderhoudskosten, financieringskosten, herstelkosten, …)

        het risico van de borgstelling voor een lening door het gemeentebestuur, transparant wordt.

        de lening niet langer loopt dan de levensduur van de sportinfrastructuur

 

Art.7.- Op advies van de gemeentelijke sportraad beslist het college van burgemeester en schepenen of de aanvraag al dan niet, geheel of gedeeltelijk, of mits het vervullen van bijkomende voorwaarden, in aanmerking zal genomen worden voor een toelage.

De gemeenteraad stelt de maximale toelage per vereniging vast op basis van de raming van de kostprijs.

 

Art.8.- De toelage wordt uitbetaald na voorlegging door de vereniging van:

 facturen (op naam van de vereniging) voor de aankoop van materialen;

en/of

 facturen van aannemers voor het uitvoeren van de betoelaagde werken, en mits:

 - ofwel betalingsbewijzen worden voorgelegd;

 - ofwel het bewijs wordt geleverd (bv. foto’s) dat de gefactureerde werken uitgevoerd werden;

 

Na verificatie wordt 1/3de (of in uitvoering van art.5, maximaal 50%) van de factuurbedragen aan de vereniging betaald als toelage, binnen de grenzen van de maximale toelage zoals vastgesteld door de gemeenteraad.

 

Het college van burgemeester en schepenen, of haar aangestelde, behoudt zich het recht om te onderzoeken, eventueel na een plaatsbezoek, of de werken in overeenstemming met de aanvraag werden uitgevoerd.

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

 

29 Gemeentelijke toelage 2026-2031 voor onderhoud grasvelden, atletiekbaan, tennisvelden, padelvelden, hockey- en baseballvelden. Goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

De gemeente verleent toelagen aan sportclubs voor het onderhoud van grasvelden, de atletiekbaan

en tennisvelden.

Het is aangewezen deze ondersteuning verder te zetten in de nieuwe legislatuur.

De modaliteiten van dit reglement werden voor het laatst vastgesteld tijdens de gemeenteraad van 28 april 2025. Hierbij werden toen een aantal tekstuele wijzigingen doorgevoerd.

In het meerjarenplan 2026-2031 is het voorstel goedgekeurd om ook het onderhoud van kunstgrasvelden, all-weather tennisvelden en padelvelden mee op te nemen in het toelagereglement volgens volgende tarieven:

        Kunstgrasvelden: 950,00 euro per veld;

        All-weather tennisvelden: 400,00 euro per veld;

        Padelvelden: 200,00 euro per veld.

Tevens is in het meerjarenplan 2026-2031 het voorstel van een jaarlijkse indexatie van de toelagebedragen mee opgenomen en goedgekeurd.

Aan het reglement worden aanpassingen voorgesteld zoals in het document in bijlage aangeduid.

 

Juridisch kader

Gemeenteraadsbesluit van 26 januari 1984 inzake de toepassing van de wet van 14 november 1983 inzake de controle op de toekenning en aanwending van gemeentelijke toelagen. Decreet lokaal Bestuur van 22 december 2017 art 41 lid 2,23° (het vaststellen van de gemeentelijke toelagen en de voorwaarden voor de besteding ervan, is een exclusieve niet-delegeerbare bevoegdheid van de gemeenteraad).

Gemeenteraadsbesluit van 28 april 2025 inzake de gemeentelijke toelage 2025 voor

onderhoud grasvelden, atletiekbaan en tennisvelden.

 

Adviezen

Gunstig advies van de raad van bestuur van de sportraad van 18 november 2024, mits ook het onderhoud van kunstgrasvelden, all-weather tennisvelden en padelvelden mee opgenomen wordt in het toelagereglement, en mits indexering van het budget in de meerjarenplanning. Advies in bijlage.

 

Financiële gevolgen

De financiële gevolgen worden geraamd op:

Kost

2026: 34.500,00 euro, btw inbegrepen
rekening houdend met een gemiddelde indexstijging van 2% per jaar:
2027: 35.190,00 euro, btw inbegrepen
2028: 35.894,00 euro, btw inbegrepen
2029: 36.612,00 euro, btw inbegrepen
2030: 37.344,00 euro, btw inbegrepen
2031: 38.091,00 euro, btw inbegrepen

Budgetsleutel

0740/64930430/Toelage sportvelden en atletiekbaan

Budget/jaar

Exploitatie in 2026 en volgende

Krediet beschikbaar

Ja

Visum financieel directeur

Niet van toepassing

 

BESLUIT eenparig:

 

Enig artikel.- Er wordt goedkeuring gehecht aan het Toelagereglement 2026-2031 voor onderhoud sportvelden

 

Art.1.- De sportvereniging die de toelage onderhoud sportvelden 2026-2031 wenst te verkrijgen komt enkel in aanmerking als zij voldoet aan de volgende voorwaarden:

        het toepassingsgebied van dit reglement is beperkt tot voetbalvelden, hockeyvelden, baseballvelden, atletiekbaan, tennisvelden en padelvelden;

        de aanvragende sportvereniging moet erkend zijn door het gemeentebestuur, d.w.z. aangesloten zijn bij de gemeentelijke sportraad;

        de vereniging zorgt ervoor dat alle gegevens die verband houden met de erkennings- en subsidiëringsvoorwaarden op de zetel voorhanden zijn in het Nederlands en zij stelt die ter beschikking voor toezicht door de administratie;

        de vereniging erkent het belang van het gebruik van het Nederlands bij de uitvoering van de gesubsidieerde activiteiten;

        de aanvragende sportvereniging moet openstaan voor iedere Brasschaatse inwoner;

        de zetel van de betreffende sportvereniging is gevestigd in de gemeente Brasschaat.

 

Art.2.- Voetbalvelden, hockeyvelden en baseballvelden

1. De gemeente verleent voor de dienstjaren 2026-2031, onder voorbehoud van goedkeuring door de      gemeenteraad van het vereiste krediet in het jaarlijks aangepast meerjarenplan, aan de sportclubs         die gebruik maken van grasvelden voor een jaarcompetitiesport en zelf instaan voor onderhoud,              inzaaien en/of maaien, een jaarlijkse toelage als volgt:

        onderhoud/inzaaien: 950,00 euro per groot veld, dit voor zowel natuur- als kunstgrasvelden;

     238,00 euro per klein veld, dit voor zowel natuur- als kunstgrasvelden;

      maaien:   390,00 euro per groot veld.

   98,00 euro per klein veld.

De toelagebedragen worden jaarlijks geïndexeerd.

 

Het onderhoud van de grasvelden door de clubs omvat de jaarlijkse inzaaiing van de velden, alsook de aankoop van alle benodigde materialen (graszaad, zwarte grond, dolomiet, shiste en dergelijke).
Het onderhoud van de kunstgrasvelden door de clubs omvat: decompacteren en dieptereiniging van het kunstgras, lijmnaden en belijning nakijken, infill bijstrooien en inborstelen, anti-mos-, onkruid- en
algenbehandeling.

 

2. De gemeentelijke diensten controleren jaarlijks de grasvelden in de maand juni.  Bij controle dient het     speelveld over een volledig gesloten grasmat te beschikken. Tevens zijn alle oneffenheden                     weggewerkt en voldoet het speelveld aan de speelvoorwaarden, vastgesteld door de betrokken               sportbonden.

 

3. De toelage wordt uitbetaald als volgt:

        onderhoud en zaaien natuurgrasvelden: na controle, zoals vermeld in artikel 3, mits gunstig resultaat;

        maaien: in het voorjaar, na goedkeuring van het (aangepast) meerjarenplan;

        onderhoud kunstgrasvelden: na controle van de staat van de kunstgrasvelden door de gemeentelijke diensten.

 

Art.3.- Atletiekbaan

  1. De gemeente verleent voor de dienstjaren 2026-2031, onder voorbehoud van goedkeuring door de gemeenteraad van het vereiste krediet in het jaarlijks aangepast meerjarenplan, een jaarlijkse toelage van 950,00 euro aan de atletiekclub “Break” voor het onderhoud van de atletiekbaan in het Louis De Winterstadion. Het toelagebedrag wordt jaarlijks geïndexeerd.

 Het onderhoud omvat de regelmatige reiniging, de aankoop van de noodzakelijke producten en   het waterverbruik.

 

  1. De toelage wordt jaarlijks uitbetaald in één schijf, na controle van de staat van de atletiekbaan door de gemeentelijke diensten.

 

Art.4.- Tennis- en padelvelden

  1. De gemeente verleent voor de dienstjaren 2026-2031, onder voorbehoud van goedkeuring door de gemeenteraad van het vereiste krediet in het jaarlijks aangepast meerjarenplan, aan de Brasschaatse tennis- en padelverenigingen een jaarlijkse toelage voor het onderhoud van hun terreinen als volgt:

          400,00 euro per tennisveld, dit voor zowel gravel tennisvelden als all-weather tennisvelden;

          200,00 euro per padelveld.

De toelagebedragen worden jaarlijks geïndexeerd.

 

  1. Het onderhoud van de gravel tennisvelden omvat:

        het breken en verwijderen van de toplaag en afvoeren van de oude gravel;

        aanvoeren van nieuwe gravel die op het terrein vermengd, gewalst en geëgaliseerd wordt;

        huur machines en werkuren.

Het onderhoud van de all-weather tennisvelden omvat:

      Dieptereiniging van de toplaag;

      Anti-mos-, onkruid- en algenbehandeling;

      Aanvullen en egaliseren van de infill.

Het onderhoud van padelvelden door de clubs omvat:

        decompacteren en dieptereiniging van de kunstgrasmat;

        lijmnaden en belijning nakijken;

        infill bij strooien en inborstelen;

        anti-mos-, onkruid- en algenbehandeling.

 

  1. De toelage wordt jaarlijks uitbetaald in één schijf, na controle van de staat van de tennisvelden en padelvelden door de gemeentelijke diensten.

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten

 

 

30 Projectvereniging JoNK projectvereniging. Wijziging samenstelling raad van bestuur. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

In 2015 richtten de gemeenten Brasschaat, Brecht, Essen, Kalmthout, Kapellen, Stabroek en

Wuustwezel de Interlokale Vereniging Jeugdregio Noorderkempen (ILV JoNK) op met als doelstelling:

het jeugdbeleid (in de ruime zin van het woord) van de deelnemende gemeenten te stimuleren en opelkaar af te stemmen

intergemeentelijk overleg te creëren

intergemeentelijke jeugdactiviteiten en projecten op te zetten

de beschikbare middelen voor jeugdbeleid efficiënt in te zetten.

Tijdens de gemeenteraad van 25 februari 2019 werd, na installatie van de nieuwe gemeentebesturen, deze interlokale vereniging JoNK opnieuw erkend. De gemeenten Brecht, Essen, Kalmthout, Stabroek en Wuustwezel werden opnieuw lid van de ILV JoNK, Kapellen trad niet meer toe.

 

In zitting van 27 januari 2025 nam de gemeenteraad kennis van de aangepaste statuten en werden de leden voor de raad van bestuur aangeduid.

Wegens het ontslag van Kato Broos wordt aan de gemeenteraad gevraagd een kandidaat uit de oppositie aan te duiden als plaatsvervangend niet-stemgerechtigd lid voor de raad van bestuur van projectvereniging JonK.

 

Juridisch kader

Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017

Decreet bovenlokaal jeugdwerk, jeugdhuizen en jeugdwerk voor bijzondere doelgroepen van 21december 2017 en het uitvoeringsbesluit van 11 januari 2019.

 

Financiële gevolgen

Er zijn geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.- duidt volgende vertegenwoordigers aan in de raad van bestuur van de Projectvereniging JoNK:

        stemgerechtigd lid : Kelly D'Haen

        plaatsvervangend stemgerechtigd lid : Carla Pantens

        niet-stemgerechtigd lid met raadgevende stem: Lynn De Vocht

        plaatsvervangend niet-stemgerechtigd lid met raadgevende stem: Lisa Buysse

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten

 

 

31 Mondelinge vraag van Rudi Pauwels over bronbemalingen voor de gemeenteraad. - KENNISGENOMEN

 

 

Zittingsverslag

 

 

Raadslid Pauwels doet volgende tussenkomst :

 

“Het toeval wil dat net in de Brasschaatse Film van deze week een artikel verscheen vanwege het provinciebestuur met als titel: "Oproep om water vast te houden omwille van lage grondwaterpeilen".  Het kan wellicht vreemd klinken dat de grondwaterpeilen nog laat staan wegens de recente natte dagen, maar toch is dit een feit.

Dat brengt ons bij de bronbemalingen. We hebben het er hier al meermaals over gehad. Het is voor ons een blijvende bezorgdheid. Water is een kostbaar goed, we hebben het hier al verschillende keren herhaald. Het gebeurt dat er qua bronbemaling een inspanning wordt gedaan om het opgepompte water niet zomaar in de riool te lozen. Bijvoorbeeld, een paar jaar terug bij de zoveelste werken op de Lage Kaart in de omgeving van de Truyensstraat. Toen heeft de aannemer vele meters buis gelegd tot aan een beek aan de overzijde van de Lage Kaart. Al het opgepompte water is toen naar de beek afgeleid.

 

Wij zien nu ook een immense constructie op de Leopoldslei. Het grondwater van een bouwwerf wordt een heel eind verder afgeleid naar het Dr. Roosensplein. Kortom, mits enige inspanning en inventiviteit kan men tot een degelijke oplossing komen om het grondwater degelijk af te voeren.

Helaas gebeurt dit niet altijd. Het merendeel van het opgepompte water via bronbemaling wordt in de riool geloosd. Zo ook bijvoorbeeld met de proefbemaling op de terreinen van het scholenproject Kaart.

 

Meermaals hebben wij gepleit voor striktere richtlijnen in dit verband. Wordt er onderzocht of er beek is in de buurt, wordt er onderzocht of er in de buurt een rioolstelsel is met gescheiden afvoer of wordt er onderzocht of het water op een andere manier kan afgevoerd worden dan via de riool. En eindigt het niet met een onderzoek, maar worden er ook strikte richtlijnen gegeven, naar de aannemer toe, in de omgevingsvergunning?

 

Onze vragen liggen dan ook voor de hand:

-Wat is de stand van zaken omtrent de grondwatertrein?

-Bestaat er een voortschrijdende evolutie m.b.t. de normen rond bronbemaling bij nieuwe bouwprojecten?

-Hoe kan er verklaard worden dat bij het ene project soms lovenswaardige inspanningen worden geleverd en bij andere gemakkelijkheidshalve in de riool wordt geloosd?”

 

Schepen Van Cauwelaert doet volgende tussenkomst :

 

“De Vlaamse overheid heeft met het Verzamelbesluit Grondwater aangepaste regels ingevoerd om beter om te gaan met bemalingen en grondwaterwinning. De bedoeling is vooral om het grondwaterpeil te beschermen, lozingen strikter op te volgen en te zorgen voor een betere monitoring. Deze regels maken deel uit van wat men de grondwatertrein noemt. Deze zijn van kracht sinds 8/4/2025.

 

Voor de proefbemaling in de Leeuwenstraat 50 gaat het om een korte testbemaling van maximaal één maand (door de weersomstandigheden werd deze verlengd met een extra maand). Een proefbemaling is een tijdelijke test waarbij gedurende korte tijd grondwater wordt opgepompt om te onderzoeken hoe snel en hoe gemakkelijk het water in de bodem zich verplaatst. Zo kan men inschatten hoe doorlaatbaar de ondergrond is en welke impact een latere, langere bemaling eventueel zou hebben. Tijdens deze testen worden debiet, waterstand en waterkwaliteit nauw opgevolgd. In dit dossier wordt niet alleen een proefbemaling uitgevoerd, maar ook een infiltratieproef. Daarbij brengt men water opnieuw in de bodem om te beoordelen hoe snel infiltratie kan plaatsvinden en om te controleren of hergebruik of terugvoer in de ondergrond mogelijk en veilig is. Deze informatie helpt om een latere werfbemaling correct te dimensioneren en de impact op de omgeving zo beperkt mogelijk te houden.

 

De bemaling aan de Leopoldslei richting Dr. Roosensplein maakt deel uit van een bouwproject met ondergrondse werken. Omdat deze bemaling langer loopt en meer water verplaatst, gelden er strenge voorwaarden. Het bemalingswater moet naar het RWA-stelsel (regenwaterafvoer) van het Dr. Roosensplein vermits deze binnen de 200 meter van de werf is gelegen. Om de Leopoldslei veilig te kunnen kruisen is er een brugcontructie voorzien.

 

In beide dossiers wordt gewerkt volgens de nieuwe Vlaamse regels, met veel aandacht voor een veilige uitvoering, opvolging van het grondwaterpeil en minimale hinder voor de omgeving. Of het nu om een kleine of een grote bemaling gaat, wij bekijken elk dossier binnen de context van de wetgeving en de werkelijke situatie ter plaatse. Elke locatie heeft haar eigen bodemopbouw, grondwaterstand en gevoeligheden, waardoor we telkens een specifieke inschatting maken. Bij kleinere bemalingen gebeurt dit intern op basis van de ingediende stukken en de lokale omstandigheden. Bij grotere bemalingen is de mogelijke impact groter en wordt het dossier vergund mede op basis van het verplichte advies van de VMM, vooral rond lozing, waterkwaliteit en milieueffecten. Op die manier zorgen we dat elke bemaling, groot of klein, correct wordt beoordeeld en zo weinig mogelijk invloed heeft op de omgeving.”

 

 

 

 

 

Beslissing

 

 

Wij merken verschillende benaderingen met betrekking tot bronbemaling.

 

Neemt kennis van de vraag van Rudi Pauwels, namens Brasschaat2012:

        Is de visie hierover in evolutie?

        Zijn er plannen om de reglementering strikter te maken?

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten

 

 

32 Mondelinge vraag van Rudi Pauwels over het herstel van de Hemelweide voor de gemeenteraad. - KENNISGENOMEN

 

 

Zittingsverslag

 

 

Raadslid Pauwels doet volgende tussenkomst :

 

“In de notulen van het college van burgemeester en schepenen van 2 februari 2026, meer bepaald onder agendapunt 45 lezen we: herstel Hemelweide, voorjaar 2026, goedkeuring lastvoorwaarden. Offertes worden gevraagd aan 5 ondernemers waarbij, het mag gezegd, geen enkele Brasschaatse onderneming. Financiële gevolgen € 4.791,60. Budgetsleutel nummer zoveel, met als item “Buitengewoon onderhoud gemeenteparken”, investeringsbudget 2026.

 

Waren we nu niet verder gekomen dan dit? Na meer dan één tussenkomst van onze fractie omtrent de staat van de Hemelweide na de passage van een of ander evenement. Na de aandacht in persberichten dat onze Hemelweide soms tot een aardappelveld werd herschapen, waren we toch tot een oplossing gekomen, dachten we?

 

De staat van de Hemelweide ging opgemaakt worden door een deskundige en neergeschreven in een rapport voor en na een evenement. De kosten van deze deskundige gingen verhaald worden op de organisatie van het evenement, evenals de herstelling. Buiten het opnieuw inzaaien, dat ging met de nodige deskundigheid door de gemeentelijke diensten gebeuren.

Ik verwijs hier naar de notulen van de gemeenteraad van februari 2024. Meer bepaald agendapunt 5.

 

Moeten wij nu, uit de beslissing van het college, opmaken dat deze beslissing niet meer geldig is? Draait de Brasschaatse burger, in tijden van allerlei besparingen, opnieuw op voor deze herstellingskosten? Indien er een wijziging is rond de reglementering ter zake had dit dan niet ter goedkeuring moeten geagendeerd worden op de gemeenteraad?

 

Graag een heldere verklaring over deze problematiek.”

 

 

Schepen Brughmans doet volgende tussenkomst :

 

“Deze vraag werd reeds gesteld op de gemeenteraad van 24 februari 2025 door Wouter Covens waarbij ondermeer geïnformeerd werd naar de afhandeling van de kosten voor het herstel van de hemelweide na het winterdorp.

 

Op vorige gemeenteraden werd bevestigd dat voortaan de kosten voor het herstel van de hemelweide worden verhaald bij de organisator van het evenement .

Voor grote evenementen wordt een landmeter aangesteld die een verslag opmaakt met een berekening van de schade aan het terrein die niet eigen is aan de vergunde activiteit. Hierbij wordt onder andere gekeken naar spoorvorming en schade die dieper gaat dan ongeveer 3 cm. De landmeter brengt deze schade in kaart en bepaalt op die manier welk percentage van de herstellingskost kan worden doorgerekend aan de organisatoren.

Bij kleinere evenementen gebeurt deze beoordeling intern.

 

Het bestek voor het herstel van het terrein wordt opgemaakt na de passage van alle evenementen. Het effectieve herstel kan enkel plaatsvinden in het voorjaar of in het najaar. Er wordt bewust gekozen om het herstel na WNTR uit te voeren, en dus niet in het najaar van 2025 maar in het voorjaar van 2026, aangezien de schade na dit evenement doorgaans het grootst is.

 

Op het einde van het evenementenseizoen wordt de schade van alle evenementen samen bekeken en wordt de herstellingskost verdeeld op basis van de vastgestelde schade. Voor de Hemelweide zal in dit kader enkel schade gelinkt aan WNTR worden vastgesteld.”

 

Beslissing

 

 

In de notulen van het CBS van 2 februari 2026 lezen we onder punt 45 de inhoud van een bestek met betrekking tot het herstel van de Hemelweide.

 

 

 

Neemt kennis van de vraag van Rudi Pauwels, namens Brasschaat 2012:

        Wat met de contractuele verplichtingen van de organisatie die de schade veroorzaakt heeft?

 

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Overzicht punten

 

 

33 Ontslag wegens pensionering. Eerste inspecteur. - GOEDGEKEURD

 

Publicatiedatum: 31/03/2026
Disclaimer

Publicatie LBLOD

De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.

Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:

Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.