Zitting van maandag 30 maart 2026

Van 20:00 uur

Locatie raadzaal, Verhoevenlei 11, 2930 Brasschaat

 

Aanwezig : Robert Geysen - voorzitter

Adinda Van Gerven - waarnemend burgemeester

Bruno Heirman, Bart Brughmans, Inez Ven, Karina Hans, Joris Van Cauwelaert, Kelly D'Haen - schepenen

Dimitri Hoegaerts, Luc Van der Schoepen, Philip Cools, Rudi Pauwels, Karin Beyers, Erwin Callens, Hedwig van Baarle, Ingeborg Hermans, Goele Fonteyn, Linsey De Vooght, Sven Simons, Lynn De Vocht, Matthias Gulickx, An-Sofie Dewinter, Sylvia Lathouwers, Bryan Verhoeven, Elke De Maeyer, Herman Van Mieghem, Tim Willekens - raadsleden

Ward Schevernels - algemeen directeur

 

Verontschuldigd : Carla Pantens - schepen

Jan Jambon, Jef Konings, Lore Fonteyn, Wouter Covens, Lisa Buysse - raadsleden

 

1 van 1

 

Overzicht punten

 

 

1 Notulen en zittingsverslag van de zitting van de gemeenteraad van 23 februari 2026. Goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Zittingsverslag

 

Raadslid Hermans verwijst naar het feit dat er ergens in het zittingsverslag “waarnemend burgemeester Cools” werd opgenomen. 

 

Voorzitter Geysen geeft mee dat dit zal nagekeken en aangepast worden. 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Op 23 februari 2026 vond er een zitting van de gemeenteraad plaats. De gemeenteraad dient de notulen en het zittingsverslag van die zitting goed te keuren.

 

Juridisch kader

Artikel 32 van het decreet lokaal bestuur.

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.- De notulen en het zittingsverslag van de zitting van de gemeenteraad van 23 februari 2026 worden goedgekeurd.

 

 

Publicatiedatum: 28/04/2026
Overzicht punten

 

 

2 Goedkeuring. Uitbreiden personeelsformatie met buffercapaciteit. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Met de gemeenteraad van 25 augustus 2025 werd de personeelsformatie van de politiezone Brasschaat goedgekeurd. In deze formatie werd een FTE van 57 inspecteurs van politie opgenomen, verdeeld over de verschillende diensten. Momenteel is 47 van de 57 FTE ingevuld met een effectief beschikbare capaciteit van 41,8 FTE.

 

Gelet de lange doorlooptijd bij het aanwerven van een laureaat via externe rekrutering is het nodig om na te denken over een strategische rekrutering. Heden moet er soms naar creatieve oplossingen gezocht worden om de continuïteit qua capaciteit te kunnen voorzien. Wanneer we blijven vasthouden aan het goedgekeurde kader met de daaraan gekoppelde budgetten, zijn we niet wendbaar genoeg bij plotse vertrekken.

 

Daarnaast vinden medewerkers in de huidige samenleving een goede work-life balance erg belangrijk. Om een aantrekkelijke werkgever te zijn is het dan ook belangrijk om maximaal tegemoet te kunnen komen aan deze vraag. Hiervoor zijn er diverse loopbaanstelsels beschikbaar die het mogelijk maken om verminderd te werken. 10 INP, of 23,92% van de beschikbare capaciteit, maken hier dan ook dankbaar gebruik van.

 

De korpschef stelt voor om in de personeelsformatie een buffercapaciteit van 2 inspecteurs van politie op te nemen. Het al dan niet vacant verklaren van deze plaatsen zal jaarlijks worden opgenomen in de begrotingsgesprekken.

 

Het punt werd principieel goedgekeurd op het college van 16 maart 2026.

 

advies bijzonder rekenplichtige

De budgettaire gevolgen van een invulling zijn nog niet opgenomen in het personeelsbudget 2026; een verhoging van geraamde uitgaven is dus een stijging van budget en nadien werkelijk/effectieve kosten op te nemen in begroting 2027. Dit geeft normaal een verhoging van de gemeentelijke toelage.

 

 

Juridisch kader

Wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst gestructureerd op twee niveaus, inzonderheid de artikelen 57 e.v.;

Wet van 27 december 2000 houdende diverse bepalingen met betrekking tot de rechtspositie van het personeel van de politiediensten;

De gemeentewet en het nieuwe gemeentedecreet voor zover van toepassing in zaken van lokale politie;

Koninklijk besluit van 30 maart 2001 tot regeling van de rechtspositie van het personeel van de politiediensten;

Koninklijk besluit van 5 september 2001 houdende het minimaal effectief van het operationeel en van het administratief en logistiek personeel van de lokale politie;

Koninklijk besluit van 17 september 2001 tot vaststelling van de organisatie- en werkingsnormen van de lokale politie teneinde een gelijkwaardige minimale dienstverlening aan de bevolking te verzekeren;

Wet van 26 april 2002 houdende de essentiële elementen van het statuut van de personeelsleden van de politiediensten en houdende diverse andere bepalingen met betrekking tot de politiediensten;

Koninklijk besluit van 10 oktober 2011 houdende het minimaal effectief van het operationeel en het administratief en logistiek personeel van de lokale politie;

Ministeriële omzendbrief PLP12 van 8 oktober 2001 betreffende de rol van de gouverneurs in het raam van het algemeen specifiek toezicht, voorzien door de wet van 7 december 1998;

Koninklijk besluit van 7 december 2001 tot vaststelling van de formatienormen van de personeelsleden van de lokale politie.

Ministeriële omzendbrief PLP25 van 8 mei 2002 betreffende de politiehervorming en de personeelsformaties;

Ministeriële omzendbrief CP2 van 3 november 2004 betreffende het bevorderen van de organisatieontwikkeling van de lokale politie met als finaliteit een gemeenschapsgerichte politiezorg;

Wet van 3 juli 2005 tot wijziging van bepaalde aspecten van het statuut van de personeelsleden van de politiediensten en houdende diverse bepalingen met betrekking tot de politiediensten;

Richtlijnen van 1 december 2006 tot het verlichten en vereenvoudigen van sommige administratieve taken van de lokale politie.

 

Financiële gevolgen

De kost van één inspecteur van politie wordt geraamd op 68 500 euro op jaarbasis. Het al dan niet vacant verklaren van deze plaatsen zal jaarlijks worden opgenomen in de begrotingsgesprekken.

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.- De gemeenteraad gaat akkoord met het voorstel van de korpschef om de personeelsformatie uit te breiden met een buffercapaciteit van 2 inspecteurs van politie.

 

Art.2.- Deze betrekkingen worden vacant verklaard via de gewone mobiliteit. Indien deze plaatsen niet via de gewone mobiliteit kunnen worden ingevuld, zullen de betrekkingen extern worden opengesteld voor de laureaten.

 

Art.3.- Het al dan niet vacant verklaren van deze plaatsen zal jaarlijks worden opgenomen in de begrotingsgesprekken.

 

 

Publicatiedatum: 28/04/2026
Overzicht punten

 

 

3 Besluit gouverneur begroting politiezone. Kennisneming. - KENNISGENOMEN

 

 

Beslissing

 

 

In zitting van 15 december 2025 stelde de gemeenteraad de begroting voor het dienstjaar 2026 van de politiezone Brasschaat vast.

 

Neemt kennis van het besluit van de gouverneur van 9 februari 2026 waarbij de begroting van de politiezone wordt goedgekeurd.

 

 

Publicatiedatum: 28/04/2026
Overzicht punten

 

 

4 Brandweer Zone Rand - jaaractieplan 2026. Kennisneming. - KENNISGENOMEN

 

 

Beslissing

 

 

Art.1.- Neemt kennis van het jaaractieplan 2026 van de Brandweer Zone Rand.

 

Art.2.- Neemt kennis van het feit dat het jaaractieplan 2026 ter goedkeuring zal worden voorgelegd aan de zoneraad van Brandweer Zone Rand van 27 februari 2026 waardoor de gemeenten niet tijdig hun advies kunnen uitbrengen.

 

Art.3.- Neemt kennis van de opdracht van het college van burgemeester en schepenen om de Brandweerzone Rand te verzoeken om een toelichting te geven omtrent het meerjarenbeleidsplan, jaaractieplan en algemene werking van de Brandweerzone Rand op één van de komende algemene commissies. (NVT als er een toelichting is geweest op AC van maart)

 

 

Publicatiedatum: 28/04/2026
Overzicht punten

 

 

5 Gemeentelijk secundair onderwijs. Wijzigingen lessentabellen van de eerste graad met ingang van 1 september 2026. Goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Met het gemeenteraadsbesluit van 18 november 2019 werden de lessentabellen van de eerste graad voor het gemeentelijk secundair onderwijs van Brasschaat met ingang van 1 september 2019 vastgesteld.

 

Met ingang van 1 september 2026 is het noodzakelijk enkele inhoudelijke wijzigingen door te voeren zodat de eerste graad optimaal aansluit bij het aanbod van de 2e en 3e graad.

Er wordt voorgesteld om vanaf 1 september 2026 de basisoptie maatschappij en welzijn mee aan te bieden.

Hierdoor is het noodzakelijk om de lessentabellen van de eerste graad opnieuw vast te stelen.

 

Juridisch kader

Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.

 

Adviezen

Het inrichten van de nieuwe basisoptie maatschappij en welzijn en de nieuwe lessentabellen werden op 26 februari 2026 ter goedkeuring voorgelegd aan de representatieve vakorganisaties.

 

Financiële gevolgen

Er zijn geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.- Met ingang van 1 september 2026 wordt in de eerste graad de basisoptie maatschappij en welzijn mee aangeboden.

 

Art.2.- De lessentabel voor het 1ste jaar van de eerste graad van het gemeentelijk secundair onderwijs van Brasschaat wordt vastgesteld met ingang van 1 september 2026 als volgt:

 

1e jaar

 

inhaallessen

taal en cultuur

 

 

Nederlands

5

1

Frans

4

1

artistieke expressie

3

 

STEM

 

 

wiskunde

5

1

techniek

2

 

toegepaste informatica

1

 

natuurwetenschappen

2

 

mens en maatschappij

 

 

aardrijkskunde

2

 

geschiedenis

1

 

mens en maatschappij (burgerschap)

1

 

lichamelijke opvoeding

2

 

levensbeschouwing

2

 

projecten

2

 

 

Art.3.- De lessentabel voor het 2e jaar van de eerste graad van het gemeentelijk secundair onderwijs van Brasschaat wordt vastgesteld met ingang van 1 september 2026 als volgt:

 

2e jaar

 

moderne talen wetenschappen

economie en organisatie

STEM-wetenschappen

maatschappij en welzijn

 

basisvorming

basisoptie

basisoptie

basisoptie

basisoptie

Nederlands

4

 

 

 

 

Frans

3

1

 

 

 

Engels

3

 

 

 

 

taal en cultuur

 

1

 

 

 

wiskunde

4

 

 

 

 

ondersteunende wiskunde

 

1

1

1

1

natuurwetenschappen

2

2

 

 

 

labo wetenschappen

 

 

 

2

 

aardrijkskunde

1

 

 

 

 

geschiedenis

2

 

 

 

 

mens en maatschappij (burgerschap)

1

 

 

 

 

maatschappij en welzijn

 

 

 

 

4

economie

1

 

 

 

 

bedrijfswetenschappen

 

 

4

 

 

techniek

2

 

 

 

 

engineering

 

 

 

2

 

levensbeschouwing

2

 

 

 

 

lichamelijke opvoeding

2

 

 

 

 

 

Art.4.- Aan de school wordt opdracht gegeven om aan het Ministerie van Onderwijs te melden dat met ingang van 1 september 2026 de nieuwe basisoptie maatschappij en welzijn wordt aangeboden in de eerste graad.

 

 

Publicatiedatum: 28/04/2026
Overzicht punten

 

 

6 Gemeentelijk secundair onderwijs. Scholengemeenschap GIB/GITOK. Verlenging  intergemeentelijke samenwerkingsovereenkomst van 1 september 2026 tot en met 31 augustus 2032. Goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Met de besluiten van 27 mei 1999, 1 september 2005, 26 mei 2011, 24 februari 2014 en 17 februari 2020 werd door de gemeenteraad een intergemeentelijke samenwerkingsovereenkomst afgesloten met het gemeentebestuur van Kalmthout tot het vormen van een scholengemeenschap secundair onderwijs, voor de duur van 6 schooljaren en verlengd met respectievelijk 6, 3, 6 en 6 schooljaren.

 

Met het besluit van 23 februari 2026 werd door de gemeenteraad beslist de intergemeentelijke samenwerking afgesloten met de gemeente Kalmthout in verband met van de scholengemeenschap GIB/GITOK voor de periode van 1 september 2026 tot en met 31 augustus 2032 te verlengen.

 

De huidige scholengemeenschap in de vorm van een interlokale vereniging (scholengemeenschap GIB/Gitok) loopt op 31 augustus 2026 af na een periode van zes schooljaren en is als volgt samengesteld:

        Gitok eerste graad, Kapellensteenweg 501 te Kalmthout;

        Gitok bovenbouw, Kapllensteenweg 112 te Kalmthout;

        GIB (middenschool), Miksebaan 47 te Brasschaat;

        GIB (bovenschool), Door Verstraetelei 50 te Brasschaat.

 

Het is noodzakelijk een nieuwe overeenkomst af te sluiten.

 

Juridisch kader

Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.

Het decreet van 2 april 2004 over participatie op school en de Vlaamse onderwijsraad.

Het besluit van de Vlaamse Regering van 17 december 2010 over de codificatie secundair onderwijs.

De ministeriële omzendbrief van 30 april 1999 over de scholengemeenschappen secundair onderwijs.

 

Adviezen

De verlenging van de intergemeentelijke samenwerking voor de periode van zes schooljaren wordt voorgelegd aan de representatieve vakorganisaties op 26 februari 2026.

De verlenging van de intergemeentelijke samenwerking voor de periode van zes schooljaren werd voorgelegd aan de schoolraad van 3 februari 2026.

 

Financiële gevolgen

Er zijn geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.- Er wordt goedkeuring gegeven aan de nieuwe overeenkomst in verband met de intergemeentelijke samenwerking scholengemeenschap GIB/Gitok voor de periode van 1 september 2026 tot en met 31 augustus 2032 zoals in bijlage. Deze bijlage maakt integraal deel uit van deze beslissing.

 

Art.2-.Aan de coördinerende directeuren van de scholengemeenschap wordt opdracht gegeven de verlening van de scholengemeenschap te melden aan het ministerie van onderwijs en vorming te laatste op 31 maart 2026.

 

 

Publicatiedatum: 28/04/2026
Overzicht punten

 

 

7 Gemeentelijk secundair onderwijs. Aanpassing arbeidsreglement. Goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Zittingsverslag

 

Raadslid Pauwels maakte een aantal opmerkingen tijdens de algemene commissie.  Hij spreekt zijn dank uit omdat hier rekening mee werd gehouden en men de aanpassingen heeft uitgevoerd. 

Hij stelt wel dat er in de bijlage 2 versies hangen, nl. de oude versie en de nieuwe versie.  Hij stelt voor om de oude versie te verwijderen om geen misverstanden te hebben. 

 

Schepen Ven bevestigt dat de ze oude versie zullen verwijderen.  Ze bedankt raadslid Pauwels nog eens voor de opmerkingen. 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Met het gemeenteraadsbesluit van 25 november 2024 werd het arbeidsreglement en de bijlagen voor het gesubsidieerd personeel van het gemeentelijk secundair onderwijs goedgekeurd.

Door wijzigingen aan de wetgeving en de interne werking van de school is het noodzakelijk het arbeidsreglement aan te passen. Het is noodzakelijk het arbeidsreglement te actualiseren.

 

Juridisch kader

Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.

 

Adviezen

De representatieve vakorganisaties werden op 26 februari 2026 geraadpleegd over de wijzigingen aan het arbeidsreglement.

 

Financiële gevolgen

Er zijn geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.-  Hecht goedkeuring aande aanpassingen aan het arbeidsreglement en de bijlagen voor het gesubsidieerd personeel van het gemeentelijk secundair onderwijs van Brasschaat, zoals voorzien in bijlagen, met ingang van 1 april 2026.

 

 

Publicatiedatum: 28/04/2026
Overzicht punten

 

 

8 Gemeentelijk secundair onderwijs. Wijzigingen lessentabellen van de tweede graad met ingang van 1 september 2026. Goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Met het gemeenteraadsbesluit van 26 juni 2023 werden de lessentabellen van de tweede graad voor het gemeentelijk secundair onderwijs van Brasschaat met ingang van 1 september 2023 vastgesteld.

 

Met ingang van 1 september 2026 is het noodzakelijk enkele inhoudelijke wijzigingen door te voeren zodat de tweede graad optimaal aansluit bij het aanbod van de 1e en 3e graad. Hierdoor is het aangewezen om met ingang van 1 september 2026 de richting bedrijfswetenschappen eveneens aan te bieden in de 2e graad in plaats van economische wetenschappen optie bedrijfswetenschappen. De optie bedrijfswetenschappen wordt reeds in de 3e graad aangeboden.

Hierdoor is het noodzakelijk om de lessentabellen van de tweede graad opnieuw vast te stelen.

 

Juridisch kader

Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.

 

Adviezen

Het inrichten van de bedrijfswetenschappen en de nieuwe lessentabellen werd op 24 maart 2025 ter goedkeuring voorgelegd aan de representatieve vakorganisaties.

 

Financiële gevolgen

Er zijn geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.- Er wordt ingestemd met het voorstel om met ingang van 1 september 2026 de richting bedrijfswetenschappen aan te bieden in het gemeentelijk secundair onderwijs in plaats van economische wetenschappen optie bedrijfswetenschappen.

 

Art.2.- De lessentabel voor de tweede graad van het gemeentelijk secundair onderwijs van Brasschaat wordt principieel goedgekeurd met ingang van 1 september 2026 zoals in bijlage, deze bijlage maakt integraal deel uit van dit besluit.

 

Art.3.- Aan de directie van de school wordt opdracht gegeven om de wijziging in het aanbod van de studierichting te melden aan het ministerie van onderwijs en vorming voor 31 maart 2026.

 

 

Publicatiedatum: 28/04/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

 

9 Belasting 2026-2031 op de waardevermeerdering van een perceel. - GOEDGEKEURD

 

 

Zittingsverslag

 

Raadslid Hoegaerts doet volgende tussenkomst :

 

Een nieuwe maand, een nieuwe belasting. De N-VA deinst er niet voor terug om het imago van belastingpartij, meerwaardebelastingpartij zelfs te cultiveren.

De invoering van een nieuwe belasting op de waardevermeerdering van een perceel, geïnspireerd door enkele andere N-VA-gemeentebesturen is een nieuwe vorm van belastingkoterij, waarbij het stelsel van gemeentebelastingen nog wat complexer en onoverzichtelijker wordt.

Eigenaars van deze percelen betalen al registratierechten, onroerende voorheffing en eventueel belasting bij doorverkoop. Dit is een bijkomende laag aan lasten die op hetzelfde vastgoed wordt gelegd. Waar stopt dat? 

De grond voor het opleggen van een belasting op de waardevemeerdering van een perceel wordt door het bestuur zelf geschapen en op die manier kan de gemeente op die manier in een aantal gevallen een mooi graantje meepikken, zeker op grote en dure stukken grond.

De ontvangsten zijn ‘moeilijk in te schatten’ zo luidt het, maar ongetwijfeld rekent het gemeentebestuur op een zekere return.

 

Meer principieel: We bevinden ons midden in een ongeziene wooncrisis. Inflatie, hogere rentevoeten, milieueisen en geëxplodeerde prijzen voor bouwmaterialen hebben de verwerving van een eigen woning voor de jonge middenklasse bijna onmogelijk gemaakt, ook en zeker in Brasschaat. Herinner u dat we voorafgaand aan de gemeenteraadsverkiezingen hier over gedebatteerd hebben en dat dat, het behoud van een jonge middenklasse in Brasschaat, een belangrijk thema was. In deze volatiele en dure context, introduceert het gemeentebestuur een bijkomende belasting van 25% op de waardevermeerdering van percelen. Halen we dan niet op korte termijn gewoon wat geld op als gemeente terwijl we anderzijds mensen het nog moeilijker maken om een eigendom te verwerven? Bouwheren zullen dit soort zaken gewoon doorrekenen aan een toekomstig bewoner van een woning op deze percelen.

 

En dan een meer technische opmerking: De belasting op afwijkingen van oude BPA's (artikel 4.4.9/1 VCRO) wordt geïnd wanneer de omgevingsvergunning "definitief uitvoerbaar" is na de beroepstermijnen (artikel 4, §1). In de complexe realiteit van het omgevingsrecht is "definitief" echter een relatief begrip. Vergunningen kunnen na jaren nog steeds vernietigd worden door de Raad voorVergunningsbetwistingen of de Raad van State wegens procedurefouten. Als het bouwproject uiteindelijk niet mag doorgaan, verdwijnt de gerealiseerde meerwaarde als sneeuw voor de zon, terwijl de gemeente de 25% belasting reeds heeft geïnd.

 

Wij zouden dan bij het bestuur willen aandringen om een extra bepaling, een soort  expliciete teruggaveregeling, toe te voegen aan het reglement dat automatisch voorziet in de integrale en versnelde terugbetaling van de geheven belasting  in het specifieke geval dat de onderliggende omgevingsvergunning, die de grondslag vormde voor de heffing, finaal en onherroepelijk wordt vernietigd door een rechtscollege. Het ontbreken van deze bepaling staat namelijk op gespannen voet met het principe van behoorlijk bestuur en kan problemen geven op termijn.”

 

Raadslid Pauwels stelt dat bepaalde partijen in hun verkiezingscampagnes beloften hebben gemaakt die nu niet nagekomen worden.  Deze belasting treft niet elke burger van Brasschaat maar het is volgens hem toch weer een nieuwe belasting.  Na de verhoging van de opcentiemen en de GFT worden de mensen hier volgens hem toch weer mee geconfronteerd. 

 

Schepen Heirman stelt dat er misschien toch niet zo goed geluisterd werd op de algemene commissie.  Het gaan hier om een aanvulling op de bestaande regelgeving van Vlaanderen.  Vlaanderen heeft zo’n meerwaardebelasting bij RUP’s.  Hier wordt dit toegepast bij een RUP waar een bestemmingswijziging van een perceel wordt goedgekeurd.  Er zijn 2 situaties waarbij deze planbatenheffing niet van toepassing zijn en daar heeft men nu een reglement voor geschreven.  Het is geen nieuwe belasting maar een uitbreiding van de Vlaamse belasting.  Het zijn geen belasting voor de gemeente volgens hem maar voor de burger.  Met dit geld kan men extra beleid voeren. 

 

Raadslid Gulickx heeft geen opmerkingen bij dit punt. 

 

Fractie N-VA en fractie CD&V keuren dit punt goed. 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Door de inwerkingtreding van het Vlaamse instrumentendecreet vloeien de opbrengsten van de planbatenheffing voortaan door naar de betrokken gemeenten. De gewijzigde planbatenregeling is van toepassing op ruimtelijke uitvoeringsplannen die voorlopig vastgesteld zijn vanaf 15 april 2024.

 

Bij de inwerkingtreding van een ruimtelijk uitvoeringsplan waarbij voor een perceel een bestemmingswijziging wordt goedgekeurd, int het Vlaamse Gewest de planbatenheffing overeenkomstig de artikelen 2.6.4 tot en met 2.6.19 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en stort deze door aan de gemeente. Daarmee erkent de Vlaamse decreetgever dat waardevermeerderingen van onroerende goederen, die het gevolg zijn van publieke ruimtelijke beslissingen, mede aan de gemeenschap toekomen.

 

De planbatenheffing is evenwel beperkt tot gevallen waarin een bestemmingswijziging wordt gerealiseerd via een ruimtelijk uitvoeringsplan. Ook zonder formele bestemmingswijziging kunnen de ontwikkelingsmogelijkheden van een perceel echter aanzienlijk worden uitgebreid. Dit kan onder meer het geval zijn bij de herziening of opheffing van stedenbouwkundige inrichtingsvoorschriften overeenkomstig artikel 7.4.4/1 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO), alsook bij het verlenen van omgevingsvergunningen waarbij, overeenkomstig artikel 4.4.9/1 VCRO, wordt afgeweken van stedenbouwkundige voorschriften van een bijzonder plan van aanleg dat ouder is dan vijftien jaar.

 

Dergelijke beslissingen van het vergunningverlenend bestuursorgaan kunnen leiden tot een substantiële waardevermeerdering van het betrokken perceel. Het wordt niet wenselijk geacht dat deze meerwaarde uitsluitend ten goede komt aan de begunstigde, zonder enige bijdrage aan de gemeenschap.

 

Er wordt dan ook een rechtvaardige verdeling van deze meerwaarde nagestreefd tussen de ontwikkelaar of grondeigenaar enerzijds en de gemeente en haar inwoners anderzijds. Om redenen van rechtsgelijkheid wenst het college dossiers waarbij een verruiming van vergunningsmogelijkheden wordt toegestaan zonder bestemmingswijziging, op een gelijkaardige wijze te behandelen als dossiers die aanleiding geven tot de heffing van planbaten.

 

Er wordt daarom voorgesteld om vanaf 1 april 2026 een belasting van 25% in te voeren op de berekende waardevermeerdering van een perceel naar aanleiding van het herzien of opheffen van stedenbouwkundige inrichtingsvoorschriften in toepassing van artikel 7.4.4/1 VCRO of afwijkingen van stedenbouwkundige voorschriften bij toepassing van artikel 4.4.9/1 VCRO in het kader van de ruimtelijke ordening.

 

De inkomsten uit deze belastingen komen rechtstreeks ten goede aan de inwoners van de gemeente. Diverse projecten van de gemeente zullen met deze opbrengsten worden gefinancierd. De financiële toestand van de gemeente vergt de invoering van alle rendabele belastingen. Het is aangewezen voormeld besluit voor de aanslagjaren 2026-2031 in te voeren.

 

Juridisch kader

Artikel 170, §4 Gw, artikel 41, eerste lid en artikel 162, tweede lid, 2° Gw. Betreffende de algemene fiscale autonomie van gemeenten;

Het decreet van 30 mei 2008 en latere wijzigingen betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van gemeentebelastingen;

Het decreet van 22 december 2017 en latere wijzigingen over het Lokaal Bestuur;

De fiscale Vlaamse omzendbrief KB/ABB 2019/2 van 15 februari 2019;

Artikel 4.4.9/1 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO)

Artikel 7.4.4/1 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO)

 

Financiële gevolgen

De ontvangsten zijn moeilijk in te schatten, aangezien het aantal dossiers dat in de toekomst aanleiding zal geven tot de toepassing van artikel 4.4.9/1 en/of artikel 7.4.4/1 VCRO afhankelijk is van concrete vergunningsaanvragen en beleidsmatige keuzes.

 

De uitgaven die gepaard gaan met de toepassing van dit reglement zijn afhankelijk van het aantal dossiers.

De kosten hangen af van type dossier, maar worden geraamd op 1.500 euro per schatting.  We kunnen bestellen via het raamcontract van Igean, via een externe landmeter-expert om geen schijn van partijdigheid te wekken.

 

BESLUIT:

Met 20 ja-stemmen (Robert Geysen, Adinda Van Gerven, Bruno Heirman, Bart Brughmans, Inez Ven, Karina Hans, Joris Van Cauwelaert, Kelly D'Haen, Philip Cools, Karin Beyers, Erwin Callens, Hedwig van Baarle, Goele Fonteyn, Sven Simons, Lynn De Vocht, Matthias Gulickx, Sylvia Lathouwers, Bryan Verhoeven, Elke De Maeyer en Herman Van Mieghem), 7 neen-stemmen (Dimitri Hoegaerts, Luc Van der Schoepen, Rudi Pauwels, Ingeborg Hermans, Linsey De Vooght, An-Sofie Dewinter en Tim Willekens).

 

Art.1.- Met ingang van 1 april 2026 tot en met 31 december 2031 wordt een gemeentebelasting gevestigd op de waardevermeerdering van een perceel naar aanleiding van het herzien of opheffen van stedenbouwkundige inrichtingsvoorschriften in toepassing van artikel 7.4.4/1 VCRO of afwijkingen van de stedenbouwkundige voorschriften bij toepassing van artikel 4.4.9/1 VCRO.

 

Art.2.- Definities

 

Voor de toepassing van dit belastingreglement hebben de volgende termen de betekenis zoals bepaald in dit artikel.

 

- Perceel: als perceel dient te worden begrepen een kadastraal perceel of een deel van een kadastraal perceel.

 

- Inwerkingtreding van een beslissing overeenkomstig artikel 7.4.4/1 VCRO:
het moment waarop de beslissing tot herziening of opheffing van stedenbouwkundige inrichtingsvoorschriften definitief in werking treedt en niet langer vatbaar is voor schorsing of vernietiging.

 

- Uitvoerbaarheid van een omgevingsvergunning: het moment waarop een vergunninghouder tot uitvoering kan gaan van diens vergunning, na het doorlopen van alle toepasselijke (schorsende) beroepstermijnen.

 

- Vergunninghouder: de aanvrager van een omgevingsvergunning die na besluit van het vergunningverlenende bestuursorgaan beschikt over een rechtsgeldige vergunning. Een vergunning heeft een zakelijk recht en kan worden overgedragen. De door de vergunningverlenende overheid gekende vergunninghouder moet een eventuele overdracht kenbaar maken aan de gemeente.

 

Art.3.- Voorwerp

 

Er wordt een eenmalige belasting gevorderd op de waardevermeerdering die ontstaat bij één van de hierna vermelde gebeurtenissen:

 

- Het herzien of opheffen van stedenbouwkundige inrichtingsvoorschriften overeenkomstig artikel 7.4.4/1 VCRO.

 

- Het afleveren van een omgevingsvergunning waarin wordt afgeweken van de stedenbouwkundige voorschriften van een bijzonder plan van aanleg overeenkomstig artikel 4.4.9/1 VCRO.

 

Art.4.- Grondslag

 

§1 Met waardevermeerdering wordt bedoeld het verschil tussen de waarde van het perceel vóór en na het beslissingsmoment van:

– een beslissing overeenkomstig artikel 7.4.4/1 VCRO;
– de definitieve uitvoerbaarheid van een omgevingsvergunning waarbij toepassing wordt gemaakt van artikel 4.4.9/1 VCRO.

 

Voor artikel 7.4.4/1 VCRO wordt onder beslissingsmoment verstaan:
de definitieve inwerkingtreding van de beslissing tot herziening of opheffing van stedenbouwkundige inrichtingsvoorschriften.

 

Voor artikel 4.4.9/1 VCRO wordt onder beslissingsmoment verstaan:
de definitieve uitvoerbaarheid van de vergunning na het verstrijken van de toepasselijke beroepstermijnen.

 

 

 

 

 

De gemeente brengt de belastingplichtige per aangetekend schrijven op de hoogte van de door de beëdigd schatter vastgestelde waarden en het aldus bepaalde bedrag van de waardevermeerdering.

 

§2

1. Indien de belastingplichtige de door de beëdigd schatter vastgestelde waarden betwist, brengt hij de gemeente hiervan per aangetekend schrijven op de hoogte binnen een termijn van 60 kalenderdagen die aanvangt vanaf de derde werkdag volgend op de verzending van het aangetekend schrijven door de gemeente waarvan sprake in artikel 4 §1van dit reglement. In zijn aangetekend schrijven duidt de belastingplichtige reeds een beëdigd schatter van zijn keuze aan.

 

2. Beide beëdigde schatters stellen samen een derde beëdigd schatter aan en dit binnen een termijn van 45 kalenderdagen die een aanvang neemt vanaf de derde werkdag volgend op de verzending van het aangetekend schrijven door de belastingplichtige waarvan sprake in artikel 4, §2.1 van dit reglement.

 

Indien de belastingplichtige in gebreke blijft een beëdigd schatter aan te duiden of indien de door beide partijen aangestelde beëdigde schatters in gebreke blijven of geen overeenstemming bereiken over de aanstelling van de derde beëdigd schatter, zal deze aanduiding gebeuren door de Voorzitter van de Rechtbank van Eerste Aanleg te Antwerpen, en dit op verzoek van de meest gerede partij.

 

Het college van beëdigde schatters zal onverwijld en uiterlijk vier maanden na de aanstelling van de derde beëdigd schatter het bedrag van de waardevermeerdering bepalen.

 

De kosten in verband met de waardebepalingen door het college van beëdigd schatters zullen worden gedragen door de gemeente en de belastingplichtige, elk voor de helft, tenzij andersluidende beslissing door de rechter.

 

Art.5.- Belastbaar moment

 

De belasting is verschuldigd op het ogenblik van de definitieve bepaling van de waardevermeerdering zoals berekend overeenkomstig artikel 4, ingevolge:

 

– de definitieve inwerkingtreding van een beslissing overeenkomstig artikel 7.4.4/1 VCRO;
– de definitieve uitvoerbaarheid van een omgevingsvergunning overeenkomstig artikel 4.4.9/1 VCRO.

 

 

Art.6.- Belastingplichtige

 

De belasting is verschuldigd door:

 

1. Bij toepassing van artikel 7.4.4/1 VCRO: de eigenaar van het onroerend goed op het ogenblik van de definitieve inwerkingtreding van de beslissing overeenkomstig artikel 7.4.4/1 VCRO.

ln geval van mede-eigendom zijn de mede-eigenaars hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de gehele belasting.

 

2. Bij toepassing van artikel 4.4.9/1 VCRO: de vergunninghouder(s) of diens rechtsopvolger(s). Alle vergunninghouders zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de gehele belasting.

 

Art.7- Tarief

 

De belasting bedraagt 25% van de aldus berekende waardevermeerdering.

 

Art.8.- Uitzondering

 

De gemeentebelasting is niet verschuldigd wanneer de herziening, opheffing of afwijking

minder dan 25% van een perceel bestrijkt of een perceel gedeelte van minder dan 200 m 2 betreft.

 

Art.9.- Toepassingsgebied

 

Het reglement is van toepassing op het grondgebied van de gemeente Brasschaat.

 

Voor percelen die slechts gedeeltelijk op het grondgebied van de gemeente Brasschaat zijn gelegen, wordt de belasting vastgesteld in verhouding van het gedeelte van het perceel dat op het grondgebied van de gemeente is gelegen tot de totale oppervlakte van het perceel.

 

Art.10.- Vestiging van de belasting

 

De belasting wordt ingevorderd door middel van een kohier dat wordt vastgesteld en uitvoerbaar verklaard door het college van burgemeester en schepenen.

De belasting moet betaald worden binnen 2 maanden na de verzending van het aanslagbiljet.

 

Art.11.-. Inwerkingtreding

 

In toepassing van artikel 288 Decreet lokaal bestuur treedt huidig reglement in werking op 1 april 2026.

 

Art.12.- Bezwaarprocedure

 

§ 1 De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan bezwaar indienen tegen deze belasting bij het college van burgemeester en schepenen. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend en worden gemotiveerd.

 

De indiening moet, op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.

 

Het bezwaar kan met de nodige bewijsstukken via één van de volgende kanalen worden ingediend:

- e-mail: debiteuren@brasschaat.be;

- post: College van burgemeester en schepenen, t.a.v. dienst financiën, Verhoevenlei 11, 2930 Brasschaat.

 

§ 2 Het beroepschrift wordt behandeld in overeenstemming met het Decreet van 30 mei 2008, en latere wijzigingen betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van gemeentebelastingen.

 

Art.13.- Bekendmaking

Onderhavig reglement wordt bekendgemaakt overeenkomstig de artikelen 285, 286 en 287 van het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.

 

De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.

 

 

Publicatiedatum: 28/04/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

 

10 Retributiereglement op het parkeren. Wijziging vanaf 1 april 2026. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Het gemeenteraadsbesluit van 15 december 2025 houdende goedkeuring van de retributie voor het parkeren van voertuigen op de openbare weg of op plaatsen gelijkgesteld aan de openbare weg (blauwe zone).

 

Om de dorpskernen bloeiend en levendig te houden wenst de gemeente lokale handel te stimuleren. Een vlotte mobiliteit en goede bereikbaarheid zijn daarbij essentieel. De parkeerplaatsen in bepaalde zones voorbehouden voor beperkt parkeren draagt in sterke mate bij tot voldoende verloop.

 

Door het toepassen van deze zones zal het gebruik van deze parkeerplaatsen optimaal benut worden.

 

Het aanleggen van parkeermogelijkheden met ingeperkte toegestane parkeerduur en het toezicht op deze parkeerplaatsen brengt aanzienlijke gemeentelijke lasten met zich mee.

 

Het voorstel om aan het Dr. Roosensplein tussen de oneven huisnummer 7 A tot en met huisnummer 21 parkeren met blauwe zonereglementering ( max. 30 minuten) in te voeren.

 

De bestaande zones waar kortparkeren van toepassing is, zoals Molenweg en Dr. Roosensplein worden in het retributiereglement mee opgenomen.

 

Het reglement dient hierdoor aangevuld te worden. De lokale politie stelt voor om met drie zones te werken:

 

- het parkeren in zones met beperkte parkeertijd (blauwe zones)

- het parkeren op de openbare weg of op bepaalde parkeerplaatsen met blauwe zonereglementering

- het kortparkeren

 

Het voorstel om dienstvoertuigen van de gemeente, het OCMW, de lokale politie, brandweer en van de openbare nutsbedrijven vrij te stellen van retributie.

 

Het is aangewezen om het besluit met ingang van 1 april 2026 te wijzigen.

 

Juridisch kader

Het decreet van 16 mei 2008 en latere wijzigingen betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens.

Het gemeenteraadsbesluit van 30 april 2009 houdende goedkeuring van de overdracht van bevoegdheid naar het schepencollege voor het vaststellen van de aanvullende reglementen op de politie over het wegverkeer.

Het ministerieel besluit van 1 december 1975 tot vaststelling van de kenmerken van bepaalde schijven, bebakeningen, en platen die voorgeschreven zijn door het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer.

Het koninklijk besluit van 1 december 1975 en latere wijzigingen betreffende het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg (Wegcode).

Het ministerieel besluit van 7 mei 1999 betreffende de parkeerkaart voor mensen met een handicap.

Het ministerieel besluit van 9 januari 2007 betreffende de gemeentelijke parkeerkaart.

De omzendbrief KB/ABB 2019/2 van 15 februari 2019 betreffende de gecoördineerde onderrichtingen over de gemeentefiscaliteit.

Het decreet van 22 december 2017 en latere wijzigingen over het Lokaal Bestuur.

 

Adviezen

De lokale politie, de diensten mobiliteit en integrale veiligheid en de juridische dienst adviseren positief.

 

Financiële gevolgen

De ontvangsten voor 2026 worden geraamd op 80.000 euro.

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.- Toepassingsgebied

§1. Met ingang van 1 april 2026 en voor een onbepaalde duur wordt een retributie gevestigd op het parkeren van motorvoertuigen op de openbare weg of op plaatsen gelijkgesteld aan de openbare weg, binnen de volgende zones waar een blauwe zonereglementering of een regeling voor kortparkeren van kracht is:

 

- in een zone met beperkte parkeertijd (blauwe zone) conform artikel 27.1 van de wegcode

- in een zone op de openbare weg met blauwe zone reglementering conform artikel 27.2 van de wegcode

- in een zone waar kortparkeren van toepassing is via een onderbord dat de parkeerduur beperkt en dat onderbord aangebracht is onder een bord E9a, E9b of E9c;

 

§2. Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:

•blauwe zones: alle straten of straatgedeelten volgens bijlage 1;

•zone met blauwe zonereglementering: alle straten of straatgedeeltes en parkings volgens bijlage 2;

•zone kortparkeren: alle straten of straatgedeelten volgens bijlage 3

 

Art.2.- Richtlijnen inzake het gebruik van de parkeerschijf

§1. Elke bestuurder die, op een werkdag of op de dagen vermeld op de signalisatie, een auto, een vierwielige bromfiets, een driewieler met motor of een vierwieler met motor parkeert in een zone met beperkte parkeertijd, moet op de binnenkant van de voorruit of, als er geen voorruit is, op het voorste gedeelte van het voertuig een parkeerschijf aanbrengen, die overeenstemt met het model dat bepaald is door de Minister van Verkeerswezen.

§2 De bestuurder moet de pijl van de parkeerschijf op het streepje plaatsen dat volgt op het tijdstip van aankomst.

§3 Behalve wanneer bijzondere voorwaarden zijn aangebracht op de signalisatie, is het gebruik van de schijf voorgeschreven van 9 u. tot 18 u. op de werkdagen (inclusief zaterdag) en voor een maximumduur van twee uren.

§4 Het voertuig moet de parkeerplaats verlaten hebben uiterlijk bij het verstrijken van de vergunde parkeerduur.

§5 Het is verboden onjuiste aanduidingen op de schijf te laten verschijnen. De aanduidingen van de schijf mogen niet gewijzigd worden voordat het voertuig de parkeerplaats verlaten heeft.

§6. Het gebruik van automatische parkeerschijven is verboden.

§7. Het plaatsen van meerdere parkeerschijven is verboden.

§8. Wanneer verder in dit reglement sprake is van een betalingsuitnodiging die achter de ruitenwisser van de voorruit wordt geplaatst, wordt die, als er geen is, elders op het voorste gedeelte van het motorvoertuig aangebracht.

§9. De gebruiker van het motorvoertuig heeft geen verhaal tegen een politiebevel tot verplicht ontruimen van de ingenomen parkeerplaats, niettegenstaande de reeds betaalde retributie, om redenen vreemd aan de wil van het gemeentebestuur.

 

Art.3.- Retributieplichtige

De retributie geldt per geparkeerd voertuig en is verschuldigd door de houder van de nummerplaat, dan wel door de gebruikelijke bestuurder wanneer het voertuig is ingeschreven op naam van een rechtspersoon en die rechtspersoon de gebruikelijke bestuurder heeft laten registreren in de Kruispuntbank van de voertuigen.

 

Art.4.- Tarieven

§1. Blauwe zone

 

De retributie is van toepassing in zones met beperkte parkeertijd en op de openbare weg met blauwe zonereglementering zoals bepaald in artikel 27.1 en 27.2 van het koninklijk besluit van 1 december 1975.

 

De retributie is van toepassing elke werkdag (inclusief zaterdag) van 9 uur tot 18 uur, tenzij de signalisatie andere dagen en uren vermeldt zoals voorzien door de aanvullende reglementen op het wegverkeer.

 

De retributie wordt als volgt vastgesteld:

- gratis voor de parkeertijd die toegelaten is ingevolge de aangebrachte verkeerssignalisatie en op voorwaarde dat de richtlijnen inzake het gebruik van de parkeerschijf werden nageleefd overeenkomstig de bepalingen van het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg;

- er is een forfaitaire retributie verschuldigd van 30,00 euro wanneer er in het geparkeerde voertuig geen parkeerschijf is aangebracht conform het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer of wanneer de toegelaten gratis parkeertijd overschreden werd. Deze forfaitaire retributie geeft recht op een parkeertijd vanaf het ogenblik van de vaststelling van de retributie en tot uiterlijk het einde van de kalenderdag. Dit forfaitair tarief is enkel geldig in de blauwe zone en op de openbare weg met blauwe zonereglementering waar het voertuig geparkeerd stond op het ogenblik van de vaststelling van de retributie.

 

§2. Kortparkeren

 

De retributie is van toepassing op parkeerplaatsen op de openbare weg die aangeduid worden door een verkeersbord E9a, E9b of E9c met een onderbord dat de maximale parkeerduur aangeeft.

 

De retributie is van toepassing elke werkdag (inclusief zaterdag) van 9 uur tot 18 uur.

 

Er is geen retributie verschuldigd wanneer de maximale parkeertijd, vermeld op het (onder)bord, niet wordt overschreden.

 

De retributie wordt vastgesteld op € 30,00 per dag, ondeelbaar en niet overdraagbaar naar de volgende dag, van zodra de toegelaten parkeerduur is overschreden

 

Art.5.- Betaling

§1. De betaling van de retributie dient te gebeuren binnen de 5 dagen door overschrijving overeenkomstig de richtlijnen vermeld op het parkeerbiljet dat op verzoek wordt overhandigd of door de aangestelde op het voertuig wordt aangebracht.

 

§2. Bij niet betaling binnen de 5 dagen wordt een aanmaning verstuurd met het verzoek te betalen binnen de 10 dagen na datum van de herinnering. De eerste aanmaning wordt gratis toegezonden.

 

Bij niet-betaling binnen de 10 dagen na het versturen van de eerste aanmaning wordt een tweede- aangetekende-laatste aanmaning verstuurd met het verzoek te betalen binnen de 7 dagen na postdatum van de aangetekende laatste waarschuwing. Hiervoor wordt een administratieve kost van 24,10 euro aangerekend.

 

Bij niet betaling binnen de betaaltermijn van 7 dagen na het versturen van de laatste waarschuwing wordt tot gedwongen invordering overgegaan, met een dwangbevel cfr. artikel 177, 2° tot 5° van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 of via een rechtsprocedure bij de burgerlijke rechtbank.

 

Art.6.- Vrijstellingen

 

§1 Voertuigen die geparkeerd staan voor de inrij van eigendommen waarvan het inschrijvingsteken leesbaar op die inrij is aangebracht, zijn vrijgesteld van het plaatsen van de parkeerschijf en dus van de retributie.

 

§2. Voertuigen die geparkeerd staan in zones zoals omschreven volgens bijlage 1 en waar andere parkeerreglementering van toepassing is zijn vrijgesteld van de retributie.

 

§3 De beperkingen van de parkeertijd gelden niet voor de voertuigen die gebruikt worden door personen met een handicap wanneer de speciale kaart bedoeld in artikel 27.4.3 van het koninklijk besluit van 1 december 1975 is aangebracht op de binnenkant van de voorruit of, als er geen voorruit is, op het voorste gedeelte van het voertuig.

 

Met de speciale kaart bedoeld in artikel 27.4.3 van het koninklijk besluit van 1 december 1975 wordt gelijkgesteld het document dat in een ander land door de bevoegde overheid van dat land afgeleverd wordt aan de personen met een handicap die voertuigen gebruiken, en waarop het symbool afgebeeld onder artikel 70.2.1.3°.c) voorkomt. De speciale kaart vervangt de parkeerschijf wanneer het gebruik daarvan verplicht is.

 

§4. Dienstvoertuigen van de gemeente Brasschaat, van het OCMW Brasschaat, politie-, brandweer- en ziekenwagens zijn vrijgesteld van de retributie.

 

Art.7.-

Alle vermelde retributies worden op 1 januari 2027 en nadien jaarlijks op 1 januari geïndexeerd. Deze indexering gebeurt via de gezondheidsindex van de maand november voorafgaand aan het nieuwe jaar, met afronding tot 1 cijfer na de komma. Als basis van de bovenstaande tarieven wordt de gezondheidsindex van november 2025 gebruikt.

 

Art. 8-. Bezwaar

De betwisting moet grondig gemotiveerd zijn; een betwisting die gericht is op vertraging of uitstel van betaling wordt niet als een betwiste schuld aangezien.

 

§1. Betwistingen moeten binnen een termijn van 15 dagen volgend op de datum van de betalingsuitnodiging achter de ruitenwisser van het motorvoertuig voertuig of als er geen voorruit is, op het voorste gedeelte van het voertuig, ingediend worden. De betwisting moet per brief of per e-mail gebeuren bij het college van burgemeester en schepenen, Verhoevenlei 11 te 2930 Brasschaat of debiteuren@brasschaat.be.

§2. Bij betwisting kan het gemeentebestuur zich tot de burgerlijke rechtbank wenden om de retributie in te vorderen.

§3. De rechtbanken te Antwerpen zijn bevoegd.

 

Art.9.-. Bekendmaking

De bekendmaking van dit reglement gebeurt overeenkomstig artikel 286 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.

 

Art.10.-. Inwerkingtreding

 

In toepassing van artikel 288 Decreet lokaal bestuur treedt huidig reglement in werking op 1 april 2026.

 

Art.11.-

Het gemeenteraadsbesluit van 15 december 20254 houdende goedkeuring van de retributie voor het parkeren van motorvoertuigen op de openbare weg of op plaatsen gelijkgesteld aan de openbare weg wordt opgeheven vanaf de inwerkingtreding van onderhavig besluit.

 

 

Publicatiedatum: 28/04/2026
Overzicht punten

 

 

11 Voetbalclub Excelsior Mariaburg Goedkeuring investeringstoelage en goedkeuring aanvraag borgstelling. Goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Voetbalclub Excelsior Mariaburg VZW wil een project "vernieuwing kunstragrasveld" realiseren voor een bedrag van 428.740euro, rekening houdende met gedeeltelijk aftrekbare BTW.

 

Dit betreft meer concreet:  verwijderen oude kunstgrasmat, aanleggen nieuwe kunstgrasmat met aanhorigheden zoals dug-outs, nieuwe doelen, omheining, ballenvangers en looppad rond het veld.

 

Voetbalclub Excelsior Mariaburg VZW vraagt een investeringstoelage en een borgstelling voor een lening door het gemeentebestuur en bezorgde de volgende onder andere informatie:

        jaarrekeningen van de voorbije jaren

        meerjarenplanning op kasbasis 14 /2/2026

        simulatietabel krediet 230.000 euro op 15 jaar - Belfius

        offerte voor de investeringen

        investeringsbelofte Vlaanderen

        andere vereiste documenten voor een advies door de sportraad

 

De documenten werden geanalyseerd en tussen de dienst financiën en Excelsior Mariaburg VZW verder besproken.

 

Belangrijkste financiering:

investeringstoelage van Vlaanderen: 81.700euro

Investeringstoelage van gemeentebestuur Brasschaat: 115.680euro

Lening op 15 jaar voor een bedrag van 230.000 euro met geraamde jaarlijkse leninglast van +/-21.000euro/jaar

 

Berekening maximum voor gevraagde toelage:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De meerjarenkasplanning gaat uit van onder andere onderstaande

a) ontvangstenposten:

        diverse courante ontvangsten poste met geen specifieke opmerkingen

        extra ontvangsten uit de opname van een extra vereniging "Vrouwen Voetbal Cronos (VVC) Brasschaat" zowel bij

        lidgelden

        abonnementen / inkomgelden

        inkomsten cafetaria

        sponsoring  en reclame : met spreiding over diverse partners wat risico spreidt

        betoelaging

 De gemeentelijke toelage wordt berekend volgens het goedgekeurde toelagereglement: de

 vereniging dient voor haar project eerst alle mogelijke subsidiekanalen aan te wenden die door een

 hogere overheid zijn uitgeschreven. Als het project in aanmerking komt voor een subsidie van een                             hogere overheid, wordt de gemeentelijke toelage berekend op het saldo van de bewezen kosten na                             aftrek van deze subsidie: dit resulteert in een bedrag van Vlaanderen voor 81.700euro ,

  gemeentebestuur Brasschaat van maximum 115.680euro.

b) uitgaven

         relatief grote bedragen voor spelers / trainers wat verantwoord door het niveau

        de stijging van deze bedragen door opname van de spelers uit VVC

        opname van de nieuwe financieringslijn: kapitaal terugbetalingen

 

De meerjarige cash planning (opgegeven tot 2033) is stabiel en positief.; met een resultaat op kasbasis van 60.000 à 70.000euro.

 

Openstaand risico:

Gemeentebestuur Brasschaat staat reeds borg voor lopende leningen van Excelsior Mariaburg voor een bedrag resterend openstaand bedrag van 515.581,41euro.

 

Bij een nieuwe borgstelling is er een uitbreiding van het risico met 230.000euro (kapitaal) in 2026 tot 835.000euro (21.000euro/jaar extra jaarlijkse leninglast). De laatste onderhandelingen tussen de club en de financiële instellingen lopen nog en hebben een  normaal positieve impact omwille van een lagere intrestvoet.

 

De uitbetaling van de investeringstoelage wordt uitsluitend toegekend ter ondersteuning van activiteiten die een louter lokaal karakter hebben en die in hoofdzaak gericht zijn op de inwoners van de gemeente Brasschaat. Op basis hiervan wordt vastgesteld dat de in dit reglement bedoelde subsidie geen staatssteun vormt in de zin van artikel 107 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.

 

 

Adviezen

Advies 26 003 van  de sportraad : "  De raad van bestuur geeft positief advies inzake de vraag van Excelsior Mariaburg voor een toelage van 115.682,00 euro voor het vernieuwen van de kunstgrasmat met aanhorigheden op hun B-veld site Rustoordlei. "

 

De financieel directeur

>wijst op het volgende:

        Het openhouden en exploiteren van 2 sites heeft voordelen, maar heeft ook een aantal dubbele kosten en risico's.

        Het financieel model is evenwichtig opgebouwd

        Er is een zekere kasreserve voorzien

        het financieel risico wordt bepaald door de hoogte van het bedrag en "de kans"  dat een probleem zich voordoet.  Het plan is evenwichtig, dus mogelijk lage kans; het blijft wel hoog openstaand bedrag

> adviseert om gedurende de looptijd van de borgstelling, de jaarrekeningen VZW Excelsior Mariaburg op te vragen om het risico op te volgen.

 

 

Juridisch kader

Decreet lokaal Bestuur dd. 22 december 2017 art 41 lid 2,23° m.b.t. tot de bevoegdheden gemeenteraad: het vaststellen van de gemeentelijke toelagen en de voorwaarden voor de besteding ervan, is een exclusieve niet-delegeerbare bevoegdheid van de gemeenteraad.

Gemeenteraadsbesluit dd. 26 januari 1984 inzake de toepassing van de wet van 14 november 1983 inzake de controle op de toekenning en aanwending van gemeentelijke toelagen.

Gemeenteraadsbesluit dd. 29 juni 2020 met betrekking tot dagelijkse bestuur en visum

Gemeenteraadsbesluit dd. 23 februari 2026, punt 23 Toelagereglement voor rechtstreekse toelagen aan sportverenigingen 2026-2031.

Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,  Regels betreffende de mededinging - Steunmaatregelen van de staten - Artikel 107 

 

Financiële gevolgen

De borgstelling op zich heeft geen financiële gevolgen maar kan wel een financieel risico inhouden.

 

De financiële gevolgen voor de investeringstoelage zijn:

 

Uitgave    maximum 115.680euro

Budgetsleutel  0740 Sportsector- en verenigingsondersteuning /                                                6640 0000 Investeringssubsidies

Actie    06.01.01.04 Beleven en Ondernemen - Sport

Budget/jaar  2026

Krediet beschikbaar Ja

Visum   2026_26

 

BESLUIT eenparig:

 

De gemeenteraad geeft goedkeuring aan

Art.1.-De investeringstoelage  voor een bedrag van maximum 115.680euro.

De toelage wordt uitbetaald op basis van het bewijs van de uitgevoerde werken en betaalde facturen.

Dit bedrag wordt beperkt tot

- maximum 33% van de projectuitgaven

- na aftrek van de subsidie door Vlaanderen

- op het geraamde bedrag van 428.000euro (bedrag berekend op de bedragen exclusief BTW verhoogd met de niet-aftrekbare BTW volgens het aangetoonde BTW verhoudingsgetal)

 

Art.2. de borgstelling ( tekst opgenomen in artikel 3.) voor de lening aan Excelsior Mariaburg VZW (230.000 euro met een looptijd van 15 jaar). Gedurende de looptijd van de borgstelling, bezorgt Excelsior Mariaburg VZW jaarlijks de jaarrekeningen. De vertegenwoordigers van de club ondertekenen daartoe dit gemeenteraadsbesluit " voor akkoord voor het jaarlijks  bezorgen van de gevraagde informatie in artikel 2 van dit besluit".

 

Art.3.- geeft goedkeuring aan volgende borgstelling::

Template Borgstellingstekst - geconcretiseerd bij goedkeuring door gemeenteraad en financiële instelling

"""""""

De Gemeenteraad:

 

Verklaart zich hoofdelijk en ondeelbaar borg stellen voor de terugbetaling van alle bedragen die door de Kredietnemer aan Belfius Bank verschuldigd zou zijn krachtens het Contract, zowel in hoofdsom als in interesten (inclusief verwijlinteresten), reserveringscommissie, kosten en bijhorigheden.

De Borgstelling is van toepassing tot een maximumbedrag van <bedrag> EUR.

Binnen deze maximale limiet dekt de Borgstelling zowel de gegarandeerde verplichtingen in hoofdsom als de interesten en kosten, waaronder met name alle vergoedingen en/of boetes die verschuldigd zijn in geval van niet-nakoming door de Kredietnemer van zijn verplichtingen, evenals alle aktekosten, invorderingskosten en/of honoraria.

In geval van niet-nakoming door de Borg van zijn verplichtingen voortvloeiend uit deze borgstellingsakte, zal het maximale bedrag van de Borgstelling zoals overeengekomen in de bovenstaande alinea worden verhoogd met interesten, commissies, kosten en bijhorigheden.

De debetinteresten, provisie en andere verschuldigde bedragen zullen op dezelfde manier en op basis van dezelfde tarieven worden berekend als die welke zijn overeengekomen met de hoofdkredietnemer, en dit zelfs als Belfius Bank geen verzoek tot terugbetaling, gerechtelijk of buitengerechtelijk, heeft ingediend, evenals in geval van faillissement, verzoek tot gerechtelijke reorganisatie, verzoek tot betalingsuitstel, budgetbeheer of enige andere maatregel met een gelijkwaardig effect of doel bij de Kredietnemer.

De registratiekosten en alle andere belastingen of heffingen, evenals alle kosten, waaronder advocaatkosten, die voortvloeien uit deze borgstellingsakte, de uitvoering of niet-uitvoering ervan, de voorlegging ervan aan de rechtbank of enige andere autoriteit, zijn ten laste van de Borg.

De gemeente/stad machtigt Belfius Bank op het debet van haar rekening, met waarde van hun vervaldag, om het even welke bedragen te boeken, verschuldigd door de Kredietnemer in het kader van dit krediet en die nog mochten onbetaald blijven na een tijdsverloop van 30 dagen, berekend vanaf de vervaldag. De die zich borg stelt zal hiervan op de hoogte gehouden worden door middel van een afschrift van de correspondentie aan de Kredietnemer.

De verbindt zich, tot de eindvervaldatum van  dit krediet en haar eigen kredieten bij Belfius Bank alle nodige maatregelen te nemen om de storting te verzekeren op haar rekening geopend bij deze bank, van alle sommen die er op dit ogenblik gecentraliseerd worden, hetzij uit hoofde van de wet (o.a. haar aandeel in het gemeentefonds en in elk ander fonds dat dit zou vervangen of aanvullen, de opbrengst van de gemeentelijke opcentiemen op de rijks-, gewest- en provinciebelastingen, alsmede de opbrengst van gemeentebelastingen geïnd door de Staat of het gewest), hetzij uit hoofde van een overeenkomst, en dit niettegenstaande elke eventuele wijziging in de manier van de inning van deze inkomsten.

De machtigt Belfius Bank ertoe deze inkomsten aan te wenden tot dekking van de bedragen die door de Kredietnemer, uit welke hoofde ook, mochten verschuldigd zijn en die aan de aangerekend worden.

Deze door de Gemeenteraad gegeven machtiging geldt als onherroepelijke delegatie in het voordeel van Belfius Bank. 

De kan zich niet beroepen noch op de bepalingen van eventuele overeenkomsten tussen zichzelf en de Kredietnemer, noch op om het even welke beschikking om haar verplichtingen uit hoofde van deze borgstelling niet uit te voeren. De ziet af van het voorrecht van uitwinning en van elke indeplaatsstelling in de rechten van Belfius Bank en van elk verhaal tegen de Kredietnemer, tegen elke medeschuldenaar of medeborg, zolang Belfius Bank niet volledig is terugbetaald in kapitaal, interesten, kosten en bijhorigheden. De staat aan Belfius Bank het recht toe om aan de Kredietnemer alle uitstel, voordelen en schikkingen toe te kennen die Belfius Bank geschikt acht. De verklaart uitdrukkelijk dat de borgstelling gehandhaafd blijft, tot beloop van de hierboven vermelde bedragen, welke wijzigingen Belfius Bank en/of de Kredietnemer ook mogen aanbrengen aan de bedragen en/of modaliteiten van het aan de Kredietnemer toegekende krediet. Belfius Bank wordt uitdrukkelijk ontslagen van de verplichting de kennis te geven van de wijzigingen waarvan hierboven sprake. Er wordt ten overvloede bepaald dat de eveneens verzaakt aan het principe voortvloeiend uit artikel 9.1.32 van het nieuw Burgerlijk Wetboek, volgens hetwelk de borg ontslagen is wanneer door toedoen van de schuldeiser, de indeplaatsstelling ten gunste van de borg niet meer tot stand kan komen.

Aangezien de Kredietnemer zich verbonden heeft, o.m. in geval van liquidatie, onmiddellijk het totaal bedrag van zijn schuld, zowel wat kapitaal als interesten, reserveringscommissie, onkosten en bijhorigheden betreft, aan Belfius Bank terug te betalen, bevestigt de Gemeenteraad de hierboven aangegane verbintenissen, in verband met de betaling van de bedragen, die door Belfius Bank uit dien hoofde zullen gevorderd worden.

Indien voormelde ontvangsten ontoereikend zijn voor de betaling van de verschuldigde bedragen die aan de zullen aangerekend worden dan gaat ze de verbintenis aan bij Belfius Bank het bedrag te storten nodig om de vervallen schuld volledig af te betalen.

Bij gehele of gedeeltelijke laattijdige betaling van de verschuldigde bedragen, zijn de interesten voor laattijdige betaling en de vergoeding voor invorderingskosten van rechtswege en zonder ingebrekestelling verschuldigd, berekend volgens de wettelijke interestvoet die van toepassing is bij betalingsachterstand bij handelstransacties.

De borg verklaart kennis te hebben genomen van het Contract en het  bijhorend Reglement voor Kredieten aan Ondernemingen – November 2022 en er de bepalingen van te aanvaarden.

Dit besluit is onderworpen aan de toezichthoudende overheid zoals voorzien in de toepasselijke decreten en besluiten.

"""""""

 

 

Publicatiedatum: 28/04/2026
Overzicht punten

 

 

12 Igean. Oprichting Igean Energie. Financiering Project Verder. Achtergestelde lening/kapitaal. Goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Zittingsverslag

 

 

Raadslid Van der Schoepen doet volgende tussenkomst :

 

“Als wij de adviezen van de financieel directeur volgen dan lijkt het ons onverantwoord om deze gok te wagen. Zeker al omdat het geld dat bij elkaar gesprokkeld moet worden enkel de modernisering van de Dranco site noord in Brecht waarborgt en niet zozeer de verwerkingscapaciteit verhoogt wat wel degelijk vandaag en al zeker in de toekomst nodig zal blijken.

En voor zij die hier uit de lucht vallen toon ik graag pagina 9  van de presentatie die op 11 februari 2025 in een informatiesessie werd getoond aan de omwonenden van de Dranco installatie.

Daar staat letterlijk op vermeld dat het doel van de modernisering geen verhoging betreft van de te verwerken hoeveelheden gft en groenafval.

Wij hekelen hier alvast ook de dwingelandij van Igean in deze omdat lokale besturen subtiel gedwongen of tenminste toch aangespoord worden om mee in te stappen in dit project. Indien niet dan zou een verhoging van de kosten voor de verwerking van het afval sowieso verhogen en zou de opbrengst daarvan verdeeld worden onder de besturen die wel participeren.

Wel, het zou de taak en de verdomde plicht moeten zijn van de lokale besturen, zoals wij er een van zijn, om Igean er op te wijzen dat de vraag om mee te investeren pas verantwoord zou zijn wanneer we er ook zeker van mogen zijn dat er rekening gehouden wordt met de verwerkingscapaciteit van de toenemende massa GFT wat in eerste instantie het grote Brasschaatse probleem was.

Collega’s, het budget is er niet, de verwerkingscapaciteit van de DRANCO installatie wordt niet verhoogd wat eerder wel noodzakelijk is als gevolg van de groeiende provinciale demografische groei. Het ligt dus in de lijn der verwachtingen dat men in de nabije toekomst wel aan capaciteitsuitbreiding zal MOETEN doen. Het zouden  voor ons pas verantwoorde uitgaven zijn als die de lading dekken. Vandaag een karige investering doen om te ontsnappen aan de ‘gatefee’ is eigenlijk een zwaktebod.

 

U mag onze tegenstem noteren.”

 

Raadslid Pauwels doet volgende tussenkomst :

 

“De financieel directeur formuleert hierbij toch wat bedenkingen. Wij citeren: De planning en het plan van aanpak voor projectuitvoering en financiering met noodzakelijke communicatie en garanties zijn niet goed op elkaar afgestemd. Dit brengt risico’s met zich mee.

Om reden van deze bedenking mag u onze onthouding noteren”

 

Schepen Heirman licht toe dat alle gemeenten lid zijn van Igean.  Het GFT-afval valt onder de kerntaken.  Wanneer de capaciteit niet verhoogd wordt, zal het proces wel geoptimaliseerd worden.  Op termijn moet de nieuwe installatie er zijn.  Hij is het wel eens met het feit dat Igean z’n planning niet goed gevoerd heeft.  Er is rond heel de financiering van het project binnen de vele besturen ook al heel wat commotie geweest.  Er zijn volgens hem zelfs besturen die een audit eisen.  Brasschaat eist geen audit maar wel een heel goede rapportering. 

Schepen Heirman licht toe dat de financieel directeur altijd de financiële risico’s moet vermelden.  We moeten in dit dossier mee, kunnen niet anders. 

 

Fractie PVDA geeft geen goedkeuring. 

 

Fractie N-VA en fractie CD&V keuren dit punt goed. 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Igean Milieu en Veiligheid exploiteert momenteel de composteringsinstallatie op de Site Noord in Brecht.

Het VerdeR-project is een investeringsproject van IGEAN dat erop gericht is om deze site om te vormen tot een volwaardige energiesite.

Ter info: vanaf 1 januari 2026 wordt het GFT afval van Brasschaat naar deze site getransporteerd en wordt er verwerkt; de raming van het aantal te verwerken ton bedraagt 8.000ton in 2026; doelstelling is om dit te laten dalen door invoering van GFT Diftar en begeleidende maatregelen.

 

Op 8 mei 2024 werd door de raad van bestuur van IGEAN een gunning verleend voor de uitvoering van de werken in het kader van het VerdeR project. De opdracht werd gegund aan de tijdelijke maatschappij DRANCO- Van Roey voor een geraamd en nagerekend bedrag van 69.438.398,34 euro. 

 

Bij de gunning van het project en op latere momenten werd door IGEAN aangegeven dat de voorziene inkomsten uit de verwerking van gft-afval via de gate fee (omzet GFT) volstonden om de exploitatie en financiering van de installatie te dragen. In december 2025 besliste raad van bestuur van IGEAN tot de oprichting van de vennootschap IGEAN Energie, die in de toekomst het project structureel zou moeten dragen.  Deze vennootschap is op heden nog in oprichting. 

 

Begin 2026 is de structurele financiering van het VerdeR-project binnen IGEAN milieu en veiligheid nog niet rond. De raad van bestuur van IGEAN milieu en veiligheid werd hierover geïnformeerd en verschillende pistes voor tijdelijke financiering werden besproken (via ISVAG of via financiële instelling).

 

Op 23 februari 2026 organiseerde IGEAN een informatiesessie voor de financieel directeurs van de deelnemende gemeenten met betrekking tot de mogelijke deelname van de gemeenten aan de lange termijn financiering van het VerdeR project en het verlenen van gemeentelijke waarborgen.  Tijdens deze toelichting werd onder meer aangegeven dat gemeenten die geen waarborg wensen te verlenen geconfronteerd zouden worden met een verhoging van de gate fee, waarbij de extra opbrengsten zouden worden verdeeld onder de gemeenten die wel een waarborg verstrekken. 

 

Op 25 februari 2026 besliste de raad van bestuur hiervoor een korte termijn financiering (10 miljoen euro op 1 jaar) aan te gaan bij Belfius; dit in afwachting van de structurele financiering en de realisatie van de oprichting van de organisatie Igean Energie BV.

 

Tijdens het algemeen comité van IGEAN van 6 maart 2026 wordt een communicatie gericht aan de burgemeesters van de deelnemende gemeenten, waarin werd gevraagd om financiële middelen ter beschikking te stellen voor de lange termijn financiering van het project VerdeR.

 

De business case en de projectfinanciering  werd door Igean samen met een externe partner uitgewerkt en bestaat uit (op basis van toelichting aan burgemeesters - zie bijlage):

Project uitgave: 74.000.000euro financieel + 4.500.000euro inbreng in natura(*)

Project ontvangst / financiering:

A) Bank financiering: lange termijn krediet 61.700.000euro

B) Eigen inbreng streefdoel 17.000.000euro

B1) Igean milieu & veiligheid inbreng in natura: 4.500.000euro(*)

B2) Ontvangst uit subsidies (OVAM):4.500.000euro

B3) Inbreng lokale besturen en partners : 8.000.000euro

 

Bijkomende informatie

A) bank financiering: gesprekken met de financiële instellingen zijn lopende en er worden in grote lijnen 2 soorten waarborgen gevraagd: banken die een waarborgstelling van de lokale besturen vragen, banken die eerder waarborgen (verschillende vormen) leggen op Igean Milieu en Veiligheid / Igean Energie.

 

B1) Eigen inbreng van Igean bestaat voornamelijk uit de vaste activa van de site Noord

B2) Subsidies OVAM : het aanvraagdossier voor goedkeuring van 4.500.000euro subsidies is lopende

B3) Inbreng lokale besturen en partners : 8.000.000euro

 Hiervoor worden 3 vormen voorgesteld.

 In principe geldt dat hoe hoger het financieringsrisico is, hoe hoger de (mogelijke) vergoeding

 

B3a) Kapitaal van minimum 50.000 euro

Looptijd: blijvend vermits kapitaal

Opbrengst: lager eerste jaren (0,5 à 1%), op langere termijn na 15jaar (10 à12%), hoger rendement

Nadeel: meer risico omdat het rendement niet zeker is én niet beschermd kapitaalsrisico

 

B3b) Achtergestelde lening vanaf 50.000euro:

Looptijd is minimaal gelijk aan het bankkrediet (tussen 15 en 25 jaar)

Opbrengst: 0,5% lager dan bankkrediet (nu bv 3%); beter rendement dan niet-achtergestelde lening; jaarlijkse uitkering rente

Risico: kapitaal "directer" opeisbaar dan "gewone" lening of gewaarborgde leningen

 

B3c) Niet-achtergestelde lening:

Looptijd kan gekozen worden (tussen 10 en 20 jaar)

Opbrengst: het rendement ligt lager dan bij de andere opties, maar wel meer zekerheid van het rendement; vergoeding 0,50% onder marktrente/0,75 onder, nu bv  2,73%

Risico: minst risico van de drie opties, maar nog geen borgen.

 

IGEAN geeft aan dat deze eigen inbreng een noodzakelijke voorwaarde vormt voor het verkrijgen van de voorziene bankfinanciering van 61.700.000 euro. Het niet behalen van dit bedrag heeft financiële gevolgen en behelst aldus een risico.

 

Daarnaast blijkt uit de toelichting dat, indien deze eigen inbreng door de deelnemende gemeenten niet wordt gerealiseerd en de bankfinanciering bijgevolg niet kan worden verkregen, de financiële gevolgen zouden worden doorgerekend via de exploitatie kost van de verwerking van het gft-afval. Volgens de toelichting van IGEAN zou in dat geval de gate fee gedurende de bouwperiode van de installatie (geschat op twee jaar) tot ongeveer zes maal het huidige niveau kunnen stijgen. Uit de simulaties blijkt dat voor lokaal bestuur Brasschaat een bijkomende kost wordt geraamd van ongeveer 8,6mio euro over twee jaar; een hoge raming op basis van de hoge tonnage (8.000ton).

 

Er wordt gevraag aan de diverse besturen en partners een intentie omtrent de inbreng van het lokaal bestuur kenbaar te maken tegen 18 maart 2026 om het krediet te gunnen op de raad van Bestuur van 25 maart 2026.

 

Een dergelijk financieel engagement is echter een beslissing van de gemeenteraad en vereist een aanpassing van of verschuiving binnen het meerjarenplan.  Deze timing is moeilijk verenigbaar met de gebruikelijke gemeentelijke besluitvormingsprocedures en bemoeilijkt een zorgvuldige beoordeling van de gevraagde financiële engagementen. Er wordt dan ook voorgesteld aan IGEAN om de timing te respecteren zodat de dossiers vooraf aan de gemeenteraden voorgelegd kunnen worden.

 

Gezien de omvang van de middelen die via de intercommunale worden beheerd en de verantwoordelijkheid van de deelnemende besturen als aandeelhouder en uiteindelijke risicodrager, en met het oog op het vrijwaren van de financiële belangen van de deelnemende gemeenten en het waarborgen van een transparant en zorgvuldig financieel beheer, wordt geadviseerd dat bij een positieve beslissing er een zeer korte opvolging kan gebeuren van het project VerdeR naar administratieve, juridische en financiële aspecten van het dossier, en dit naar de bestuurders en decretale graden van de deelnemende besturen.

 

Juridisch kader

Decreet lokaal bestuur met betrekking tot de bevoegdheden van de gemeenteraad

De gemeenteraad heeft op 29 juni 2020 het begrip “dagelijks bestuur” gedefinieerd. Het verlenen van een financiering aan derde partijen en participeren in kapitaal, is niet opgenomen in het begrip "dagelijks bestuur".

 

Adviezen

Advies financieel directeur

 

Verloop Proces

De financieel directeur merkt op dat de planning en het plan van aanpak voor projectuitvoering en de financiering, met noodzakelijke communicatie, garanties (bv subsidie, oprichting Igean Verder en beslissingsmomenten) niet goed op elkaar zijn afgestemd.

Dit brengt risico's met zich mee: 

* te betalen facturen voor projectrealisatie met "ad-hoc" besluit voor korte termijn financiering

* structurele projectfinanciering is nog niet rond cfr. subsidie, participatie lokale besturen, ...

Advies om een strikte projectopvolging en rapportering naar de Raad van Bestuur en de financieel- en algemeen directeurs over het project op te starten.

 

Participatie

Hoewel het minder logisch is dat we een lening verschaffen aan een verbonden organisatie indien het lokaal bestuur zelf ook moet financieren, stelt de financieel directeur voor in te tekenen een bepaald bedrag gedeelte. Op die manier ondersteunen we de financiële robuustheid van Igean als partner, die ook meewerkt aan de realisatie van de doelstellingen van het lokaal bestuur Brasschaat.

 

Vanuit de drie financieringsmogelijkheden adviseert de financieel directeur om de participatie te spreiden over 155.000euro kapitaal (met return op lange termijn) en 400.000euro achtergestelde lening (return reeds op korte termijn; lokaal bestuur moet hier ook voor lenen)

 

De formele toezegging en betaling van de participatie, kan pas gebeuren na goedkeuring door de gemeenteraad van:

> de participatie voor het gevraagde bedrag met bepaalde spreiding

> goedkeuring van verschuiving/aanpassing van het meerjarenplan

 

Externe financiering

Voor het aangaan van een externe financiering, wordt geadviseerd om, indien het verschil in marge niet te groot is, een lening aan te gaan zonder rechtstreekse gemeentelijke waarborg.

 

Budgettaire gevolgen op financieel evenwicht

Er is ruimte voor verschuiving eventueel vanuit het voorlopig nog niet aangewende krediet voor participatie in Fluvius en vanuit het niet aangewende investeringskrediet 2025, dat bij goedkeuring jaarrekening 2025 vrijkomt. Op die manier zijn er geen wijzigingen voor het financieel evenwicht.

 

Financiële gevolgen

 

Er is een voorstel ter verdeling van de inbreng van kapitaal / financiering volgens de huidige verdeling van aandelen bij Igean MV. Dit komt neer op 553.627euro. Voorstel is om dat bedrag (afgerond) initieel aan te houden met een verdeling over achtergestelde lening / kapitaal.

 

Uitgave

Mogelijke voorstel

Achtergestelde lening 400.000euro

Kapitaal 155.000euro

Budgetsleutel

Te voorzien na goedkeuring.

Budget/jaar

2026

Krediet beschikbaar

Neen. Er werd nog geen krediet voorzien.

 

Er is wel ruimte voor verschuiving eventueel vanuit het voorlopig nog niet aangewende krediet voor participatie in Fluvius en vanuit het niet aangewende investeringskrediet 2025, dat bij goedkeuring jaarrekening 2025 vrijkomt. Op die manier zijn er geen wijzigingen voor het financieel evenwicht.

Visum financieel directeur

Visum 2026_22 met opmerking: visum onder voorwaarde van goedkeuring door de gemeenteraad van de participatie en opdracht tot opname van de budgettaire gevolgen in meerjarenplan

 

Ontvangst

Rente uit achtergestelde lening

Dividend : eerste 15 jaar erg beperkt

Budgetsleutel

Te voorzien na goedkeuring.

Budget/jaar

2027 e.v.

 

BESLUIT:

Met 19 ja-stemmen (Robert Geysen, Adinda Van Gerven, Bruno Heirman, Bart Brughmans, Inez Ven, Karina Hans, Joris Van Cauwelaert, Kelly D'Haen, Philip Cools, Karin Beyers, Erwin Callens, Hedwig van Baarle, Goele Fonteyn, Sven Simons, Lynn De Vocht, Sylvia Lathouwers, Bryan Verhoeven, Elke De Maeyer en Herman Van Mieghem), 6 neen-stemmen (Dimitri Hoegaerts, Luc Van der Schoepen, Linsey De Vooght, Matthias Gulickx, An-Sofie Dewinter en Tim Willekens), 2 onthoudingen (Rudi Pauwels en Ingeborg Hermans).

 

Art.1.- De gemeenteraad  neemt kennis van

a) de intentie die het college gaf om te participeren in het Project VerdeR via Igean Energie BV onder de vorm van kapitaal voor een bedrag 155.000euro en een achtergestelde lening van 400.000euro,

b) de opdracht van het college  om een (financiële) kwartaalrapportering over het project VerdeR naar de gemeentebesturen en decretale graden van de gemeenten op te leggen aan de directie van IGEAN

 

Art.2. De gemeenteraad geeft goedkeuring aan de participatie en volstorting onder de vorm van kapitaal voor een bedrag 155.000 euro in Igean VerdeR en een achtergestelde lening van 400.000 euro aan IGEAN VerdeR en geeft opdracht om de budgettaire gevolgen op te nemen in een verschuiving/aanpassing van het meerjarenplan.

 

 

Publicatiedatum: 28/04/2026
Overzicht punten

 

 

13 Bijdrage personeelsvereniging Cover verlenging 2026 Goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Zittingsverslag

 

 

Raadslid Pauwels doet volgende tussenkomst :

 

“Wij komen er nog een laatste keer op terug en citeren uit het zittingsverslag van de GR van 31 maart 2025:

Schepen Heirman licht toe dat bij een stijging van het lidgeld ook de toelagen omhoog gaan aangezien de toelage gebaseerd is op het lidgeld. Het komt de vereniging toe om het lidgeld te bepalen. Wanneer het lidgeld omhoog gaat, zal het bestuur volgen. 

Na de bekendmaking van het MJP bleek dat dit voornemen niet was waar gemaakt. Wij betreuren nog steeds dat gemaakte beloften niet zijn nagekomen aan de personeelsvereniging die al onze steun verdient. Hopelijk wordt er ingegrepen en het standpunt herbekeken wanneer een eventuele toestand van de vereniging dit vereist.

Onthouding”

 

Schepen Heirman wil hier nog 1 keer op terug komen zodat dit kan afgesloten worden voor deze legislatuur.  Het klopt dat hij dit vorig jaar gezegd had maar er werd een enorme saneringsoefening gedaan.  Het gaat hier volgens hem niet enkel om geld, maar meer dan dat.  Er is nog steeds een kleine discussie met Cover.  Het bestuur vraagt al geruime tijd om een overzicht te krijgen van het aantal actieve personeelsleden / gepensioneerden die lid zijn.  Tot op heden mochten ze deze informatie nog steeds niet ontvangen. 

 

Het bestuur wil graag dat de middelen gaan naar de mensen die actief zijn.  De tijd en omstandigheden sinds de oprichting van de originele personeelsverenigingen Verbroedering en Cobra zijn sterk geëvolueerd.  Het leeuwendeel gaat volgens hun activiteitenverslag nog naar medische tussenkomsten, premies voor anciënniteit en pensioen daar waar wij als werkgever ook al veel extra in hebben geïnvesteerd door kwaliteitsvolle hospitalisatieverzekeringen, premies voor de anciënniteiten en vieringen en premie voor pensioenen, … .  Voordelen die er toen niet allemaal waren, maar ondertussen werden ingevuld.

 

Schepen Heirman stelt dat het bestuur achter de vraag blijft staan om meer in te zetten op de verschuiving naar gemeenschapsvormende activiteiten en minder op de ondersteuningen en premies.  Dus activiteiten ondersteunen, graag . De premies zijn keuzes die zij zelf maken en waar ze aan vasthouden daar waar wij denken dat er ruimte is om in evenwicht te blijven.  Alle activiteiten die de werknemers samenbrengen en verenigen, zijn toe te juichen en ondersteunt het bestuur.  Voor het Sinterklaasfeest werd bijvoorbeeld een extra voorzien van 6 euro per ingeschreven deelnemend kind.

 

Schepen Heirman bevestigt dat de basisbijdrage niet zal verhoogd worden. 

 

Raadslid Pauwels stelt dat het dan misschien nodig is om de statuten te herbekijken.  Hij stelt dat het misschien ook belangrijk is om dan eens samen te zitten omtrent het doel ed. 

 

Waarnemend burgemeester Van Gerven deelt mee dat ze reeds hebben samen gezeten met de mensen van Cover.  Het is nu aan hen om een voorstel uit te werken. 

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

De gemeente verleent sinds jaren de werking van de personeelsvereniging van gemeente en OCMW, sinds 1 januari 2019 gefuseerd in CoVer.

Het is aangewezen deze ondersteuning verder te zetten in 2026

 

Juridisch kader

Gemeenteraadsbesluit van 26 januari 1984 inzake de toepassing van de wet van 14 november 1983 inzake de controle op de toekenning en aanwending van gemeentelijke toelagen.
Decreet lokaal Bestuur van 22 december 2017 art 41 lid 2,23° (het vaststellen van de gemeentelijke toelagen en de voorwaarden voor de besteding ervan, is een exclusieve niet-delegeerbare bevoegdheid van de gemeenteraad).

Gemeenteraadsbesluit van 25 mei 2020 inzake de bijdrage aan de personeelsvereniging CoVer 2020-2024.

 

Financiële gevolgen

De financiële gevolgen worden geraamd op:

Kost

€ 7.842  btw inbegrepen

Budgetsleutel

0112/01/64930000: Bijdrage personeelsvereniging CoVer 

Budget/jaar

Exploitatie in 2026

Krediet beschikbaar

Ja

Visum financieel directeur

Niet van toepassing

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.-  De gemeenteraad verlengt het reglement voor het jaar 2026

 

Art.2.- De toelage is gelijk aan de som van de bijdragen gestort door de personeelsleden in het vorige dienstjaar.

 

Art.3.- De gemeente betaalt de bijdrage na goedkeuring door het college van burgemeester en schepenen van de rekening van het voorgaande dienstjaar.

 

 

Publicatiedatum: 28/04/2026
Overzicht punten

 

 

14 Kerkfabriek Heilig Hart Donk. Investeringstoelage voor renovatiewerken. Fase 2. Borgstelling lening. - GOEDGEKEURD

 

 

Zittingsverslag

 

Raadslid Pauwels heeft de indruk dat deze Kerkfabriek nogal eens graag langs de kassa passeert.  Ze hebben hun verleden wat tegen aangezien ze middelen doorgesluisd hebben naar het bisdom.  Zijn fractie zal zich onthouden. 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

 

De kerkfabriek van de parochie van het Heilig Hart (Donk) werkt aan een renovatie- en nieuwbouwproject voor de kerk. Dit project wordt gerealiseerd in 2 fasen met een totale geraamde projectkost van afgerond 2.205.000euro. De realisatie van fase 1 is opgestart in 2025 en wordt afgerond in het voorjaar 2026; de realisatie van fase 2 is gepland voor 2026.

 

In de gemeenteraad van januari 2025 werd goedkeuring gegeven aan een investeringstoelage voor fase 1 voor een maximum bedrag van 299.693euro euro.
In de gemeenteraad van juni 2025 werd goedkeuring gegeven aan een uitbreiding van fase 1 met verhoging van de toelage tot maximum 332.934euro; verschuiving gevelrenovatie van fase 2 naar fase 1;

In de gemeenteraad van  november 2025 werd goedkeuring gegeven aan een uitbreiding van fase 1 met verhoging van de toelage tot maximum 355.188euro; uitbreiding voor torenspits

 

Fase 2 omvat renovatie/vernieuwbouw bijgebouw, elektrische installatie, verwarming en schilderwerken voor een totaal geraamd bedrag van 1.024.331euro (uitvoering 2026, aandeel gemeente 30 % of 307.300euro).

Momenteel is er 225.000euro in 2026 en 45.000euro in 2027, of  270.000euro in totaal voorzien op basis van het opgegeven meerjarenplan van de kerkfabriek, goedgekeurd door de raad in december 2025.

 

Voor de percelen 3Ruwbouw, 4 Elektriciteitswerken en 5 Verwarming werd een marktbevraging georganiseerd; deze werden principieel gegund maar nog niet betekend en er werd betoelaging bekomen:

> Vanuit het gemeentebestuur Brasschaat wordt een 30% betoelaging 267.929,04euro, vooropgesteld; gelijk deel als Stad Antwerpen

> Vlaanderen : 242.464,28euro (niet alle posten werden weerhouden)

> Stad Antwerpen: engagement voor 267.929,04euro (gelijk deel als gemeentebestuur Brasschaat)

 

Het laatste deel perceel 6 Schilderwerken (raming 121.000euro + kosten architect 8,47% inclusief btw = 131.234,06euro)  werd nog niet in de markt geplaatst en hiervoor zijn nog geen engagementen van Vlaanderen en Stad Antwerpen. Gemeentebestuur Brasschaat en Stad Antwerpen komen hiervoor normaal ook voor een gelijk deel als Antwerpen tussen, ieders 30%. Vlaanderen zal mogelijk niet alle onderdelen van dat perceel subsidiabel beoordelen; het gevolg is dat er mogelijk een saldo groter dan 10% ten laste van het kerkbestuur valt.

De effectieve toezegging van een toelage voor dit perceel door Brasschaat  gebeurt na toezegging door Vlaanderen in volgend raadsbesluit.

 

Voor de financiering van het saldo voorziet de kerkfabriek een lening van 200.000euro met vraag tot waarborgstelling door het gemeentebestuur. Na principiële toezegging door de gemeenteraad zal de kerk verder onderhandelen met de financiële instellingen.

 

De financiële planning (kasbudgetteringstemplate) werd aangereikt door de kerkfabriek en besproken met de dienst financiën. Het ontwerp aanpassing meerjarenplan en budgetwijziging is in goedkeuringfase. Het project dient hierin te passen.
 

Op de gemeenteraad van april 2025, werd de samenwerkingsovereenkomst en het kerkenbeleidsplan 2026 - 2031 goedgekeurd. Daarin wordt de kerk van Heilig Hart Donk bevestigd als A kerk. Dit impliceert een vederzetting op lange termijn van het gebouw als kerk en algemeen wordt ook gesteld dat de prioritaire investeringen naar A-kerken gaan.

 

Juridisch kader

Decreet van 7 mei 2004 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten, artikel 52/1 $1 (de gemeentebesturen dragen bij in de investeringen in de gebouwen van de eredienst

Gemeenteraad 27 januari 2025, 14. Kerkfabriek Heilig Hart Donk. Investeringstoelage voor renovatiewerken. Fase 1.

Gemeenteraad 30 juni 2025, 15. Kerkfabriek Heilig Hart Donk. Investeringstoelage voor renovatiewerken. Wijziging. Goedkeuring.

Gemeenteraad 24 november 2025. 19 Kerkfabriek Heilig Hart Donk. Investeringstoelage voor renovatiewerken. Wijziging 2. Goedkeuring.

 

Adviezen

De financieel directeur:

> bevestigt dat er voldoende kredieten zijn voorzien voor percelen 3-4-5

> wijst erop dat voor het volledige budget van een 30% van 1.035.200euro (uitvoering 2026, aandeel gemeente 30 % of 307.300euro) er een mogelijk tekort is.

Momenteel is er 225.000euro in 2026 en 45.000euro in 2027, of  270.000euro in totaal voorzien.

Dit is dus +/-37.000euro minder dan het geraamde bedrag dat de kerkfabriek momenteel voorziet voor fase 2. Dit kan gefinancierd worden door het overzetten van de niet benutte kredieten voor 2025 en raming van mogelijk 30.000euro extra op te nemen krediet.

 

Financiële gevolgen

De financiële gevolgen zijn:

Kost

267.929,04uro

Budgetsleutel

0790/66400000 Investeringstoelagen eredienstinstellingen

Budget/jaar

Investeringsbudgetten 2026

Krediet beschikbaar

JA, er dient wel een deel van 2027 naar 2026 geschoven te worden.

Visum financieel directeur

Bij agendering gemeenteraad wordt Visum 2026_26 voorzien met opmerking: het niet aangewend deel van investeringstoelagen voor de erediensten dient overgezet te orden van 2025 naar 2026; het gedeelte voor 2027 voor 25.000euro van het budget dient van 2027 naar 2026 verschoven te worden.

 

BESLUIT:

Met 25 ja-stemmen (Robert Geysen, Adinda Van Gerven, Bruno Heirman, Bart Brughmans, Inez Ven, Karina Hans, Joris Van Cauwelaert, Kelly D'Haen, Dimitri Hoegaerts, Luc Van der Schoepen, Philip Cools, Karin Beyers, Erwin Callens, Hedwig van Baarle, Goele Fonteyn, Linsey De Vooght, Sven Simons, Lynn De Vocht, Matthias Gulickx, An-Sofie Dewinter, Sylvia Lathouwers, Bryan Verhoeven, Elke De Maeyer, Herman Van Mieghem en Tim Willekens), 2 onthoudingen (Rudi Pauwels en Ingeborg Hermans).

 

Art.1. De Gemeenteraad geeft goedkeuring aan een investeringstoelage voor een bedrag voor fase 2 (percelen 3 tot 5 van de globale aanbesteding) van maximum 267.929,04euro (30% van de aangetoonde investeringsuitgaven ) aan de kerkfabriek Heilig Hart (Donk); de toelage is uitbetaalbaar op basis van uitgevoerde werken en verantwoording door facturen.

 

Art.2. De gemeenteraad neemt kennis van het geraamde bedrag van 131.234,06 euro voor de schilderwerken. Het gemeentebestuur geeft principieel goedkeuring voor 30% betoelaging van dit bedrag (maximum 39.370euro) . Voorwaarden zijn onder meer de het bekomen van een vaste belofte van Vlaanderen; het engagement van Stad Antwerpen om een gelijk deel als Brasschaat in deze investeringen te dragen; een budgetaanpassing van geraamd 30.000euro. Een mogelijk saldo hoger dan 10% blijft ten laste van de kerkfabriek zonder verhoging van het bedrag van gewaarborgde lening. Voor de concrete toezeggingsbeslissing is een extra gemeenteraadgoedkeuring nodig.

 

Art.3. De gemeenteraad geeft principïele de goedkeuring van een borgstelling door de gemeente van een lening voor een maximaal bedrag van 200.000euro. De gemeenteraad delegeert de verdere goedkeuring van deze borgstelling aan het college voor zover het bedrag niet overschreden wordt, de borgstellingstekst gebaseerd is standaardvoorwaarden van de belgische grootbanken en de jaarlijkse leninglast past in het opgegeven financieel plan.

 

 

Publicatiedatum: 28/04/2026
Overzicht punten

 

 

15 BBC Opvolgingsrapportering per 31 december 2025. Kennisneming. - KENNISGENOMEN

 

 

Zittingsverslag

 

 

Raadslid Hermans doet volgende tussenkomst :

 

“vanaf pagina 49 zien we meerdere acties die “gestart” zijn maar niet op schema zitten. Maar wat vooral opvalt, is dat hier geen sprake is van vertraging, maar van duidelijke beleidskeuzes.
De duurzaamheidsambtenaar wordt stopgezet, de ondersteuning rond duurzaamheid verdwijnt en zelfs de oproep aan inwoners om hun energieverbruik te beperken wordt geschrapt.
Tegelijk en naar aanleiding van de huidige klimatologische omstandigheden, maken wij ons wel de bedenking of besparen op duurzaamheid en de bewustmaking erop dan wel de juiste plek is waar men bespaart?
Het gaat hier trouwens niet over luxeprojecten, maar over maatregelen die op termijn , dus toekomstgericht, net kosten zullen besparen en ook zullen bijdragen aan een duurzamere toekomst voor ons en de volgende generaties…”

 

Schepen Brughmans licht toe dat dit uitvoerig besproken werd bij de behandeling van de meerjarenplanning.  Voor het duurzaam beleid zal de focus op de eigen werking gelegd worden.  Vanuit de eigen werking zal de gemeente het goede voorbeeld geven.  Brasschaat vindt duurzaamheid zeker wel belangrijk.  Op heel wat vlakken scoort Brasschaat beter dan de omliggende gemeenten. 

 

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Naar aanleiding van het decreet lokaal bestuur en de BBC wetgeving dient er een opvolgingsrapportering naar de gemeenteraad en raad voor maatschappelijk welzijn te gebeuren.

 

De huidige rapportering geeft de statusrapportering van de BBC Actieplannen per 31 december 2025 weer.

Aan de gemeenteraad wordt gevraagd kennis te nemen van de "BBC opvolgingsrapportering per 31 december 2025".

 

De nodige documenten zijn toegevoegd in bijlage.

Naast deze rapporten dienen ook de wijzigingen en assumpties en financiële risico's meegegeven te worden. Er zijn geen wijzigingen in de assumpties en financiële risico's ten opzichte van de laatste aanpassing van het meerjarenplan.

 

De raad neemt kennis van de rapportering op prioritaire actieplannen / doelstellingen.

 

Juridisch kader

Decreet Lokaal bestuur-Art. 263. De gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn bepalen wanneer hen een opvolgingsrapportering, met een stand van zaken van de uitvoering van het meerjarenplan, wordt voorgelegd. Er wordt minstens voor het einde van het derde kwartaal een opvolgingsrapportering over het eerste semester van het boekjaar voorgelegd.

 

De raad neemt kennis van de BBC rapportering per 31 december 2025.

 

 

Publicatiedatum: 28/04/2026
Overzicht punten

 

 

16 Rapportering meldingen, klachten en beleidssignalen. Kennisneming. - KENNISGENOMEN

 

 

Zittingsverslag

 

 

Raadslid Pauwels doet volgende tussenkomst :

 

“Wij lazen deze week dat het Vlaamse parlement de zogenaamde “uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor zwerfvuil (afgekort UPV)" goedgekeurd is. Producenten van producten die vaak in zwerfvuil voorkomen, zullen voortaan een jaarlijkse heffing moeten betalen. Een deel van de middelen die op die manier ontstaan gaat naar lokale besturen als vergoeding voor de opruimkosten. Een eerste betaling zou in oktober plaatsvinden, maar er zijn een aantal voorwaarden aan verbonden: lokale besturen moeten hotspots aanpakken, straatvuilnisbakken optimaliseren, handhaven en straten vegen. Een goede beslissing vinden wij, maar blijven opruimen is geen optie, we moeten meer preventief werken en dan komen we terug op de statiegeld-alliantie.  Twee vragen hierbij: 1. Is men in Brasschaat voorbereid of zal men zich voorbereiden om een dossier in te dienen om gebruik te kunnen maken van - de pot, zeg maar - die ontstaat door de UPV-heffing. 2. Overweegt het bestuur om deze legislatuur in te stappen in de statiegeld-alliatie?

 

We willen hier ook nog inpikken omtrent de schriftelijke vraag van onze collega Wouter Covens over de bestrijding van de Aziatische hoornaar en refereren naar de acties die in Schoten gebeuren. Daar stelt men vallen ter beschikking en worden bewoners gesubsidieerd met een bedrag van € 125 voor de vernietiging van een nest, wat zou neerkomen op de werkelijke kost.”

 

Schepen Van Cauwelaert licht toe dat ze zeker gaan intekenen op UPV.  Er werd ingetekend voor ondersteuning voor de opmaak van een vuilnisbakkenplan bij Ovam.  Dit zal één van de eerste acties zijn.  Met betrekking tot het statiegeld moet hij nog steeds negatief antwoorden, dit gaan ze niet doen.  Het bestuur blijft bij zijn standpunt daaromtrent. 

 

Schepen Hans geeft toelichting bij het plan van aanpak rond de hoornaars.  Dit werd vandaag op het college besproken.  Er zal een aanbesteding komen om iemand aan te stellen die kan bestrijden.  Burgers zullen voor nesten op hun eigen terrein zelf moeten betalen.  Het bestuur zal tussen komen op het openbaar domein waar het gevaarlijke situaties zijn.  Zij komen tussen bij scholen, jeugdverenigingen, wegen,…  Per interventie zal ongeveer 140 euro aangerekend worden. 

 

Schepen Hans licht toe dat de secundaire nesten (hoog in de bomen) niet gevaarlijk zijn.  De verwijdering van zo’n nest is heel duur, nl. tussen de 600 en 800 euro omdat men hier men hoogtewerkers aan moet werken.  Wanneer je deze nesten in het najaar ziet hangen, zijn ze leeg dus dan moeten ze ook zeker niet verwijderd worden.  Na 2-3 jaar verdwijnen ze vanzelf. 

Gewone vallen zullen niet meer gebruikt worden omdat er ook veel andere insecten in zouden gaan en weinig hoornaars zelf.  Deze vallen doen meer kwaad dan goed. 

Ze adviseert om wel steeds te blijven melden bij Vespa Watch zodat zij de cijfers kunnen blijven doorgeven.  Ze geeft nog mee dat men wel verwacht om bijna aan de piek te zitten van het aantal hoornaars.  Rond oktober zijn ze allemaal dood, op enkele koninginnen na.  Deze koninginnen wordt er gestreden. 

 

Waarnemend burgemeester Van Gerven licht nog toe dat je een embryonaal nest dat nog klein is, best nog een week laat hangen want vaak doden de koninginnen elkaar.  Dit is efficiënt voor het uitroeien van de koninginnen. 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Het decreet Lokaal Bestuur vermeldt dat de algemeen directeur jaarlijks rapporteert aan respectievelijk de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn over de ingediende klachten.

 

Aan de gemeenteraad wordt gevraagd kennis te nemen van het rapport over meldingen, beleidssignalen en klachten van 2025.

 

Juridisch kader

Artikel 303 § 3 van het decreet lokaal bestuur

Gemeenteraadsbesluit van 24 september 2018

 

Art.1.- Neemt kennis van de rapportering van meldingen, klachten en beleidssignalen van 2025

 

 

Publicatiedatum: 28/04/2026
Overzicht punten

 

 

17 Stopzetting stedenbandsamenwerking Tarija-Brasschaat. - GOEDGEKEURD

 

 

Zittingsverslag

 

 

Raadslid Hermans doet volgende tussenkomst :

 

“Een stedenband is geen vrijblijvende activiteit, maar een engagement dat over jaren wordt opgebouwd, gebaseerd op solidariteit, vertrouwen en samenwerking. Door nu deze samenwerking stop te zetten, geven we het signaal dat internationale solidariteit voor Brasschaat géén prioriteit meer is.

Bovendien gaat het om een relatief beperkte kost en is dit niet echt uit financiële noodzaak, maar een politieke keuze.

We begrijpen dat er uitdagingen zijn binnen bepaalde projecten, onder meer door interne problemen bij partners zoals Cosaalt.
Maar… net in zúlke context toont samenwerking haar waarde.
Maw; voor ons is het duidelijk, een moeilijke samenwerking is geen reden om te stoppen, maar net een reden om verantwoordelijkheid op te nemen.
Onze fractie betreurt de beslissing tot stopzetting van de samenwerking met Tarija en wij kunnen dit niet steunen, jullie mogen onze tegenstem noteren.”

 

Fractie PVDA stemt ook tegen.

 

Fracties Vlaams Belang, N-VA en CD&V geven goedkeuring bij dit punt.

 

Schepen Ven bevestigt dat dit geen leuke boodschap is.  Morgen maakt ze een videoboodschap waarbij ze nogmaals dit nieuws zal overbrengen.  Een maand geleden had ze reeds via teams contact met hen en ze voelde op dat moment niet echt meer “een band”.  Ook de desbetreffende collega kende de mensen aan de andere kant van de lijn niet echt meer.  De eerdere banden die er waren met mensen uit de politiek en werkgroepen waren er volgens haar niet meer en ook de projecten liepen op z’n einde.  Het project dat nu nog loopt met Pidpa verloopt via Universiteit Antwerpen.  Hier heeft Brasschaat niet veel meer bij te zeggen.  Ze begrijpt echt dat dit geen fijne beslissing is die genomen werd, maar er moesten wel meer beslissingen genomen die niet fijn waren.  Ze wil wel graag nog in schoonheid afronden en bevestigt dat wat er de afgelopen 22 jaar gebeurde ook wel mooie herinneringen en vriendschappen zijn.  De vriendschappen zullen zeker blijven bestaan.  Binnenkort komt er nog een muzikant uit Tarija naar Brasschaat en er zal ook nog een mooie videoboodschap gemaakt worden.  Alle mensen die contacten hadden met de mensen in Tarija, waaronder raadslid Van Baarle, zullen mee opgenomen worden in het filmpje.  Ze sluit af met te zeggen dat het soms moeilijk is om dingen af te sluiten, maar het was niet meer wat het was en het zou waarschijnlijk ook niet meer terug komen. 

 

Raadslid Hermans stelt dat het onwaarschijnlijk is dat het na 20 jaar nog dezelfde mensen zouden zijn waar er contacten mee zijn.  Ze vindt dit een vreemde argumentatie om een samenwerking stop te zetten.  Men zou volgens haar kunnen informeren naar de nieuwe mensen.  Er kunnen verschillende redenen zijn dat de toestand nu is zoals ze is.  Ze begrijpt dat het een keuze is, maar ze vindt het argument niet echt goed. 

 

Schepen Heirman verwijst graag nog naar de driehoek met de strategische doelstelling, budget en mensen middelen.  Het budget was hier misschien maar beperkt maar er werden heel wat mensen middelen ingestoken en die kosten ook veel geld voor de gemeenschap.  Het gemeentelijk budget voor personeel is bijna op weg naar 30 miljoen euro.  In de meerjarenplanning is een besparing van 8% voorzien die volop uitgevoerd wordt.  Dit was ook echt geen gemakkelijke oefening die men moest maken.  Hier werd ook een stuk besparing gerealiseerd, niet enkel op budget maar ook op mensen middelen. 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Na meer dan 21 jaar samenwerking tussen stedenbandpartners Tarija en Brasschaat heeft het huidige bestuur door de vele besparingen die ze in kader van de opmaak van het meerjarenplan heeft moeten doorvoeren, helaas besloten om de stedenbandsamenwerking definitief stop te zetten.

 

Het was een moeilijke beslissing gezien de stedenband zoveel moois heeft verwezenlijkt. Toch stelden we tegelijkertijd vast dat deze actieve stedenbandwerking de laatste jaren stelselmatig is afgenomen. De uitwisseling werd minder, de continuïteit ontbrak, de prioriteiten van beide besturen leken meer en meer elders te liggen, de gedragenheid verminderde. De uiteindelijke noodzaak om te besparen, heeft de beslissing om de stedenbandwerking stop te zetten definitief gemaakt.

 

Los daarvan blijft Tarija voor enorme uitdagingen staan en hopen we dat ze andere partners vinden die qua grootte, uitdagingen en focus meer bij hen aansluiten.

 

We sluiten de stedenband graag in schoonheid af door de Tarijaanse kunstenaar Fabio Terán een muurschildering in Brasschaat, waarvoor de voorbereidingen al in 2025 werden opgestart, in 2026 te laten realiseren. We hopen ook dat het project rond de optimalisatie van waterbeheer, dat in de schoot van de stedenband werd opgezet met partners van hier zoals Pidpa en de universiteit van Antwerpen tot de nodige verbeteringen op het terrein zal leiden.

 

Het bestuur van Tarija werd reeds persoonlijk op de hoogte gebracht tijdens een politiek overleg met de bevoegde schepen, Inez Ven.

 

De vele betrokkenen in Tarija zullen door middel van een persoonlijke videoboodschap worden bedankt voor de fijne samenwerking, de vele jaren van vriendschap en alle bijzondere ontmoetingen. De betrokkenen hier zullen worden uitgenodigd op een afscheidsdrink die zal plaatsvinden bij de inhuldiging van de muurschildering op zondag 26 april 2026.

 

We gebruiken 2026 om de werking af te ronden, maar vanaf 2027 houdt de werking volledig op te bestaan.

 

 

Juridisch kader

MJP 2026-2031

SDG-engagementsverklaring (SDG 17)

Decreet over het Lokaal Bestuur (artikel 392)

 

Adviezen

Dienst LMB & stedenbandwerkgroep: Hoewel de samenwerking hier stopt, wordt aan het bestuur geadviseerd om de stedenband te laten voortbestaan als een symbolische vriendschapsband tussen twee steden/gemeenten die een lange geschiedenis delen.

 

Financiële gevolgen

Er zijn geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT:

Met 24 ja-stemmen (Robert Geysen, Adinda Van Gerven, Bruno Heirman, Bart Brughmans, Inez Ven, Karina Hans, Joris Van Cauwelaert, Kelly D'Haen, Dimitri Hoegaerts, Luc Van der Schoepen, Philip Cools, Karin Beyers, Erwin Callens, Hedwig van Baarle, Goele Fonteyn, Linsey De Vooght, Sven Simons, Lynn De Vocht, An-Sofie Dewinter, Sylvia Lathouwers, Bryan Verhoeven, Elke De Maeyer, Herman Van Mieghem en Tim Willekens), 3 neen-stemmen (Rudi Pauwels, Ingeborg Hermans en Matthias Gulickx).

 

Art.1.- De gemeenteraad keurt de stopzetting van de stedenbandsamenwerking tussen Tarija en Brasschaat goed.

 

 

Publicatiedatum: 28/04/2026
Overzicht punten

 

 

18 Toelagen humanitaire hulp 2026-2031 volgens basisnota Mondiale Raad. - GOEDGEKEURD

 

 

Zittingsverslag

 

 

Raadslid Hermans doet volgende tussenkomst :

 

“Waarom wordt humanitaire hulp in dit reglement in belangrijke mate gekoppeld aan projecten van AV-leden? Moet humanitaire hulp niet in de eerste plaats vertrekken vanuit nood en humanitaire prioriteiten, en niet vanuit bestaande projecten?”

 

Schepen Ven licht toe dat de mensen vanuit de adviesraden meestal ideeën hebben en er een zicht op hebben met betrekking tot de projecten die gesteund moeten worden.  Dit kan vanuit het bestuur komen of vanuit vragen maar vaak komen zij met de ideeën.  De info via de adviesraden is de kortste weg. 

 

Raadslid Hermans doet volgende tussenkomst :


“Op basis waarvan werd de straal van 50 km rond een project bepaald bij rampen? Is dat een inhoudelijk onderbouwde en bewuste keuze of toch eerder een arbitraire grens?”

 

Schepen Ven licht toe dat dit ook door hen zelf is voorgesteld.  Zij luistert heel veel naar deze mensen omdat die er meer van kennen dan zij zelf. 

 

Raadslid Hermans doet volgende tussenkomst :


“Waarom wordt er bij landen zonder lokaal project, gekozen voor een beurtrol van organisaties? Onze fractie vindt dit een beetje vreemd, moet de keuze niet in de eerste plaats gebeuren op basis van “impact en aanwezigheid” in het rampgebied
en zal er een terugkoppeling gebeuren over de resultaten en de besteding van de middelen?”

 

Waarnemend burgemeester Van Gerven licht toe dat deze zaken in de raad beslist worden.  Zij hebben meer macht gekregen.  Inhoudelijke vragen kunnen volgens haar beter aan de raad zelf gesteld worden omdat zij dit opgesteld hebben. 

De raad heeft autonomie gekregen.  Waarnemend burgemeester van Gerven stelt dat ze hun vertegenwoordiger moeten inzetten als ze meer input willen geven. 

 

Raadslid Hoegaerts stelt dat de vragen van raadslid Hermans ook allemaal zijn opgenomen in het reglement van 2017-2019.  Op dat vlak is er volgens hem niet veel veranderd.  Enkel de naam is veranderd omdat de naam GROS niet voor iedereen evenveel zei. 

 

Raadslid Hoegaerts verwijst graag naar zijn tussenkomst over de omvorming van de GROS naar de mondiale raad en de toekomstige werking daarvan.  Zijn fractie zal zich op basis daarvan onthouden op dit punt.  Ze zijn uiteraard niet tegen humanitaire noodhulp. 


 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

De gemeente verleent toelagen voor humanitaire hulp en wenst deze vorm van ondersteuning in crisissituaties verder te zetten in de nieuwe legislatuur 2026-2031. 

 

Juridisch kader

Gemeenteraadsbesluit van 18 december 2017 houdende goedkeuring van de basisnota humanitaire  hulp.

MJP 2026-2031

SDG-engagementsverklaring (SDG 17)

 

Adviezen

De Algemene Vergadering van de Mondiale Raad (tot voor kort GROS genaamd) van

29 januari 2026 adviseert om voor de nieuwe legislatuur 2026-2031 de toelagen humanitaire hulp toe te kennen volgens hetzelfde reglement als de voorbije legislatuur. Inhoudelijke wijzigingen zijn er dus niet gebeurd, maar de verwijzingen naar GROS en dienst mondiaal beleid zijn wel aangepast gezien de naamswijziging en de beslissing om de desbetreffende dienst te schrappen.

 

Financiële gevolgen

De financiële gevolgen zijn:

Kost

14.225 euro, btw inbegrepen (jaarlijks geïndexeerd)

Budgetsleutel

0160/64930920 Toelage noodhulp

Budget/jaar

Exploitatie in 2026, 2027, 2028, 2029, 2030 & 2031

Krediet beschikbaar

Ja

Visum financieel directeur

Niet van toepassing

 

BESLUIT:

Met 22 ja-stemmen (Robert Geysen, Adinda Van Gerven, Bruno Heirman, Bart Brughmans, Inez Ven, Karina Hans, Joris Van Cauwelaert, Kelly D'Haen, Philip Cools, Rudi Pauwels, Karin Beyers, Erwin Callens, Hedwig van Baarle, Ingeborg Hermans, Goele Fonteyn, Sven Simons, Lynn De Vocht, Matthias Gulickx, Sylvia Lathouwers, Bryan Verhoeven, Elke De Maeyer en Herman Van Mieghem), 5 onthoudingen (Dimitri Hoegaerts, Luc Van der Schoepen, Linsey De Vooght, An-Sofie Dewinter en Tim Willekens).

 

Art.1.- Er wordt goedkeuring gehecht aan het reglement humanitaire hulp 2026-2031, zoals opgenomen in bijlage.

 

 

Publicatiedatum: 28/04/2026
Overzicht punten

 

 

19 Humanitaire hulp voor overstromingen Mozambique. Goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Beslissing

 

 

Feiten en motivering

Begin 2026 werd Zuidelijk Afrika getroffen door de zwaarste overstromingen in 20 jaar tijd als gevolg van hevige regenval en cyclonen. Mozambique is het hardst getroffen, maar ook Zuid-Afrika en Zimbabwe voelen de gevolgen.

 

600.000 mensen zijn getroffen, huizen en infrastructuur verwoest. Daarnaast is al 142.000 hectare landbouwgrond onbruikbaar en is het risico op cholera en malaria toegenomen.

 

Dringendste noden:

        Reddingsmissies

        Drinkbaar water

        Sanitaire voorzieningen

        Onderdak

        Voedsel

        Bescherming tegen muggen

 

Leden Mondiale Raad: er zijn geen leden actief in Mozambique, Zuid-Afrika en Zimbabwe

 

Kandidaten: Rode Kruis, WFP, Unicef, …

 

Juridisch kader

MJP 2026-2031

SDG-engagementsverklaring (SDG 17)

 

Adviezen

De Algemene Vergadering van de Mondiale Raad adviseert om 2.000 euro aan humanitaire hulp te voorzien via het Rode Kruis.

 

Financiële gevolgen

De financiële gevolgen zijn:

Kost

2.000 euro, btw inbegrepen (eenmalig)

Budgetsleutel

0160/64930920 Toelage humanitaire hulp

Budget/jaar

Exploitatie in 2026

Krediet beschikbaar

Ja

Visum financieel directeur

Niet van toepassing

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.- De gemeenteraad hecht goedkeuring aan het bieden van humanitaire hulp via het Rode Kruis in kader van de overstromingen in Mozambique, mits het toelagereglement humanitaire hulp op de zitting van 30 maart 2026 werd goedgekeurd. Het vastgelegde bedrag is 2.000 euro.

 

 

Publicatiedatum: 28/04/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

 

 

20 Algemeen politiereglement. Aanpassingen bepalingen brandveiligheid. Goedkeuring. - GOEDGEKEURD

 

 

Zittingsverslag

 

 

Waarnemend burgemeester Van Gerven stelt dat dit misschien een droog onderwerp is, maar het is zeer belangrijk.  Ze verwijst hierbij naar de brand in Crans Montana.  Ze is blij dat er vanavond een nieuw reglement kan goedgekeurd worden voor de publieke instellingen.  Voor dit reglement ligt voornamelijk de nadruk op het vluchtgedrag en de evacuatiesnelheid van de mensen die aanwezig zijn.  Het legt minder nadruk op de brandbestrijding aangezien de brandweer dit moet doen.  Het aantallen uitgangen ed.  zijn criteria op basis waarvan een brandveiligheidsattest zal toegekend worden.  Dit kadert in het jaaractieplan van de brandweer waarbij er veel nadruk gelegd wordt op risicobeheersing en preventie.  Er zal ook een extra personeelslid aangeworven worden bij de brandweer die zich specifiek zal inzetten op brandpreventie.  Er werd ook een digitale tool ontworpen “check mijn zaak”.  Alle publiek toegankelijke instellingen kunnen met die tool checken hoe hun zaak ervoor staat.  Er kunnen verbeterpunten uitkomen maar er kan ook uitkomen dat ze contact moeten opnemen met de brandweer.  De brandweer heeft een award gewonnen voor deze nieuwe tool. 

Er zal binnenkort een webinar georganiseerd worden om deze tool te lanceren bij de ondernemers. 

Brandveiligheid is niet enkel een thema voor ondernemers maar eigenlijk belangd dit iedereen aan. 

 

 

Raadslid Pauwels wil hieromtrent graag de aandacht nog even vestigen op de Remise.  Hij was daar laatst op een tentoonstelling en hij merkte dat de nooduitgang boven was afgeschermd met een schilderij.  De nooduitgang kon niet gebruikt worden.  Hij vraagt om de mensen zeker attent te maken dat dit niet kan.  Hij vindt het misschien te overwegen om een buitentrap te verwezenlijken om de veiligheid te kunnen garanderen. 

 

Schepen Hans licht toe dat ze momenteel inzetten op veiligheid in de Remise.  De nieuwe preventie-adviseur is reeds ter plaatse geweest en de vluchtweg is uitgetekend.  Ook de signalisatie werd al bekeken.  Er zullen ook brandoefeningen ingepland worden zoals ze op de scholen doen.  Ze bevestigt dat de nooduitgangen zeker moeten vrij blijven en dat eraan gewerkt wordt. 

 

Waarnemend burgemeester Van Gerven is wel blij met de opmerking van raadslid Pauwels.  Dit is het doel van brandveilig samen leven.  Als iedereen zo opmerkzaam is, zullen we een brandveilige gemeente krijgen. 

 

 

 

Beslissing

 

 

 

Feiten en motivering

Op de zoneraad van de brandweer werd een voorstel tot aanpassing van de gemeentelijke politiereglementen betreffende het hoofdstuk brandveiligheid in publiek toegankelijke inrichtingen besproken met verzoek dit over te maken aan de betrokkenen gemeentebesturen voor goedkeuring en opname in het lokale politiereglement. De zonale brandweerpreventiedienst verzoekt om goedkeuring van het document 'Wijzigingen aan het politiereglement voor publiek toegankelijke inrichtingen' zoals door hen voorgelegd.

 

Juridisch kader

Art.2, 40§1, 135, 285, 286 van het Decreet Lokaal Bestuur.

Art.119 Nieuwe Gemeentewet.

Het Algemeen Politiereglement Brasschaat gecoördineerde versie van 15 december 2025

Wet van 30 juli 1979 betreffende de preventie van brand en ontploffing en betreffende de verplichte verzekering van burgerrechtelijke aansprakelijkheid in dergelijke gevallen.

 

Adviezen

De adviezen van de betrokken diensten zullen verder worden opgenomen met de brandweercommandant.

 

Financiële gevolgen

Er zijn geen financiële gevolgen.

 

BESLUIT eenparig:

 

Art.1.- De gemeenteraad verleent goedkeuring aan de herwerkte versie van Titel VII, Hoofdstuk 7-Maatregelen tot het voorkomen en bestrijden van brand in publiek toegankelijke inrichtingen van het Algemeen Politiereglement zoals alsvolgt:

 

Toelichting

Dit gedeelte van het politiereglement heeft uitsluitend betrekking op de aspecten van brandveiligheid in publiek toegankelijke gebouwen, zowel van tijdelijke als van permanente aard. Het document zorgt voor een uniform reglement binnen de gemeenten van brandweer Zone Rand. 

2. Inhoudsopgave 

  1. Administratieve bepalingen  

1.a.       Definities  

1.b.       Toepassingsgebied 

1.c.       Brandveiligheidsattest  

1.d.       Toezicht en controle  

1.e.       Afwijkingen  

1.f.         Sancties 

1.g.       Inwerkingtreding  

  1. Technische bepalingen  

2.a.       Algemeen  

2.b.       Aantal toegelaten personen  

  1. Bijlage 1 – Categorie 1 (aantal personen ≤ 9)  

3.a.       Inplanting  

3.b.       Compartimentering en bouwelementen  

3.c.       Voorschriften voor sommige bouwmaterialen en versieringen  

3.d.       Voorschriften voor de evacuatiewegen, uitgangen en trappen  

3.e.       Constructievoorschriften voor technische ruimten  

3.f.         Uitrusting van de gebouwen  

3.g.       Organisatie  

  1. Bijlage 2 – Categorie 2 (10 ≤ aantal personen ≤ 49)  

4.a.       Inplanting  

4.b.       Compartimentering en bouwelementen  

4.c.       Voorschriften voor sommige bouwmaterialen en versieringen  

4.d.       Voorschriften voor de evacuatiewegen, uitgangen en trappen  

4.e.       Constructievoorschriften voor technische ruimten  

4.f.         Uitrusting van de gebouwen  

4.g.       Organisatie  

  1. Bijlage 3 – Categorie 3 (aantal personen ≥ 50 personen)  

5.a.       Inplanting  

5.b.       Compartimentering en bouwelementen  

5.c.       Voorschriften voor sommige bouwmaterialen en versieringen  

5.d.       Voorschriften voor de evacuatiewegen, uitgangen en trappen  

5.e.       Constructievoorschriften voor technische ruimten en keuken  

5.f.         Uitrusting van de gebouwen  

5.g.       Organisatie  

  1. Bijlage 4 – Evenementen  

6.a.       Indienen aanvraag  

6.b.       Adviezen  

  1. Toelichting pictogrammen  

 

 

3. Administratieve bepalingen

Voor de toepassing van dit reglement gelden de begrippen, vermeld in bijlage 1 bij het Koninklijk Besluit van 7 juli 1994 [en volgende wijzigingen], aangevuld met volgende definities.

3.1. Definities

3.1.1.  Publiek toegankelijke inrichting (PTI):

Publiek toegankelijk gedeelte met aanhorigheden

 

3.1.2.  Exploitant:

Natuurlijke persoon of rechtspersoon die, al dan niet tijdelijk, een inrichting of installatie exploiteert, haar, al dan niet tijdelijk, in bezit heeft of er, al dan niet tijdelijk, economische zeggenschap over heeft. 

 

3.1.3.  Aanhorigheden:

Alle ruimten die in functie staan van het publiek toegankelijke gedeelte, hiertoe behoren o.a.

        Kitchenettes en keukens;

        Bergingen;

        ….

Het privéwoongedeelte van de exploitant maakt eveneens deel uit van de aanhorigheden, tenzij brandwerend gecompartimenteerd met wanden EI60, en deuren EI130.

 

3.1.4.  Bestaande inrichting:

Een inrichting die reeds voor de invoering van het reglement in exploitatie was en intussen niets is gewijzigd.

3.1.5.  Nieuwe inrichting:

Een inrichting :

        die nieuw opgericht wordt;

        waarvan de hoofdfunctie wijzigt;

        waarvan de exploitant wijzigt; 

        waarvan de organen van de rechtspersoon wijzigen.

3.1.6.  Verbouwen:

Structurele wijzigingen aanbrengen die een invloed hebben op de stabiliteit en/of brandweerstand van de scheidende elementen.

 

3.1.7.  Uitbreiden:

Een publiek toegankelijke inrichting in oppervlakte en/of volume vergroten.

 

3.1.8.  Herinrichten:

Herinrichten: Een bestaande publiek toegankelijke inrichting wijzigen zonder aanpassingen aan de structuur maar wel met invloed op:

        brandcompartimentering

        aantal gebruikers

        evacuatie(wegen)

 

3.1.9.  Indeling categorieën

De publiek toegankelijke inrichtingen zijn ingedeeld in 3 categorieën, volgens het aantal toegelaten personen:

        Categorie 1: maximum 9 personen toegelaten;

        Categorie 2: minimum 10 en maximum 49 personen toegelaten;

        Categorie 3: 50 personen of meer toegelaten.

De exploitant stelt op eigen verantwoordelijkheid het aantal toegelaten personen vast, binnen de aangegeven verhoudingen in artikel 4.2. 

 

3.2. Toepassingsgebied

3.2.1.  De bepalingen van dit reglement zijn van toepassing op alle publiek toegankelijke inrichtingen.

3.2.2.  Dit reglement is niet van toepassing op: 

Gebouwen waar een specifieke reglementering voor de brandveiligheid van toepassing is;

        Kantoren;

        Scholen voor hun onderwijsopdracht  : gebouwdelen van scholen die buiten de schooluren door derden  gebruikt worden, worden wel als publiek toegankelijke inrichting beschouwd.

        Parkeergebouwen;

        Gebouwen voor uitoefening van erkende erediensten : in zoverre deze enkel gebruikt worden voor de erediensten. Worden deze ook voor andere doelen gebruikt dan worden ze als publiek toegankelijke inrichtingen beschouwd.

        Lokalen of gebouwen die niet werden ontworpen als publiek toegankelijke inrichting en die maximum 2x per jaar voor een periode van maximum 5 dagen worden opengesteld voor publiek;

● Installaties in open lucht en uitbatingen in tijdelijke constructies.

 

3.3. Brandveiligheidsattest

3.3.1.  Op basis van het brandweerverslag wordt voor de categorie 2 en 3 een brandveiligheidsattest afgeleverd door de burgemeester. 

Categorie 1 inrichtingen dienen te voldoen aan de voorwaarden opgenomen in dit reglement maar moeten niet beschikken over een attest. 

Nieuwe categorie 1 inrichtingen welke niet voldoen een de voorwaarden opgenomen in dit reglement mogen niet openen.

 

3.3.2.  Ongeacht onderstaande bepalingen dient elke bestaande publiek toegankelijke inrichting van categorie 2 en 3 te beschikken over een brandveiligheidsattest binnen een periode van 10 jaar na de inwerkingtreding van dit reglement.

 

3.3.3.  De exploitant van een “nieuwe”  publiek toegankelijke inrichting is verplicht:

        Ten minste 30 dagen voor de opening van de inrichting de openingsdatum van de inrichting aan de burgemeester mede te delen;

        Een controle van de brandveiligheid ten minste 30 dagen voor de opening van de inrichting aan te vragen. 

        Zich ervan te vergewissen dat aan alle maatregelen tot het voorkomen en bestrijden van brand, opgenomen in dit reglement, is voldaan vooraleer de inrichting te openen.

 

3.3.4.  Het brandveiligheidsattest wordt aangevraagd door de exploitant aan de burgemeester in volgende gevallen:

        Nieuwe publiek toegankelijke inrichtingen;

        Bestaande publiek toegankelijke inrichtingen die verbouwd, heringericht of uitgebreid worden;

        Bestaande publiek toegankelijke inrichtingen met een nieuwe exploitant;

        Vóór het beëindigen van de geldigheidsduur van het brandveiligheidsattest;

        Bij wijzigingen die de brandveiligheid en/of de evacuatiemogelijkheden kunnen beïnvloeden;

        Bij toename van het aantal toegelaten personen.

3.3.5.  Op het einde van de controle wordt een brandweerverslag opgemaakt.

Het brandweerverslag bevat: 

        Een beschrijving van de bestaande toestand; 

        Een opsomming van de vastgestelde inbreuken of tekortkomingen;

        De voorwaarden waaraan de exploitant moeten voldoen om in overeenstemming te zijn met deze  reglementering.

3.3.6.  Als uit het verslag van de brandweer blijkt dat de inrichting voldoet aan de brandveiligheidsnormen kan de burgemeester een brandveiligheidsattest A uitreiken. Dit attest heeft een geldigheidsduur van 10 jaar, behalve in de gevallen die zijn beschreven in punt 3.3.4.

3.3.7.  Als uit het verslag van de brandweer blijkt dat de inrichting niet volledig voldoet aan de brandveiligheidsnormen, maar dat de veiligheid van het personeel en de bezoekers niet ernstig in gevaar komt, kan de burgemeester een brandveiligheidsattest B uitreiken. De burgemeester bepaalt de geldigheidsduur van het attest B, met een maximale geldigheidsduur van 5 jaar. 

Bij het uitreiken van een B attest heeft de exploitant zeven maanden om een stappenplan uit te werken om aan het reglement te voldoen. Dit stappenplan wordt aan de burgemeester bezorgd binnen de vooropgestelde termijn.

Na de uitvoering van de aanpassingswerken of uiterlijk vóór het aflopen van de geldigheidsduur van brandveiligheidsattest B dient de exploitant de brandweer te verwittigen zodat een nieuw onderzoek kan worden uitgevoerd. De brandweer maakt daarvan een verslag op en bezorgt dat aan de burgemeester.

Als uit het verslag blijkt dat:

        De inrichting nu voldoet aan de brandveiligheidsnormen, kan de burgemeester een brandveiligheidsattest A uitreiken. Dit attest heeft een geldigheidsduur van 10 jaar, behalve in de gevallen die in het punt A.3.4 zijn beschreven;

        Er reeds aanpassingswerken werden uitgevoerd, maar dat er nog steeds opmerkingen zijn, kan de burgemeester het brandveiligheidsattest B verlengen indien de totale geldigheidsduur van 5 jaar nog niet werd overschreden; 

        De inrichting nog steeds niet voldoet aan de brandveiligheidsnormen en het attest B de totale geldigheidsduur van 5 jaar heeft bereikt, kan de burgemeester uitzonderlijk het brandveiligheidsattest B verlengen mits verscherpte periodieke controles worden uitgevoerd met bijhorende retributie ten laste van de exploitant. 

3.3.8.  Als uit het verslag van de brandweer blijkt dat:

        De inrichting niet voldoet aan de brandveiligheidsnormen en hierdoor de veiligheid van personeel en bezoekers in gevaar komt,

OF

        De inrichting gedurende 5 jaar in het bezit van een B attest is zonder daarbij afdoende gevolg te geven aan de bijhorende opmerkingen,

kan de burgemeester een brandveiligheidsattest C uitreiken. In dit geval kan de uitbating van de inrichting niet starten of verder doorgaan.

3.3.9.  Brandweer Zone Rand bepaalt het model van de attesten.

 

3.4. Toezicht en controle

3.4.1.  De exploitant zal te allen tijde toegang verlenen tot de inrichting aan de bevoegde instanties, alsook aan de personen die hiertoe door de burgemeester werden gemachtigd. 

3.4.2.  De burgemeester kan een brandweercontrole opleggen of kan een brandveiligheidsattest laten herzien met bijhorende retributie ten laste van de exploitant.

3.5. Afwijkingen

3.5.1.  Afwijkingsaanvraag

Via deze procedure kan enkel een afwijking aangevraagd worden op de voorwaarden opgenomen in deze richtlijn. 

Indien het onmogelijk is te voldoen aan een of meerdere specificaties van dit reglement kan de burgemeester afwijkingen toestaan. 

 

3.5.2.  Procedure

De aanvraag tot afwijking wordt door de exploitant schriftelijk aan de burgemeester bezorgd, die ze voor advies kan doorsturen naar de afwijkingscommissie. 

Het afwijkingsdossier omvat minstens volgende zaken: 

        Duidelijke plannen van de inrichting, op schaal getekend;

        Verklarende nota waarom een afwijking wordt aangevraagd;

        Toelichting van het alternatieve voorstel met gelijkwaardig veiligheidsniveau.

3.5.3.  Afwijkingscommissie

De afwijkingscommissie verstrekt de burgemeester een advies over de aanvragen om gelijkwaardigheid en afwijking. 

De afwijkingscommissie bestaat uit de volgende leden: 

        Een secretaris;

        Twee deskundigen brandveiligheid, leden van brandweer Zone Rand; 

        Een externe deskundige (optioneel).

3.5.4.  De afwijkingscommissie komt naar gelang de noodzaak samen, evalueert de gelijkwaardigheid van het voorgesteld veiligheidsconcept en formuleert een advies voor de burgemeester. 

De afwijkingscommissie kan indien noodzakelijk het advies inwinnen van externe deskundigen.

3.5.5.  Binnen de zes maanden na de aanvraag doet de burgemeester uitspraak op het gemotiveerd advies van de afwijkingscommissie en maakt de beslissing schriftelijk aan de exploitant over. 

3.5.6.  Uitvoering

De exploitant, die een afwijking verkrijgt, dient binnen de geldigheidsduur van brandveiligheidsattest B de beslissing van de burgemeester uit te voeren.

3.6. Sancties

3.6.1.  Onverminderd de straffen van toepassing door andere wettelijke bepalingen worden de overtredingen tegen bovenstaande reglementering bestraft overeenkomstig de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties.

3.6.2.  Alle overtredingen op de bepalingen van dit reglement kunnen bestraft worden met: 

        Een administratieve geldboete;

        De administratieve schorsing of intrekking van de door de gemeente of haar organen afgegeven toelating of vergunning;

        De tijdelijke of definitieve sluiting van de inrichting.

De sanctionerende ambtenaar legt de administratieve geldboete op. 

Het college van burgemeester en schepenen beslist over de administratieve schorsing of intrekking van een door de gemeente of haar organen afgeleverde toelating of vergunning en/of over een tijdelijke of definitieve administratieve sluiting van een inrichting.  

3.6.3.  De heropening van de inrichting wordt slechts toegestaan als de vereiste aanpassingen of verbouwingen uitgevoerd zijn en er een A of B attest bekomen werd.

 

 

4. Technische bepalingen

4.1. Algemeen

4.1.1.  Voorliggend reglement bepaalt de minimale bepalingen inzake brandpreventie en -bestrijding, waaraan de opvatting, de bouw en de inrichting van publiek toegankelijke inrichtingen moeten voldoen.

4.1.2.  Onverminderd de voorschriften opgenomen in dit reglement, neemt de exploitant de nodige maatregelen om:

        Het ontstaan van een brand te voorkomen;

        In geval van brand een veilige en snelle ontruiming van de aanwezige personen te verzekeren

        In geval van brand de hulp van de brandweerdienst onmiddellijk in te roepen;

        Ieder begin van brand snel en doeltreffend te bestrijden;

        De tussenkomst van de openbare hulpdiensten te vergemakkelijken.

4.1.3.  Behalve bij een uitdrukkelijke afwijking, hebben de gebruikte termen in dit reglement de betekenis van de basisnormen, met name het Koninklijk besluit van 7 juli 1994 - bijlage 1 – “Terminologie” [en latere wijzigingen].

4.1.4.  Weerstand tegen brand van een bouwelement:

Voor bouwelementen met een dragende en/of scheidende functie wordt de weerstand tegen brand uitgedrukt zoals gedefinieerd in de Europese norm NBN EN 13501 (2 tot 4). Klasseringen die worden bekomen volgens de Belgische norm NBN 713.020, worden als volgt als evenwaardig aanvaard: